
Jacques Raymond (echte naam: Jozef Remon) mag vandaag 82 kaarsjes uitblazen

Foto's, en reportages en voor 95 % niet terug te vinden op Google uit ons ver verleden, over Gent, Vlaanderen, film, muziek, sport, politiek en zoveel meer uit tijdschriften en kranten en jaarboeken. Vanaf de jaren 1900 tot en met gisteren. Meer foto's en artikelen terug te vinden op onze Fb groep Gisteren nog vandaag en de Fb groep Weetjes over popmuziek






De zittende regering, Martens V, was samengesteld uit christendemocraten (CVP/PSC) en liberalen (PVV/PRL). Na de verkiezingen werd de regering-Martens VI samengesteld met dezelfde partijen. Guy Verhofstadt, PVV-voorzitter sinds 1982, werd voor het eerst verkozen tot volksvertegenwoordiger. Ondanks dat PVV de enige regeringspartij was die achteruitging, kon hij toch wegen op het regeerakkoord en werd hij vicepremier in de regering-Martens VI. De regering viel na twee jaar over de kwestie Voeren; wantrouwen van de vakbonden tegenover Verhofstadt bleek echter ook een factor.
Partij Stemmen Percentages Zetels Zetelverschil 1981
CVP 1.291.244 21,29% 49 +6
PS 834.488 13,76% 35 0
SP 882.200 14,55% 32 +6
PVV 651.806 10,75% 22 -6
PRL 619.390 10,21% 24 0
VU 477.755 7,88% 16 -4
PSC 482.254 7,95% 20 +2
Agalev 226.758 3,74% 4 +2
Ecolo 152.483 2,51% 5 +3
Vlaams Blok 85.391 1,41% 1 0
FDF 723.61 1,19% 3 +3
RAD/UDRT 69.707 1,15% 1 +1
KPB/PCB 71.695 1,18% 0 -2
PVDA 46.034 0,76% 0 0
Andere 133.156 1,67% 0 0
Senaat:
Partij Stemmen Percentages Zetels Zetelverschil 1981
CVP 1.260.113 21,02% 25 +3
PS 832.792 13,89% 18 0
SP 868.624 14,49% 16 +3
PVV 637.776 10,64% 11 -3
PRL 588.373 9,82% 13 +2
VU 484.996 8,09% 8 -2
PSC 475.119 7,93% 10 +2
Agalev 229.206 3,82% 2 +1
Ecolo 163.361 2,73% 2 -1
Vlaams Blok 90.120 1,50% 0 0
RAD/UDRT 73.045 1,22% 0 -1
KPB/PCB 71.020 1,18% 0 -1
FDF 70.239 1,17% 1 +1
PVDA 44.799 0,75% 0 0
Andere 78.846 1,75% 0 0






Op 12 oktober 1914 arriveren Duitse troepen in Gent.Als hoofdplaats van het Vierde Etappegebied, een militaire zone die West- en Oost-Vlaanderen en een stukje Henegouwen omvat, staat de stad onder direct militair bestuur, wat betekent dat de bezetting er nog harder is dan in de rest van het land.
Ieder contact met de rest van België is nagenoeg onmogelijk.
Pers en post worden streng gecensureerd, politieke berichtgeving is verboden.
Het dagelijks leven wordt beheerst door voortdurende opeisingen. In het stadscentrum nemen de Duitsers een toenemend aantal gebouwen in beslag, te beginnen met alle kazernes.
De Kouter fungeert als de centrale uitvalsbasis met o.a. de Kommandantur en de Pass-Zentrale.Wapens worden bewaard en hersteld in het Gravensteen, bier en wijn gestockeerd in het Groot Vleeshuis en groenten in het Pand.
Soldaten revalideren in hotels, scholen en in het Casino aan de Coupure.
Het Belfort doet dienst als uitkijkpost voor piloten.
Het wagenpark van het leger wordt ondergebracht in loodsen in de haven.
Met ca. 12.000 militairen is het leger zeer zichtbaar aanwezig.Duitse vlaggen wapperen aan gevels, aan muren en bomen hangt Duitse bewegwijzering en cafés krijgen Duitse namen.
Het station Gent Sint-Pieters is het centrale spoorwegknooppunt voor het transport van troepen en materieel van en naar het front.
De Duitse militaire overheid voert de identiteitskaart met foto in.
Belgen zijn verplicht de kaart bij zich te dragen.
In eerste instantie is een identiteitsbewijs enkel nodig om het Etappegebied te verlaten, vanaf 1916 wordt iedereen verplicht er een te laten maken.
Vier jaar lang komt de Belg dus niet verder meer dan zijn eigen gemeentegrens, tenzij hij of zij de nodige documenten kan voorleggen.
Voor al deze foto’s is een aanzienlijke hoeveelheid fotopapier nodig, maar de voorraad voor beroepsfotografen is beperkt.
Ze nemen daarom vaak een groepsfoto, waaruit de gezichten gesneden worden om op de identiteitskaart te kleven.
Van in het begin van de oorlog is de voedselbevoorrading het grootste probleem.
De binnenlandse productie is ontoereikend, de Britse maritieme blokkade belet de invoer van levensmiddelen en dan zijn er nog de vele Duitse opeisingen.
De Stad Gent richt al op 8 augustus 1914 een Stedelijk Comité der Volksvoeding op, dat gratis soep en brood uitdeelt. In het najaar wordt de voedselsituatie evenwel kritiek.
Op 23 oktober 1914 wordt in Brussel het Nationaal Hulp- en Voedingscomité opgericht, dat uitgroeit tot de motor achter de nationale hulpverlening.
Het voedsel wordt in de Verenigde Staten aangekocht door de Commission for Relief in Belgium.
De distributie in België zelf is, via een netwerk van provinciale en lokale comités, in handen van het Nationaal Comité.
Het voedsel wordt gerantsoeneerd verkocht in ‘Amerikaanse’ winkels.
In 1916 zijn meer dan 60.000 inwoners van Gent afhankelijk van deze voedselhulp.
In de loop van de oorlog neemt het Comité steeds meer taken op zich, zoals de organisatie van soepkeukens, melkuitdelingen en schoolmaaltijden, het uitdelen van kledingstukken, werklozensteun, pakjes voor krijgsgevangen en geïnterneerde soldaten.
Naast het Nationaal Comité zijn er nog een dertigtal kleinere hulporganisaties actief in Gent.Maar de verschillende initiatieven voor hulp tonen slechts een kant van de medaille.
Schaarste betekent in veel gevallen ook hamsteren, zwarte markt en woekerprijzen.
Nieuwe rijken’ worden smalend ‘baron Zeep’ genoemd: door het tekort aan zeep wordt het maken van ersatz zeep bijzonder winstgevend.(Diverse bronnen, Geert Vandamme en Stam)





