De single ‘Love’s Unkind’ van Donna Summer werd in de meeste Europese landen een bescheiden hit, met een top 30-notering in de Ultratop en Mega Chart en een top 20-positie in Duitsland en Oostenrijk.

In de Nederlandse Top 40 bleef de plaat steken op nummer 32, terwijl deze in de Vlaamse Ultratop 50 de 25e positie behaalde.

In de UK was het echter in maart 1978 een top 3-hit, na ‘I Feel Love’ haar grootste Britse singlesucces, en in Ierland bereikte de single zelfs een tweede plaats.

Hoewel de single in de Verenigde Staten nooit los is uitgebracht, bereikte deze daar wel de eerste plaats in de Billboard Dance Chart, omdat destijds het volledige album als één hitnotering telde.

Afhankelijk van het land waar de 7-inch single werd geperst, stond op de B-kant het nummer ‘Autumn Changes’ of ‘Black Lady’.

Ook bij deze opname zaten Giorgio Moroder en Pete Bellotte achter de knoppen.

Het vaste succesteam componeerde en produceerde de muziek, terwijl Donna Summer zelf de tekst schreef.

Het nummer is de tweede track op haar succesvolle conceptalbum ‘I Remember Yesterday’, waarop Love’s Unkind specifiek teruggreep naar de vrolijke girlgroup-sound en de sfeer van de jaren vijftig, maar dan verpakt in een strak discojasje.

De lp verscheen in de lente van 1977, amper 7 maanden na haar vorige album.

Voor het album ‘I Remember Yesterday’ valt er achter de schermen heel wat te ontdekken over de innovatieve werkwijze van Donna Summer en haar producers.

Het bijbehorende album is een van de meest invloedrijke platen uit het videotijdperk van de disco geworden.

Op een discobeat mijmert ze vooral over haar verleden, waarbij het overkoepelende muzikale concept letterlijk door de tijd reist. Donna Summer combineerde hierop moderne discobeats met muzikale stijlen uit eerdere decennia.

Het retroconcept van het album leverde opvallende momenten op.

Om de sfeer van de vroege decennia perfect te vangen, beperkte het team zich niet tot de instrumenten alleen.

Donna Summer paste haar zangtechniek per nummer aan en imiteerde bewust de zangstijlen en microfoontechnieken uit die specifieke tijdperken.

De nummers op de A-kant en het begin van de B-kant weerspiegelen verschillende decennia uit de muziekgeschiedenis en hebben telkens betrekking op een bepaalde periode.

De titelsong ‘I Remember Yesterday’ eert de jarenveertig-bigband-stijl, waarvoor ze zong met de theatrale dictie van een bigband-zangeres.

Vervolgens kijkt ‘Love’s Unkind’ naar de jaren vijftig.

Voor dit nummer liet ze haar stem veel lichter en jeugdiger klinken om de typische sound te evenaren.

De tekst is een herinnering aan de onschuldige perikelen van een schoolcrush, haar eerste verliefdheid op een klasgenootje en een liefdesdriehoek in de klas.

Het daaropvolgende nummer ‘Back in Love Again’ vertegenwoordigt daarna de jaren zestig met een herkenbare Motown-stijl.

Aan het einde van het album maakt Donna Summer de sprong naar de toekomst met de grensverleggende afsluiter ‘I Feel Love’, die destijds volledig met synthesizers werd gemaakt en de blauwdruk werd voor de moderne dancemuziek.

Dit futuristische slotnummer veranderde de popmuziek voorgoed, maar de opname ervan was een technisch hoogstandje.

Giorgio Moroder wilde een nummer maken dat volledig elektronisch was om de toekomst te symboliseren.

In 1977 was dat een enorme uitdaging, omdat synthesizers destijds snel ontstemden door de warmte in de studio.

De apparatuur moest elk uur opnieuw worden afgesteld om de typerende, strakke baslijn zuiver te houden.

De enige niet-elektronische bijdrage aan de hele track is de kickdrum, die live werd ingespeeld door drummer Keith Forsey, omdat een drumcomputer destijds nog niet krachtig genoeg klonk.

Toen David Bowie het nummer voor het eerst hoorde in een studio in Berlijn, rende hij naar Brian Eno en riep dat dit het geluid van de toekomst was dat de clubmuziek de komende twintig jaar zou gaan beheersen.

Wereldwijd werd het album een commercieel groot succes.

Het bereikte de top 10 in diverse Europese landen, waaronder Nederland, Oostenrijk, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk, terwijl de plaat in Italië en Spanje zelfs de eerste plaats wist te veroveren.

Er zijn miljoenen exemplaren van het album over de toonbank gegaan.

Alleen al in de Verenigde Staten was de verkoop goed voor meer dan een miljoen exemplaren, en ook in het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk werden honderdduizenden platen verkocht.

Het fenomeen Amanda Lear scoorde eind jaren zeventig een gigantische hit met Follow Me.

De geruchten dat ze een travestiet zou zijn, probeerde ze in diezelfde periode te ontkrachten door te poseren voor Playboy, maar de speculaties stopten hiermee niet.

Zelfs vijftien jaar geleden, in 2011, laaide de controverse weer op toen een Italiaanse krant een geboorteakte publiceerde van een zekere Alain Tap, geboren in 1939.

Dit was veel vroeger dan de late jaren veertig die altijd als Lears geboorteperiode werden aangenomen, al hing er rond haar ware leeftijd sowieso altijd al een zweem van geheimzinnigheid.

De krant toonde bovendien een foto van een jonge Tap die sprekend op haar leek.

Lear zelf bleef er nuchter onder en vertelde tijdens een bezoek aan Brugge in 2009 dat ze net als iedereen in de showbizz altijd moet acteren.

Al die mysteries deden haar muzikale succes destijds in elk geval geen kwaad.

Samen met producer Anthony Monn groeide ze uit tot de blanke queen of disco.

Ze brak in 1978 wereldwijd door met het nummer ‘Follow me’, waarna de successen elkaar snel opvolgden.

Haar single ‘Queen of China-Town’ was oorspronkelijk al in 1977 uitgebracht, maar werd door haar immense populariteit in 1978 opnieuw uitgebracht.

Ook andere nummers zoals ‘Enigma (Give a bit of mmmh to me)’, ‘Gold’, ‘The Sphinx’ en ‘Fashion Pack’ groeiden uit tot grote hits.

Vandaag, 65 jaar geleden, waren koning Boudewijn en koningin Fabiola te gast op de Belgische ambassade in Rome.

Op deze receptie was toen ook kanunnik Lucien De Bruyne aanwezig. (foto 1)

Lucien De Bruyne was een vooraanstaand Belgisch geestelijke en een internationaal gerespecteerd deskundige op het gebied van vroegchristelijke archeologie.

Zijn kerkelijke loopbaan begon in 1928, het jaar waarin hij tot priester werd gewijd.

Al snel trok hij naar Rome, het historische hart van het christendom, waar hij in 1931 aan het Pauselijk Instituut voor Christelijke Archeologie met de hoogste onderscheiding, summa cum laude, zijn doctoraat behaalde.

In de jaren die volgden, specialiseerde hij zich verder en schreef hij diverse academische bijdragen over vroegchristelijke kunst, oude Romeinse sarcofagen en de catacomben.

Na de Tweede Wereldoorlog kreeg zijn carrière binnen het Vaticaan verder gestalte.

In 1946 werd hij benoemd tot directeur van de Pauselijke Commissie voor Gewijde Archeologie, een uiterst prestigieuze functie waarbij hij de verantwoordelijkheid kreeg over het beheer, het behoud en de studie van de eeuwenoude catacomben in en rond Rome.

Daarnaast was hij als censor verbonden aan de Pauselijke Academie voor Oudheidkunde, wat getuigt van zijn grote wetenschappelijke autoriteit.

Naast zijn academische werk speelde hij een centrale rol voor de Belgische gemeenschap in Rome.

Hij werd benoemd tot rector van de Koninklijke Belgische Kerk en Stichting Sint-Juliaan-der-Vlamingen, een plek die fungeerde als een spiritueel en cultureel ankerpunt voor landgenoten in de Eeuwige Stad.

Als erkenning voor zijn uitzonderlijke verdiensten voor de kerk en de wetenschap werd hij in 1965 door de paus verheven tot apostolisch protonotaris, een hoge eretitel waardoor hij als monseigneur mocht worden aangesproken.

Ondanks zijn indrukwekkende loopbaan in Italië behield hij een sterke band met zijn thuisland.

Zo was hij verbonden aan het bisdom Gent als lid van het prestigieuze Sint-Baafskapittel.

Na een leven dat volledig in het teken stond van de kerkgeschiedenis en de archeologische wetenschap, bracht hij zijn laatste jaren door in België.

Hij overleed op 12 mei 1978 in de Oost-Vlaamse gemeente Waarschoot.

45 jaar geleden brak Claudja Barry door met haar hit Boogie Woogie Dancing Shoes.

Het nummer werd geschreven door Mats Björklund, Jörg Evers, Keith Forsey en Jürgen S. Korduletsch, die ook de producer was.

Het nummer verscheen op het album I Wanna Be Loved By You, dat in 1978 werd uitgebracht.

Dancing Shoes was haar grootste hit, die in verschillende landen de top 10 bereikte.

In Vlaanderen bereikte het nummer de elfde plaats in de Brt Top 30.

In Nederland kwam het nummer niet verder dan de Tipparade.

Gisteren nog vandaag

Weer een oud nummer voor de Britse groep Guys n Dolls

Het nummer is geschreven door Roger Greenaway en Roger Cook, en in 1967 al opgenomen door Gene Pitney.

De single was toen goed voor een vijfde plaats in de Engelse Hitparade.

De cover van de Guys n Dolls was in Vlaanderen en Nederland geen hit.

Marc Almond en Gene Pitney deden het veel beter in 1989 en bereikten toen de eerste plaats in de Engelse Hitparade.

Bij ons in Vlaanderen, bereikte de single de tweede plaats in de BRT Top 30. In Nederland was de single goed voor een vijfde plaats in de Top 40.

Ondanks het grote succes in Europa, weigerde de platen firma om de single uit te brengen in Amerika. De rede daarvoor was dat men bang zou zijn, dat de mensen zouden denken in zijn thuisland dat Gene Pitney homo zou zijn.

De opname van de video gebeurde wel in Amerika, namelijk in Las Vegas.

45 jaar geleden, Marion Ross leidt een dubbel leven (Joepie 17 december 1978).

Marion Ross, die sinds haar debuut in 1953 in talloze films en televisieproducties heeft gespeeld.

Ze is vooral bekend als de liefdevolle moeder van Richie Cunningham in de populaire sitcom Happy Days, waarin ze 255 afleveringen lang te zien was.

Ze werkte ook samen met haar televisiezoon Ron Howard in zijn eerste film als regisseur, Grand Theft Auto, en in de tv-film Skyward.

Naast Happy Days had Ross ook vaste rollen in andere tv-series, zoals Brooklyn Bridge, The Love Boat, Gilmore Girls en That ’70s Show.

Ze maakte ook indruk met haar gastoptredens in meer dan negentig shows, waaronder The Lone Ranger, Perry Mason, The Outer Limits, Mission: Impossible, Fantasy Island, Alfred Hitchcock Presents, MacGyver, Grey’s Anatomy en Anger Management.

Ze trouwde in 1950 met Freeman Herman Meskiman Jr., met wie ze twee kinderen kreeg: Jim Meskimen en Ellen Plummer.

Haar zoon is een acteur en stemkunstenaar die in meer dan 150 films en series heeft gespeeld.

Haar dochter is een producente en scenarioschrijfster die betrokken was bij de hitseries Friends, Joey en Veronica’s Closet.

Marion Ross en Meskiman scheidden in 1968, maar bleven goede vrienden.