Van burgerlijke trots naar koninklijke eenheid: Govert Flinck en de wording van Nederland.

Govert Flinck was een van de meest getalenteerde leerlingen van Rembrandt en ontwikkelde zich tot een van de meest gevierde portretschilders van de Nederlandse Gouden Eeuw.

Hoewel hij aanvankelijk de dramatische stijl en het donkere kleurgebruik van zijn leermeester nauwgezet overnam, verschoof zijn werk later naar een lichtere en meer elegante stijl die beter aansloot bij de veranderende smaak van de elite.

Hij werd een favoriet van de regenten en kreeg prestigieuze opdrachten binnen de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, een uniek politiek verschijnsel in het zeventiende-eeuwse Europa.

Deze republiek kende geen centraal gezag van een koning, maar werd bestuurd als een confederatie van zelfstandige gewesten, waarbij de werkelijke macht vaak lag bij de rijke handelssteden en de regenten.

De bloei in de wetenschap en de kunsten werd gefinancierd door de enorme rijkdom die de handelscompagnieën binnenbrachten, waardoor een burgerlijke cultuur ontstond waarin succesvolle kooplieden de belangrijkste opdrachtgevers werden.

In deze context van burgerlijke trots en economische macht vervaardigde Flinck in 1645 het imposante werk Officieren van het schuttersgilde.

Op dit doek zien we de compagnie van kapitein Joan Huydecoper en luitenant Frans van Waveren, die in een levendige en informele setting zijn afgebeeld.

In plaats van een stijve rij vormt de groep van twaalf schutters een dynamisch geheel; sommigen staan op de voorgrond, terwijl anderen op een verhoging achter een balustrade zijn geplaatst, wat het schilderij een grote dieptewerking geeft.

Flinck wist de waardigheid van deze mannen perfect te vangen door hen af te beelden als zelfverzekerde burgers in hun meest kostbare kleding.

De verfijnde weergave van glanzend satijn en fijn kant onderstreept de rijkdom die door de wereldwijde handel was binnengebracht.

Het werk fungeert als een visueel manifest van de macht en onafhankelijkheid van de Amsterdamse burgerij in de jaren rond de Vrede van Münster.

Dit verdrag, dat in 1648 werd getekend, maakte officieel een einde aan de Tachtigjarige Oorlog en zorgde ervoor dat de Republiek eindelijk als soevereine staat werd erkend door de internationale gemeenschap.

Na deze bloeiperiode van de Republiek volgde aan het einde van de achttiende eeuw een periode van grote politieke instabiliteit en buitenlandse overheersing.

In 1795 werd de oude Republiek omvergeworpen door patriotten met steun van Franse troepen, waarna de Bataafse Republiek ontstond.

De definitieve overgang naar een koningschap begon toen Napoleon Bonaparte in 1806 zijn broer, Lodewijk Napoleon, benoemde tot koning van het Koninkrijk Holland.

Lodewijk regeerde echter alleen over het noordelijke deel, terwijl de zuidelijke Nederlanden, het huidige België, in deze periode als departementen rechtstreeks deel uitmaakten van het Franse Keizerrijk van Napoleon zelf.

Pas na de nederlaag van Napoleon in 1813 ontstond de behoefte aan een sterke centrale staat om toekomstige agressie te voorkomen en de rust te herstellen.

Tijdens het Congres van Wenen in 1815 werd besloten tot de vorming van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden, een machtige bufferstaat tegen Frankrijk.

Hierbij werden het noorden en het zuiden voor het eerst verenigd onder koning Willem I, de zoon van de laatste stadhouder.

Deze nieuwe monarchie moest de versnipperde macht van de oude republiek vervangen door een moderne centrale eenheid.

Hoewel deze vereniging bedoeld was als een economisch blok waarbij de zuidelijke industrie en de noordelijke handel elkaar zouden versterken, bleek de samenwerking moeizaam.

Grote verschillen in religie, taal en politiek beleid leidden in 1830 tot de Belgische Revolutie, waarna België zich afscheidde en als onafhankelijk koninkrijk verderging.

Thérésia Cabarrus, van Notre-Dame de Thermidor tot Prinses van Chimay.

Thérésia Cabarrus, dochter van een rijke Spaans-Franse financier, werd op haar veertiende uitgehuwelijkt aan de markies van Fontenay.

Ze omarmde echter de idealen van de Franse Revolutie en maakte in 1793, als negentienjarige, gebruik van de nieuwe echtscheidingswet om haar royalistische echtgenoot te verlaten.

Ze vestigde zich in Bordeaux, waar ze de geliefde werd van het invloedrijke jakobijnse conventielid Jean-Lambert Tallien.

Ze gebruikte haar charme om zijn vervolgingsijver tijdens de Terreur te temperen, waardoor ze het leven van veel verdachten redde.

Haar gematigde invloed was echter een doorn in het oog van Robespierre.

Toen Tallien voor “gematigdheid” werd teruggeroepen naar Parijs, volgde Thérésia hem.

Daar werd ze prompt gearresteerd.

Vanuit de gevangenis, waar ze de cel deelde met de toekomstige keizerin Joséphine de Beauharnais, stuurde ze Tallien een wanhopig briefje om haar van de guillotine te redden.

Deze noodkreet spoorde hem aan om het voortouw te nemen in de staatsgreep van 9 Thermidor, die Robespierre ten val bracht en de Terreur beëindigde.

Na haar vrijlating werd Thérésia gevierd als “Notre-Dame de Thermidor”.

Ze trouwde met Tallien en werd de spil van het mondaine leven tijdens het Directoire.

Samen met haar vriendin Joséphine zette ze de trend van de decadente, neo-Griekse modestijl met transparante stoffen.

Ze hield een invloedrijk salon en werd de maîtresse van de machtigste man van Frankrijk, Paul Barras, en later van de rijke bankier Gabriel-Julien Ouvrard, met wie ze meerdere kinderen kreeg.

Haar status als “Koningin van het Directoire” verdampte toen Napoleon Bonaparte aan de macht kwam.

Haar losse reputatie strookte niet met het nieuwe ideaal van respectabiliteit.

De breuk werd definitief toen de Markies de Sade een pornografisch werk publiceerde waarin Thérésia en Joséphine figureerden.

Napoleon was woedend en verbood zijn vrouw Joséphine elk contact met haar “liederlijke” vriendin.

In 1805 hertrouwde Cabarrus met de hoogadellijke cavalerieofficier François-Joseph de Riquet, graaf van Caraman, die kort daarna Prins van Chimay werd.

Hoewel Thérésia haar eerste huwelijk nietig liet verklaren om dit kerkelijk huwelijk mogelijk te maken, werd ze nooit geaccepteerd door haar schoonfamilie.

Thérésia trok zich definitief terug uit het Parijse leven en wijdde zich aan de opvoeding van haar elf kinderen.

Van 1815 tot haar dood in 1835 woonde ze met haar gezin in Brussel en op het kasteel van Chimay.

Haar reputatie bleef haar echter achtervolgen: ze was niet welkom aan het hof van koning Willem I der Nederlanden, en later evenmin bij de Belgische koning Leopold I.

In Chimay liet ze een theater bouwen en organiseerde ze een eigen, gecultiveerd hofleven.

Ze patroneerde musici van naam, zoals Maria Malibran, Luigi Cherubini en Charles de Bériot, en nam deel aan het schildersatelier van François-Joseph Navez.

Desondanks bracht ze haar laatste levensjaren door in bitterheid en verveling.

Thérésia Cabarrus werd begraven in de kerk van Chimay, waar een standbeeld op het marktplein nog aan haar herinnert.

Vandaag is het ook al vijftig jaar geleden dat Francisco Franco y Bahamonde, en beter bekend als generalísimo Francisco Franco is overleden

Francisco Franco werd op 4 december 1892 geboren in El Ferrol, Galicië, in het noordwesten van Spanje.

Zijn jeugd was moeilijk. Zijn vader, een marineofficier, was vooral bezig met gokken, drinken en vreemdgaan, wat thuis tot voortdurende ruzies leidde.

Uiteindelijk verliet zijn vader het gezin voor een jonge maîtresse in Madrid.

Getekend door deze ervaringen koos Franco zelf een radicaal ander pad: hij was een sober man die roken, drinken, gokken en het bezoek aan kroegen of bordelen meed.

Hoewel hij de marine ambieerde, koos hij in 1907 noodgedwongen voor het leger. Hij was een middelmatige student, maar maakte carrière in het Spaanse protectoraat Marokko.

Zijn optreden tijdens de Rifoorlog (ca. 1921-1926) was meedogenloos.

Nadat hij in 1916 gewond raakte, werd hij bevorderd. Een sleutelrol speelde hij in het Spaanse Vreemdelingenlegioen dat hij omvormde tot een geduchte eenheid.

Het redden van de stad Melilla in 1921 maakte hem tot een nationale held.

In 1923 trouwde hij met Carmen Polo, met wie hij één dochter kreeg.

Toen in 1931 de Tweede Spaanse Republiek werd uitgeroepen, hield Franco zich aanvankelijk afzijdig.

Wel ontstond er frictie toen de republikeinen zijn Militaire Academie sloten.

In de onrustige jaren dertig sloeg hij in 1934 een linkse opstand neer.

Toen het linkse Volksfront in 1936 de verkiezingen won, werd Franco overgeplaatst naar de Canarische Eilanden, wat hij zag als een verbanning.

Dit was de opmaat naar de Spaanse Burgeroorlog, die op 17 juli 1936 uitbrak.

Franco en andere rechtse generaals probeerden de macht te grijpen om te voorkomen dat Spanje ‘links-anarchistisch’ zou worden.

De staatsgreep slaagde deels, wat leidde tot een bloedige oorlog. Franco kreeg cruciale militaire steun van Hitlers Duitsland en Mussolini’s Italië; de republikeinen werden gesteund door Stalins Sovjet-Unie.

De invloed van de communisten binnen het republikeinse kamp zorgde echter voor interne spanningen.

Eind 1938 trok Stalin zijn steun terug, wat het lot van de republiek bezegelde.

Op 1 april 1939 claimden de nationalisten de overwinning.

De nationalisten traden hard op; alleen al in Barcelona werden in enkele dagen 10.000 mensen zonder proces geëxecuteerd.

De oorlog was desastreus, met naar schatting 320.000 doden en 114.000 blijvend vermiste republikeinen.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog bleef het fascistische Spanje officieel neutraal.

Hitler en Franco ontmoetten elkaar in 1940, maar naar verluidt had Hitler een hekel aan de Spaanse leider.

Hoewel Franco een lijst met Joodse namen doorspeelde aan Duitsland, diende het neutrale Spanje ook als toevluchtsoord voor ongeveer 200.000 Joden.

Na 1945 bouwde Franco zijn dictatuur uit, wat leidde tot een internationaal isolement.

Hij herstelde in 1947 op papier de monarchie en wees in 1969 Juan Carlos I aan als zijn opvolger.

Francisco Franco stierf op 20 november 1975.

Tot verrassing van velen leidde de nieuwe koning Juan Carlos Spanje naar een democratie.

De erfenis van Franco blijft echter gevoelig; in 2022 werd in Spanje een wet aangenomen die het verheerlijken van Franco en het fascisme verbiedt.

Noor van Jordanië

Het leven van de Amerikaanse Lisa Najeeb Halaby, geboren op 23 augustus 1951 in Washington D.C., nam een sprookjesachtige wending toen ze in Jordanië aan het werk was.

Terwijl ze als architect meewerkte aan de luchthaven van Amman, leerde ze koning Hussein kennen.

De vonk sloeg over. Ze trouwden op 15 juni 1978, waarop Lisa zich bekeerde tot de islam en de naam aannam waaronder de wereld haar zou kennen: koningin Noor van Jordanië.

Het paar kreeg samen vier kinderen: prins Hamzah (1980), prins Hashim (1981), prinses Iman (1983) en prinses Raiyah (1986).

Aan hun huwelijk kwam abrupt een einde toen koning Hussein in 1999 op 64-jarige leeftijd overleed aan de gevolgen van lymfeklierkanker.

Na de dood van haar man veranderde de positie van Noor aan het hof.

Koning Hussein had al acht kinderen uit drie eerdere huwelijken, waaronder Abdullah, de huidige koning.

Omdat Noor zijn stiefmoeder is, kreeg zij niet de titel van koningin-moeder.

De band met de huidige koninklijke familie is sindsdien bekoeld.

De relatie raakte naar verluidt vertroebeld nadat Noors eigen zoon, prins Hamzah, in 2004 zijn positie als kroonprins verloor.

Er wordt gefluisterd dat de koninginnen Noor en Rania niet goed met elkaar overweg kunnen.

Dit leek pijnlijk duidelijk te worden toen Noor vorig jaar geen uitnodiging ontving voor de bruiloft van kroonprins Hussein en prinses Rajwa.

Tegenwoordig verdeelt koningin Noor haar tijd tussen haar woningen in Washington D.C. en Londen.

Ze is echter niet uit het koninklijke leven verdwenen. Ze staat internationaal bekend als een bemiddelaar tussen Arabische, islamitische en westerse landen.

Met haar eigen stichting zet ze zich vurig in voor onder meer vrouwenrechten, vluchtelingenwerk en ontwapening.

Ze ontving hiervoor een onderscheiding voor haar inzet voor vrede in het Midden-Oosten, waarbij ze vaak benadrukt dat vrouwen de sleutel tot vrede en veiligheid zijn.

Daarnaast onderhoudt ze warme banden met andere koningshuizen.

Zo zou Noor goed bevriend zijn met de voormalig Koningin der Nederlanden Beatrix.

Ze was ook aanwezig bij de uitvaart van de Griekse koning Constantijn en een jaar later bij diens herdenkingsdienst.

In 2018 was ze te gast op de tachtigste verjaardag van de Spaanse koningin Sofia.

Naast haar drukke agenda is de moeder van vier inmiddels ook de trotse grootmoeder van een groeiende schare kleinkinderen.

Vandaag, 35 jaar geleden, kwam Stefano Casiraghi, de echtgenoot van prinses Caroline van Monaco, op tragische wijze om het leven.

Stefano Casiraghi, een succesvol Italiaans zakenman en sportman, stierf tijdens een wereldkampioenschap offshore powerboat-racen.

Voor de kust van Saint-Jean-Cap-Ferrat in Zuid-Frankrijk sloeg het noodlot toe toen zijn catamaran, de “Pinot di Pinot”, kapseisde bij hoge snelheid. Casiraghi, die op dat moment zijn wereldtitel verdedigde, overleefde het ongeval niet.

Hij was de zoon van ondernemer Giancarlo Casiraghi en Fernanda Palici.

Voor zijn huwelijk had hij al een succesvolle carrière opgebouwd, met uiteenlopende zakelijke activiteiten van de export van sportschoenen tot vastgoedontwikkeling.

Zijn ondernemersgeest bracht hem fortuin in de scheepsbouw en de vastgoedsector, met investeringen in Italië, Afrika en de Verenigde Staten.

Op 29 december 1983 trad hij in het huwelijk met prinses Caroline van Monaco. Samen kregen ze drie kinderen die in korte tijd hun vader moesten missen: Andrea, Charlotte en Pierre.

De nalatenschap van Stefano Casiraghi leeft voort door deze kinderen, die inmiddels zelf een gezin hebben gesticht.

Zijn oudste zoon, Andrea Casiraghi (1984), is momenteel de vierde in de lijn van troonopvolging.

In 2002 werd hij door het Amerikaanse tijdschrift People opgenomen in hun lijst van ’50 Most Beautiful People’.

Hij is een liefhebber van voetbal, paardrijden, skiën en gitaarspelen.

Op 31 augustus 2013 trouwde hij in de tuinen van het prinselijk paleis met Tatiana Santo Domingo, dochter van de Colombiaanse zakenman Julio Mario Santo Domingo Jr. en de Braziliaanse Vera Rechulski.

Het paar heeft drie kinderen: zoon Sasha (2013), dochter India (2015) en zoon Maximilian Rainier (2018).

Dochter Charlotte Casiraghi (1986) groeide in Parijs uit tot een mode-icoon voor jongere meisjes, mede dankzij haar elegante uitstraling.

Hoewel zij zelf geen koninklijke titel voert, is ze elfde in de lijn van de Monegaskische troonopvolging.

Charlotte kreeg in 2013 een zoon, Raphaël, met komiek Gad Elmaleh.

Op 1 juni 2019 huwde ze de Franse regisseur Dimitri Rassam, met wie ze eind 2018 hun zoon Balthazar kreeg.

De jongste zoon, Pierre Casiraghi (1987), heeft sinds mei 2008 een relatie met de journaliste Beatrice Borromeo.

Het paar trad op 25 juli 2015 in Monaco in het huwelijk voor de wet.

De kerkelijke inzegening volgde op 1 augustus 2015 op Isola Bella, een eiland in het Lago Maggiore dat eigendom is van de familie van zijn vrouw.

Dit “mooie eiland” werd in 1630 gekocht door graaf Carlo III Borromeo, die het naar zijn vrouw Isabella noemde.

Hij liet er een kasteel in barokstijl bouwen met een indrukwekkende tuin, bestaande uit tien terrassen met antieke beelden waar traditioneel witte pauwen rondlopen.

De familie Borromeo, die ooit een heilige voortbracht, Carolus Borromeus, verblijft jaarlijks enkele weken op het eiland.

Beatrice Borromeo is de dochter van graaf Carlo Ferdinando Borromeo.

Omdat zij buiten het huwelijk werd geboren, draagt zij, net als haar oudere broer, geen adellijke titel.

Beatrice werkt voor de Italiaanse pers. Samen met Pierre kreeg ze twee zonen: Stefano, geboren op 28 februari 2017, en Francesco, geboren op 21 mei 2018.

Vandaag vindt in Luxemburg een historische gebeurtenis plaats: Groothertog Henri treedt af en zijn oudste zoon, Guillaume, wordt ingehuldigd als de nieuwe groothertog.

De dag van de troonswissel volgt een strak protocol. Om 10:00 uur ’s ochtends vindt de abdicatie van Henri plaats, gevolgd door de inzwering van Guillaume.

Rond het middaguur presenteert de nieuwe groothertog zich met zijn gezin aan het volk tijdens een balkonmoment.

Daarna volgt een wandeling langs het publiek en een receptie voor de regering.

De feestelijkheden worden ’s avonds afgesloten met een galadiner in het groothertogelijk paleis, in aanwezigheid van buitenlandse gasten en koninklijke collega’s.

De troonswissel wordt bijgewoond door hooggeplaatste gasten, waaronder koning Filip, koningin Mathilde en kroonprinses Elisabeth van België, alsook koning Willem-Alexander, koningin Máxima en de Prinses van Oranje uit Nederland.

De aanwezigheid van deze koningshuizen is niet toevallig; de families zijn nauw met elkaar verwant.

De band met het Belgische koningshuis is het directst.

De moeder van Henri, Joséphine-Charlotte (1927-2005), was prinses van België en de oudere zus van de voormalige koningen Boudewijn en Albert.

De connectie met het Nederlandse koningshuis gaat verder terug in de geschiedenis.

Zowel het Nederlandse Huis van Oranje-Nassau als het Luxemburgse Huis van Nassau stammen af van het oude hertogdom Nassau.

De Nederlandse koningen Willem I, II en III waren tevens groothertog van Luxemburg.

Aan deze personele unie kwam een einde toen er in Nederland geen mannelijke troonopvolger meer was.

Volgens een oud familieverdrag ging de Luxemburgse troon toen over naar een andere tak van de Nassau-familie.

Hoewel koning Willem-Alexander en groothertog Henri dus geen directe bloedverwanten zijn, delen ze een verre gemeenschappelijke voorouder.

De nieuwe groothertogin, Stéphanie, is van Belgische afkomst.

Geboren als gravin Stéphanie de Lannoy, stamt ze uit een oud adellijk geslacht.

Ze groeide op in het kasteel van Anvaing in Henegouwen en volgde een Nederlandstalige basisschool in Ronse.

Haar verdere opleiding was internationaal, met studies in Frankrijk, Brussel, Moskou (Russisch) en Leuven (germanistiek). Ze sloot haar studietijd af in Berlijn met een scriptie en een stage op de Belgische ambassade.

Op 20 oktober 2012 trouwde ze met erfgroothertog Guillaume.

Naar aanleiding van haar huwelijk deed ze afstand van haar Belgische nationaliteit en werd ze Luxemburgse.

Samen hebben ze twee zonen: prins Charles, geboren in 2020, en prins François, geboren in 2023.

Guillaume zelf heeft ook sterke banden met de Europese vorstenhuizen.

Zo is hij de peetoom van onder anderen prins Emmanuel van België en prinses Ariane der Nederlanden.

Vanaf 3 oktober zal zijn officiële titel luiden: Zijne Koninklijke Hoogheid Guillaume, bij de Gratie Gods Groothertog van Luxemburg, Hertog van Nassau en Prins van Bourbon-Parma.

Het leven van prinses Maria Gabriella van Savoye.

Het leven van prinses Maria Gabriella van Savoye, dochter van de laatste koning van Italië, Umberto II, en koningin Marie José van België, is gevuld met opmerkelijke gebeurtenissen.

Al op jonge leeftijd kreeg ze te maken met tegenslagen. Zo overleefde ze samen met haar zus Maria Pia in Zwitserland een tyfusbesmetting in de periode van 1943 tot 1945, terwijl hun kinderjuffrouw aan de ziekte bezweek.

Na de afschaffing van de Italiaanse monarchie in 1946 verhuisde Maria Gabriella met haar moeder naar Zwitserland, terwijl haar vader in Portugal ging wonen.

Later in haar leven volgde ze een brede opleiding, van exacte wetenschappen aan het Italiaans Lyceum in Madrid tot een tolkenopleiding in Genève en kunstgeschiedenis in Parijs.

In de jaren vijftig was er een huwelijksaanzoek van de sjah van Iran, Mohammed Reza Pahlavi.

Dit stuitte echter op verzet; Paus Johannes XXIII zou zijn veto hebben uitgesproken, en de Vaticaanse krant L’Osservatore Romano beschreef een huwelijk met een katholieke prinses als een groot gevaar voor de kerk.

Uiteindelijk trouwde ze in 1969 met de succesvolle vastgoedontwikkelaar Robert Zellinger de Balkany.

Zijn eerste project, Élysée 2 nabij Parijs, was een groot complex met appartementen, een winkelcentrum, bioscoop en sportfaciliteiten.

De oplevering begon in 1964 en beroemdheden zoals Dalí en Cocteau hielpen het te promoten.

In 1969 bouwde hij het nog grotere Parly 2.

Dit project was een enorm succes en zijn bedrijf, SCC (Shopping Center Company), rolde het concept uit door heel Frankrijk en later in andere Europese landen en het Midden-Oosten.

Robert had twee dochters uit een eerder huwelijk en kreeg in 1972 een dochter, Marie Elisabeth, met Maria Gabriella.

Het echtpaar scheidde in 1976 en hun echtscheiding werd officieel in 1990. Robert, die verschillende kastelen en paleizen bezat, overleed op 19 september 2015.

De nu 85-jarige prinses Maria Gabriella van Savoye is oprichtster van de Stichting Umberto II en Marie José van Savoye.

Deze stichting richt zich op de wetenschappelijke studie van het Huis van Savoye en het behoud van hun historisch erfgoed.

Zelf schreef ze ook boeken over de geschiedenis van haar familie.

Na de dood van haar ouders kregen Maria Gabriella en haar drie zussen, net als hun enige broer Victor Emanuel, onenigheid over erfeniskwesties (foto september 1960).

65 jaar geleden, te gast bij prins Jan van Luxemburg en prinses Josephine Charlotte van België en hun kinderen.

Op 9 april 1953 trad prins Jan van Luxemburg in het huwelijk met de Belgische prinses Joséphine-Charlotte, de dochter van koning Leopold III.

Hun verbintenis was echter meer dan een vorstelijke alliantie; de twee kenden elkaar al sinds hun kindertijd en konden het goed met elkaar vinden.

Bovendien deelden ze verre familiebanden via hun (over)grootmoeders, die allen afstamden van het Portugese huis Bragança.

Uit hun gelukkige huwelijk werden vijf kinderen geboren: prinses Marie Astrid in 1954, de huidige groothertog Hendrik in 1955, en de tweeling prins Jan en prinses Margaretha in 1957.

Hun jongste zoon, prins Willem, werd in 1963 geboren.

Na een lange en stabiele regeerperiode deed groothertog Jan op 7 oktober 2000 troonsafstand ten gunste van zijn oudste zoon, Hendrik, die sindsdien het groothertogdom leidt.

De latere jaren van zijn leven werden overschaduwd door het verlies van zijn echtgenote.

Prinses Joséphine-Charlotte overleed op 10 januari 2005 op 77-jarige leeftijd.

Prins Jan zelf overleed op 23 april 2019 op de respectabele leeftijd van 98 jaar, na een kort ziekbed als gevolg van een longontsteking.

Vandaag 20 jaar geleden, Juliana Louise Emma Marie Wilhelmina, Prinses der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, hertogin van Mecklenburg, Prinses van Lippe-Biesterfeld is overleden.

Koningin Juliana overlijdt, een half jaar vóór Bernhard op 20 maart 2004 op 94-jarige leeftijd.

Opmerkelijk is dat ze op de dag af, exact 70 jaar na haar grootmoeder, koningin-regentes Emma overlijdt.

Op 30 maart wordt ze bijgezet in de grafkelder van Oranje-Nassau in de Nieuwe Kerk in Delft. 

90 jaar geleden, het Kasteel ter Ham in Steenokkerzeel en toen verblijfplaats van ex-keizerin Zita van Oostenrijk (februari 1934)

Het Kasteel ter Ham is een historisch waterslot in Steenokkerzeel, dat al sinds de 13e eeuw bestaat.

Het huidige kasteel werd gebouwd rond 1500 door Filip III Hinckaert, die het domein had gekocht van de familie van Lannoy.

Hij liet het oude stenen kasteel afbreken en een nieuw kasteel optrekken, omgeven door grote vijvers en twee ophaalbruggen.

Het kasteel werd geïnspireerd door het kasteel van Laarne en kreeg een donjonachtig uitzicht met een groot zadeldak, kantelen en een kegelvormige torenspits.

Het kasteel wisselde nog verschillende keren van eigenaar, onder meer de families van Hamme, Brandenburg, Cotereau, Salm, Groesbeek en de Croix.

Het kasteel kende ook verschillende verbouwingen en restauraties, vooral in de 18e en 20e eeuw.

In 1929 werd het kasteel verhuurd aan de voormalige keizerin Zita van Bourbon-Parma en haar gezin, die er tot mei 1940 verbleven.

In 1943 werd het kasteel zwaar beschadigd door een Duitse bom.

In 1955 kocht de gemeente Steenokkerzeel het domein, maar kon het niet onderhouden.

In 1964 werd het kasteel eigendom van de Vlaamse overheid, die het liet restaureren en inrichten als conferentieoord.

Sinds 2014 is het kasteel in erfpacht gegeven aan Optimum C, een expertisecentrum voor ouderenzorg.

In de onmiddellijke nabijheid van het kasteel, op de plaats van de oude kasteelhoeve, werden vanaf 2018 twintig nieuwbouwwoningen opgetrokken.