45 jaar geleden, Frank Duval met zijn hit Angel Of Mine.

Frank Duval werd geboren als Frank Uwe Patz op 22 november 1940 in Berlijn en groeide op in een artistiek milieu, waarbij hij aanvankelijk een opleiding volgde als acteur en danser.

Al snel verschoof zijn focus echter naar de muziek, waarbij hij een kenmerkende stijl ontwikkelde die het midden houdt tussen pop, klassiek en atmosferische elektronische muziek.

Zijn grote doorbraak bij het brede publiek kwam voort uit zijn nauwe samenwerking met de Duitse televisie.

Duval componeerde de muziek voor populaire krimiseries zoals Derrick en Der Alte.

Het was binnen deze context dat zijn grootste hit, “Angel of Mine”, in 1980 het levenslicht zag. Een opvallend detail is dat hij het nummer eigenlijk niet zelf wilde inzingen.

De sessiezangeres die hiervoor was gevraagd, kwam echter niet opdagen, waardoor Duval besloot de vocalen zelf maar voor zijn rekening te nemen.

Het nummer werd een enorm succes in de Lage Landen. In Nederland bereikte de single de eerste plaats in de Top 40, terwijl het nummer in Vlaanderen de tweede plaats behaalde in de BRT Top 30.

Hoewel Angel of Mine bij ons zijn enige grote hit bleef, scoorde hij onder de naam Frank en Kalina in maart 1986 nog een hit met “It Was Love”, een nummer dat hij opnieuw voor de krimiserie schreef.

Deze single was op donderdag 6 maart 1986 TROS Paradeplaat op Radio 3 en bereikte uiteindelijk de vierentwintigste plaats in de Top 40.

Gedurende zijn carrière werkte Duval vaak samen met zijn vrouw, Kalina Maloyer, die de teksten voor veel van zijn liedjes schreef.

Samen creëerden ze een omvangrijk oeuvre dat bekendstaat om de diepe emotionele lading en filmische kwaliteit.

Zijn werk was onlosmakelijk verbonden met de gezichten van de serie Derrick.

Horst Tappert, die bijna 25 jaar lang de stugge detective speelde, kwam te overlijden op 13 december 2008.

Ook zijn collega in de reeks, Fritz Wepper, is inmiddels overleden op 25 maart 2024.

Hoewel het commerciële succes in de hitlijsten na de jaren tachtig afnam, bleef Duval gerespecteerd als een vakman die complexe synthesizerarrangementen wist te combineren met toegankelijke melodieën.

Naast zijn werk voor televisie en zijn solocarrière heeft Duval zich ook beziggehouden met maatschappelijke projecten.

Zo richtte hij de Frank Duval Foundation op, die zich inzet voor kansarme kinderen in India.

Tegenwoordig leidt de 85-jarige componist een teruggetrokken leven op het Spaanse eiland Palma de Mallorca, waar hij nog steeds betrokken is bij diverse kunstvormen, waaronder schilderkunst en digitale media.

Anita Louise was een Amerikaanse actrice die vooral bekendheid verwierf tijdens de gouden jaren van Hollywood in de jaren dertig en veertig.

Zij werd op 9 januari 1917 geboren als Anita Louise Fremault in New York en werd al als kind op de planken gezet.

Op zesjarige leeftijd was zij voor het eerst op Broadway te zien in het stuk Peter Ibbetson.

Haar filmdebuut volgde in 1922 met een ongenoemde rol in Down to the Sea in Ships.

Vanwege haar delicate gelaatstrekken en blonde haar werd ze vaak omschreven als een van de mooiste vrouwen in de filmindustrie, wat haar de bijnaam de koningin van de Hollywoodfeestjes opleverde vanwege haar talent voor het organiseren van sociale evenementen.

Hoewel haar ouders oorspronkelijk voor ogen hadden dat zij onderwijzeres zou worden, kwam zij in aanraking met de filmwereld in Hollywood.

In plaats van haar studie te vervolgen, koos zij definitief voor een loopbaan als filmspeelster en tekende zij een contract bij de studio Warner Bros.

Eenmaal een tiener was zij een geliefde verschijning die door het publiek als een stijlicoon werd beschouwd.

In 1931 werd ze dan ook uitgeroepen tot een WAMPAS Baby Star.

Dit was een prestigieuze promotiecampagne van de Western Association of Motion Picture Advertisers, waarbij jaarlijks dertien jonge actrices werden geselecteerd van wie men verwachtte dat ze zouden uitgroeien tot grote filmsterren.

Haar grote doorbraak kwam inderdaad in de jaren dertig met rollen in verschillende bekende films en prestigieuze kostuumdrama’s.

Ze speelde gedenkwaardige rollen in producties zoals Madame DuBarry uit 1934, A Midsummer Night’s Dream uit 1935, waarin ze Titania vertolkte, en The Story of Louis Pasteur. Andere bekende titels uit deze periode zijn Anthony Adverse, Call it a Day, That Certain Woman, Marie Antoinette, The Sisters en The Little Princess.

Ze stond erom bekend dat ze een aristocratische elegantie naar het witte doek bracht, waardoor ze vaak werd gecast als gracieuze dames of historische figuren.

In de jaren veertig verloor zij echter haar populariteit, al behaalde zij later nog enkele successen op televisie.

De meeste mensen herinneren zich haar uit die tijd waarschijnlijk het beste als de moeder, Nell McLaughlin, in de serie My Friend Flicka, waarin zij van 1956 tot en met 1958 te zien was.

Hierna ging zij met pensioen. Naast haar acteercarrière was ze een begaafd harpiste, een talent dat ze af en toe in haar films liet zien.

In haar privéleven was zij twintig jaar lang getrouwd met de invloedrijke filmproducent Buddy Adler.

Adler was een succesvolle figuur in de filmindustrie en werkte als productiechef bij 20th Century Fox, waar hij verantwoordelijk was voor grote successen en zelfs een Academy Award won voor de film From Here to Eternity.

Samen kregen zij hun enige kind, een dochter genaamd Melanie Adler.

Na het overlijden van haar man in 1960 bleef zij nog enkele jaren actief in het sociale leven van Hollywood.

Anita Louise overleed zelf in 1970 op 55-jarige leeftijd aan de gevolgen van een beroerte.

Mel Torme met zijn kerstnummer The Christmas Song

De in Chicago geboren Melvin Howard Tormé Tormé was de zoon van Russisch-Joodse immigranten die oorspronkelijk de achternaam Torma droegen.

Al op vierjarige leeftijd begon hij zijn carrière en als achtjarig jongetje debuteerde hij reeds in diverse radioseries.

Zijn muzikale ontwikkeling ging razendsnel.

Op zijn dertiende schreef hij zijn eerste nummer en drie jaar later werd zijn compositie Lament to Love al uitgebracht.

Als tiener was hij van alle markten thuis: hij zong, arrangeerde en was een begenadigde drummer.

Dat drumtalent bleef niet onopgemerkt, want hij speelde zelfs in de band van Chico Marx, een van de beroemde Marx Brothers.

Terwijl hij zijn carrière in de showbusiness uitbouwde, voltooide hij ook zijn schoolopleiding en studeerde in 1944 af aan de Hyde Park High School in Chicago.

Op dat moment had hij zijn filmdebuut al gemaakt in Higher and Higher (1943). Later volgden er nog musicals zoals Pardon My Rhythm, Let’s Go Steady en Words and Music.

In datzelfde jaar 1944 richtte hij de zanggroep The Mel-Tones op, waarmee hij de enorme hit What Is This Thing Called Love scoorde.

Zijn tienerfans gaven hem in die periode vanwege zijn specifieke stemgeluid de liefkozende bijnaam The Velvet Fog (De Fluwelen Mist).

Tormé schreef ook geschiedenis als componist.

Samen met Robert Wells pende hij de klassieker The Christmas Song neer, het nummer dat in de uitvoering van Nat King Cole uitgroeide tot een wereldwijde kersthit.

Televisiekijkers kennen hem wellicht ook van zijn werk achter en voor de schermen.

Begin jaren zestig verzorgde hij de muziek voor The Judy Garland Show, en later speelde hij gastrollen in bekende series als Night Court, Seinfeld en The Virginian.

De erkenning voor zijn talent bleef komen: in 1982 en 1983 won hij twee jaar op rij de Grammy voor beste jazzzanger.

Mel Tormé overleed op 5 juni 1999 in een ziekenhuis in Los Angeles aan de gevolgen van een hartaanval. Hij werd 73 jaar.

40 jaar geleden, Ann Petersen, Vlaanderens veelzijdige actrice over zichzelf en haar carrière.

Ann Petersen werd op 22 juni 1927 geboren in Wuustwezel. Hoewel ze als kind al gebeten was door het theater, koos ze pas op latere leeftijd voor een leven als actrice. Vanaf dat moment bouwde ze wel een indrukwekkende carrière uit, zowel op televisie, in de film als in het theater.

Bij het grote publiek brak ze in 1964 door met haar rol als Emma in de legendarische BRT-jeugdserie Kapitein Zeppos.

Het was de start van een lange reeks televisierollen.

Zo speelde ze in de tv-bewerking van Wij, heren van Zichem (1969), de historische reeks De vorstinnen van Brugge (1972) en de komische serie Slisse en Cesar (1977). Ook later bleef ze een vertrouwd gezicht in reeksen als de Paradijsvogels (1980) en Het verdriet van België (1994). Voor een latere generatie werd ze vooral bekend als Florke, een rol die ze acht jaar lang vertolkte in de populaire soap Thuis.

Daarnaast schreef ze een aantal belangrijke films op haar palmares. De bekendste daarvan zijn klassiekers als Mira (1971) en Hector (1987), maar ook latere films zoals Manneken Pis (1995) en Pauline en Paulette (2002). Voor die laatste rol ontving ze, samen met collega Dora Van der Groen, nog een Fonske, een Vlaamse filmprijs.

Gisteren nog vandaag

Ook op de planken was Petersen erg actief. Ze was 30 jaar lang verbonden aan de Koninklijke Vlaamse Schouwburg en speelde gastrollen bij diverse theatergezelschappen. Een van haar meest opvallende theaterprestaties was de monoloog Het massagesalon (1986), die later ook op televisie werd vertoond.

Ondanks haar 76 jaar en gezondheidsproblemen – ze leed aan diabetes, artrose en had hartproblemen – bleef Ann Petersen erg actief. Ze deed dit deels omdat ze het acteren graag deed, maar ook omdat ze maar een klein pensioen had.

Gisteren nog vandaag

Haar huwelijk eindigde in 1960 in een echtscheiding. Zelf vertelde ze dat ze haar man verliet omdat hij graag kinderen had gewild, iets wat ze na een operatie met complicaties niet meer kon krijgen.

Ann Petersen overleed op 11 december 2003 in haar woning in Opwijk.

Gisteren nog vandaag

Burt Blanca, geboren als Norbert Blancke op 6 augustus 1944 in Neder-Over-Heembeek, wordt beschouwd als een van de absolute grondleggers van de rock-‘n-roll in België.

Zijn muzikale reis begon nochtans klassiek; als jong kind volgde hij lessen aan het conservatorium op de accordeon en klarinet.

Die wereld veranderde echter volledig toen hij de Amerikaanse rock-‘n-roll ontdekte.

Geïnspireerd door iconen als Elvis Presley en Bill Haley ruilde hij zijn klassieke instrumenten in voor een gitaar.

In de vroege jaren 60 vormde hij zijn band The King Creoles.

Ze maakten furore met instrumentale nummers die sterk deden denken aan de stijl van The Shadows en The Ventures.

Blanca stond al snel bekend om zijn virtuoze spel op de Fender Stratocaster, wat hem in eigen land de bijnaam de Belgische Elvis opleverde.

Wat zijn carrière echter uniek maakte, was zijn enorme succes over de taalgrens.

In 1961 werd zijn talent opgemerkt door het grote Franse label Pathé-Marconi.

Hij verhuisde naar Parijs, speelde in de legendarische club Golf Drouot en deelde in 1962 het podium van de Olympia met internationale grootheden zoals Gene Vincent.

Toen de muzikale trends in de jaren zeventig veranderden, bleef Blanca trouw aan zijn wortels.

Hij nam in dat decennium verscheidene rock-‘n-roll-albums op met zijn eigen versies van bekende songs uit het genre.

Zijn status als gerespecteerd muzikant werd bevestigd door de artiesten voor wie hij het voorprogramma mocht verzorgen.

Dit waren niet de minsten: hij opende voor legendes als Chuck Berry, Jerry Lee Lewis, Bill Haley, Gary Glitter en de Frans-Belgische rocker Johnny Hallyday.

De jaren tachtig brachten een enorme commerciële heropleving. In het begin van dit decennium ging Burt Blanca een samenwerking aan met Lou Deprijck, de producer achter Plastic Bertrand en Two Man Sound.

Dit resulteerde in de single Touche Pas à Mon R.N.R., waarmee hij de hitlijsten veroverde.

Maar daar bleef het niet bij. In 1983 richtte hij de band The Klaxons op.

Samen met zijn vrienden Jean-Marie Troisfontaine en Roger Verbestel schreef hij de megahit Clap, Clap Sound.

Het nummer werd een fenomenaal succes en haalde in verscheidene landen de top van de hitparade.

In Zuid-Afrika stond de single maar liefst 25 weken op nummer 1.

Het leverde hen verscheidene keren platina en zelfs diamant op.

Ook in het nieuwe millennium bleef hij actief en veelzijdig.

In januari 2004 maakte hij een uitstapje naar televisie door deel te nemen aan de opnamen van de populaire VTM-serie Familie.

Datzelfde jaar was ook op muzikaal vlak bijzonder: in juni 2004 gaf hij opnieuw een concert in de Olympia in Parijs en vierde hij zijn 45-jarige carrière met een optreden in de Ancienne Belgique.

Burt Blanca, inmiddels Ridder in de Orde van Leopold II, blijft de geschiedenis ingaan als de man die de elektrische gitaar in België populariseerde, internationale successen boekte van Parijs tot Zuid-Afrika, en zijn hele leven in dienst stelde van de rock-‘n-roll.

40 jaar geleden, Joan Collins wordt Maria Callas.

Joan Collins stond al op driejarige leeftijd op het podium, met de droom om toneelactrice te worden.

Ze begon een opleiding aan de Royal Academy of Dramatic Arts in Londen, maar ze maakte deze niet af. Want de verleiding van de filmindustrie was te sterk.

Op haar zeventiende tekende ze haar eerste contract bij een Britse filmstudio en drie jaar later maakte ze een wervelende entree in Hollywood.

Collins genoot intens van de feestjes en ontmoetingen met sterren als Marlon Brando, James Dean en Marilyn Monroe.

Ze werkte samen met grootheden als Bette Davis, Richard Burton en Paul Newman, en deed zo enorm veel ervaring op.

Ze maakte echter ook kennis met de omgangsregels van Hollywood, waarbij studiobazen haar grote rollen toezegden in ruil voor ‘wederdiensten’.

Collins wees deze allemaal af, waardoor de hoofdrol in ‘Cleopatra’ – de film die Liz Taylor haar grote doorbraak bezorgde – aan haar voorbijging.

Na een vroege, maar weinig opzienbarende carrière, kwam haar echte doorbraak pas veel later.

In de jaren 80 werd ze op latere leeftijd wereldberoemd door haar iconische rol als ‘superbitch’ Alexis Colby in de televisieserie Dynasty.

Hoewel dit haar bekendste rol is, heeft ze in totaal in meer dan 60 films meegespeeld en meerdere boeken geschreven.

Collins zag vier eerdere huwelijken stranden. Ze heeft twee kinderen uit haar tweede huwelijk met zanger Anthony Newley, en een dochter uit haar derde huwelijk met platenbaas Ron Kass.

Sinds 2002 is ze gelukkig getrouwd met Percy Gibson, de manager van een theatergezelschap, die 32 jaar jonger is dan zijzelf.

Haar jongere zus was de bekende schrijfster Jackie Collins

Op 31 december 2014 werd ze geridderd door koningin Elizabeth II en mag ze zichzelf Dame Joan noemen.

Ze woont doorgaans met haar man in Belgravia, een zeer exclusieve wijk in Londen, maar bezit ook huizen in New York en Los Angeles.

Daarnaast heeft ze een enorme villa in Saint-Tropez, Frankrijk, waar ze afgelopen zomer nog van een zonnige vakantie genoot.

In 2022 vatte de documentairefilm This is Joan Collins haar veelbewogen leven samen 

45 jaar geleden, feeks Sue Ellen uit de tv-reeks Dallas is een brave huismoeder.

Begin jaren 60 leerde Linda Ann Gray kunstredacteur en fotograaf Ed Thrasher kennen tijdens een fotoshoot.

Ze werden verliefd en trouwden in 1962; Linda was 21 en Ed 28.

Het huwelijk bleek echter al snel een vergissing. Linda besefte tijdens hun huwelijksreis in Mexico dat ze een vreselijke fout had gemaakt: “Ik wist vanaf de eerste avond dat mijn huwelijk geen liefdesrelatie was.”

Desondanks kregen ze twee kinderen: zoon Jeff in 1964 en dochter Kehly in 1966.

Ed was een creatieve man die droomde van een leven als cowboy op een paardenranch.

Het gezin verhuisde daarom naar “Oak Tree Ranch”, in Santa Clarita, Californië toen de kinderen klein waren.

Linda zelf bleef echter dromen van een acteercarrière.

Haar man was hierop tegen en vond dat dit moest wachten tot de kinderen groot waren. “In die tijd bleven vrouwen thuis en voedden hun kinderen op, zo ging dat nu eenmaal,” lichtte ze later in een interview toe.

Pas toen haar kinderen wat ouder waren, vond Linda de kracht om toch haar droom na te jagen.

Linda Ann Gray was al 38 toen ze wereldberoemd werd als de femme fatale Sue Ellen in ‘Dallas’.

Opvallend genoeg speelde ze in het eerste seizoen, dat slechts vijf afleveringen telde, wel mee, maar haar naam verscheen pas vanaf seizoen 2 op de begingeneriek.

Het succes had ook impact op haar privéleven: in 1983 scheidde ze van Ed Thrasher.

Na deze breuk gaf Linda aan geen man meer in huis te willen.

Ze bleef een vast castlid van ‘Dallas’ tot 1989 en keerde nog kort terug in 1991.

Later speelde ze ook mee in de reüniefilms ‘J.R. Returns’ (1996) en ‘The War of the Ewings’ (1998).

Toen ‘Dallas 2.0’ in 2012 succesvol van start ging, kroop ze opnieuw in de huid van Sue Ellen.

Tijdens het tweede seizoen van deze reboot overleed haar tegenspeler en goede vriend Larry Hagman.

De kijkcijfers kelderden na een derde seizoen, en TNT stopte de serie in 2014, na 40 afleveringen.

Na haar oorspronkelijke vertrek uit Dallas speelde Gray in diverse films en televisieseries, waaronder gastrollen in Melrose Place en een hoofdrol in de spin-off Models Inc..

Ze trad ook op in theaterproducties, onder andere als Mrs. Robinson in een West End-productie van The Graduate in Londen.

In 2023 was ze nog te zien in de televisiefilm Ladies of the ’80s: A Divas Christmas.

In december 2020 kreeg Linda een zware persoonlijke klap te verwerken toen haar zoon Jeff op 56-jarige leeftijd overleed aan de gevolgen van leukemie.

25 jaar geleden, de Amerikaanse actrice en zangeres Carmen Electra

Ze werd geboren als Tara Leigh Patrick, maar kreeg haar artiestennaam ooit van poplegende Prince.

In februari 2024 besloot ze die naam, na al die jaren, ook officieel en wettelijk aan te nemen.

De meesten zullen zich ongetwijfeld haar grote doorbraak in 1997 herinneren, toen ze als Lani McKenzie in het bekende rode badpak van ‘Baywatch’ verscheen.

Ze speelde de rol maar een jaar, maar het was genoeg om haar te lanceren als een van de grootste sekssymbolen van de late jaren 90 en vroege jaren 2000.

Vandaag is het precies 60 jaar geleden dat de BRT de eerste aflevering van ‘Johan en de Alverman’ uitzond.

Deze jeugdreeks groeide uit tot een onvergetelijk stuk Vlaamse televisiegeschiedenis en werd onmiddellijk ontzettend populair.

De serie vertelt het verhaal van Johan Claeszoons, een jonge chirurgijn gespeeld door Frank Aendenboom, die rond 1650 in het Nekkersbos een bijzonder mannetje ontmoet.

Dit wezentje, vertolkt door Jef Cassiers, blijkt een alverman te zijn die door zijn koning uit de mythische wereld Avalon is verbannen.

Zijn straf voor nieuwsgierigheid is dat hij pas mag terugkeren als hij iets vindt dat van nut kan zijn voor zijn volk.

Zijn onverstaanbare taal klonk als “mallapatta kling kling!”. Gelukkig staan zijn magische fluit en toverring Fafifoerniek hem bij tijdens zijn avonturen in de mensenwereld.

Het succes van de reeks was te danken aan een combinatie van factoren.

De verzorgde opnamen op historische locaties zoals het Kasteel van Gaasbeek, de mergelgrotten van Folx-les-Caves en het openluchtmuseum van Bokrijk gaven de serie een authentieke en magische sfeer.

Ook de muziek speelde een cruciale rol. Het thema, dat als een leidmotief door het verhaal verweven zit, versterkte de sfeer aanzienlijk.

Zoals wel vaker in die tijd, leende componist Pieter Verlinden de muziek uit een bestaande filmscore: ‘The Duchess of Brighton’ van Miklós Rózsa.

Een bijzonder detail is dat de chemie tussen de hoofdrolspelers ook buiten de set oversloeg: acteur Frank Aendenboom trouwde in het echt met zijn tegenspeelster Rosemarie Bergmans, die in de serie de rol van Rosita speelde.

De populariteit van ‘Johan en de Alverman’ beperkte zich niet tot Vlaanderen.

De serie werd ook in Nederland en Italië uitgezonden en is later meermaals herdrukt als boek en uitgebracht op dvd.

Mede door de sterke acteursregie van Senne Rouffaer en de beeldregie van Bert Struys, wordt de reeks nog steeds beschouwd als een van de beste jeugdproducties die de BRT ooit heeft gemaakt.

40 jaar geleden, thuis bij James B. Sikking, die we toen kende van zijn rol Howard Hunte in de tv-serie Hill Street Blues.

James Sikking was een acteur die in tal van films en televisieseries te zien was.

Bij het grote publiek werd hij vooral bekend door zijn rol als de tactisch onderlegde Lt. Howard Hunter in de iconische politieserie ‘Hill Street Blues’, een rol die hij van 1981 tot 1987 vertolkte.

Later speelde hij tussen 1989 en 1993 ook de rol van Dr. David Howser in de populaire serie ‘Doogie Howser, M.D.’.

Sikking, die soms op de aftiteling verscheen als James B. Sikking, is de vader van acteur Andrew Sikking.

Hij overleed op 13 juli 2024 op 90-jarige leeftijd in zijn huis in Los Angeles aan de gevolgen van dementie.

Vandaag, 45 jaar geleden, komt het nummer “Some Broken Hearts Never Mend” van Telly Savalasbinnen in de Brt Top 30

Hoewel de meeste mensen Telly Savalas kennen als de iconische inspecteur Kojak, had de acteur ook een opmerkelijke zangcarrière.

Al in 1975 scoorde hij in Vlaanderen en Nederland een hit met zijn cover van de Bread-klassieker ‘If’.

Gisteren nog vandaag

Zijn grootste muzikale succes volgde echter in 1980 met ‘Some Broken Hearts Never Mend’.

Dit nummer, oorspronkelijk van Don Williams, nam hij op in de Wisseloord-studio’s in Hilversum.

Op 27 september 1980 kwam de single binnen in de BRT Top 30 en klom gestaag door tot de eerste plaats op 25 oktober.

Ook in Nederland was het een grote hit die de vijfde plek in de Top 40 behaalde.

Telly Savalas overleed op 22 januari 1994, een dag na zijn zeventigste verjaardag, aan de gevolgen van prostaatkanker.

50 jaar geleden, elke zondagavond de Amerikaanse tv-reeks Rhoda te zien op de Brt.

De Amerikaanse televisieserie Rhoda (1974-1978) is een spin-off van The Mary Tyler Moore Show en draait om het personage Rhoda Morgenstern, gespeeld door Valerie Harper.

De serie volgt Rhoda wanneer ze vanuit Minneapolis terugkeert naar New York City om haar leven op te bouwen, te zoeken naar liefde en haar carrière als zakenvrouw nastreeft.

50 jaar geleden, de Amerikaanse sitcom Chico and the Man te zien elke woensdag op de BRT (nu Vrt).

Op het scherm verschijnt een aftandse garage in Los Angeles, gerund door een knorrige oude man. Zijn leven wordt volledig overhoop gehaald door een jonge, optimistische Latino met een onweerstaanbare glimlach.

De sitcom, die in Amerika in 1974 was gestart, draaide volledig om de chemie tussen de twee hoofdrolspelers.

Enerzijds was er Ed Brown (Jack Albertson, overleden op 25 november 1981), de verbitterde garagehouder die in alles een probleem zag.

Anderzijds was er Chico Rodriguez, gespeeld door de piepjonge en razend populaire Freddie Prinze.

Hij was de frisse wind die door de stoffige garage en het leven van Ed waaide.

Hun gekibbel en de langzaam groeiende vader-zoonrelatie vormden het hart van de show.

Tel daar de onvergetelijke begintune, ingezongen door de legendarische José Feliciano, bij op, en je had dé reden waarom miljoenen kijkers, ook in Vlaanderen, aan de buis gekluisterd zaten.

De ster van de show was zonder twijfel Freddie Prinze. Geboren als zoon van een Hongaarse vader en een Porto-Ricaanse moeder, groeide hij op in een ‘getto’ in New York.

Zoals Joepie het treffend omschreef, ontwikkelde hij daar een “onverbeterlijke drang naar zelfbescherming”, die hij omzette in een scherp gevoel voor humor.

Na wat optredens in kleine clubs belandde hij in de legendarische “Tonight Show”.

Die ene avond veranderde alles: een producent zag hem en bood hem de rol van zijn leven aan. Op zijn twintigste was Freddie Prinze een wereldster.

Maar het succesverhaal kende een tragische afloop. Amper anderhalf jaar nadat het lovende artikel in Joepie verscheen, in januari 1977, maakte Prinze op 22-jarige leeftijd een einde aan zijn leven.

De makers probeerden de serie nog te redden door een nieuw personage te introduceren, maar de ziel was eruit.

Zonder de charismatische Chico was de magie verdwenen. Na een vierde seizoen stopte dan ook de reeks.