Vandaag is het precies drie jaar geleden dat zangeres Bea Van der Maat is overleden

Béatrice Marguerite Van der Maat werd geboren op 15 november 1960 in Gent en bouwde vanaf de jaren tachtig een veelzijdige loopbaan op als zangeres, presentatrice, actrice en lerares.

Haar kleutertijd speelde zich af in Itterbeek bij Brussel, in een heel klein schooltje dat gehuisvest was in een gebouw dat ooit een café was geweest.

Van die periode herinnerde ze zich later niet erg veel meer.

Dat ze in de buurt van Brussel opgroeide, was zeker geen slechte zaak, want op die manier leerde ze Frans.

Niets spectaculairs voor zover ze wist, behalve dan dat ze uitzinnig blij was als er om tien uur chocolademelk werd uitgedeeld.

Gisteren nog vandaag

De eerste maanden van het eerste leerjaar bracht ze door in Regina Caeli in Dilbeek.

Die allereerste schooldag zou ze nooit vergeten.

Haar vader reisde in die tijd veel en had haar een zakje gegeven met de opdruk British European Airways, wat afgekort BEA was.

Ze ging er uiteraard trots mee naar school, maar toevallig was er een juffrouw die ook Bea heette.

De oudere kinderen begonnen haar direct te pesten, omdat ze dachten dat ze het zakje van juffrouw Bea had gepakt.

Later kreeg haar vader een baan in de buurt van Gent te pakken en verhuisde het gezin.

Ze woonden in Sint-Amandsberg en Oostakker, waardoor Bea het eerste studiejaar afmaakte in Onze-Lieve-Vrouw Visitatie.

Dat viel mee, maar het tweede jaar werd een absolute ramp.

Haar zus ging naar het vierde leerjaar en vreesde voor de strenge juffrouw Georgette. Precies die leerkracht bleek te zijn overgeplaatst naar het tweede leerjaar.

Door alle angstaanjagende verhalen van haar zus had Bea vooraf zoveel schrik dat het nooit meer goed is gekomen.

Het werd een verschrikkelijk streng jaar waarin ze continu last had van buikpijn.

Haar moeder nam haar mee naar de dokter, maar er was lichamelijk niets aan de hand.

Het was puur psychologisch, buikpijn van narigheid.

Daarna volgden Tienen en Diest.

Verhuizen vond ze soms erg vervelend, want het was niet leuk om haar vriendinnetjes op school telkens achter te laten.

Vanaf het derde leerjaar tot het tweede jaar humaniora zat ze op het Koninklijk Lyceum in Tienen.

Daar viel alles weer op zijn pootjes.

De eerste dagen waren wel moeilijk, omdat ze haar vriendinnen in Gent miste; samen met haar jongste zus liep ze de eerste twee dagen huilend rond op de speelplaats.

Toch werd het er uiteindelijk heel plezant. Gelukkig vormden ze thuis een hecht gezin met vijf meisjes die stevig aaneen hingen.

Ze zaten met z’n vijven op dezelfde school, wat de leerkrachten en studiemeesteressen sympathiek vonden en waar Bea van kon profiteren.

Ze was een echte babbelkous, maar omdat ze geen studieproblemen had, werd dat door de vingers gezien.

Ze kreeg wel eens flink wat straf toen ze jeukpoeder mee naar de klas had genomen, maar verder waren er nauwelijks problemen.

Op momenten waarop ze zich verveelde, maakte ze haar tafels van vermenigvuldiging al van tevoren af.

Een specifieke herinnering uit de lagere school staat los van de klaspraktijk, maar bleek achteraf erg belangrijk.

Als jongste van het gezin moest ze altijd de gedragen kleren van haar zussen afdragen, terwijl haar vriendinnetjes steeds nieuwe spullen kregen.

Dat voelde soms oneerlijk.

Achteraf gezien is het doorstaan van die jaloezie heel waardevol geweest, want ze leerde dat kleding eigenlijk niet zo belangrijk is.

Tegenwoordig droeg ze met plezier kledingstukken van haar zussen.

Thuis kregen de zussen vooral Franse muziek mee van hun ouders, zoals Julien Clerc en Gilbert Bécaud.

Haar moeder had voortdurend de Franstalige radio opstaan.

Toen Toppop op de Nederlandse televisie begon, was dat meteen helemaal het einde.

Met haar zussen keek ze elke week en ze waren verzot op Gilbert O’Sullivan.

Ze stonden te dansen voor de televisie en zongen vol overgave mee.

Met haar oudste zus deelde Bea een kamer.

Zij luisterde ’s avonds vaak naar Radio Luxemburg, en op die manier leerde Bea ook Engelstalige muziek kennen.

Het begin van de humaniora verliep bijzonder aangenaam.

Samen met drie vriendinnen met wie ze de plechtige communie had gedaan, volgde ze de lessen zedenleer.

Ze waren slechts met hun vieren en hadden een ontzettend leuke lerares.

De lerares nam de vier meisjes in haar Porsche mee naar de bioscoop, en soms gingen ze tijdens de les iets drinken in het cafetaria van de GB.

Eén keer ontstond er opschudding toen de lerares tijdens een les over voorlichting allerlei hulpmiddelen meebracht om de uitleg te verduidelijken.

Nadat dat uitlekte, reageerden sommige ouders woedend.

Vanaf het derde jaar humaniora belandde Bea door een nieuwe verhuizing op de nonnenschool in Diest.

Dat was een grote overgang, maar achteraf bleek de hoge onderwijskwaliteit erg nuttig.

Het niveau lag zo hoog dat ze na haar eerste overhoring wiskunde slechts een half op twintig haalde.

Dat was een diepe ontgoocheling, maar haar moeder reageerde heel begripvol door te zeggen dat het nog altijd beter was dan een nul.

Die reactie deed deugd en stimuleerde haar om haar best te doen.

In het middelbaar koos ze voor wetenschappen, omdat ze hield van vakken zoals scheikunde en biologie.

Op haar jonge leraar biologie was ze trouwens erg lang verliefd.

Hij was pas afgestudeerd en droeg meestal een zwart fluwelen pak.

Boven haar bed hing een kalender waarop ze op biologiedagen de letters P.V. noteerde, wat verwees naar Piet Verhoeven uit de Dagobertstraat in Leuven.

Ondanks haar liefde voor wetenschappen koos ze daarna toch voor een studie Germaanse talen.

Dat bleek evenwel te hoog gegrepen.

Ze heeft uiteindelijk geen examens meegedaan, maar toch heeft ze in dat jaar veel geleerd.

Ze begon kranten te lezen, raakte geïnteresseerd in politiek en in de wereld om haar heen, én ze leerde haar man kennen.

Het jaar daarop ging ze regentaat studeren.

Ze was erg enthousiast over lesgeven en wilde de perfecte lerares worden.

Ze overwoog sterk om effectief in het onderwijs te stappen, maar begin jaren tachtig waren de banen in die richting dun gezaaid.

Bovendien waren Bea en haar man net begonnen met hun newwaveband Chow-Chow en hadden ze geld nodig.

Haar man was een echte muziekfreak en hoewel hij zelf geen gitaar speelde, wilde hij graag een band beginnen.

Het was de bloeiperiode van de punk, waarin emotie belangrijker was dan perfect spel.

Bea bleek een goede stem te hebben en mocht zingen.

Om geld te verdienen voor de band ging ze op de boekhouding van een bedrijf werken.

Het was een saaie baan, maar het leverde de nodige financiële middelen op.

In 1982 deden ze met Chow-Chow een eerste keer mee aan Humo’s Rock Rally.

Ze kregen toen prima beoordelingen, maar raakten niet in de finale.

Bij hun tweede deelname in 1984 lukte dat wel en bereikten ze de finale.

Als ze later naar die muziek luisterde, vond ze het zeker niet slecht, al hoorde je wel hoe jong en onervaren ze toen nog waren.

Na het ontbinden van die groep gingen ze verder met meer muzikanten: een saxofonist, een tweede gitarist en een keyboardspeler.

Met die uitgebreide bezetting ging Bea als frontvrouw verder onder de naam Won Ton Ton.

Die naam klonk gewoon goed en kwam er ook grafisch mooi uit.

Pas later ontdekten ze dat er ooit een film was gemaakt met de titel Won Ton Ton, maar daar had hun naamkeuze niets mee te maken.

Bea was wel blij dat het om een hond ging, want ze was een grote hondenliefhebber.

Wie Won Ton Ton zegt, denkt onvermijdelijk aan de hit ‘I Lie and I Cheat’ uit 1988, wat een grote Belpop-klassieker werd.

Het nummer bereikte destijds in Vlaanderen de tiende plaats in de BRT Top 30.

Ook in Nederland was de single een succes met een dertiende plaats in de Top 40.

Vandaag is dit een onbetwiste klassieker.

De totstandkoming van dat nummer verliep heel organisch, net als bij hun andere nummers.

De ene muzikant speelde iets, de andere ging erop verder en zo groeide het lied vanzelf.

Ook de tekst ontstond via een hechte samenwerking: Bea begon woorden te zingen en haar man maakte de zinnen af.

De uiteindelijke songtekst gaat over mishandeling, al was dat uiteraard helemaal niet autobiografisch.

Hoewel er destijds zelfs internationale interesse was vanuit de Verenigde Staten, koos ze bewust voor haar gezin nadat ze zwanger werd van haar eerste kind.

In 1996 bracht ze nog het soloalbum Thin Skinned uit, een plaat die ze zelf als een persoonlijk muzikaal hoogtepunt beschouwde.

Eind jaren tachtig werd ze een bekend gezicht voor het brede publiek.

Bij de start van de commerciële zender VTM in 1989 vormde ze samen met Willy Sommers het allereerste presentatieduo van het populaire muziekprogramma Tien om te zien.

Een jaar later maakte ze haar filmdebuut aan de zijde van Urbanus in de kaskraker Koko Flanel, die uitgroeide tot een van de meest succesvolle Vlaamse bioscoopfilms ooit.

Later presenteerde ze onder meer de programma’s Dag Coco, Studio Gaga en het natuurprogramma Rare Streken.

Toch verklaarde ze later dat de schijnwerpers en de roem haar niet altijd even goed lagen.

Ze maakte een stap terug uit de mediawereld en besloot haar regentaatsdiploma te gebruiken om les te geven.

Vanaf 2004 gaf ze als leerkracht Engelse les in de middenschool in Keerbergen.

In juni 2022 werd bij haar de spierziekte ALS vastgesteld.

Bea Van der Maat koos uiteindelijk voor euthanasie en overleed op 27 juli 2023 op 62-jarige leeftijd.

30 jaar geleden, te gast bij de Vlaamse zangeres Bea Van der Maat (De Post 13 september 1991)

Gisteren nog vandaag

Bea Van Der Maat (Joepie januari 1990)

Gisteren nog vandaag

Bea Van Der Maat (1989)

Gisteren nog vandaag

Bea Van Der Maat in de Joepie van 16 juli 1989

Gisteren nog vandaag

Koen Wouters, Willy Sommers, Bea Van Der Maat en Bart Kaëll in de Joepie van 23 juli 1989

Gisteren nog vandaag

Geen sterallures bij Bea Van der Maat en Dani Klein (Joepie 17 april 1988)

Gisteren nog vandaag

Het schoolverleden van Bea Van der Maat (Joepie 5 oktober 1986)

Gisteren nog vandaag

Bea Van Der Maat met het nummer Pain voor de tv-serie Flikken

Gisteren nog vandaag

Burt Blanca, geboren als Norbert Blancke op 6 augustus 1944 in Neder-Over-Heembeek, wordt beschouwd als een van de absolute grondleggers van de rock-‘n-roll in België.

Zijn muzikale reis begon nochtans klassiek; als jong kind volgde hij lessen aan het conservatorium op de accordeon en klarinet.

Die wereld veranderde echter volledig toen hij de Amerikaanse rock-‘n-roll ontdekte.

Geïnspireerd door iconen als Elvis Presley en Bill Haley ruilde hij zijn klassieke instrumenten in voor een gitaar.

In de vroege jaren 60 vormde hij zijn band The King Creoles.

Ze maakten furore met instrumentale nummers die sterk deden denken aan de stijl van The Shadows en The Ventures.

Blanca stond al snel bekend om zijn virtuoze spel op de Fender Stratocaster, wat hem in eigen land de bijnaam de Belgische Elvis opleverde.

Wat zijn carrière echter uniek maakte, was zijn enorme succes over de taalgrens.

In 1961 werd zijn talent opgemerkt door het grote Franse label Pathé-Marconi.

Hij verhuisde naar Parijs, speelde in de legendarische club Golf Drouot en deelde in 1962 het podium van de Olympia met internationale grootheden zoals Gene Vincent.

Toen de muzikale trends in de jaren zeventig veranderden, bleef Blanca trouw aan zijn wortels.

Hij nam in dat decennium verscheidene rock-‘n-roll-albums op met zijn eigen versies van bekende songs uit het genre.

Zijn status als gerespecteerd muzikant werd bevestigd door de artiesten voor wie hij het voorprogramma mocht verzorgen.

Dit waren niet de minsten: hij opende voor legendes als Chuck Berry, Jerry Lee Lewis, Bill Haley, Gary Glitter en de Frans-Belgische rocker Johnny Hallyday.

De jaren tachtig brachten een enorme commerciële heropleving. In het begin van dit decennium ging Burt Blanca een samenwerking aan met Lou Deprijck, de producer achter Plastic Bertrand en Two Man Sound.

Dit resulteerde in de single Touche Pas à Mon R.N.R., waarmee hij de hitlijsten veroverde.

Maar daar bleef het niet bij. In 1983 richtte hij de band The Klaxons op.

Samen met zijn vrienden Jean-Marie Troisfontaine en Roger Verbestel schreef hij de megahit Clap, Clap Sound.

Het nummer werd een fenomenaal succes en haalde in verscheidene landen de top van de hitparade.

In Zuid-Afrika stond de single maar liefst 25 weken op nummer 1.

Het leverde hen verscheidene keren platina en zelfs diamant op.

Ook in het nieuwe millennium bleef hij actief en veelzijdig.

In januari 2004 maakte hij een uitstapje naar televisie door deel te nemen aan de opnamen van de populaire VTM-serie Familie.

Datzelfde jaar was ook op muzikaal vlak bijzonder: in juni 2004 gaf hij opnieuw een concert in de Olympia in Parijs en vierde hij zijn 45-jarige carrière met een optreden in de Ancienne Belgique.

Burt Blanca, inmiddels Ridder in de Orde van Leopold II, blijft de geschiedenis ingaan als de man die de elektrische gitaar in België populariseerde, internationale successen boekte van Parijs tot Zuid-Afrika, en zijn hele leven in dienst stelde van de rock-‘n-roll.

Vandaag, is het exact 35 jaar geleden dat Lynn Wesenbeek, een van Vlaanderens bekendste mediapersoonlijkheden, in het huwelijksbootje stapte met advocaat en voormalig liberaal politicus Geert Versnick.

Samen kregen ze twee dochters, onder wie actrice Lauren Versnick.

Hoewel het koppel in 2001 uit elkaar ging, hebben ze altijd een vriendschappelijke band behouden.

De carrière van Lynn Wesenbeek, geboren in Brasschaat in 1962, werd gelanceerd toen ze in 1987 tot Miss België werd gekroond.

Haar overwinning was de perfecte springplank naar de televisiewereld.

In 1989, bij het opstarten van VTM, werd ze een van de eerste en meest geliefde omroepsters van de zender.

Gedurende 23 jaar was ze een vast gezicht op het scherm en presenteerde ze succesvolle programma’s als “Miss België”, “Royalty” en “De Exclusieve”.

Na haar vertrek bij VTM in 2012 bleef Wesenbeek niet stilzitten.

Ze begon een nieuwe fase als freelance journaliste en moderator en maakte zelfs een opmerkelijke zijstap naar het bedrijfsleven door in 2015 mede de Belgische Federatie voor Robotica op te richten.

In 2018 keerde ze terug naar haar oude liefde, de televisie, als presentatrice van het interviewprogramma “Z-Talk” op Kanaal Z.

In datzelfde jaar schreef ze samen met Kris Colpaert het boek “50 Tinten Wijs”, waarvoor ze tal van bekende leeftijdsgenoten interviewde over het leven na vijftig.

Een volgende verrassende wending kwam er in 2019, toen ze de politieke arena betrad als lijstduwer voor Open Vld bij de Europese verkiezingen.

Ze zette haar televisiewerk op pauze en behaalde een indrukwekkend aantal van ruim 53.000 voorkeurstemmen, wat net niet voldoende was voor een zetel.

Haar politieke engagement kreeg een vervolg toen ze in 2020 door haar partij werd aangesteld als lid van de raad van bestuur van de VRT.

Recentelijk heeft Lynn Wesenbeek een nieuwe, creatieve passie omarmd.

In 2025 richtte ze Studio Saudade op, een project waarmee ze haar zelfgemaakte keramieken hoofden als designobjecten verkoopt, en zo opnieuw een nieuw hoofdstuk aan haar veelzijdige carrière toevoegt.

Gisteren nog vandaag

35 jaar geleden, Hugo Van Den Berghe, pannellid in de Wies Andersen Show.

Hugo Van den Berghe, geboren op 19 juni 1943 in het Oost-Vlaamse Wetteren, zette zijn eerste stappen in de acteerwereld al op jonge leeftijd.

In 1958 sloot hij zich aan bij het liefhebberstoneel ‘Vrank en Vrij’ in zijn geboortedorp.

Zijn talent bleek al vroeg, want nog tijdens zijn theateropleiding aan het conservatorium van Gent presenteerde de toen achttienjarige Van den Berghe het jongerenprogramma ‘Tienerklanken’ (1961-1965).

Na zijn studies debuteerde hij professioneel in ‘De Kleine Johannes’ bij Toneel Vandaag in Brussel.

Opmerkelijk genoeg volgde hij er vrijwel meteen zijn mentor Rudi Van Vlaenderen op als directeur en speelde hij mee in de geruchtmakende productie ‘Thyestes’ van Hugo Claus.

Toch verliet hij Brussel na een jaar voor het Nederlands Toneel Gent (NTG).

Die overstap bleek bepalend, want daar leerde hij niet alleen zijn echtgenote Blanka Heirman kennen, maar bouwde hij ook een indrukwekkende carrière uit.

Zijn talent werd er bekroond met de Oscar De Gruyter-prijs voor zijn rol in ‘Nooit te bereiken’ van Simon Gray.

Als regisseur bij het NTG toonde Van den Berghe een duidelijke voorliefde voor het werk van Cyriel Buysse; maar liefst drie van zijn eerste vier regies waren stukken van deze auteur.

“Ik ben begonnen via zijn meest bekende stuk, ‘Het gezin Van Paemel’, en nadien ben ik hem grondig gaan lezen en ik moet zeggen: ik had daar heel veel binding mee,” lichtte hij die keuze ooit toe.

Zijn regiewerk strekte zich ook uit tot televisie, met onder meer het tv-feuilleton ‘Het gezin van Paemel’ in 1978.

Naast het regisseren bleef hij zelf een gevierd acteur en speelde hij bijvoorbeeld de glansrijke hoofdrol van Dore Maersschalck in “Daar is een mens verdronken” (1983).

Zijn visie als NTG-directeur was helder, zoals bleek uit zijn ‘beginselverklaring’: “Het NTG richt zich ondubbelzinnig naar een jong publiek.

Dit wil zeggen: een publiek dat zich jong voelt, dat openstaat voor de trilling van de tijd, voor vernieuwing, voor avontuur, voor vers talent, voor ongewone visies.

Een publiek dat niet blind is voor wat gebeurt op deze planeet en daarom niet kan zonder de zuurstof van de allesrelativerende humor, ironie en zelfspot.”

Zelfs tijdens zijn drukke directeurschap bij het NTG bleef Van den Berghe een bekend gezicht op televisie.

Op uitnodiging van collega-acteur en VTM-programmadirecteur Mike Verdrengh presenteerde hij programma’s als ‘Sanseveria’ en ‘Kort Vlaams’.

In 1990 nam hij met een rol in ‘Elektra’, geregisseerd door Dirk Tanghe, voor lange tijd afscheid van het theater.

Hij bleef echter zeer actief op het kleine scherm, met rollen in populaire series als ‘Familie’, ‘Flikken’, ‘Recht op Recht’, ‘Spoed’ en ‘Dirk Tanghe’, en bleef ook regisseren voor televisie.

Jarenlang meed hij het schouwburgpodium, tot actrice Chris Lomme hem in 2005 kon overtuigen om terug te keren in het stuk ‘Het licht in de ogen’.

Na een herseninfarct, waar hij redelijk goed van herstelde, vond hij rust in De Haan, waar hij met zijn vrouw naast Koen Crucke woonde.

Toch bleef de passie voor het podium trekken. “Ik kan het acteren niet laten en ik ben zeer blij dat ik het weer doe,” vertelde hij eind 2012 in De Gentenaar.

“Straks kan ik weer op de grote scène staan in Platonov. Ik voel dat ik weer onder de mensen ben.

Na mijn herseninfarct doet dit deugd.” Hij voegde de daad bij het woord en was in 2014 ook nog te zien als bisschop in de film ‘Café Derby’.

De laatste jaren van zijn leven ging zijn gezondheid achteruit.

Acteur en regisseur Hugo Van den Berghe overleed uiteindelijk op 23 februari 2020 op 76-jarige leeftijd in zijn woonplaats De Haan.

Kan een afbeelding zijn van 3 mensen en tekst

Vlaamse radiomaker Peter van Dam, geboren als Peter Nijdens, is de stem van Vtm

Peter van Dam was een radio-icoon wiens carrière leest als een avonturenroman. Zijn verhaal begon in 1972 op zee aan boord van de MV Mi Amigo, waar hij als dj Peter Brian te horen was voor zeezenders als Radio Caroline, Radio Atlantis en Radio Mi Amigo.

Zijn piratenbestaan werd in 1975 abrupt onderbroken toen de Belgische politie het zendschip binnenviel.

Van Dam werd opgepakt en zat zeven dagen in de cel, maar keerde direct daarna terug naar het schip om weer live programma’s te maken.

Eind jaren zeventig verliet hij de zeezenders en maakte hij de overstap naar de Nederlandse publieke omroep.

Op Hilversum 3 werkte hij voor grote zenders als de TROS, AVRO en KRO. Tegelijkertijd werd hij in Vlaanderen een bekende stem als voice-over voor de commerciële zender VTM.

De ondernemer in hem kwam boven in 1997, toen hij medeoprichter was van Radio Flandria.

Omdat kabelradio in België nog verboden was, werd er noodgedwongen uitgezonden vanuit Luxemburg. Het avontuur was echter van korte duur.

Later werkte hij voor diverse stations als NRJ, Radio 192 en Royaal FM.

Zijn bekendste programma, ‘Manneke Pop’, werd een rode draad door het laatste deel van zijn carrière.

Hij zond de show uit via verschillende kanalen, waaronder een eigen webstream.

In de zomermaanden presenteerde hij het programma zelfs vanuit zijn ‘Studio Zeezicht’ op het Griekse eiland Karpathos, waar hij ook het toeristenstation Karpathos FM oprichtte.

In 2016 was de cirkel rond toen hij terugkeerde bij Radio Mi Amigo International.

Peter van Dam overleed op 6 januari 2018 op 65-jarige leeftijd aan de gevolgen van kanker (Story 15 juli 1990)

Vlaamse zanger John Horton, te gast bij Peter Van Dam, bij Radio Amigo (Joepie 23 juli 1975)

Vandaag, 35 jaar geleden, presenteerde de Vlaamse journaliste en televisiepresentatrice Lynn Wesenbeek voor de eerste keer de Nu of nooit Show.

Daarin ging Lynn Wesenbeek al dansend en zingend op zoek naar een “all-round performer” voor VTM.

In het programma zagen we o.a. wijlen Yasmine, Luc Caals en Dieter Troubleyn, maar van de winnaar heeft men nooit meer iets gehoord.

In Nederland heette de show trouwens “Showmasters” en presenteerde Sandra Reemer, ooit assistente van Jos Brink in Wedden Dat?

Lynn Wesenbeek (echte voornaam Linda) werd geboren op 3 november 1962 in Brasschaat.

Wesenbeek studeerde Communicatie aan de UFSIA (nu Universiteit Antwerpen).

Wesenbeek wint de Miss België verkiezing in 1987.

Ze start haar televisiecarrière bij VTM in 1989 als omroepster, waar ze meteen in het oog springt.

Ze presenteert verschillende programma’s, waaronder “Miss België”, “Royalty” en “De Exclusieve”.

Lynn Wesenbeek was getrouwd met Geert Versnick en hebben twee dochters, waaronder actrice Lauren Versnick.

Ze scheidden in 2001.

Wesenbeek verlaat in 212 de VTM na 23 jaar.

Vanaf dan werkte ze als freelance journaliste en moderator.

Vanaf 2018 presenteerde ze het programma “Z-Talk” op Kanaal Z.

Wesenbeek is ook actief als communicatieconsultant en stemcoach.

Gisteren nog vandaag

35 jaar geleden, de quiz cijfers en letters op Vtm.

Het programma, dat zijn oorsprong vond in Frankrijk onder de naam ‘Des Chiffres et des Lettres’, werd in Vlaanderen gepresenteerd door Zaki, ook bekend als Jackie Dewaele.

De eerste uitzending vond plaats op 2 februari 1989, wat het een van de eerste programma’s maakte van de toen nieuwe commerciële zender.

‘Cijfers en Letters’ was een spelprogramma dat bestond uit twee onderdelen: een rekenkundig gedeelte en een taalkundig gedeelte, waarbij deelnemers respectievelijk numerieke en taalkundige uitdagingen aangingen.

Het programma genoot populariteit tot het in 1993 van de buis verdween.

Naast Zaki waren Walter De Meyere en Carine Van de Ven betrokken als assistenten voor de cijfer- en letterrondes.

Het programma had ook een jeugdversie met Stany Crets als presentator.

Ondanks dat de televisie-uitzendingen stopten, bleef de interesse in het spel bestaan, wat leidde tot de oprichting van verschillende Cijfers- en Lettersclubs, waarvan sommige tot op heden nog actief zijn.