
30 jaar geleden, reclame voor het album Stray van Aztec Camera (juli 1990)

Foto's, en reportages en voor 95 % niet terug te vinden op Google uit ons ver verleden, over Gent, Vlaanderen, film, muziek, sport, politiek en zoveel meer uit tijdschriften en kranten en jaarboeken. Vanaf de jaren 1900 tot en met gisteren. Meer foto's en artikelen terug te vinden op onze Fb groep Gisteren nog vandaag en de Fb groep Weetjes over popmuziek




Samen met Marcel Mayer, Roger Wittewrongel en Antoon de Clercq behoorde Maurice de Clercq tot de belangrijkste vertegenwoordigers van het hyperrealisme in Vlaanderen.
Het hyperrealisme is als stroming in de schilderkunst in het begin van de jaren zeventig vanuit Amerika naar Europa overgewaaid.
Zo was hij voor het eerst te zien op de zevende Biënnale der Jongeren te Parijs in 1971 en op de vijfde Documenta te Kassel in 1972.
Hij had gewoon de term ‘hyperrealisme’ tijdens een gesprek opgevangen en onmiddellijk stond hem voor ogen hoe hij voortaan zou schilderen.
Het woord zelf werkte op een wonderlijke wijze inspirerend. Het was een revelatie voor de schilder, die steeds aan de spits van de avant-garde had gestaan.
Een schilder als Maurice de Clercq spitst zijn aandacht toe op het detail.
Niet alleen zijn de onderwerpen typisch Vlaams, maar ook de sfeer van deze werken is helemaal anders.
Maurice de Clercq vraagt steeds de aandacht voor één enkel voorwerp, dat volledig op de voorgrond wordt gebracht: een oude verroeste pomp, een vermolmd houten poortje met een hangslot, een plas water op de weg, een dweil die aan een touw te drogen hangt, een tafelkleed vol vouwen, een stuk buis.
Het allereenvoudigste voorwerp wordt uit de banaliteit geheven en tot kunstwerk gepromoveerd.
Het spreekt vanzelf dat alleen een echte kunstenaar daarin slaagt.
En Maurice de Clercq behoorde daar ongetwijfeld toe, ook al heeft hij in zijn geboortestad Gent steeds weinig erkenning gekregen.
Zoals voor vele anderen moest die erkenning ook weer uit het buitenland komen.
Aan de academie in Gent studeerde hij samen met Roger Raveel, Pierre Vlerick, Antoon de Clercq en Camille D’havé.
Hij kreeg er les van Jos Verdegem.
Het typisch Vlaamse karakter van Maurice de Clercqs hyperrealisme verklaart ongetwijfeld zijn succes in het buitenland.
De werkelijkheid was voor hem spannender geworden dan de rijkste fantasie.(Diverse bronnen, Ons Erfdeel nr 24, 1981 en De Post 6 juli 1980)


























Rubirosa kwam vaak in de roddelpers als playboy en hij heeft affaires gehad met Dolores del Río, Eartha Kitt, Marilyn Monroe, Ava Gardner, Rita Hayworth, Soraya Esfandiary, Peggy Hopkins Joyce, Joan Crawford, Veronica Lake, Kim Novak, Judy Garland, Eva Peron en Zsa Zsa Gabor.
Volgens de legende had Rubirosa een erg grote penis.
In Parijs worden de grote pepermolens daarom Rubirosa’s genoemd.
Rubirosa huwde vijf keer maar had geen kinderen.
Uit zijn huwelijken met de Amerikaanse erfgenamen hield hij veel geld over.
Flor de Oro Trujillo, dochter van Rafael Trujillo, (1932–1938)
Danielle Darrieux, Franse actrice, (1942-1947)
Doris Duke, Amerikaanse erfgename (1947-1948)
Barbara Hutton, Amerikaanse erfgename (1953-1954)
Odile Rodin, Franse actrice (1956-1965)
Rubirosa werd geboren als derde en jongste kind van een gezin uit de hogere middenklasse.
In 1915 werd zijn vader ambassadeur van de Dominicaanse Republiek in Parijs, waar hij verder opgroeide.
Op 17-jarige leeftijd keerde hij terug naar zijn vaderland om rechten te studeren, maar schreef zich al snel in bij het leger.
In 1931 leerde hij dictator Rafael Trujillo kennen en in 1936 werd hij diplomaat namens zijn land.
Tijdens Olympische Spelen van 1936 werd hij naar Berlijn gestuurd en later naar Parijs.
Hij werkte ook voor de ambassades in Vichy, Buenos Aires, Rome, Havana (waar de Cubaanse Revolutie begon) en Brussel.
Na de Tweede Wereldoorlog speelde hij veel polo en richtte zelfs een eigen team op. Ook was hij geïnteresseerd in raceauto’s.
Na de moord op Trujillo in 1961 nam diens zoon Ramfis de macht over.
Rubirosa lobbyde bij John F. Kennedy om Ramfis te steunen.
Nadat de familie Trujillo het land ontvluchtte, kwam ook een einde aan de carrière van Rubirosa.
Rubirosa overleed vroeg in de ochtend van 5 juli 1965 toen zijn zilveren Ferrari 250 crashte tegen een boom in het Bois de Boulogne na een avondje feesten in een nachtclub waar hij vierde dat hij met zijn poloteam de Coup de France gewonnen had.(Diverse bronnen, Wikipedia en foto Porfirio Rubirosa met zijn vrouw de Franse actrice Odile Rodin in Brussel)


Van Mechelen was de zoon van een douanier.
Hij volgde van 1935 tot 1941 humaniora aan het Sint-Victorinstituut van Turnhout en ging vervolgens een kandidatuur burgerlijk ingenieur volgen aan de Katholieke Universiteit Leuven.
Hij promoveerde er in 1945 tot doctor in de sociale wetenschappen en in 1952 tot baccalaureus in de thomistische wijsbegeerte.
Tijdens zijn middelbare studies was Van Mechelen van 1938 tot 1941 bondssecretaris van de KSA-afdeling van Turnhout.
In Leuven was hij bestuurslid van het Katholiek Vlaams Hoogstudentenverbond en schreef hij bijdragen voor De Goedendag, het overkoepelende tijdschrift van de Vlaamsgezinde studentenverenigingen.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog was hij lid van het Dietsch Studenten Keurfront, waardoor hij na de Bevrijding drie weken werd opgesloten.
Van 1950 tot 1951 werkte hij als redactiesecretaris bij het Brusselse dagblad Het Nieuws van den Dag.
Daarna werkte hij enkele jaren als ambtenaar op het ministerie van Arbeid en werd hij in 1954 docent en in 1958 hoogleraar aan de KU Leuven.
Hij doceerde er tot in 1988 demografie en methodiek van het sociaal onderzoek.
In 1947 nam hij het initiatief tot de oprichting van het solidaristische weekblad Branding en ook publiceerde hij talrijke bijdragen in tijdschriften en dagbladen zoals De Standaard, rond werkverschaffing in Vlaanderen, de vernederlandsing van het bedrijfsleven en het gebruik van het Algemeen Nederlands.
Voorts was hij vanaf 1950 stichtend lid van de Stichting Lodewijk de Raet en in 1964 medeoprichter van de Vereniging van Vlaamse Professoren.
Van 1960 tot aan zijn dood in 2000 was Frans Van Mechelen voorzitter van de Bond van de Grote en Jonge Gezinnen.
In de jaren 1960 werd hij politiek actief voor de CVP, waar hij een vertegenwoordiger was van het Algemeen Christelijk Werknemersverbond.
Van 1965 tot 1976 zetelde Van Mechelen voor het arrondissement Turnhout in de Kamer van volksvertegenwoordigers.
In de periode december 1971-mei 1976 had hij als gevolg van het toen bestaande dubbelmandaat ook zitting in de Cultuurraad voor de Nederlandse Cultuurgemeenschap, die op 7 december 1971 werd geïnstalleerd en de verre voorloper is van het Vlaams Parlement.
Als politicus ijverde hij steeds voor nauwe banden met Nederland. Ook werd hij in de jaren 1990 voorstander van een verre federalisering, ook inzake sociale zekerheid.
Van Mechelen was van 1968 tot 1972 Minister van Nederlandse Cultuur in de Regering-G. Eyskens V.
Onder zijn impuls werden vele Vlaamse cultuurcentra uitgebouwd, onder meer in de Vlaamse Rand rond Brussel.
Niet geheel verwonderlijk was het cultureel centrum De Warande in Turnhout een van de eerste. (Diverse bronnen, Wikipedia en foto’s 1970)






De leden van de groep Bowling Balls zijn Bert Bertrand, Fernand Ball, Fred Jannin en Thierry Culliford.
