Foto's, en reportages en voor 95 % niet terug te vinden op Google uit ons ver verleden, over Gent, Vlaanderen, film, muziek, sport, politiek en zoveel meer uit tijdschriften en kranten en jaarboeken. Vanaf de jaren 1900 tot en met gisteren. Meer foto's en artikelen terug te vinden op onze Fb groep Gisteren nog vandaag en de Fb groep Weetjes over popmuziek
Behalve Little Steven zelf waren dat Afrika Bambaataa, Ray Barretto, Stiv Bators, Pat Benatar, Big Youth, Ruben Blades, Kurtis Blow, Bono, Jackson Browne, Ron Carter, Clarence Clemons, Jimmy Cliff, George Clinton, Miles Davis, Bob Dylan, The Fat Boys, Peter Gabriel, Peter Garrett, Bob Geldof, Lotti Golden, Hall & Oates, Herbie Hancock, Daryl Hannah, Nona Hendryx, Eddie Kendricks, Kool DJ Herc, Darlene Love, Melle Mel, Michael Monroe, Bonnie Raitt, Joey Ramone, Lou Reed, Keith Richards, David Ruffin, Run-D.M.C., Gil Scott-Heron, Lakshminarayana Shankar, Zak Starkey, Ringo Starr, Peter Wolf, Bobby Womack en Ronnie Wood.
De groep keerde zich tegen de apartheid in Zuid-Afrika en nam het album Sun City op, waarvan de gelijknamige single werd uitgebracht.
In dit nummer verklaarden de artiesten dat ze nooit zouden spelen in Sun City, een luxe resort in Zuid-Afrika waar alleen de blanke elite welkom was.
Ook de politiek van de Amerikaanse president Ronald Reagan ten aanzien van het blanke regime in Zuid-Afrika, door hemzelf als constructive engagement aangeduid, werd bekritiseerd.
In Little Stevens thuisland Amerika werd Sun City slechts een bescheiden hit, in landen als Vlaanderen, Nederland, Australië en Canada gooide het hogere ogen.
De single was in Vlaanderen en Nederland goed voor een vierde plaats in de hitparade.
Het nummer werd verboden in Zuid-Afrika.
De opbrengst van het album en de single was zo’n 1 miljoen dollar en werd bestemd aan projecten tegen apartheid, waaronder steun voor politieke gevangenen in Zuid-Afrika. (Diverse bronnen, Wikipedia en Joepie)
35 jaar geleden, Sun City, artiesten verenigd tegen apartheid.
35 jaar geleden, Sun City, artiesten verenigd tegen apartheid.
Anthierens was de oudste broer van Johan en Karel Anthierens.
Hij studeerde Germaanse filologie aan de Katholieke Universiteit Leuven.
Begin jaren vijftig werd Anthierens hoofdredacteur voor Humoradio, de Vlaamse versie van het populaire weekblad Le Moustique.
Het blad bevatte toen een gedetailleerd overzicht van de radioprogramma’s, feuilletons, moppen en cartoons getekend door Morris, de tekenaar van Lucky Luke.
Toen Anthierens voor het blad begon, had Paul Dupuis de macht over de drukkerij, terwijl zijn broer Charles de redactie verzorgde en de Nederlandse vertaling door zijn zwager, de ingetrouwde Nederlander René Matthews.
Anthierens werkte er nog maar net toen het bedrijf van Marcinelle naar de Centrumgalerij in Brussel verhuisde, waar de sfeer veel bruisender was.
De Nederlander Jan Kuypers zorgde toen voor de Nederlandse vertaling van hun weekbladen.
Anthierens werd spoedig een van de meest actieve journalisten voor het blad.
Hij reisde de wereld rond, wat voor Vlaamse journalisten in die jaren nog uitzonderlijk was, en maakte naam met een reeks over vliegende schotels.
Deze reeks zorgde dat hij gevraagd werd voor talloze lezingen en ook professor John Van Waterschoots aandacht trok.
Van Waterschoot vond deze artikels zo interessant dat hij ufoloog werd.
Vanwege zijn succes werd Anthierens tot hoofdredacteur van Humoradio benoemd.
In deze functie introduceerde hij rubrieken die vandaag nog steeds in Humo staan: de brievenrubriek Open Venster en de televisiekritiek Dwarskijker, die toen nog door Willy Courteaux werd verzorgd.
Ook het grote interview van de week, Humo sprak met… werd door Anthierens bedacht en maakte meteen een grote start via de interviews met minister Renaat Van Elslande en auteur Hugo Claus.
Anthierens zorgde ervoor dat Humo uitgroeide tot een volwaardig blad dat niet zuiver een flauw doorslagje van Le Moustique was.
Ook kortte hij in 1958 de naam van het blad in tot Humo.
Hij legde zelfs de basis van de rock-‘n-roll-reputatie van het blad door artikels rond dit muziekgenre toe te staan en achteraan in het blad hitteksten af te drukken.
Onder het pseudoniem Bert Brem schreef hij een biografie over Elvis Presley.
Voor die tijd gevoelige thema’s als homoseksualiteit werden bespreekbaar gemaakt en de wijze waarop het Standaardnederlands werd gehanteerd werd spoedig ook door andere bladen overgenomen.
Dupuis was zo tevreden over zijn werk dat Anthierens tot algemeen hoofdredacteur werd benoemd, waardoor hij ook baas werd van de Franstalige publicaties.
Eind 1968 besloot hij echter hoofdredacteur te worden van Panorama en later van De Post, Spectator, Sportmagazine. In de jaren tachtig richtte hij het tijdschrift Eos op, waarvan hij eveneens hoofdredacteur werd.
Anthierens verloor echter veel van zijn werkvreugde en dreef op politiek vlak steeds meer af naar extreemrechts.
Zo begon hij in 1976 voor het blad ’t Pallieterke te werken en de pro-apartheidsvereniging Protea, waarvan hij tevens stichtend lid was.
Hij vond ten slotte enkel nog plezier in de publicatie van diverse handboeken, zoals een Nederlands synoniemenwoordenboek.
Hij heeft ook tien jaar voor de Vlaamse televisie gewerkt.
Anthierens overleed op 74-jarige leeftijd in het Brusselse AZ-ziekenhuis aan een hersenbloeding, die hij twee weken eerder in Spanje had gekregen. (Diverse bronnen, Wikipedia en foto’s De Post 25 oktober 1990)
Anthierens was de oudste broer van Johan en Karel Anthierens.
Hij studeerde Germaanse filologie aan de Katholieke Universiteit Leuven.
Begin jaren vijftig werd Anthierens hoofdredacteur voor Humoradio, de Vlaamse versie van het populaire weekblad Le Moustique.
Het blad bevatte toen een gedetailleerd overzicht van de radioprogramma’s, feuilletons, moppen en cartoons getekend door Morris, de tekenaar van Lucky Luke.
Toen Anthierens voor het blad begon, had Paul Dupuis de macht over de drukkerij, terwijl zijn broer Charles de redactie verzorgde en de Nederlandse vertaling door zijn zwager, de ingetrouwde Nederlander René Matthews.
Anthierens werkte er nog maar net toen het bedrijf van Marcinelle naar de Centrumgalerij in Brussel verhuisde, waar de sfeer veel bruisender was.
De Nederlander Jan Kuypers zorgde toen voor de Nederlandse vertaling van hun weekbladen.
Anthierens werd spoedig een van de meest actieve journalisten voor het blad. Hij reisde de wereld rond, wat voor Vlaamse journalisten in die jaren nog uitzonderlijk was, en maakte naam met een reeks over vliegende schotels.
Deze reeks zorgde dat hij gevraagd werd voor talloze lezingen en ook professor John Van Waterschoots aandacht trok.
Van Waterschoot vond deze artikels zo interessant dat hij ufoloog werd.
Vanwege zijn succes werd Anthierens tot hoofdredacteur van Humoradio benoemd.
In deze functie introduceerde hij rubrieken die vandaag nog steeds in Humo staan: de brievenrubriek Open Venster en de televisiekritiek Dwarskijker, die toen nog door Willy Courteaux werd verzorgd.
Ook het grote interview van de week, Humo sprak met… werd door Anthierens bedacht en maakte meteen een grote start via de interviews met minister Renaat Van Elslande en auteur Hugo Claus. Anthierens zorgde ervoor dat Humo uitgroeide tot een volwaardig blad dat niet zuiver een flauw doorslagje van Le Moustique was.
Ook kortte hij in 1958 de naam van het blad in tot Humo.
Hij legde zelfs de basis van de rock-‘n-roll-reputatie van het blad door artikels rond dit muziekgenre toe te staan en achteraan in het blad hitteksten af te drukken.
Onder het pseudoniem Bert Brem schreef hij een biografie over Elvis Presley.
Voor die tijd gevoelige thema’s als homoseksualiteit werden bespreekbaar gemaakt en de wijze waarop het Standaardnederlands werd gehanteerd werd spoedig ook door andere bladen overgenomen.
Dupuis was zo tevreden over zijn werk dat Anthierens tot algemeen hoofdredacteur werd benoemd, waardoor hij ook baas werd van de Franstalige publicaties.
Eind 1968 besloot hij echter hoofdredacteur te worden van Panorama en later van De Post, Spectator, Sportmagazine.
In de jaren tachtig richtte hij het tijdschrift Eos op, waarvan hij eveneens hoofdredacteur werd.
Anthierens verloor echter veel van zijn werkvreugde en dreef op politiek vlak steeds meer af naar extreemrechts.
Zo begon hij in 1976 voor het blad ’t Pallieterke te werken en de pro-apartheidsvereniging Protea, waarvan hij tevens stichtend lid was.
Hij vond ten slotte enkel nog plezier in de publicatie van diverse handboeken, zoals een Nederlands synoniemenwoordenboek.
Hij heeft ook tien jaar voor de Vlaamse televisie gewerkt.
Anthierens overleed op 74-jarige leeftijd in het Brusselse AZ-ziekenhuis aan een hersenbloeding, die hij twee weken eerder in Spanje had gekregen. (Diverse bronnen, Wikipedia en foto’s De Post 25 oktober 1990)
Vandaag is het ook al 21 jaar geleden dat de Vlaamse journalist en hoofdredacteur Jef Anthierens is overleden.Vandaag is het ook al 21 jaar geleden dat de Vlaamse journalist en hoofdredacteur Jef Anthierens is overleden.Vandaag is het ook al 21 jaar geleden dat de Vlaamse journalist en hoofdredacteur Jef Anthierens is overleden.Vandaag is het ook al 21 jaar geleden dat de Vlaamse journalist en hoofdredacteur Jef Anthierens is overleden.