
Vandaag 30 jaar geleden, feest bij de zevende dag

Foto's, en reportages en voor 95 % niet terug te vinden op Google uit ons ver verleden, over Gent, Vlaanderen, film, muziek, sport, politiek en zoveel meer uit tijdschriften en kranten en jaarboeken. Vanaf de jaren 1900 tot en met gisteren. Meer foto's en artikelen terug te vinden op onze Fb groep Gisteren nog vandaag en de Fb groep Weetjes over popmuziek


Marcel Cerdan geboren in Algerije, begon al op de leeftijd van acht jaar te boksen
Op de leeftijd van 18 jaar vocht hij te Meknes zijn eerste wedstrijd als beroepsbokser.
Marcel Cerdan diende in het vreemdelingenlegioen met stamnummer 60.140 – 1948.
Op 27 januari 1943 trouwde hij met Marinette Lopez en samen kregen ze drie zonen: Marcel Cerdan Jr (4 december 1943), René (1 april 1945) en Paul (1 oktober 1949).
Hij verhuisde naar Parijs en werd er vijfmaal kampioen van Frankrijk en vier keer Europees kampioen.
Op 21 september 1948 werd hij wereldkampioen door Tony Zale te verslaan in de twaalfde ronde.
Rond die tijd werd hij de minnaar van de zangeres Édith Piaf.
Op 16 juni 1949 versloeg Jake LaMotta hem te Detroit.
Een revanche was gepland op 2 december 1949 in Madison Square Garden te New York.
Op 27 oktober 1949 ging Cerdan aan boord van een Lockheed Constellation om van Parijs naar New York te vliegen.
Het vliegtuig stortte in de nacht van 27 op 28 neer op de Pico de Vara, een berg op het eiland São Miguel van de Azoren.
Alle 48 inzittenden kwamen om bij deze vliegtuigramp.(Diverse bronnen en Wikipedia)







De National Bell Telephone Company werd gesticht in Schotland door Graham Bell in 1877.
In 1880 splitste de American Bell Telephone Company zich van het bedrijf af.
De International Bell Telephone Company startte in 1882 zijn eerste buitenlandse vestiging in Antwerpen onder de naam Bell Telephone Manufacturing Company.
Het nieuwe bedrijf had zijn administratieve zetel in de Dambruggestraat gedelegeerd bestuurder was Francis Welles.
Nog datzelfde jaar werden de eerste eigen gebouwen met kantoren, magazijn en atelier, opgericht aan de noordzijde van de Boudewijnsstraat naar ontwerp van J.L. Hasse.
Hij gebruikte daarbij een baksteenarchitectuur met eclectische, neorenaissance- of neotraditionele stijlelementen.
In 1887 werd aan de zuidzijde van de Boudewijnsstraat een terrein gekocht voor de verdere uitbreiding van het complex.
Hasse bleef de vaste architect van de firma en zorgde voor de uitbouw van de succesvolle fabriek aan beide zijden van de Boudewijnsstraat.
In 1896-1897 werd aan de zuidzijde van de Boudewijnsstraat, op de huidige locatie van de gebouwen, een nieuwe fabriek gebouwd met bijhorende ateliers en een smidse.
Dit is het oudste nog bewaarde deel van de fabriek, in de zuidoostelijke hoek van het bouwblok.
De uitbreidingen, wijzigingen en vernieuwingen volgden elkaar in hoog tempo op.
In 1909 werd de eerste brug over de Boudewijnsstraat geslagen tussen de verschillende bouwblokken.
Het pronkstuk van het bedrijf is de opvallende, 58 meter hoge toren uitkijkend over de Bresstraat, opgetrokken rond 1953.
Het gebouw herbergde burelen en een administratief centrum van de firma en is een belangrijke realisatie van architect Hugo Van Kuyck.
Hij realiseerde ook het in de Sint-Laureisstraat tegen de toren aangebouwde kantoorgebouw, aansluitend bij de stijl en de bouwhoogte van de bestaande gebouwen.
Begin jaren ’70 werkten er ongeveer 15.000 mensen.
In 2006 kocht de stad Antwerpen het complex en liet het renoveren als centraal administratief centrum van de stad Antwerpen.(Diverse bronnen, Wikipedia en De Post 25 juni 1950)




Door opzoekingen kwam ik te weten dat ze de dochter was Riad Al Solh.
Solh was tweemaal premier van Libanon.
Zijn eerste termijn was net na de onafhankelijkheid van Libanon (25 september 1943 – 10 januari 1945) en van 14 december 1946 tot 14 februari 1951.
Hij bekeerde zich in het geheim tot de sjiitische islam, omdat, in vergelijking met de soennitische islam, de erfrechtwetten ervan hielden dat zijn dochters, zijn enige kinderen, een groter deel van zijn rijkdom konden erven.
Op 17 juli 1951 werd hij vermoord door leden van de Syrian Social Nationalist Party.
Al Solh was getrouwd met Fayza Al Jabiri, de zus van tweevoudig premier van Syrië, Saadallah al-Jabiri.
Ze kregen vijf dochters en een zoon, Reda, die op jonge leeftijd stierf.
Zijn oudste dochter, Aliya (1935–2007), zette haar vaders pad voort in de strijd voor een vrij en veilig Libanon.
Aliya propageerde het rijke culturele erfgoed van Libanon in het buitenland tot aan haar dood in Parijs.
Lamia Al Solh (geboren in 1937) is getrouwd met wijlen prins Moulay Abdallah van Marokko, de oom van koning Mohammed VI. Haar kinderen zijn Moulay Hicham, Moulay Ismail en een dochter Lalla Zineb.
Bahija Al Solh Assad is getrouwd met Said Al Assad, de voormalige Libanese ambassadeur in Zwitserland en een voormalig parlementslid. Ze hebben twee zonen en twee dochters.
Zijn jongste dochter, Leila Al Solh Hamade, werd aangesteld als een van de eerste twee vrouwelijke ministers in de regering van Omar Karami.
En dan nu over de vrouw op foto, zijn andere dochter Mona Al Solh die was getrouwd met de Saoedische prins Talal bin Abdulaziz.
Talal bin Abdulaziz was de broer van koning Salman en werd ook wel de ’rode prins’ genoemd en dit voor zijn liberale standpunten.
Hij was onder andere minister van Communicatie en van Financiën en Economie.
Hij leefde in de jaren zestig enige tijd in ballingschap nadat hij openlijk kritiek had geuit op het bewind in Saudi-Arabië.
Ze kregen drie kinderen:
Prinse Al Waleed bin Talal (Al-Waleed was de grootste individuele aandeelhouder van Citigroup, de op één na grootste stemgerechtigde aandeelhouder in 21st Century Fox en is eigenaar van het Hotel George V in Parijs.
Time, noemde hem de “Arabian Warren Buffett”.
In november 2017 noemde Forbes Al-Waleed de 7e rijkste man ter wereld, met een nettowaarde van $ 39,8 miljard.).
Enkele dagen na het verschijnen van dit artikel, werden hij en andere prominente Saoedi’s (waaronder mede-miljardairs Waleed bin Ibrahim, Al Ibrahim en Saleh Abdullah Kamel) gearresteerd in Saoedi-Arabië.
Dit als teken van de Saoedische regering om een einde te maken aan de corruptie. Volgens andere een zuivering binnen de koninklijke familie.
Al-Waleed werd op 27 januari 2018 vrijgelaten uit de gevangenis, na een soort financiële regeling, na bijna drie maanden in detentie.
In maart 2018 werd hij van de lijst van miljardairs ter wereld geschrapt vanwege een gebrek aan actuele informatie.
Prinse Khalid bin Talal werd in december 2017 gearresteerd, omdat hij zich verzette tegen het besluit van de regering om de arrestatiebevoegdheid van de islamitische religieuze politie te verwijderen.
Na bijna een jaar, in november 2018, werd hij vrijgelaten uit de gevangenis.
Naar verluidt werd hij vier dagen na de dood van zijn vader eind december 2018 opnieuw gearresteerd.
Van zijn dochter Princess Reema kan ik niets terug vinden.
Het huwelijk tussen Talal bin Abdulaziz en Mona Al Solh eindigde in 1968.
Hoe het dan verder ging met Mona Al Solh, kan ik helaas ook niet vertellen.
Betreft haar man, de Saoedische prins Talal bin Abdulaziz.
Hij trouwde nog twee keer en had uiteindelijk vijftien kinderen, negen zonen en zes dochters.
Zijn zonen zijn Faisal (overleden 1991), Al Waleed, Khaled, Turki, Abdulaziz, Abdul Rahman, Mansour, Mohammed en Mashour.
Zijn dochters zijn Reema, Sara, Noura, Al Joharah, Hibatallah en Maha.
Zijn dochter Sara heeft op 7 juli 2012 politiek asiel aangevraagd in het Verenigd Koninkrijk vanwege de angst voor haar veiligheid in Saoedi-Arabië.
Prins Talal bin Abdul Aziz Al Saud stierf op 22 december 2018.

Op dit album staat de sterke cover While My Guitar Gently Weeps geschreven door George Harrison (The Beatles) in 1968.
In 2006 kwam er een remix uit van dit nummer met een mooie clip erbij.
De remix gebeurde door George Martin en zijn zoon en is terug te vinden op het album Love.
Het album was goed voor twee Grammy’s in 2008.
Cirque du Soleil gebruikte de muziek van dit album voor een show met als thema The Beatles.
Het idee van een show was trouwens een idee van George Harrison. Hij had namelijk een goede relatie met de oprichter Guy Laliberté van Cirque du Soleil.
Deze show heeft George Harrison nooit kunnen zien, gezien hij vijf jaar daarvoor al gestorven was.
While My Guitar Gently Weeps staat op de 135ste positie op 500 Greatest Songs of All Time van Rolling Stone en op de zevende plek op hun lijst van ‘100 Greatest Guitar Songs of All Time'(Diverse bronnen en Wikipedia)




