65 jaar geleden, reclame voor Knäckebröd van het merk Verkade

Knäckebröd, of “knackebrod”, is een dun, krokant en lang houdbaar broodproduct dat van oorsprong uit Scandinavië komt.

Het wordt gemaakt van roggemeel, kort en heet gebakken, en daarna gedroogd, waardoor het een laag vochtgehalte heeft.

De naam is Zweeds en betekent letterlijk “breekbrood”. Er zijn veel variaties op het klassieke recept, zoals met sesam, spelt of vijgen.

Vandaag is het precies 60 jaar geleden dat de BRT de eerste aflevering van ‘Johan en de Alverman’ uitzond.

Deze jeugdreeks groeide uit tot een onvergetelijk stuk Vlaamse televisiegeschiedenis en werd onmiddellijk ontzettend populair.

De serie vertelt het verhaal van Johan Claeszoons, een jonge chirurgijn gespeeld door Frank Aendenboom, die rond 1650 in het Nekkersbos een bijzonder mannetje ontmoet.

Dit wezentje, vertolkt door Jef Cassiers, blijkt een alverman te zijn die door zijn koning uit de mythische wereld Avalon is verbannen.

Zijn straf voor nieuwsgierigheid is dat hij pas mag terugkeren als hij iets vindt dat van nut kan zijn voor zijn volk.

Zijn onverstaanbare taal klonk als “mallapatta kling kling!”. Gelukkig staan zijn magische fluit en toverring Fafifoerniek hem bij tijdens zijn avonturen in de mensenwereld.

Het succes van de reeks was te danken aan een combinatie van factoren.

De verzorgde opnamen op historische locaties zoals het Kasteel van Gaasbeek, de mergelgrotten van Folx-les-Caves en het openluchtmuseum van Bokrijk gaven de serie een authentieke en magische sfeer.

Ook de muziek speelde een cruciale rol. Het thema, dat als een leidmotief door het verhaal verweven zit, versterkte de sfeer aanzienlijk.

Zoals wel vaker in die tijd, leende componist Pieter Verlinden de muziek uit een bestaande filmscore: ‘The Duchess of Brighton’ van Miklós Rózsa.

Een bijzonder detail is dat de chemie tussen de hoofdrolspelers ook buiten de set oversloeg: acteur Frank Aendenboom trouwde in het echt met zijn tegenspeelster Rosemarie Bergmans, die in de serie de rol van Rosita speelde.

De populariteit van ‘Johan en de Alverman’ beperkte zich niet tot Vlaanderen.

De serie werd ook in Nederland en Italië uitgezonden en is later meermaals herdrukt als boek en uitgebracht op dvd.

Mede door de sterke acteursregie van Senne Rouffaer en de beeldregie van Bert Struys, wordt de reeks nog steeds beschouwd als een van de beste jeugdproducties die de BRT ooit heeft gemaakt.

65 jaar geleden, reclame voor bloedwijn van het merk Pleegzuster.

Het was ooit een vertrouwd beeld in menig medicijnkastje: Pleegzuster Bloedwijn.

Deze ‘medicinale’ rode wijn, door firma Chefaro aangeprezen als hét middel voor herstellenden, zieken en kinderen met bloedarmoede, beloofde verlichting bij tal van kwalen.

Zelfs kraamvrouwen kregen het aangeraden om snel weer op krachten te komen.

De wijn was daartoe verrijkt met ijzerverbindingen, calciumglycerofosfaat en ginseng.

Het idee van een versterkende bloedwijn was echter veel ouder dan Chefaro.

Al rond 1894 bevalen artsen de ‘met goud bekroonde Mesener Bloedwijn van harte aan.

In de jaren twintig zocht firma Haco via dichtwedstrijden zelfs al naar de beste reclameslogan voor hún bloedwijn, die toen ook al ‘De Pleegzuster’ heette.

De echte hoogtijdagen van Pleegzuster Bloedwijn braken aan in de jaren zestig en zeventig.

Via advertenties in kranten en vrouwenbladen werd de wijn gepromoot als een heilzaam middel voor dames en ouderen.

Zelfs heren die last hadden van ‘overspanning’ konden er baat bij hebben, met slechts een paar glaasjes per dag.

Vanaf de jaren zeventig was de fles niet langer enkel bij de apotheek, maar gewoon in de supermarkt verkrijgbaar.

Deze laagdrempeligheid zorgde ervoor dat het gebruik wijdverspreid raakte en het imago van een onschuldig ‘opkikkertje’ werd versterkt.

Maar was Pleegzuster Bloedwijn wel echt een medicijn? Die vraag kwam eind jaren negentig steeds vaker op.

In 1998 boog de Reclame Code Commissie zich over de claims.

Was de heilzame werking te danken aan de toegevoegde mineralen, of speelde het alcoholpercentage van 13,5% stiekem de hoofdrol?

De conclusie was helder en betekende het einde van een tijdperk: hoewel de wijn mogelijk verlichting kon bieden bij lichte kwaaltjes, was het definitief géén geneesmiddel.

Het is nu deze maand, zestig jaar geleden dat de Amerikaanse film ‘Song Without End’ in de Vlaamse bioscopen te zien was.

De film, destijds in Vlaanderen en Nederland uitgebracht onder de titel ‘Rhapsodie der hartstochten’, vertelt het verhaal van de jonge, virtuoze pianist Franz Liszt.

Hoewel hij door het publiek op handen wordt gedragen en triomfen viert tijdens zijn tournees door Europa, worstelt de pianist met een diep gevoel van eenzaamheid.

Zijn leven neemt een drastische wending wanneer hij de beeldschone prinses Carolyne ontmoet.

Ze beginnen een gepassioneerde relatie, maar deze liefde eist een tol: Liszts muzikale prestaties beginnen eronder te lijden.

Een opmerkelijk weetje over de productie is dat de film door twee regisseurs werd voltooid. Charles Vidor begon aan de regie, maar na zijn overlijden tijdens de opnames nam de bekende regisseur George Cukor het project van hem over.