Op 7 januari 2015 vielen de broers Chérif en Saïd Kouachi binnen op de redactie van het satirische blad Charlie Hebdo.
Daar vonden twaalf mensen de dood. De interventietroepen schoten de broers twee dagen later dood.
Daags na de aanslag op de redactie, vermoordde Amédy Coulibaly een agent van de gemeentepolitie in Montrouge, nabij Parijs.
Nog een dag later doodde Coulibaly vier joodse mannen in Hyper Cacher, een joodse supermarkt in het oosten van de Franse hoofdstad. Toen de politie binnenviel, schoot ze hem dood.
In december 2018 werd het vermoedelijke brein achter de aanslag, Peter Chérif, ook wel bekend onder de naam Abu Hamza, gearresteerd in Djibouti en uitgeleverd aan Frankrijk.
Volgens de Franse minister van Defensie Jean-Yves Le Drian speelde hij een “belangrijke organiserende rol” bij de aanslag.
Hij was een goede vriend van de broers Saïd en Chérif Kouachi, en ontsnapte in 2011 uit een Franse gevangenis, waarna hij naar Jemen vluchtte.
Daar sloot hij zich aan bij Al Qaida.

Het proces voor deze aanslagen begon op 2 september 2020.
Het betreft een proces voor een speciaal hof van assisen.
Veertien lieden staan terecht op verdenking van logistieke steun, in meerdere of mindere mate, aan de gebroeders Kouachi en Amédy Coulibaly.
Alle veertien verdachten werden schuldig bevonden aan lidmaatschap van een criminele bende, of aan medeplichtigheid aan een terroristische aanslag.
De hoofdverdachte kreeg 30 jaar cel, net als de vriendin van aanslagpleger Amédy Coulibaly.
Een voortvluchtige medeplichtige kreeg wegens zijn uitgebreide strafblad de zwaarste straf: levenslang.
Voor de andere verdachten werden gevangenisstraffen van 4 tot 20 jaar uitgesproken, twee Belgen kregen vijf en acht jaar cel (Diverse bronnen. Belga, Nieuwsblad en Wikipedia)


