Vandaag 55 jaar geleden, president Lyndon B. Johnson beëdigd.

Lyndon B. Johnson werd op 22 november 1963 beëdigd als 35ste president van de Verenigde Staten.

Kort daarvoor was zijn voorganger John F. Kennedy vermoord.

Vandaag op 20 januari 1965 werd hij opnieuw beëdigd voor een eigen termijn na het winnen van de presidentsverkiezingen van 1964.

Johnson (LBJ) is de vierde president van wie veel Amerikanen de initialen kennen, na TR, FDR en JFK.

Zijn vrouw, Claudia Alta Tailor, kreeg als kind al de bijnaam Lady Bird (‘lieveheersbeestje’) en werd bij haar huwelijk Lady Bird Johnson (LBJ).

Ook zijn dochters Lynda Bird en Luci Baines hadden dezelfde initialen als hijzelf. Zijn hond heette Little Beagle Johnson.

Tijdens demonstraties tegen de Vietnamoorlog scandeerden actievoerders in Nederland de kreet Johnson moordenaar.

In 1967 oordeelde de Hoge Raad dat dit strafbaar was.

Nadien klonk het Johnson molenaar.

Het stadje Johnson City in Texas is mede door Johnsons voorouders gesticht.

Johnson overleed op 22 januari 1973 aan een hartstilstand.

Hij werd 64 jaar oud. Johnsons weduwe, Lady Bird Johnson, overleed 34 jaar later.

50 jaar geleden, Shocking Blue staat deze maand op nummer één in Amerika met de single Venus

Het nummer is geschreven door Robbie Van Leeuwen zo staat het toch op de single.

In feite was het nummer al geschreven in 1848 door Stephen Foster en was toen de titel van het nummer Oh! Susanna.

De eerste studio-opname is van Victor Mixed Chorus in 1916.

Robbie Van Leeuwen hoorde de melodie in 1963 dankzij de folkzanger Tim Rose en zijn nummer The Banjo song.

Venus is de derde single van deze Haagse groep van gitarist Robbie Van Leeuwen en zangeres Mariska Veres.

Op de eerste twee singles neemt Fred de Wilde de vocalen voor zijn rekening.

In Amerika alleen was de verkoop goed voor een miljoen exemplaren. Rijk is Robbie Van Leeuwen er niet op geworden, gezien hij voor het succes de rechten al had verkocht aan de platenfirma.

Shocking Blue staat deze maand op nummer één in Amerika met de single Venus

Vandaag 40 jaar geleden, Amerikanen gegijzeld in Ambassade Teheran

De gijzelingscrisis, vlak nadat de dictatuur van de sjah was omvergeworpen, was een uiting van het Iraanse ongenoegen over de Amerikaanse inmenging in de Iraanse politiek in de jaren 50, 60 en 70.


De actie werd gesteund door het kersverse regime van de ayatollahs in Teheran en duurde zo’n 14 maanden.


De gijzelnemers eisten onder andere de uitlevering van de op dat moment in de Verenigde Staten verblijvende sjah.


Op het moment van de gijzeling, wisten zes diplomaten, die zich op dat moment buiten de ambassade bevonden, te vluchten naar de Zwitserse en de Canadese ambassade.


De overige 63 diplomaten en burgers die aanwezig waren in het gebouw van de ambassade werden gegijzeld.


Na de bezetting lieten de gijzelnemers vrijwel meteen 13 vrouwen en donkere mensen vrij.


Tijdens de crisis hielden Iraanse studenten tientallen Amerikanen gegijzeld op de Amerikaanse ambassade.


De overgebleven gegijzelden bleven gedurende een periode van 444 dagen gevangen binnen de Amerikaanse ambassade.


Op 24 april 1980 ondernamen de United States Armed Forces een poging om de 52 gijzelaars te bevrijden.


De operatie zou aanvankelijk twee nachten duren. De eerste fase van het plan verliep nog goed, ondanks beschietingen op een bezinetruck die een explosie veroorzaakte die mijlenver te zien was.


Maar toen de helikopters richting Teheran vlogen, kwamen ze in een zandstorm terecht, waarbij twee helikopters in de problemen kwamen.


Daarna waren er nog slechts vijf helikopters over om de missie uit te voeren.


Zes helikopters waren nodig om alle gijzelaars te kunnen vervoeren.


President Carter besloot de missie daardoor af te lassen.

Toen de helikopters op hun terugtocht waren en moesten worden bijgetankt door C-130 transportvliegtuigen, ging het mis.


Een C-130 en een helikopter botsten door een stofwolk boven op elkaar.


Drie Marines en vijf bemanningsleden van helikopters kwamen om. Alleen de piloot van de helikopter overleefde het ongeval.

Vijf helikopters werden uiteindelijk achtergelaten.


Ook werden bij de aftocht geheime documenten gevonden die de identiteit van verschillende CIA-agenten onthulden die aanwezig waren in Teheran.


Op 19 januari 1981 werden de Akkoorden van Algiers gesloten die het einde betekenden van de gijzeling van de 52 personen die al 14 maanden zaten opgesloten binnen de ambassademuren.


In de akkoorden werd de vrijlating van de gijzelaars geregeld en werden Iraanse banktegoeden vrijgegeven.

Bovendien werd besloten tot immuniteit tegen eisen tot schadevergoeding van Amerika tegen Iran.


Die mislukking zou de belangrijkste oorzaak vormen voor de verkiezingsnederlaag van toenmalig president Jimmy Carter.


De Amerikaanse president Carter was afgetreden en Reagen nam het stokje over.
Twintig minuten na zijn aftreden werden de gijzelaars overgedragen aan de Verenigde Staten.


Drie decennia lang hebben de slachtoffers geprobeerd compensatie te krijgen. Diverse rechtbanken, inclusief de Supreme Court, hielden dit tegen.


Pas in 2015 ondertekende de Amerikaanse president een wet om de slachtoffers te vergoeden.


Het geld kwam dankzij de Franse bank BNP Paribas, die een boete moest betalen van 9 miljard dollar omdat de bank sancties tegen Iran, Soedan en Cuba had geschonden.


Een groot deel van dat geld zou men reserveren voor slachtoffers van terreur, zoals de gijzeling in Iran, de aanslagen van 9/11 en de bombardementen op de Amerikaanse ambassades in Kenia en Tanzania in 1998.


Van de 37 van de 53 gijzelaars van de gijzeling in Teheran die nog leven, kunnen rekenen op een vergoeding van maximaal 4,4 miljoen dollar. (Diverse bronnen, Rik Arnoudt, Isgeschiedenis, De Volkskrant en Wikipedia)

60 jaar geleden, op bezoek bij New York’s kerkhof Der Verlatenen op het Hart Island (november 1959)

Sinds het einde van de negentiende eeuw begraaft New York zijn arme en anonieme doden op Hart Island.

Het is een morzel grond van 50 hectare – zo’n 80 voetbalvelden groot – tussen The Bronx en Long Island.

Het is de finale rustplaats voor wel één miljoen zielen: slachtoffers van de gele koorts, aidsdoden uit de jaren 80 van de vorige eeuw, drugverslaafden uit de jaren 60, zwervers, illegalen, armen en doodgeboren baby’s.

Het is letterlijk een soort onderwereld, een godverlaten plek die alleen met een onregelmatig varende ferry bereikbaar is.

Al die verzamelde lichamen in de grond, er komen er altijd maar nieuwe bij. Verdriet dat zich al anderhalve eeuw opstapel.

De doden op het eiland worden begraven door ongevaarlijke gedetineerden van Rikers Island.

50 dollarcent per uur krijgen ze betaald en ze graven verschillende grote putten voor zo’n 1.500 lijken per jaar.

De dennenhouten kisten worden in massagraven gedumpt.

Eén grafkruis voor 150 lijken: rijen van twee kisten breed, telkens drie kisten op mekaar gestapeld, zo’n drie tot vier meter diep in de grond.

Vier keer per week komen de gevangenen de verse lijken uit verschillende mortuaria ter aarde bestellen.

Het lijkt een grimmig tafereel uit een Victoriaanse roman van Charles Dickens.Tot voor kort mocht amper iemand het eiland bezoeken.

New York schermt het gebied af en heeft het beheer ervan in handen gegeven van het gevangeniswezen.

Het is een Potter’s Field, een armenbegraafplaats.Op de zijkant van elke kist staat een nummer en de naam (als die al bekend is). 

Soms zijn er enkel lichaamsdelen.

Doodgeboren of te vroeg geboren baby’s worden begraven in een put met duizend kistjes.

Soms duurt het meer dan een jaar voor die put helemaal tot de rand is gevuld en kan worden afgedekt.

De doden op het eiland worden begraven door ongevaarlijke gedetineerden van Rikers Island.

50 dollarcent per uur krijgen ze betaald en ze graven verschillende grote putten voor zo’n 1.500 lijken per jaar.

De dennenhouten kisten worden in massagraven gedumpt.Eén grafkruis voor 150 lijken: rijen van twee kisten breed, telkens drie kisten op mekaar gestapeld, zo’n drie tot vier meter diep in de grond.

Vier keer per week komen de gevangenen de verse lijken uit verschillende mortuaria ter aarde bestellen.

Het lijkt een grimmig tafereel uit een Victoriaanse roman van Charles Dickens.Tot voor kort mocht amper iemand het eiland bezoeken.

New York schermt het gebied af en heeft het beheer ervan in handen gegeven van het gevangeniswezen.

Het is een Potter’s Field, een armenbegraafplaats.

Op de zijkant van elke kist staat een nummer en de naam (als die al bekend is).  Soms zijn er enkel lichaamsdelen.

Doodgeboren of te vroeg geboren baby’s worden begraven in een put met duizend kistjes.

Soms duurt het meer dan een jaar voor die put helemaal tot de rand is gevuld en kan worden afgedekt.

Het is een vreemd gevoel om zomaar rond te kuieren op Hart Island.

De meesten van ons slagen er vrij makkelijk in om zwervers en armen te negeren als ze nog leven.Als ze dood zijn, is dat nog makkelijker.

Nee, New York gaat niet zo respectvol om met mensen die het niet hebben gemaakt in deze stad waar je verzuipt als je het niet maakt.

Zonder succes en triomf eindig je in de hoofdstad van de wereld onherroepelijk op Hart Island.

De lichamen worden niet gecremeerd zoals in vele andere Amerikaanse steden. Je weet nooit dat ze lichamelijke resten moeten opgraven voor één of ander gerechtelijk onderzoek.

Soms laat een godsdienst het verassen van een lijk ook niet toe.

Hart Island heeft een lange geschiedenis. Er was ooit een gevangenis gevestigd, een ziekenhuis voor tbc-lijders, een gekkenhuis, een armentehuis, en een ontwenningscentrum voor drugverslaafden.

Ik zag er tijdens mijn bezoek zelfs verlaten raketsilo’s uit de Koude Oorlog. Allemaal ruïnes uit een verdampte tijd.

Soms spoelen er schedels aan op de oever, of stukken sleutelbeen, of dijbeenderen. Door weer, wind en erosie vermolmen de goedkope houten kisten in de zompige grond van de massagraven en spoelen ze het eiland af, om vervolgens weer aan te spoelen.

Een beetje luguber noemen ze het strand van Hart Island wel een keer Bones Beach.Hart Island is geen ordelijk kerkhof, met mooi geplaveide paadjes, sierlijke zerken of getrimde gazonnetjes.

Slechts hier en daar zie je een paar bleekgekleurde, melancholische scheve kruisen in het moerassige gras.(Diverse bronnen, Björn Soenens, Wikipedia en Foto’s november 1959)

Vandaag 60 jaar geleden, einde verblijf Chroesjtsjov in Amerika.

Daarom nog enkele sfeerbeelden van zijn 10 daagse rondreis door Amerika.Chroesjtsjov reageerde verheugd toen hij een uitnodiging van president Eisenhower ontving om in september 1959 naar de Verenigde Staten te komen. Afgezien van enige woede-uitbarstingen – zo was hij ziedend dat hem uit veiligheidsoverwegingen geweigerd werd Disneyland te bezoeken – kon het eerste bezoek van een Sovjetleider aan het kapitalistische bolwerk succesvol worden genoemd.Een uitstapje naar een Amerikaanse maïsboerderij inspireerde Chroesjtsjov om op grote schaal maïs in de Sovjet-Unie te gaan verbouwen. Op diplomatiek vlak werd echter nauwelijks resultaat geboekt. Wel noemde Eisenhower Chroesjtsjov ‘my friend’. Terug in Moskou schetste de Sovjetleider een euforisch beeld van wat hij in Amerika bereikt had. Hij vestigde al zijn hoop op de volgende topontmoeting met Eisenhower in Moskou, gepland in juni 1960. Een spionagevliegtuig gooide echter roet in het eten.(Diverse bronnen,Wikipedia )

met Elanor Roosevelt