Voordat Henri Frans als de legendarische Bento de koning van de Lammerstraat werd, kende hij een bescheiden start in Ledeberg.

Als twintiger woonde hij daar nog bij zijn moeder en verdiende hij de kost als dagbladverkoper.

Zijn leven nam een beslissende wending in 1898 toen hij trouwde met de Gentse kleermaakster Clementine Van Guyse.

Het koppel verwachtte toen al hun eerste kind; Clementine was drie maanden zwanger van René Eugène Frans.

Na het overlijden van zijn schoonvader trok het jonge gezin in bij de weduwe en nam daar het café Estaminet Den Biekorf over.

In 1902 werd het gezin compleet met de geboorte van hun tweede zoon, François, roepnaam Frans.

Ondertussen leidde Henri een dubbelleven en timmerde hij hard aan de weg als circusartiest.

Al in 1897 dook hij voor het eerst op in het programma van het Nieuw Circus als deel van Les Franch, de “twee leuke Chinezen uit Ledeberg”.

Tegen 1906 sloot hij zich aan bij een nieuwe acrobatengroep, het Horatius Trio, samen met Theofiel Caluwaert, alias zotten Theo, en de jonge knaap Serafien Fruytier.

Hun act was spectaculair: ze stonden met drie man hoog op elkaars schouders terwijl ze een trap op- en afstapten.

Henri leerde Serafien de knepen van het vak en samen ontwikkelden ze als The Original Bento Brothers een ijzersterk evenwichtsnummer.

Het duo kende succes, maar hun wegen scheidden uiteindelijk definitief. Serafien keerde waarschijnlijk niet met Henri terug naar België na hun Amerikaanse avonturen.

Hij tekende voor nog een seizoen bij Barnum & Bailey in 1913, dit keer met de groep van de Belg Joseph DeKock, en bouwde een leven op in de Verenigde Staten.

In 1918 diende Serafien in het Amerikaanse leger, werd staatsburger onder de naam Jack Bento en overleed uiteindelijk op 75-jarige leeftijd in Chicago.

Henri moest dus op zoek naar een nieuwe cascadeur of vlieger.

Hij vond potentieel in de Gentse turnkring Vrijheidsliefde, waar zijn oog viel op de veertienjarige Polydoor De Baets.

Henri bood de jongen een contract aan van 25 frank per maand, inclusief kost en inwoning.

Na intensief oefenen in turnlokalen en lokale tournees vormden ze samen met de Gentse acrobaat Joseph La Porte het Frans Bento Trio.

Na enkele contracten in België en Frankrijk vertrok het trio in maart 1913 naar Amerika met een contract voor het prestigieuze Ringling Brothers Circus.

Het was een slopend maar succesvol schema: tussen 5 april en 1 november speelden ze in 144 steden en 32 staten.

Na een winter thuis vertrokken Henri en Polly in maart 1914 voor een tweede seizoen. Toen ze op 24 oktober 1914 hun laatste show speelden in Cairo, Illinois, woedde in Europa echter volop de oorlog.

Henri, inmiddels 37 jaar oud en met een carrière van zeventien jaar achter de rug, slaagde erin om via een schip van de White Star Dominion Line vanuit Liverpool terug te keren naar Gent.

Als leider van zijn gezelschap had het acrobatencircuit hem financieel geen windeieren gelegd.

Met dat kapitaal opende hij in mei 1915 Café Bentos op nummer 15 in de Lammerstraat.

De locatie was strategisch: vlak naast het Nieuw Circus dat in die periode dienstdeed als cinema en variétézaal, en recht tegenover Vooruit, het machtige Feestpaleis van de socialisten.

Het café werd een ontmoetingsplek voor artiesten en bood logement aan rondreizende artiesten.

Het interieur werd een bezienswaardigheid dankzij Henri’s jeugdvriend Achilles De Maertelaere.

Ze kenden elkaar van de turnkring De Volksmaatschappij en deelden hun socialistische overtuiging.

Achilles, die het pseudoniem Achille Bentos aannam, beschilderde de muren met taferelen die Henri’s verhalen weerspiegelden: het wilde westen, Japanse landschappen, Egypte en Afrikaanse waterdragers.

Henri zat tijdens de oorlogsjaren echter niet stil en gebruikte zijn netwerk voor liefdadigheid via het socialistische Feestpaleis Vooruit.

Een hoogtepunt was de productie Barnum te Gent in 1917, waarmee hij lokale artiesten speelkansen bood.

Na de oorlog bleef Henri zijn café uitbaten, maar het ondernemersbloed kroop waar het niet gaan kon.

Hij begon zijn eigen Cirque Bento en huurde in 1921 een gigantische viermasttent die hij op het Sint-Pietersplein liet opzetten.

Een verwoestende nachtelijke onweerstorm maakte na enkele maanden echter een einde aan zijn droom.

Met deze tegenslag leek Henri zijn actieve, grootschalige circusplannen voorgoed opgeborgen te hebben.

Hij zag daarentegen zijn zonen René en Frans en zijn leerlingen Serafien en Polly floreren.

Vooral de band tussen René en Polly was hecht; ze waren van dezelfde leeftijd en kenden elkaar door en door, omdat Polly als leerling bij het gezin had ingewoond.

In 1925 bundelden deze jeugdvrienden hun krachten als Los 3 Bentos en toerden door Zuid-Amerika.

Terug in België verstrengelden de familiebanden zich verder: Polly trouwde met Jenny Moreels, de zus van Frans’ vrouw Jeanne.

Samen met René en diens Braziliaanse vrouw Chela vormden ze The 4 Bentos, die successen vierden in Engeland en geportretteerd werden door Laura Knight.

Ook Henri’s andere zoon, Frans, had kortstondig in het acrobatenvak gezeten, maar koos uiteindelijk voor de stabiliteit van de horeca.

In maart 1931 nam hij Café Bentos in de Lammerstraat over van zijn vader. Hij zou er cafébaas blijven tot het einde van de Tweede Wereldoorlog.

Het legendarische café in de Lammerstraat zou uiteindelijk in de jaren vijftig verdwijnen, maar Henri zelf was toen al verhuisd.

In 1935 nam hij café Concordia in de Wondelgemstraat over en doopte hij ook deze zaak om tot Bentos.

De muren hingen vol met grote foto’s uit zijn glorietijd bij Barnum & Bailey en Ringling Brothers.

Aan iedereen die het wilde horen, vertelde hij zijn verhalen bij de beelden.

Dit café in de Wommelgemstraat bestaat vandaag nog steeds, al is het originele interieur helaas verdwenen.

De oude dag van Henri werd overschaduwd door de Tweede Wereldoorlog en persoonlijk drama.

In 1945 verloor hij zijn zoon René, die amper 46 jaar oud werd. Henri overleefde hem drie jaar en stierf op 20 maart 1948.

Zijn goede vriend Achilles Bentos vereeuwigde Henri en Clementine op latere leeftijd in een tweeluik.

Dit beeld toont hun oude dag en vormt een scherp contrast met het bruisende leven dat achter hem lag, altijd onder de mensen en vol van de opwaartse drang die hij ongetwijfeld onder zijn vel had (bronnen: Het Huis van Alijn, diverse bronnen, Wikipedia en Gwendolien Sabbe).