
Piccolo van 25 december 1960

Foto's, en reportages en voor 95 % niet terug te vinden op Google uit ons ver verleden, over Gent, Vlaanderen, film, muziek, sport, politiek en zoveel meer uit tijdschriften en kranten en jaarboeken. Vanaf de jaren 1900 tot en met gisteren. Meer foto's en artikelen terug te vinden op onze Fb groep Gisteren nog vandaag en de Fb groep Weetjes over popmuziek

Wie denkt aan de gouden jaren van de vinylrevolutie, denkt vaak direct aan de iconische kofferplatenspeler.
In menig Nederlandse en Belgische huiskamer stond in die tijd een apparaat van Melovox.
Dit merk was van origine Frans en produceerde diverse modellen elektrografen die als wonderen van techniek, precisie, geluid en stereofonie werden gepresenteerd.
Het merk wist als geen ander in te spelen op de behoefte van een generatie die muziek niet alleen wilde luisteren, maar ook wilde meenemen.
Vooral in Frankrijk was Melovox enorm beroemd en geliefd; het was daar een van de toonaangevende namen voor draagbare elektronica.
De kracht van Melovox zat in de slimme combinatie van eigen ontwerp en ingekochte techniek.
In plaats van zelf complexe loopwerken te ontwikkelen, maakte het merk gebruik van de expertise van specialisten zoals BSR en Melodyne. BSR, oftewel Birmingham Sound Reproducers, was een Britse gigant die verantwoordelijk was voor een enorm deel van de wereldwijde productie van draaitafels.
Ze stonden bekend om hun onverwoestbare wisselaars waarmee je een hele stapel platen achter elkaar kon afspelen.
Melodyne leverde eveneens cruciale mechanieken voor de motor en de toonarm.
Door deze betrouwbare onderdelen te combineren met hun eigen versterkers en luidsprekers, kon Melovox een betaalbaar en degelijk product aanbieden dat voor bijna iedereen bereikbaar was.
De ontwerpen van Melovox waren een schoolvoorbeeld van de retro-esthetiek met robuuste koffers en diverse compacte uitvoeringen.
Het was de voorloper van de boombox; je klapte de koffer open, sloot de luidspreker aan en het feest kon beginnen.
De platenspelers waren voorzien van naalden die volgens de fabrikant een bewijs waren van technische perfectie, waardoor zowel oude microgroove-platen als moderne stereofonische platen afgespeeld konden worden zonder aanpassingen.
Dit maakte de apparaten zeer gebruiksvriendelijk voor de consument.
Vandaag de dag bestaat het oorspronkelijke Franse bedrijf niet meer in zijn oude vorm, maar de naam Melovox is bezig aan een tweede leven in de verzamelwereld.
Liefhebbers van vintage design zoeken stad en land af naar goed bewaarde exemplaren uit de jaren zestig en zeventig.
Het is niet alleen de nostalgische look die trekt; de specifieke, warme klank van een oude Melovox brengt de sfeer van klassieke pop- en rockplaten op een unieke manier tot leven.
Het is het geluid van een tijdperk waarin muziek luisteren nog een bewuste handeling was.
Met een nieuwe naald en wat liefde voor het mechaniek van BSR of Melodyne kan zo’n klassieker nog steeds de ster van de kamer zijn.

























Jean-Pierre Talbot was 17 jaar oud toen hij als sportmonitor op het strand van Oostende werd opgemerkt door Jacques Van Melkebeke, een vriend en medewerker van Hergé.
Hij leek erg op Kuifje en troostte op dat moment een kind: ‘iets wat Kuifje ook gedaan zou hebben’.
Hij werd voorgesteld aan Hergé en de twee konden het goed vinden.
Talbot kreeg daarop de titelrol in de film Kuifje en het geheim van het Gulden Vlies (1961).
Drie jaar later trad hij opnieuw op in Kuifje en de blauwe sinaasappels.
Een derde Kuifje-film, gepland voor 1967, werd uiteindelijk niet opgenomen.
Talbot heeft daarna nooit meer in een film gespeeld en ook geen poging daartoe gedaan.
Volgens een Belgische documentaire uit 2007 krijgt hij elke maand nog steeds zo’n veertig brieven van fans voor zijn vertolking van Kuifje.
Datzelfde jaar verscheen zijn autobiografie J’étais Tintin au cinéma.
Talbot was van beroep sportleraar.
Hij bracht het tot directeur van een school in zijn geboortestad en ging in 2000 met pensioen.
Hij woont nog altijd in Spa en deed altijd veel aan sport. In zijn films kwam zijn sportiviteit goed van pas, want hij deed zijn eigen stunts.
In 2011 trad hij voor het eerst sinds het einde van zin filmcarrière opnieuw op als acteur: hij speelde in een videoclip de rol van een astronaut.



Jef Wauters werd in 1927 geboren te Mariakerke als zoon van een Gents schoenenfabrikant.
Na zijn studies aan het Gentse Sint-Lievenscollege lokte een opendeurdag hem naar het Gentse Sint-Lucasinstituut.
Hij volgde er de lessen sierkunst, tekenen en schilderen bij Gerard Hermans en Maurice Tilley.
Later kreeg hij Jules De Sutter als leraar aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten te Gent.
Jef Wauters zou van 1949 tot 1959 zelf doceren aan het Hoger Instituut Sint-Lucas te Gent, waar hij die eerste stappen naar de kunstwereld had gezet.
Jef Wauters was de schilder van Venetië, een stad waar hij zich jaarlijks herbronde.
De schetsen die hij daar maakte vormden zijn archief voor mysterieuze olieverven met kleurrijke figuren en beelden van het architecturale erfgoed van Venetië.
Daarnaast was Wauters bekend als schilder van ontroerende, expressieve kinderkopjes, verveelde strenge rechters, statige bisschoppen, fleurige boeketten, swingende jazzmusici en van de schoonheid van zijn lievelingsbloem, de iris.
Hij ligt begraven op het kerkhof van het Vlaamse kunstenaarsdorp Deurle, een deelgemeente van Sint-Martens-Latem.
Zijn oeuvre bevindt zich thans in binnen- en buitenlandse musea en in privéverzamelingen.(Diverse bronnen, De Post 25 december 1960 en Wikipedia)





