55 jaar geleden zorgde de kwestie rond priester Gilbert Verhaeghen voor heel wat herrie in Vlaanderen.

Verhaeghen, die op 16 juni 1962 tot priester was gewijd, was als jonge onderpastoor in de parochie Sint-Egidius een man van de vernieuwing.

Geïnspireerd door de openheid van het Tweede Vaticaans Concilie, botste hij al snel met de conservatieve krachten binnen de kerk, vertegenwoordigd door pastoor De Brouwer en later ook bisschop Van Peteghem.

Het conflict kwam tot een kookpunt toen Verhaeghen voorstelde om geld te investeren in de parochiale jeugdlokalen, die in erbarmelijke staat verkeerden.

De gevestigde orde wilde de fondsen liever aanwenden voor een nieuwe marmeren vloer in de Sint-Gilliskerk.

Deze tegenstelling, samen met klachten over zijn vriendschap met de progressieve priester Frans Wuytack en een vermeende “flirterige houding”, leidde tot een openlijke strijd.

Er ontstond een actiecomité dat Verhaeghen steunde.

Maandenlang werden er in de parochie protesten georganiseerd en pamfletten verspreid, waarbij meermaals de oproerpolitie moest ingrijpen.

De situatie escaleerde zozeer dat hulpbisschop Leo De Kesel, die Verhaeghen adviseerde om naar een ander bisdom over te stappen, enige tijd later zelf door de politie moest worden ontzet tijdens een vormselviering die door protesten werd verstoord.

In mei 1969 aanvaardde Verhaeghen uiteindelijk zijn overplaatsing naar Nieuwkerken-Waas, waarmee een einde kwam aan de protesten in Sint-Egidius.

De rust was echter van korte duur. Ook in zijn nieuwe parochie bleven er problemen met zijn handelwijze, wat in 1970 leidde tot zijn ontslag.

Deze autoritaire en eenzijdige beslissing lokte kritiek uit van meerdere collega-priesters.

Na zijn ontslag verhuisde Verhaeghen naar Stekene, waar hij later als priester met rust ging.

Zijn laatste levensjaren bracht hij door in een rusthuis in Nieuwkerken-Waas, waar hij in juli 2014 op 79-jarige leeftijd overleed.

De hele kwestie, die diepe sporen naliet, werd in 2019 gereconstrueerd door schrijver Louis Van Dievel in het boek “De Onderpastoor”.

50 jaar geleden, herrie om priester Gilbert Verhaeghen.

Gilbert Verhaeghen werd tot priester gewijd op 16 juni 1962 te Gent.

Hij was er onderpastoor en had een goede band met collega E.H. Frans Wuytack.

Dit beviel zijn overste niet en Verhaeghen werd overgeplaatst.

Daarnaast waren er ook klachten van een flirterige houding uit conservatieve hoek.

Aan de oorsprong van de protesten lag het conflict tussen pastoor Gilbert Verhaeghen en de conservatieve pastoor De Brouwer en later ook bisschop Leonce-Albert Van Peteghem.

Verhaeghen trachtte de openheid die het Tweede Vaticaans Concilie besliste in te voegen.Verhaeghen wilde geld gebruiken voor de parochiale jeugdlokalen die in erbarmelijke toestand waren en niet voor een nieuwe marmeren vloer in de Sint-Gilliskerk.

Er ontstond een aksiekomitee dat maandenlang protesten organiseerde, panfletten verspreide, in de parochie Sint-Egidius.

Meerdere keren kwam er de oproeppolitie aan te pas. Leo De Kesel gaf de raad naar een ander bisdom te verplaatsen.

De Kezel moest enige tijd later door de politie worden ontzet nadat er protesten uitbraken tijdens een vormselviering.

In mei 1969 aanvaarde Verhaeghen zijn overplaatsing naar Nieuwkerken-Waas en beëindigde zo de protesten.

Nadat men nog steeds problemen had met zijn handelswijze in zijn nieuwe parochie werd hij in 1970 ontslaan.

Hierop kwamen van meerdere priesters opmerkingen over de autoritaire en eenzijdige beslissing.

In 2019 verscheen het boek De Onderpastoor van de hand van Louis Van Dievel die de kwestie Verhaeghen reconstrueert.(Diverse bronnen, De Post 5 april 1970 en Wikipedia)

50 jaar geleden, herrie om priester Verharghen
50 jaar geleden, herrie om priester Verharghen
50 jaar geleden, herrie om priester Verharghen
50 jaar geleden, herrie om priester Verharghen