Gentenaar Freddy Claeys mag vandaag 69 kaarsjes uitblazen

Theater-, revue- en filmacteur, zanger, conférancier, regisseur, auteur Freddy Claeys werd vooral bekend als het personage Dreupelmans bij de ‘Vaste Bende’ van ‘t Spelleke van Drei Kluite.

Maar voor mij is hij ook mijn boekhouder.

Hij begon, o.m. samen met Luk De Bruyker, Annemie Quintelier, Marc Van Poucke, Roger De Knijf… te acteren en te zingen in de studentenrevues van het Provinciaal Handels- en Taalinstituut, bij de Gentenaars beter bekend als ‘den Ingliesjkluup’. 

Hij stichtte in 1974 het amateurgezelschap Klokke Roeland, sinds 1982 herdoopt als toneelgezelschap Klokke waar hij diverse (hoofd)rollen speelde en regisseerde. 

Hij stelde Gentse liedjesprogramma’s samen en bracht ze met o.a. Jan Gorleer en Hubert Van Rietvelde.

In  2005 was hij producer van het mobiele (op de Gentse binnenwaterwegen varende) café-chantantprogramma van Freek Neirynck “Batoosjantan” en van de gelijknamige CD (2005) met zestien liedjes van Gentse auteurs en componisten opgenomen door het ad hoc gezelschap De Koenfreerie van de Gensche Kuipmeziek.

Hij was ook acteur in diverse producties van Goe Weere an de Zuid, Vogt en was samen met acteur Kurt Defrancq co-organisator van de Nacht van de Vuile Lollen (eerst in het Geuzenhuis, vanaf 2012 in Scala).

Hij regisseerde in 2009 de West-Vlaams-Gentse theatershow “Ze kwamen uit het Westen”  van Defrancq in de Minardschouwburg.

In Theater Scala aan de Dendermondse Steenweg regisseerde hij ook enkele toneelstukken waarin het Gentse dialect door bepaalde volkse personages gesproken werd.

Hij was van 2007 voorzitter van het Europees Figurentheatercentrum, eerst in de Trommelstraat en van 2014 af in Het Groot Begijnhof in Sint-Amandsberg (Freek Neirynck)

Vanavond boekvoorstelling, 50 jaar Hotsy Totsy

Het Gentse nachtcafé Hotsy Totsy bestaat een halve eeuw.

Met zijn interieur geïnspireerd op de roaring twenties werd het een pleisterplek voor een kleurrijk en gemengd publiek, van kunstenaars en wetenschappers tot vrijdenkende drinkebroers, die zich thuis voelden in die warme cocon.

Aan het roer stonden Motte en Guido Claus, een vorstelijk duo dat het woelige schip elke keer weer door de nacht laveerde, met landelijke renommee en echo’s tot in de Amsterdamse grachtengordel toe.

Daar zal de aanwezigheid van Guido’s broer, Hugo Claus, zeker een rol in gespeeld hebben.

In dit boek vertellen we de geschiedenis van het café en graven 35 notoire Hotsy Totsygangers in hun herinneringen.

Onder meer Jessie De Caluwe, Kurt Van Eeghem, Herman Brusselmans, Josse De Pauw, Pjeroo Roobjee, Frank Liefooghe, Herman Balthazar, Guido Lauwaert, Vera Vermeersch, Zaki, Mugo en Jean Paul van Bendegem getuigen.

Zij brengen een ode aan het café dat een rol in hun leven speelde, maar ook aan Motte, die nu 78 is.

De eigenaars zijn nu veranderd, het interieur hetzelfde gebleven. Hoe dan ook is een halve eeuw Hotsy Totsy een reden om te vieren, en een zegen voor het mensdom.

Karel Van Keymeulen is een vermaard jazzjournalist, die het Gentse horeca-erfgoed als zijn binnenzak kent, en schreef een inleiding bij het boek. Kurt Defrancq staat bekend als acteur en theatermaker. Samen stelden ze het boek samen.