Vandaag is het 84 jaar geleden dat Orson Welles een ware paniek veroorzaakte met zijn hoorspelversie van “War of the Worlds”.

De aflevering werd geregisseerd door Orson Welles en was een radiobewerking van H.G. Wells’ sciencefictionroman The War of the Worlds (1898).

Het hoorspel werd als Halloween special uitgezonden op 30 oktober 1938.

De radioversie van dit verhaal werd voornamelijk geschreven door Howard Koch, met inspraak van Welles en de staf van CBS’ Mercury Theatre On The Air.

Het verhaal werd geactualiseerd naar 1938 en de locatie van de invasie werd veranderd in New Jersey.

Welles besloot het verhaal van het boek te vertellen in de vorm van nieuwsberichten, die verslag deden van de invasie.

Het 60 minuten durende hoorspel bestond voornamelijk uit nieuwsberichten die verslag deden van de Martiaanse invasie.

Het radioprogramma begon als een muziekprogramma, plots onderbroken met verontrustende nieuwsberichten over een invasie van marsmannen.

In het begin werd gemeld over vreemde explosies op Mars.

Daarna over een Martiaanse cilinder die neerstortte bij New Jersey en tenslotte over hoe deze marsmannetjes met hun geavanceerde machines een aanval begonnen.

Het leger kon niets beginnen tegen deze Marsbewoners.

Al snel volgden er berichten over soortgelijke cilinders die ergens anders in de Verenigde Staten landden.

De machines rukken op naar New York. Net als het boek eindigde het hoorspel met de dood van de Marsbewoners als gevolg van bacteriën.

Vervolgens volgde een bericht van Welles zelf, die de luisteraars er aan herinnerde dat het een hoorspel was.

Volgens de verhalen zou Welles dit hebben gedaan op aandringen van CBS nadat men ontdekte wat voor paniek de uitzending veroorzaakte.

Veel luisteraars misten of negeerden de intro van het hoorspel, waarin duidelijk werd uitgelegd dat het om een verzonnen verhaal ging.

De dreiging van de aankomende Tweede Wereldoorlog maakten dat veel mensen dachten dat de nieuwsberichten echt waren.

Volgens nieuwsberichten die later werden verspreid vluchtte men massaal weg uit de steden.

Veel mensen meenden al de lichtflitsen van de hittestralen te zien of de zwarte rook te ruiken. S

Sommigen meldden dat zij de invasie met eigen ogen hadden gezien.

Professor Richard J. Hand berekende aan de hand van studies uitgevoerd door historici dat van de zes miljoen mensen die de uitzending hoorden, 1,7 miljoen dachten dat het echt was en 1,2 miljoen echt “doodsbang” waren.

Binnen een maand had het nieuws over de paniek zich verspreid over de hele wereld en had het in 12.500 kranten gestaan.

Latere studies suggereren dat de paniek veel minder groot was dan nieuwsberichten destijds deden vermoeden.

De reden dat er paniek ontstond was niet geheel te wijten aan naïviteit; hoewel veel van de acteurs herkend werden van eerdere hoorspelen of radioprogramma’s, was een hoorspel zoals The War of the Worlds nog nooit eerder uitgevoerd in de Verenigde Staten.

Mensen waren gewend om nieuwsberichten voor waar aan te nemen.

In de nasleep van de paniek ontstond er grote woede op CBS en de uitzending.

CBS herinnerde er echter aan dat de luisteraars meerdere malen werden gewaarschuwd dat het slechts om een fictief verhaal ging.

Welles en Mercury Theatre ontsnapten zo aan juridische vervolging.

Wel moest CBS beloven nooit meer een dergelijk hoorspel uit te zenden.(Diverse bronnen en Wikipedia)

Vandaag 135 jaar geleden, de geboorte van de Gentse schrijver Raymundus Joannes de Kremer of Raymond Jean de Kremer, die onder de pseudoniemen Jean Ray en John Flanders honderden fantastische verhalen publiceerde (8 juli 1887)

Jean Ray werd geboren in een herenhuis in de Gentse Ham en in juli 1895 verhuisden zijn ouders naar de Sint-Jansdreef.

In februari 1912, na zijn huwelijk met de revueactrice Virginie Bal (Nini Balta), vestigde hij zich in de Zondernaamstraat en vanaf oktober 1913 woonde hij in de Baudelostraat.

In juni 1917 in de Wolfstege en vanaf juli 1924 opnieuw in de Baudelostraat.

Vanaf juli 1926 aan de Albertkaai (thans Gordunakaai); nadat hij in oktober 1930 zijn vrouw verliet, betrok hij een appartement in de Normaalschoolstraat.

Vanaf november 1934 treffen we hem aan in de Sint-Jansdreef en vanaf juli 1937 woonde hij in de Borluutstraat (nu Belfortstraat.

Vanaf september 1939 in de Prinses Clementinalaan, in juli 1952 verhuisde hij naar de Tentoonstellingslaan en in december 1954 trok hij in bij zijn dochter aan de Rooigemlaan.

Hij kreeg lager onderwijs in het Laurentinstituut (Onderstraat).

Vanaf oktober 1901 was hij op internaat in Pecq bij Doornik.

In 1903 en 1904 volgde hij het derde jaar moderne humaniora aan het Koninklijk Atheneum in Gent (Ottogracht).

Uit die tijd stammen zijn eerste pennenvruchten in het studentenblad De Goedendag.

De twee schooljaren daarop studeerde (en mislukte) hij aan de Gentse Rijksnormaalschool, in de Ledeganckstraat. In de Almanak van ’t Zal Wel Gaan (1907-1908) verschenen enige gedichten van zijn hand.

Van 15 juli 1910 tot eind april 1919 was hij klerk bij het Gentse stadsbestuur.

Een voorbeeldige ambtenaar was hij blijkbaar niet.

In 1912 was er zelfs een duistere affaire met het uitgeven van wissels.

Hij bleef enkel in dienst dank zij politieke bescherming.

Inmiddels debuteerde hij in 1911 – als Jean Ray – met Franstalige coupletten voor de revue Ze zijn daar, op liberetto van R. Schmidt en Henri van Daele.

Met laatstgenoemde, “keizer” van het Gentse volkstoneel, werkte hij later nog regelmatig samen en onderhield hij een levenslange vriendschap.

Na de Eerste Wereldoorlog vestigde hij zich als zelfstandig wisselagent.

In die periode was hij op het toppunt van zijn literaire roem.

Begin 1925 verscheen zijn eerste verhalenbundel, Les Contes du Whisky.

Duistere praktijken met leningen leverden hem in januari 1927 een veroordeling tot een gevangenisstraf van 6 jaar en 6 maanden op.

Wegens voorbeeldig gedrag (in de Nieuwe Wandeling) kwam hij al vrij in februari 1929.

Ondertussen was hij broodschrijver geworden.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog verschenen zijn verhalenbundels Le Grand Nocturne (1942), Les Cercles de l’épouvante (1943), Cité de l’indicible peur (1943), Malpertuis (1943, geïnspireerd door het Gent van Jules de Bruycker) en de raamvertelling Derniers contes de Canterbury (1943) – allemaal voor volwassenen, allemaal met een soms zeer hoog “Gent-gehalte”.

Na de Tweede Wereldoorlog sleet hij, als John Flanders, jeugdverhalen bij uitgeverij Averbode en werkte hij mee aan verschillende tijdschriften (’t Kapoentje, Ons Volkske, Zonneland…).

Tegelijkertijd publiceerde hij, als Jean Ray, tal van verhalen voor volwassenen.

Op het einde van zijn leven kende hij een late glansperiode toen uitgeverij Gérard zijn Les 25 meilleures histoires noires et fantastiques (1961) op de markt bracht.

Twee jaar later werd hem de enige prijs toegekend die hem bij leven te beurt viel: de Franse Prix des Bouquinistes.

Op 17 september 1964 werd een hartaandoening hem fataal. Hij werd begraven op de Westerbegraafplaats (graf F 4-8).

Niettegenstaande honderden van zijn verhalen zich afspelen in allerhande exotische oorden, ademt gans zijn oeuvre de sfeer van het Gent van zijn jeugd.

Ook wanneer hij zijn verhalen in het mistige Londen situeert, baseert hij zich duidelijk op het Gent dat hij zo liefhad.

Bovendien schreef hij tal van columns over “zijn” Gent in de rubriek Dat was een tijd! van de krant Het Volk; ze werden in 1996 gebundeld uitgegeven.

Vanaf 1934 schreef hij reportages, cursiefjes en Gents nieuws in De Dag, meestal over Gentse volkswijken.

Befaamd is zijn La Main de Goetz von Berlichingen (1951), waarin “Oom Kwansuys” opduikt die zich het liefst omringde met vrienden die hem veel aandacht gaven en in “stomme bewondering voor zijn redevoeringen” stonden.

Deze oom was niemand minder dan Edward (“Eedje”) Anseele (zijn echte oom langs moederszijde) die ook een belangrijke rol kreeg toebedeeld in de roman Malpertuis, het “vervloekte huis van de hel”.

Met Malpertuis werd klaarblijkelijk Feestlokaal van de Vooruit in de Sint-Pietersnieuwstraat bedoeld dat werd gebouwd in 1913, onder impuls van oom Anseele.

De Anseeles waren weinig opgezet met dit boek: in de personages herkenden zij immers veel van hun eigen kleinburgerlijkheid.

De roman werd in 1972 in het Nederlands vertaald door Hubert Lampo én in 1972 verfilmd door Harry Kümel, met Orson Welles in de hoofdrol.(Diverse bronnen, Geert Vandamme en Ons Land 14 juli 1962)

Vandaag 135 jaar geleden, de geboorte van de Gentse schrijver Raymundus Joannes de Kremer of Raymond Jean de Kremer, die onder de pseudoniemen Jean Ray en John Flanders honderden fantastische verhalen publiceerde (8 juli 1887)

Vandaag 135 jaar geleden, de geboorte van de Gentse schrijver Raymundus Joannes de Kremer of Raymond Jean de Kremer, die onder de pseudoniemen Jean Ray en John Flanders honderden fantastische verhalen publiceerde (8 juli 1887)

Vandaag is het ook al 35 jaar geleden dat de Amerikaanse actrice Anne Baxter komt te overlijden.

axter werd geboren in Michigan City als dochter van Kenneth Stuart Baxter en Catherine Wright.

Haar grootvader was de beroemde architect Frank Lloyd Wright.

Ze werd opgevoed in New York en bezocht als kind meerdere keren toneelstukken op Broadway.

Hier begon haar liefde voor acteren.

Vanaf haar dertiende lukte het Baxter om zelf ook te spelen in stukken op Broadway.

Ze wilde het hier niet bij laten en probeerde het vanaf de jaren 40 ook in de filmindustrie.
Ze deed een screentest voor Rebecca (1940), maar verloor van Joan Fontaine, omdat regisseur Alfred Hitchcock haar te jong vond.

Toch kreeg ze een contract voor zeven jaar bij 20th Century Fox.

Haar eerste filmrol was in 20 Mule Team (1940).

Ze werd al snel opgemerkt en Orson Welles bood haar een rol aan in de film The Magnificent Ambersons (1942).
Haar eerste grote rol kwam in 1946.

Ze was toen te zien in de film The Razor’s Edge.
Hiervoor won ze een Academy Award voor Beste Vrouwelijke Bijrol.

Na nog een paar films gemaakt te hebben, was ze in 1950 te zien in een van de bekendste films uit haar tijd: All About Eve.

Ze kreeg hiervoor een nominatie voor Beste Actrice.

Vandaag is het ook al 35 jaar geleden dat de Amerikaanse actrice Anne Baxter komt te overlijden.

Toch ging ze rond deze tijd ook weer terug naar het theater.
In 1953 was ze op Broadway samen met Tyrone Power te zien in John Brown’s Body.

Toch bleef ze nog steeds actief films maken.
Ze had onder andere een grote rol in de oscarwinnende The Ten Commandments (1956).

Vandaag is het ook al 35 jaar geleden dat de Amerikaanse actrice Anne Baxter komt te overlijden.

Vanaf de jaren 60 was ze vooral te zien in televisieseries, waaronder in zeven afleveringen van Batman.

Vanaf de jaren 70 was ze opnieuw te zien op Broadway.

Ze speelde in Applause, de Broadway-versie van All About Eve.

Nu speelde ze echter Margo Channing, de rol die Bette Davis in de film vertolkte.

In de jaren 80 speelde ze de rol van Victoria Cabot in de televisieserie Hotel.

In 1985 overleed ze als gevolg van een hersenbloeding.

Vandaag is het ook al 35 jaar geleden dat de Amerikaanse actrice Anne Baxter komt te overlijden.
Vandaag is het ook al 35 jaar geleden dat de Amerikaanse actrice Anne Baxter komt te overlijden.

Vandaag is het ook al 35 jaar geleden dat de Amerikaans acteur, film- en toneelregisseur, scenarioschrijver en invloedrijk filmmaker Orson Welles is overleden.

Foto augustus 1950
Vandaag is het ook al 35 jaar geleden dat de Amerikaans acteur, film- en toneelregisseur, scenarioschrijver en invloedrijk filmmaker Orson Welles is overleden.
Vandaag is het ook al 35 jaar geleden dat de Amerikaans acteur, film- en toneelregisseur, scenarioschrijver en invloedrijk filmmaker Orson Welles is overleden.