35 jaar geleden, Johan Op de Beeck over bekend zijn in Vlaanderen.

Als zoon van Ward Op de Beeck, voormalig journalist bij de BRT-nieuwsdienst, was de weg naar de media voor Johan Op de Beeck een logische stap.

Na zijn studies communicatiewetenschappen aan de Vrije Universiteit Brussel startte hij in 1980 zijn carrière als journalist bij de BRT, waar hij uitgroeide tot een bekend gezicht als presentator van Het Journaal.

In 1990 verliet hij de openbare omroep om zijn eigen mediabedrijf op te richten.

Zijn ondernemerschap leidde hem in 1993 naar de functie van eerste hoofdredacteur bij TV Limburg.

Zijn carrière kreeg een internationaal vervolg toen hij vanaf 1996 de redactie van de nieuwszender Euronews in Lyon leidde.

Later was hij ook actief bij het European Journalism Centre in Maastricht.

Zijn expertise in de mediawereld bleek opnieuw in 1999, toen hij meehielp aan de oprichting van Kanaal Z, waar hij in 2002 hoofdredacteur en directeur informatie werd.

Tussen 2003 en 2005 keerde hij terug naar de VRT als netmanager van Canvas en Ketnet. Nadien bekleedde hij de functies van gedelegeerd bestuurder bij Videohouse en secretaris-generaal van RTD, de beroepsvereniging van Belgische kabelmaatschappijen.

Naast zijn managementfuncties bleef Op de Beeck ook creatief actief. Hij maakte tv-documentaires zoals “Masters of the Game”, “Undercover”, “Raveel”, “Atlantik Wall” en “Jodentransport XX”.

Bovendien was hij het gezicht van praat- en debatprogramma’s, waaronder “Eerlijk Gezegd” op TV1 en “Zeven op Z”.

De voorbije jaren heeft hij zich succesvol toegelegd op het schrijven van historische werken. Hij is de auteur van vijf bestsellers over het napoleontische tijdperk, waaronder “Napoleons nachtmerrie” (2012), “Waterloo” (2013) en de tweedelige biografie “Napoleon” (2014).

Ook zijn boek “Het verlies van België” (2015), over het ontstaan van het land, werd een groot succes.

Later volgden nog werken over de vrije meningsuiting (2017) en Lodewijk XIV (2018). Recent verscheen zijn nieuwste boek, getiteld “De aanslag op Napoleon”

35 jaar geleden, Hugo Van Den Berghe, pannellid in de Wies Andersen Show.

Hugo Van den Berghe, geboren op 19 juni 1943 in het Oost-Vlaamse Wetteren, zette zijn eerste stappen in de acteerwereld al op jonge leeftijd.

In 1958 sloot hij zich aan bij het liefhebberstoneel ‘Vrank en Vrij’ in zijn geboortedorp.

Zijn talent bleek al vroeg, want nog tijdens zijn theateropleiding aan het conservatorium van Gent presenteerde de toen achttienjarige Van den Berghe het jongerenprogramma ‘Tienerklanken’ (1961-1965).

Na zijn studies debuteerde hij professioneel in ‘De Kleine Johannes’ bij Toneel Vandaag in Brussel.

Opmerkelijk genoeg volgde hij er vrijwel meteen zijn mentor Rudi Van Vlaenderen op als directeur en speelde hij mee in de geruchtmakende productie ‘Thyestes’ van Hugo Claus.

Toch verliet hij Brussel na een jaar voor het Nederlands Toneel Gent (NTG).

Die overstap bleek bepalend, want daar leerde hij niet alleen zijn echtgenote Blanka Heirman kennen, maar bouwde hij ook een indrukwekkende carrière uit.

Zijn talent werd er bekroond met de Oscar De Gruyter-prijs voor zijn rol in ‘Nooit te bereiken’ van Simon Gray.

Als regisseur bij het NTG toonde Van den Berghe een duidelijke voorliefde voor het werk van Cyriel Buysse; maar liefst drie van zijn eerste vier regies waren stukken van deze auteur.

“Ik ben begonnen via zijn meest bekende stuk, ‘Het gezin Van Paemel’, en nadien ben ik hem grondig gaan lezen en ik moet zeggen: ik had daar heel veel binding mee,” lichtte hij die keuze ooit toe.

Zijn regiewerk strekte zich ook uit tot televisie, met onder meer het tv-feuilleton ‘Het gezin van Paemel’ in 1978.

Naast het regisseren bleef hij zelf een gevierd acteur en speelde hij bijvoorbeeld de glansrijke hoofdrol van Dore Maersschalck in “Daar is een mens verdronken” (1983).

Zijn visie als NTG-directeur was helder, zoals bleek uit zijn ‘beginselverklaring’: “Het NTG richt zich ondubbelzinnig naar een jong publiek.

Dit wil zeggen: een publiek dat zich jong voelt, dat openstaat voor de trilling van de tijd, voor vernieuwing, voor avontuur, voor vers talent, voor ongewone visies.

Een publiek dat niet blind is voor wat gebeurt op deze planeet en daarom niet kan zonder de zuurstof van de allesrelativerende humor, ironie en zelfspot.”

Zelfs tijdens zijn drukke directeurschap bij het NTG bleef Van den Berghe een bekend gezicht op televisie.

Op uitnodiging van collega-acteur en VTM-programmadirecteur Mike Verdrengh presenteerde hij programma’s als ‘Sanseveria’ en ‘Kort Vlaams’.

In 1990 nam hij met een rol in ‘Elektra’, geregisseerd door Dirk Tanghe, voor lange tijd afscheid van het theater.

Hij bleef echter zeer actief op het kleine scherm, met rollen in populaire series als ‘Familie’, ‘Flikken’, ‘Recht op Recht’, ‘Spoed’ en ‘Dirk Tanghe’, en bleef ook regisseren voor televisie.

Jarenlang meed hij het schouwburgpodium, tot actrice Chris Lomme hem in 2005 kon overtuigen om terug te keren in het stuk ‘Het licht in de ogen’.

Na een herseninfarct, waar hij redelijk goed van herstelde, vond hij rust in De Haan, waar hij met zijn vrouw naast Koen Crucke woonde.

Toch bleef de passie voor het podium trekken. “Ik kan het acteren niet laten en ik ben zeer blij dat ik het weer doe,” vertelde hij eind 2012 in De Gentenaar.

“Straks kan ik weer op de grote scène staan in Platonov. Ik voel dat ik weer onder de mensen ben.

Na mijn herseninfarct doet dit deugd.” Hij voegde de daad bij het woord en was in 2014 ook nog te zien als bisschop in de film ‘Café Derby’.

De laatste jaren van zijn leven ging zijn gezondheid achteruit.

Acteur en regisseur Hugo Van den Berghe overleed uiteindelijk op 23 februari 2020 op 76-jarige leeftijd in zijn woonplaats De Haan.

Kan een afbeelding zijn van 3 mensen en tekst

Vandaag zou de wereldberoemde tenor Luciano Pavarotti 90 jaar geworden zijn.

Vijfendertig jaar geleden, in oktober 1990, had deze muzikale legende een opmerkelijke link met onze regio, want hij was te gast bij de Belgische ondernemer Leon Melchior in Limburg.

De carrière van Luciano Pavarotti begon bescheiden in een kerkkoor. Hoewel zijn stem hem wereldroem zou bezorgen, had hij als jongeman een even grote passie voor voetbal.

Ook stond hij bekend als een levensgenieter en een groot liefhebber van lekker eten.

Popster Sting, een van de vele artiesten met wie hij samenwerkte, vertelde ooit hoe hij Pavarotti in zijn eentje twee volledige kippen zag verorberen.

Zijn professionele leven bracht hem naar de top van de operawereld.

Pavarotti werkte met de meest vooraanstaande dirigenten, zoals Herbert von Karajan en Claudio Abbado, en zong hoofdrollen in alle grote operahuizen ter wereld. Later zocht hij een breder publiek op met optredens in concertzalen en indrukwekkende openluchtarena’s.

De rondborstige tenor was niet bang om buiten de lijnen van de klassieke muziek te kleuren.

In 1995 nam hij samen met Bono van U2 het lied “Miss Sarajevo” op. Daarnaast organiseerde hij tien benefietconcerten onder de noemer “Pavarotti and Friends”, waarmee hij geld inzamelde voor goede doelen in onder meer Bosnië, Kosovo, Liberia, Afghanistan en Irak.

Zijn laatste publieke optreden vond plaats in 2006, tijdens de openingsceremonie van de Olympische Winterspelen in zijn thuisland, in Turijn.

Er werd achteraf gefluisterd dat hij die avond geplaybackt zou hebben.

Een jaar later, op 6 september 2007, overleed Luciano Pavarotti op 71-jarige leeftijd aan de gevolgen van pancreaskanker.

Zijn gastheer van destijds in Limburg, Leon Melchior, had een al even opmerkelijk, zij het controversieel, leven.

Hij groeide op in Maastricht als zoon van een Duitse vader en een Nederlandse moeder.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog kwam hij in een moeilijke positie terecht.

Als veertienjarige werd hij lid van de Hitlerjugend en op zeventienjarige leeftijd, in 1943, meldde hij zich aan bij de Waffen-SS en vocht aan het oostfront.

Later volgde hij een opleiding tot SS-officier. Na de bevrijding werd hij gearresteerd en veroordeeld tot een gevangenisstraf van dertien maanden.

Ook werd zijn Nederlandse nationaliteit hem ontnomen.

Na deze donkere periode bouwde Melchior een succesvol zakenimperium op en vestigde hij zich in Lanaken, op Domein Zangersheide, waar hij zijn wereldberoemde stoeterij Studbook Zangersheide oprichtte.

In 1974 verkreeg hij de Belgische nationaliteit.

Voor zijn verdiensten ontving hij later diverse onderscheidingen: hij werd officier in de Leopoldsorde, kreeg het Ereteken van Verdienste van de stad Maastricht, was ereburger van Lanaken en erevoorzitter van voetbalclub MVV.

Zijn passie voor de paardensport werd doorgegeven aan zijn dochter, Judy-Ann Melchior, die een professioneel ruiter werd.

Leon Melchior overleed op 11 november 2015 op 88-jarige leeftijd.

Twee markante figuren, een wereldster uit de opera en een ondernemer met een beladen verleden, wiens paden 35 jaar geleden kort kruisten in Limburg.

Gisteren nog vandaag