Vandaag is het al drie jaar geleden dat de Gentse politieker Francis Van den Eynde is overleden.

Ik leerde Francis in de jaren negentig van de vorige eeuw kennen, als een warm en tedere man.

De eerste ontmoeting zal ik nooit vergeten, het was in de ochtend toen hij zijn gevel aan het opkuisen was.

Want voor de zoveelste keer was zijn gevel terug beklad met hakenkruisen en scheldwoorden.

De waardige manier hoe hij daarmee omging, was het begin van een wederzijdse waardering voor elkaar.

Ondanks verschillende achtergronden, leerde ik via Francis een andere kant kennen over Vlaanderen en vooral dat hij een warm hart had voor alle mensen. Dus zeker niet de racist, zoals sommige hem durfde te noemen.

Later werden we dan ook vrienden, zoals we dat noemen in Fb termen.

Zijn liefde voor folkmuziek en Ierland kwam vaak aan bod tijdens onze gesprekken.

Van den Eynde zetelde twintig jaar lang in de Kamer en het Vlaams Parlement, maar was bovenal het boegbeeld van Vlaams Blok en later Vlaams Belang in Gent.

Daar zetelde hij tussen 1988 en 2012 in de gemeenteraad.

Van den Eynde doorliep een parcours dat vrij klassiek is voor oudere VB’ers: hij startte zijn carrière bij de Volksunie en stapte na het Egmontpact uit de partij om onder leiding van Karel Dillen het Vlaams Blok te helpen uitbouwen.

Hij was ook actief bij radicale bewegingen als Were Di en Voorpost.

Het bezorgde hem een parlementaire carrière van twintig jaar, en even – tussen 1999 en 2001 – was hij ook ondervoorzitter van de Kamer. Toen echter bleek dat hij aanwezig was geweest op een bijeenkomst van het Sint-Maartenfonds – een organisatie van voormalige Oostfrontstrijders en ex-nazi’s – moest hij die functie neerleggen.

Het was dezelfde vergadering die Johan Sauwens (toen VU, later CD&V) bijwoonde, en waardoor hij moest opstappen als Vlaams minister.

Ook het einde van Van den Eyndes carrière bij Vlaams Belang was tumultueus.

Hij koos de kant van voormalig partijvoorzitter Frank Van Hecke en Marie-Rose Morel in hun pogingen om de partij een minder radicale koers te laten varen.

En dat zorgde voor spanningen met partijvoorzitter Bruno Valkeniers en Filip Dewinter.

Ook in Gent waren er problemen: samen met vier andere gemeenteraadsleden scheurde Van den Eynde zich af van de moederpartij om de Belfortgroep op te starten.

Uiteindelijk schorste het partijbestuur hem in, en in 2011 werd hij uit de partij gezet.

Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2012 riep hij op om voor de N-VA te stemmen.

Vandaag 30 jaar geleden, Anke Van dermeersch verkozen tot Miss België.

Vandaag werd Van dermeersch tot Miss België gekroond in het casino van Spa.

Haar verkiezing was de eerste die rechtstreeks uitgezonden werd op televisie (RTL TVI) en ook kon de kijker voor het eerst meestemmen.

In 1992 was ze 5de eredame bij Miss Universe.

Van dermeersch studeerde tussen 1992 en 1997 rechten aan de UFSIA en de UIA.

Aan de UFSIA werd ze na 2 kandidaturen kandidaat in de rechten en aan de UIA na 2 licenties licentiaat in de rechten. Vervolgens deed ze aan de UIA tussen 1997 en 1999 2 specialisatiejaren Master in Tax Law.

Na haar studies werd ze advocaat aan de balie van Antwerpen, gespecialiseerd in internationaal fiscaal recht.

Ze begon een politieke loopbaan bij de VLD en was voor deze partij in 1999 kandidaat voor het Europees Parlement.

Van dermeersch raakte echter niet verkozen.

Ze had tijdens de campagne onder andere gesteld dat indien ze verkozen werd naakt zou poseren in Playboy.

Vandaag 30 jaar geleden, Anke Van dermeersch verkozen tot Miss België

Nadat ze in 2000 gesprekken had gevoerd met het Vlaams Blok uit onvrede over haar plaats op de VLD-kieslijst bij de lokale verkiezingen, wat door het cordon sanitaire tegen de partij verboden was, werd ze in maart voor één jaar geschorst al partijlid van VLD en kreeg ze geen plaats meer voor de lijst voor de gemeenteraadsverkiezingen van de partij.

Daarop verliet ze de partij en stapte ze over naar het Vlaams Blok.

Ze was tevens gevraagd voor de partij Algemeen Belang Centraal (ABC) van Willy Vermeulen, voormalig topman van het Hoog Comité van Toezicht.

Van 2003 tot 2014 zetelde ze voor het Vlaams Blok in de Belgische Senaat als rechtstreeks gekozen senator en sinds 2014 is ze deelstaatsenator in de Senaat.

In de Senaat was ze van 2007 tot 2009 ondervoorzitter en van 2011 tot 2019 voorzitster van de Vlaams Belang-fractie.

Sinds 2007 is ze ook gemeenteraadslid van Antwerpen.

In 2013 haalde ze de wereldwijde media nadat schoenenfabrikant Louboutin haar voor de rechter sleepte omwille van het gebruik van de voor het merk typerende hoge pumps met rode zolen in haar campagne Vrouwen Tegen Islamisering.

Op het pamflet en de affiche werden volgende waardeoordelen geplaatst (boven naar onder): steniging, verkrachting, hoer, slet, gematigde Islam en shariaconform.

Tevens ging de Canadese studente Rosea Lake een rechtszaak aan tegen Van Dermeersch omdat de campagne te sterk gebaseerd was op een werk van de studente met de titel Judgments.

De politica paste na het geding van Louboutin voor de handelsrechtbank de affiche aan met een schijnbaar identiek paar schoenen met gele zolen.

Ook de Canadese studente werd door de rechtbank in haar gelijk gesteld.

Van dermeersch kreeg een verbod de affiche verder te gebruiken en een dwangsom van € 1000 per inbreuk opgelegd.

Ze ging tegen de uitspraak in beroep.

Nadien bracht ze een nieuwe campagne uit onder de slogan boerka of bikini?

Sinds 2014 zetelt ze in het Vlaams Parlement.

Ze behaalde 31.540 voorkeurstemmen als lijsttrekster op de Vlaams Belang-kieslijst voor de kieskring Antwerpen.

In november 2016 bracht ze samen met partijgenoten Filip Dewinter en Jan Penris een bezoek aan Griekenland om er de gevolgen van de vluchtelingencrisis te bekijken.

Tijdens dit bezoek was er ook een ontmoeting met de neonazistische partij Gouden Dageraad, waarbij Filip Dewinter een toespraak gaf.

Partijvoorzitter Tom Van Grieken was niet tevreden met deze ontmoeting en vond dat partijleden van Vlaams Belang niets te zoeken hadden bij neonazistische partijen.

Bij een speciale vergadering van het partijbestuur werd beslist om de drie officieel terecht te wijzen.

Anke Van dermeersch zelf werd uit het Vlaams Belang-partijbestuur gezet en van haar zetel in de Belgische Senaat ontheven.

Ze weigerde echter ontslag te nemen als senator en vond dat haar partij haar niet kon dwingen om haar mandaat van senator af te staan.

Dit werd door het Vlaams Parlement bevestigd, waarop ze enkel uit het partijbestuur van Vlaams Belang werd gezet.

Bij de Vlaamse verkiezingen van 2019 werd ze vanop de tweede plaats van de Antwerpse Vlaams Belang-lijst herkozen als Vlaams Parlementslid met 21.966 voorkeurstemmen.

Ook werd ze opnieuw afgevaardigd als deelstaatsenator.

Haar functie van fractievoorzitter moest ze echter afstaan aan Guy D’haeseleer, maar ze werd wel lid van het Bureau van de Senaat.(Diverse bronnen, Wikipedia en De Post van 10 mei 1991)

Urbanus en Anke Van dermeersch, Dr Knoeipoes

Vandaag 15 jaar geleden, overlijdt stakingsleider Gerard Slegers op 78-jarige leeftijd.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog was Gerard Slegers oorlogsvrijwilliger bij de Brigade Piron.

Omdat Slegers geen lid was van de Kommunistische Partij van België, werd hij na de oorlog niet erkend als gewapend weerstander.

Na de oorlog bleef hij nog tot in 1947 onderofficier in het Belgische leger en daarna werkte hij enkele jaren in een katoenfabriek.

Getrouwd met Rosa Suls, werd Slegers in 1951 werkleider in de koolmijnen van Winterslag.

Hij werd een bekend vakbondsleider vanaf 1969.

De mijnwerkers eisten toen een loonopslag van vijftien procent, als gevolg van een loonstudie die in opdracht van gouverneur Louis Roppe was uitgevoerd.

Na onderhandelingen met de directie van de Kempense Steenkolenmijnen gingen de vakbonden akkoord met een opslag van 4,5 procent.

Dit was niet naar de zin van Slegers, die de mijnwerkers meesleepte in een hardnekkige staking van vijf weken en uitmondde op een loonopslag die schommelde tussen de 25 en de 28 procent.

Gerard Slegers werd hierdoor beroemd in zijn streek.

Reeds in de jaren 1960 werd hij politiek actief bij de Volksunie.

In 1971 was hij kandidaat op de VU-lijst voor de wetgevende verkiezingen.

Hij werd niet verkozen, maar, gesteund door zijn 21.000 voorkeurstemmen, werd hij als provinciaal senator voor Limburg lid van de Senaat.

Hij vervulde dit mandaat tot in 1974.

In de periode december 1971-maart 1974 had hij als gevolg van het toen bestaande dubbelmandaat ook zitting in de Cultuurraad voor de Nederlandse Cultuurgemeenschap, die op 7 december 1971 werd geïnstalleerd en de verre voorloper is van het Vlaams Parlement.

Binnen de VU propageerde hij het onafhankelijke syndicalisme.

Hij was verder eerste voorzitter van het Permanent Komitee van het Kempens Bekken en van 1970 tot 1976 gemeenteraadslid van Genk.

Hij werkte tot aan zijn pensioen in de dienst waarin onder meer het reddingswezen van de Kempische Steenkoolmijnen was ondergebracht.

In 1977 verliet Slegers de VU uit protest tegen het Egmontpact.Vervolgens was hij medestichter van de Vlaams Nationale Partij, waarvan hij de ondervoorzitter werd.

Hij nam deel aan de onderhandelingen met de Vlaamse Volkspartij, waaruit in 1979 het Vlaams Blok ontstond.

Slegers werd lid van de partijraad van het VB.

Nadat hij kritiek had geuit op de koers van de partij, hij vond dat het Vlaams Blok te veel de klemtoon legde op de migrantenproblematiek en te weinig aandacht had voor de Vlaams-nationalistische eisen, werd hij in 1989 met enkele medestanders uit de partij gezet.

Vervolgens was Slegers medestichter van het Nationalistisch Verbond – Nederlandse Volksbeweging, een volksnationalistische en Groot-Nederlandse drukkingsgroep. (Diverse bronnen en Wikipedia)