Vandaag 90 jaar geleden, première van de opera Porgy and Bess van George Gershwin in Colonial Theatre te Boston. 

George Gershwin zag zijn opera Porgy and Bess als zijn ultieme poging om erkenning te krijgen als serieus klassiek componist.

Bij de eerste opvoering, voor publiek op 10 oktober 1935 in New York, was het succes echter beperkt.

Een bijzonderheid van het werk was Gershwins strikte eis dat alle gezongen rollen door zwarte acteurs en actrices vertolkt moesten worden; slechts enkele kleine, niet-gezongen rollen waren weggelegd voor blanke acteurs.

Deze voorwaarde leidde tot een historisch moment tijdens de Amerikaanse tournee in 1936.

Toen het Nationaal Theater in Washington DC aanvankelijk alleen een blank publiek wilde toelaten, weigerde hoofdrolspeler Todd Duncan (Porgy) op te treden.

Zijn protest was succesvol: voor het eerst in de geschiedenis opende het theater zijn deuren voor een gemengd publiek.

Porgy and Bess was de laatste Broadway-productie van George Gershwin.

Hierna vertrok hij naar Hollywood om filmmuziek te schrijven, maar hij overleed op 11 juli 1937 op 38-jarige leeftijd aan de gevolgen van een hersentumor.

Ironisch genoeg werd de opera pas na zijn dood echt populair. Toch wordt het werk relatief weinig opgevoerd.

De voornaamste reden is de moeilijkheid om een volledige bezetting van zwarte operazangers te vinden, een voorwaarde die Gershwin testamentair had laten vastleggen.

Terwijl de volledige opera een zeldzaamheid bleef, vonden diverse stukken een eigen leven in de jazzwereld.

Nummers als SummertimeIt Ain’t Necessarily So en I Loves You, Porgy worden als absolute klassiekers beschouwd, net als het album dat Miles Davis en Gil Evans in 1958 op basis van de opera maakten (30 september 1935, foto’s van de film uit 1959).

Plaats een reactie