Earl Bostic ‎ The Best Of Earl Bostic

Het bekendste was Bostic voor zijn markante alt-saxofoon-sound.

Bovendien speelde hij tenor-saxofoon, fluit en klarinet.

De romantische, maar ook ondernemende klank van de Bostic-band, gewoonlijk in de bezetting Gene Redd (vibrafoon), Fletcher Smith (piano), Margo Gibson (bas), Charles Walton (drums) en Alan Seltzer (gitaar) en Earl Bostic (alt-saxofoon) was een van de onmiskenbare sounds zowel van de jazz alsook van de R&B.

Zijn plaatopnamen waren in de jaren 50 succesnummers in de jukeboxen.

Bostic genoot een elementaire opleiding tot muzikant en kreeg van de Xavier University in New Orleans een onderscheiding in muziektheorie.

Hij verhuisde in 1938 naar New York en richtte een jazz-combo op.

Tijdens de vroege jaren 40 speelde hij in de band van Lionel Hampton.

In 1945 verliet hij de band, richtte opnieuw een combo op, waarmee hij voor Majestic Records opnamen maakte.

Het grote succes bleef echter uit, totdat hij in 1948 bij Gotham Records in New York een contract tekende en overging naar de R&B.

Met het muziekstuk Temptation had hij direct succes (10e plaats, R&B-charts).

In de verloop van de jaren 50 nam Bostic veel op voor King Records uit Cincinnati, waar hij twee zeer succesvolle singles uitbracht: Sleep (1950, 6e plaats) en zijn grootste succes Flamingo (1951, 1e plaats).

De interpretatie van het laatste nummer werd zijn handelsmerk.

Tijdens de jaren 60 nam hij voor King Records diverse albums op, waarvan de muzikale stijl in toenemende mate richting soul-jazz neigde.

Op 28 oktober 1965 overleed Earl Bostic op 52-jarige leeftijd aan de gevolgen van een zwaar hartinfarct tijdens een optreden in Rochester.(Diverse bronnen en Wikipedia)

Earl Bostic ‎ The Best Of Earl Bostic

60 jaar geleden, reclame voor Pleegzuster Bloedwijn (september 1969)

Met deze advertentie uit de jaren vijftig moedigde de firma Chefaro ‘de herstellenden, de zieken én de kinderen met bloedarmoede’ aan tot het nuttigen van enkele glaasjes Pleegzuster Bloedwijn. Die ‘medicinale’ rode wijn was versterkt met ijzerverbindingen, calciumglycerofosfaat en ginseng en volgens Chefaro uiterst behulpzaam tegen allerlei kwaaltjes. Ook de kraamvrouw in die tijd kreeg Pleegzuster Bloedwijn om flink aan te sterken. Gouden medaille Bloedwijn drinken was jaren daarvoor al erg populair. In een krant uit 1894 bevolen zelfs artsen de ‘met een gouden medaille bekroonde Mesener Bloedwijn’
(Hongaarse port) van harte aan! In de jaren twintig plaatste de firma Haco zelfs prijsvragen in de krant, waarin de lezers een gedicht over de bloedwijn De Pleegzuster konden insturen ‘welk geschikt moet zijn om als reclame gepubliceerd te worden’.
Pleegzuster Bloedwijn beleefde hoogtijdagen in de jaren zestig en zeventig. De advertenties in de vrouwenbladen en kranten beloofden dat het niet alleen voor dames en ouderen heilzaam was, maar ook voor de heren. Door het nuttigen van enkele glaasjes per dag konden die wat doen aan ‘de overspanning’! De bloedwijn was in die jaren gewoon te koop in de supermarkt, waardoor heel wat mensen er net iets te gretig gebruik van maakten. Uiteindelijk onderzocht de Reclame Code Commissie in 1998 of Pleegzuster Bloedwijn daadwerkelijk een medicijn was, of dat men zich zo prettig voelde door het alcoholpercentage van 13,5%. De uitkomst was duidelijk: Pleegzuster Bloedwijn kon best helpen tegen een aantal kwaaltjes, maar het was géén medicijn!

60 jaar geleden, reclame voor Pleegzuster Bloedwijn (september 1969)
60 jaar geleden, reclame voor Pleegzuster Bloedwijn (Augustus 1959)