
Senne, Peter en Vincent Rouffaer in de Story van 12 november 1985

Foto's, en reportages en voor 95 % niet terug te vinden op Google uit ons ver verleden, over Gent, Vlaanderen, film, muziek, sport, politiek en zoveel meer uit tijdschriften en kranten en jaarboeken. Vanaf de jaren 1900 tot en met gisteren. Meer foto's en artikelen terug te vinden op onze Fb groep Gisteren nog vandaag en de Fb groep Weetjes over popmuziek



Gisteren nog vandaag

Hij is vooral bekend geworden door het organiseren van massa-spektakels.
Het leverde hem de bijnaam “De Napoleon van het Massaspel” op.
Hij groeide op in Roosendaal. Al van jongs af speelde hij toneel.
Bijvoorbeeld op zijn middelbare school, het Sint Norbetuslyceum in Roosendaal tijdens Toneelavonden en tijdens een plechtige feestviering ter gelegenheid van zijn communiefeest op het Instituut St. Louis te Oudenbosch.
Hij verhuisde naar Amsterdam en volgde daar de toneelschool en behaalde in 1939 zijn diploma. Eind 1939 richtte hij zijn eigen toneelgezelschap op, Het Nederlands Toneellyceum.
Dit was meer dan een toneelgezelschap, het gezelschap had tot doel “het cultuurbezit te beschermen door begrip en liefde bij het Nederlandse volk aan te kweken voor de grote toneelwerken in de literatuur van alle tijden”.
Hoewel het Departement van Volksvoorlichting en Kunsten (DVK) Briels bij de start van Het Nederlands Toneellyceum gunstig gezind was, was het dat na de zomer van 1941 niet meer.
Het kwam zelfs zo ver dat Briels werd opgepakt en gevangen gezet in het Oranjehotel in Scheveningen (september 1942).
Hij werd gedwongen Het Nederlands Toneellyceum op te heffen waarna hij werd vrijgelaten.
Na de oorlog kreeg hij naamsbekendheid als artistiek leider en regisseur van talloze naoorlogse massaspelen.
Zo organiseerde hij in 1946 in het Olympisch Stadion in Amsterdam het spektakelstuk Het drama der bezetting.
In 1947 bracht hij het massaspel De waterweg heroverd in het Feyenoordstadion.
Bij het gouden regeringsjubileum van koningin Wilhelmina in 1948 leidde hij wederom in Amsterdam zo’n evenement.
Later regisseerde Briels onder meer het massaspel Zevenhonderd Jaar en één Nacht, bij het 700-jarig bestaan van de stad Breda (1952) en de expositie De Rijn in de RAI (1952).
In 1962 was opnieuw het Feyenoordstadion het podium voor One world or none, een vierdaags massaspel over het atoomtijdperk.
Deze productie werd via Eurovisie in vele landen uitgezonden en er waren ook filmploegen uit Amerika. Briels was een evenementenman avant la lettre en werd ook wel de Nederlandse Cecile B. de Mille genoemd. (Diverse bronnen, Theaterencyclopedie en De Post van 9 november 1980)


Gisteren nog vandaag







Dankzij deze Duitse film was dit voor Granata het begin van een hele reeks hits in Duitsland, zoals zoals Du Schwarzer Zigeuner, Melancholie, Tango d’Amore en zijn grootste hit Buona Notte Bambino (1963).
Granata had het nummer oorspronkelijk in het Italiaans geschreven, maar had er in het Duits succes mee in België, Nederland en Duitsland.
Zijn succes in Duitsland was groot: hij kwam bij een enquête naar de bekendste zangers in Duitsland op de derde plaats, na onder andere Elvis Presley.
Granata acteerde en zong in een tiental muzikale films.
Marina werd in 2009 in Duitsland uitgeroepen tot beste Italiaanstalige hit aller tijden.





Frans Pointl debuteerde met een dichtbundel in 1959, Afscheid van de laatste lente, maar het duurde decennia voordat hij met proza opnieuw naar buiten trad.
Pointl werd pas bekend toen hij vijftiger was met zijn boek De kip die over de soep vloog (1990) dat gelijk voor de AKO Literatuurprijs genomineerd werd.
De verhalenbundel gaat over zijn jeugd als zoon van een getraumatiseerde joodse moeder.
Van het boek werden niet alleen 100.000 exemplaren verkocht, het werd ook genomineerd voor de AKO-Literatuurprijs.
Het plotse succes had Pointl in niet geringe mate te danken aan zijn optreden in het boekenprogramma van Adriaan van Dis op de Nederlandse televisie.
Hij nam het publiek in Nederland en Vlaanderen voor zich in met zijn gevatte, aparte joodse humor.
Na “De kip die over de soep vloog” bleef Pointl kortverhalen schrijven, maar die wisten het succes van zijn debuut niet meer te evenaren.
Zijn laatste verhalenbundel verscheen in 2013.
De titel was “De laatste kamer”, een verwijzing naar het Amsterdamse rusthuis waar hij tegen zijn zin verbleef.(Diverse bronnen, Sara Van Poucke, Wikipedia en foto’s 1990)




Portrettengalerij van Conny Vandenbos (Story oktober 1985)



