
30 jaar geleden, Eddy Wally groter dan Sinatra (De Post 22 maart 1991)

Foto's, en reportages en voor 95 % niet terug te vinden op Google uit ons ver verleden, over Gent, Vlaanderen, film, muziek, sport, politiek en zoveel meer uit tijdschriften en kranten en jaarboeken. Vanaf de jaren 1900 tot en met gisteren. Meer foto's en artikelen terug te vinden op onze Fb groep Gisteren nog vandaag en de Fb groep Weetjes over popmuziek





Paul Snoek wordt gerekend tot de Vijfenvijftigers, een groep experimentele dichters van voornamelijk Vlaamse origine gegroepeerd rond Gard Sivik, zoals Gust Gils en Hugues C. Pernath, die allen zijn gaan publiceren voor 1955.
Deze generatie dichters vormde een reactie op de voornamelijk Nederlandse Vijftigers, waaronder Lucebert, Gerrit Kouwenaar, Jan Elburg, Remco Campert, Simon Vinkenoog, Hans Andreus en Hugo Claus.
Paul Snoek weigerde trouwens ingedeeld te worden bij de Nederlandse Vijftigers.
Zijn werk is moeilijk bij één stroming in te delen of valt moeilijk onder één noemer te vatten.
Begonnen als romantisch dichter, evolueerde hij naar meer agressieve en cynische geschriften.
Op het laatste werd hij een gelaten, pessimistisch dichter, in overeenstemming met zijn manisch-depressieve buien.
Paul Snoek schilderde ook en stelde zijn werken tentoon. Het KaZ in Oostende bezit een viertal schilderijen van hem, onder andere “Little Venus” en “Angry Jupiter”.(Diverse bronnen, Wikipedia en De Post van 21 maart 1971)











Kunstenaar Lucien Van Den Driessche (Deinze, 1926 – Jette, 1991) was de zoon van René Van Den Driessche, eveneens een kunstschilder uit Deinze.
Lucien was een autodidact die aanvankelijk schilderde onder invloed van de Latemse School (Saverys, De Smet, Permeke).
Hij begon in ’59 met materieschilderijen.









De Clerck studeerde Germaanse filologie. Hij begon zijn loopbaan op de Brusselsese redactie van de Gazet van Antwerpen als stagiair-journalist.
Als journalist hield hij zich vooral bezig met de EEG en de NAVO.
In 1973 ging hij aan de slag als hoofdredacteur binnendienst bij de Vlaamse Elsevier.
Vervolgens koos De Clerck voor de politiek.
Hij was achtereenvolgens perschef van minister van verkeer Jos Chabert (1975 – ’77), CVP-woordvoerder en hoofdredacteur van het partijblad Zeg (1978-’79), woordvoerder van premier Wilfried Martens (1979 – ’83) en woordvoerder van de Regering-Martens V (vanaf 1982).
Hierop volgend werd hij in 1983 aangesteld als directeur-generaal van het Belgisch Instituut voor Voorlichting en Documentatie (Inbel).
Vervolgens was hij van 1985 tot 1991 hoofdredacteur van de Gazet van Antwerpen. Van 1991 tot 1994 was hij algemeen-hoofdredacteur van de Vlaamse Uitgeversmaatschappij, uitgever van De Standaard en Het Nieuwsblad.
Na de overname van Het Volk eind 1994 werd zijn functie als algemeen hoofdredacteur afgeschaft en kreeg iedere krant terug zijn eigen hoofdredacteur.
Hij werd hoofdredacteur van Het Nieuwsblad.
In september 1995 werd hij uit die functie ontslagen.
In oktober 1995 werd hij als hoofdredacteur van deze krant opgevolgd door Pol Van Den Driessche.
Begin 1995 werd De Clerck samen met Paul Goossens interviewer in het discussieprogramma Het Uur van de Waarheid op de zender VT4.
Hij bleef dit slechts één seizoen.
Begin 1997 ging hij als redactioneel coördinator aan de slag bij de zender The Narrow Casting Company (TNCC).
Hij werkte mee aan het programma Medion. (Wikipedia, De Post maart 1991
en foto’s maart 1991)












