50 jaar geleden, ten huize van de dichter Paul Snoek

Paul Snoek wordt gerekend tot de Vijfenvijftigers, een groep experimentele dichters van voornamelijk Vlaamse origine gegroepeerd rond Gard Sivik, zoals Gust Gils en Hugues C. Pernath, die allen zijn gaan publiceren voor 1955.

Deze generatie dichters vormde een reactie op de voornamelijk Nederlandse Vijftigers, waaronder Lucebert, Gerrit Kouwenaar, Jan Elburg, Remco Campert, Simon Vinkenoog, Hans Andreus en Hugo Claus.

Paul Snoek weigerde trouwens ingedeeld te worden bij de Nederlandse Vijftigers.

Zijn werk is moeilijk bij één stroming in te delen of valt moeilijk onder één noemer te vatten.

Begonnen als romantisch dichter, evolueerde hij naar meer agressieve en cynische geschriften.

Op het laatste werd hij een gelaten, pessimistisch dichter, in overeenstemming met zijn manisch-depressieve buien.

Paul Snoek schilderde ook en stelde zijn werken tentoon. Het KaZ in Oostende bezit een viertal schilderijen van hem, onder andere “Little Venus” en “Angry Jupiter”.(Diverse bronnen, Wikipedia en De Post van 21 maart 1971)

50 jaar geleden, ten huize van de dichter Paul Snoek (De Post april 1971)
50 jaar geleden, ten huize van de dichter Paul Snoek (De Post april 1971)
50 jaar geleden, ten huize van de dichter Paul Snoek (De Post april 1971)
50 jaar geleden, ten huize van de dichter Paul Snoek (De Post april 1971)

40 jaar geleden, kunstschilder Lucien Van Den Driessche in de Post van 15 maart 1981

Kunstenaar Lucien Van Den Driessche (Deinze, 1926 – Jette, 1991) was de zoon van René Van Den Driessche, eveneens een kunstschilder uit Deinze.

Lucien was een autodidact die aanvankelijk schilderde onder invloed van de Latemse School (Saverys, De Smet, Permeke).

Hij begon in ’59 met materieschilderijen.

40 jaar geleden, kunstschilder Lucien Van Den Driessche in de Post van 15 maart 1981
40 jaar geleden, kunstschilder Lucien Van Den Driessche in de Post van 15 maart 1981

50 jaar geleden, tentoonstelling schilderijen van Toon Hermans in het Brabantse Haren (De Post 7 maart 1951).

50 jaar geleden, tentoonstelling schilderijen van Toon Hermans in het Brabantse Haren (De Post 7 maart 1951).
50 jaar geleden, tentoonstelling schilderijen van Toon Hermans in het Brabantse Haren (De Post 7 maart 1951).
50 jaar geleden, tentoonstelling schilderijen van Toon Hermans in het Brabantse Haren (De Post 7 maart 1951).
50 jaar geleden, tentoonstelling schilderijen van Toon Hermans in het Brabantse Haren (De Post 7 maart 1951).

40 jaar geleden, te gast bij de Vlaamse kunstschilder Marc Mendelson.

50 jaar geleden, te gast bij de Vlaamse kunstschilder Marc Mendelson
50 jaar geleden, te gast bij de Vlaamse kunstschilder Marc Mendelson

Marc Mendelson is schilder, aquarellist, zeefdrukker en beeldhouwer.

Zijn Britse ouders vestigen zich in 1922 in Antwerpen.

Debuteert met het magisch realisme en evolueert (vanaf 1948) naar abstracte materieschilderkunst en, na 1966, naar een persoonlijke neofiguratieve kunst.

Hij volgt een opleiding aan het Hoger Instituut te Antwerpen (1934 -39, G. van de Woestyne en I. Opsomer) en debuteert in 1942 in Antwerpen.

Zijn kunst wordt door de Duitsers als ‘entartete Kunst’ beschouwd en hij wordt tijdens een tentoonstelling in 1943 in Brussel gearresteerd.

Neemt deel aan de tentoonstellingen van Apport (1944 – 1948).

Vestigt zich in 1944 in Brussel. Mendelson is medestichter en ontwerper van het logo van La Jeune Peinture Belge (1945) en deelnemer aan de tentoonstellingen van deze vereniging.

Medeoprichter van Espace (1952). Ondervoorzitter van Les Amis de l’Art en organisator van evenementen rond moderne kunst.

Hij is de maker van de muurschilderingen in het Casino van Oostende (1952).

Hij werkt als leraar zeefdruk aan Ter Kameren (1951 – 1980) en is lid van de Koninklijke Academie (1965).

Hij vervaardigt muraal paneel Happy Metro to you in het metrostation Park in Brussel (1974).

Zijn werk is in talrijke musea vertegenwoordigd, o.m. in Antwerpen, Brussel, Elsene, Gent, Stockholm, New York (Guggenheim) en Pittsburgh (Carnegie).

50 jaar geleden, te gast bij de Vlaamse kunstschilder Marc Mendelson
50 jaar geleden, te gast bij de Vlaamse kunstschilder Marc Mendelson
50 jaar geleden, te gast bij de Vlaamse kunstschilder Marc Mendelson

40 jaar geleden, de Gentse schilder Jean Verame spuit de woestijn blauw (De Post 7 februari 1981)

40 jaar geleden, de Gentse schilder Jean Verame spuit de woestijn blauw (De Post 7 februari 1981)
40 jaar geleden, de Gentse schilder Jean Verame spuit de woestijn blauw (De Post 7 februari 1981)
40 jaar geleden, de Gentse schilder Jean Verame spuit de woestijn blauw (De Post 7 februari 1981)
40 jaar geleden, de Gentse schilder Jean Verame spuit de woestijn blauw (De Post 7 februari 1981)

30 jaar geleden, te gast bij de Vlaamse stripauteur, kunstschilder en illustrator Jan Bosschaert.

Op 16-jarige leeftijd verscheen er al een publicatie van Bosschaert in het stripblad Robbedoes. Vervolgens studeerde hij Vrije Grafiek aan het Sint-Lucasinstituut in Brussel.

Zijn eerste stripverhaal Icarus kwam uit in 1981. In 1983 verscheen Pest in ’t Paleis, een persiflage op de Belgische politiek, naar een scenario van Humo-journalist Guido Van Meir.

In 1998 tekende hij voor Urbanus het eerste album van een nieuwe stripreeks: De Geverniste Vernepelingskes.

In 2012 stopte hij tijdelijk met de reeks om zich meer bezig te houden met andere projecten.

Ander bekend werk van Bosschaert zijn de reeksen Sam en Jaguar.

Naast zijn stripverhalen is Jan Bosschaert bekend als kunstschilder en als illustrator. Dit laatste doet hij eerst en vooral voor de VRT, nadien voor een grote hoeveelheid uitgeverijen (onder andere Averbode, Uitgeverij Lannoo …), tijdschriften (Panorama) en schrijvers (onder anderen Marc de Bel, Katie Velghe). Ook enkele platenhoezen (onder anderen voor Pitti Polak, Plastic Bertrand, The Paranoiacs) en affiches (Saint-Amour) van zijn hand zijn verschenen.

Ter gelegenheid van 70 jaar Suske en Wiske tekende hij het stripverhaal De verwoede verzamelaar geschreven door Jan Verheyen.(Diverse bronnen, Wikipedia en De Post 11 januari 1991)

30 jaar geleden, te gast bij de Vlaamse stripauteur, kunstschilder en illustrator Jan Bosschaert.

60 jaar geleden, te gast bij de Gentse kunstschilder Jef Wauters.

Jef Wauters werd in 1927 geboren te Mariakerke als zoon van een Gents schoenenfabrikant.

Na zijn studies aan het Gentse Sint-Lievenscollege lokte een opendeurdag hem naar het Gentse Sint-Lucasinstituut.

Hij volgde er de lessen sierkunst, tekenen en schilderen bij Gerard Hermans en Maurice Tilley.

Later kreeg hij Jules De Sutter als leraar aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten te Gent.

Jef Wauters zou van 1949 tot 1959 zelf doceren aan het Hoger Instituut Sint-Lucas te Gent, waar hij die eerste stappen naar de kunstwereld had gezet.

Jef Wauters was de schilder van Venetië, een stad waar hij zich jaarlijks herbronde.

De schetsen die hij daar maakte vormden zijn archief voor mysterieuze olieverven met kleurrijke figuren en beelden van het architecturale erfgoed van Venetië.

Daarnaast was Wauters bekend als schilder van ontroerende, expressieve kinderkopjes, verveelde strenge rechters, statige bisschoppen, fleurige boeketten, swingende jazzmusici en van de schoonheid van zijn lievelingsbloem, de iris.

Hij ligt begraven op het kerkhof van het Vlaamse kunstenaarsdorp Deurle, een deelgemeente van Sint-Martens-Latem.

Zijn oeuvre bevindt zich thans in binnen- en buitenlandse musea en in privéverzamelingen.(Diverse bronnen, De Post 25 december 1960 en Wikipedia)

60 jaar geleden, te gast bij de Gentse kunstschilder Jef Wauters
60 jaar geleden, te gast bij de Gentse kunstschilder Jef Wauters
60 jaar geleden, te gast bij de Gentse kunstschilder Jef Wauters
60 jaar geleden, te gast bij de Gentse kunstschilder Jef Wauters
60 jaar geleden, te gast bij de Gentse kunstschilder Jef Wauters
60 jaar geleden, te gast bij de Gentse kunstschilder Jef Wauters

60 jaar geleden, te gast bij de Amerikaanse kunstenares Grandma Moses (echte naam Anna Mary Robertson Moses)

Robertson werd geboren op 7 september 1860, op een boerderij in Greenwich, New York, in een familie van 10 kinderen.

In 1887, op de leeftijd van 27, trouwde ze met boerenknecht Thomas Salmon Moses en het echtpaar vestigde zich op een boerderij in Virginia, alwaar ze bijna twee decennia bleven wonen.

Gedurende deze tijd baarde Robertson 10 kinderen, van wie vijf stierven in de kinderjaren.

60 jaar geleden, te gast bij de Amerikaanse kunstenares Grandma Moses (echte naam Anna Mary Robertson Moses)

In 1905 keerde het echtpaar terug naar New York en vestigde zich in Eagle Bridge, niet ver van haar geboorteplaats.

In 1927 stierf haar echtgenoot Thomas. Robertson bleef de boerderij draaiende houden, samen met de hulp van haar jongste zoon.

In 1936 ging ze noodgedwongen met pensioen, na diagnoses van artritis en andere ouderdomskwalen.

60 jaar geleden, te gast bij de Amerikaanse kunstenares Grandma Moses (echte naam Anna Mary Robertson Moses)

Grandma Moses werd op de leeftijd van 78 jaar ontdekt als kunstschilderes.

Zij had haar hele leven geld verdiend als handwerkster.

Toen zij als gevolg van artritis noodgedwongen moest stoppen, heeft ze het roer omgegooid en begon ze rond haar zeventigste levensjaar met schilderen.

60 jaar geleden, te gast bij de Amerikaanse kunstenares Grandma Moses (echte naam Anna Mary Robertson Moses)

Gedurende de daarop volgende 30 jaar maakte ze 1500 schilderijen, vooral over haar leven op de boerderij.

Haar werk is tentoongesteld in galeries in New York en op diverse locaties in Europa en Japan.

Haar kunstwerken werden zo populair dat ze veel gebruikt zijn op de kaarten van Hallmark.

Ze overleed in 1961 op 101-jarige leeftijd.(Diverse bronnen, De Post december 1960 en Wikipedia)

60 jaar geleden, te gast bij de Amerikaanse kunstenares Grandma Moses (echte naam Anna Mary Robertson Moses)
60 jaar geleden, te gast bij de Amerikaanse kunstenares Grandma Moses (echte naam Anna Mary Robertson Moses)
60 jaar geleden, te gast bij de Amerikaanse kunstenares Grandma Moses (echte naam Anna Mary Robertson Moses)

Vandaag 20 jaar geleden, voorstelling van het boek Paul McCartney Paintings in de Waterstone Bookstore in Londen.

Het boek bevat ruim 80 reprodukties van zijn werk, sinds hij begin jaren 80 is gaan schilderen.

Volgens McCartney-biograaf Barry Miles ,,brengt Paul al schilderend dezelfde humor en hetzelfde enthousiasme en plezier tot leven als hij dat deed met zijn muziek”.

De ex-Beatle zei er in The Guardian zelf over: Ik schilder gekke gezichtjes, landschappen, zeegezichten, waarvan u mij niet moet vragen wat ze voorstellen, maar mijn vrienden vinden ze leuk.”(Diverse bronnen, Foto 2 Kotsende Bowie 1990, Foto 4 Meneer Margrittes Liniaal 1995 en Foto 2 Paul en Bernd Zimmer )

Paul McCartney

60 jaar geleden, de Gentse kunstenaar Oscar Bonnevalle met zijn tentoonstelling Ballet op een palet in de galerij Bernheim in Parijs

Oscar Bonnevalle werd geboren op 16 februari 1920 in Gent, hij was de zoon van de fabrieksarbeider Hector Bonnevalle en de huishoudster Eliza Monsart.

Zijn vader sterft als Oscar nog zeer jong is en zijn moeder neemt de zorg voor hem op zich. Ze ontdekt al vroeg zijn talent en stimuleert hem om dit te ontwikkelen, wat niet evident was voor het milieu waarin ze leefde.

Vanaf 1933 volgt hij de lessen aan de Academie in Gent bij Jos Verdegem en Oscar Coddron en aan de school Arts et Métiers in Gent bij Herman Verbaere.

Op zijn zeventien stelt hij voor het eerst tentoon en behaald een eerste prijs schilderkunst en de gouden medailles voor schilderkunst en tekenen naar levend model.

Als de Tweede Wereldoorlog uitbreekt, vlucht hij naar de Auvergne in Frankrijk, maar heimwee doet hem terugkeren en hij debuteert als theaterdecorateur en kostuumontwerper.

Om aan de opeising voor werk in Duitsland te ontsnappen gaat hij in 1942 in dienst bij de Tussengemeentelijke Maatschappij voor Waterbedeling van Vlaanderen in Gent, waar hij uiteindelijk dertig jaar zal blijven werken.

Oscar wordt onder de wapens geroepen in 1945 en vervult zijn dienstplicht in Engeland.

Tijdens zijn diensttijd schildert hij kantines maar ook aquarellen en onder het pseudoniem Bonny publiceert hij karikaturen, wat hij jaren zal blijven doen voor het dagblad Vooruit.

Hij treedt in het huwelijk met Marie-Louise Guyssens in 1949.

In die periode reist hij frequent naar het buitenland om zijn kunst te vervolmaken en in 1953 heeft hij een eerste buitenlandse tentoonstelling in Parijs samen met Frans Masereel

Oscar Bonnevalle was ook zeer actief in het ontwerpen van postzegels.

Hij kwam voor het eerst in contact met de filatelie in 1962 en het bleef vanaf dan een van zijn grote passies.

In 1962 vroeg men hem een postzegel te ontwerpen voor de voor de 350ste verjaardag van de Gentse Schermersgilde Sint Michiels. Zin zegels zijn een groot succes en dat is het begin van een uitzonderlijke carrière op dat domein.

Voor de Belgische post ontwerpt hij meer dan 155 zegels en voor het buitenland een veelvoud daarvan, vooral voor Afrika.

In 1967 ontvangt hij in Lissabon de prijs van de Europese Postunie voor zijn Europazegels.

Op 30 maart 1996 wordt er een postzegel gewijd aan Oscar Bonnevalle uitgegeven ter herinnering aan hem.

De zegel is een ontwerp van P.P.G. De Schutter, met op de achtergrond het schilderij Gelatenheid van Bonnevalle uit 1981.

Het werk toont de vervuilende moderne tijd die ongenadig oprukt naar een vervlogen Bonnevalle landschap.

60 jaar geleden, de Gentse kunstenaar Oscar Bonnevalle met zijn tentoonstelling Ballet op een palet in de galerij Bernheim in Parijs

Vandaag 40 jaar geleden, overlijdt de Gentse schilder Camille D’Havé.

Camille D’Havé is geboren in Gent op de eerste mei in 1926.
Hij was een klasgenoot van Raveel en Hugo Claus linkte hem aan Goya en Picasso.

Camille D’havé was in de jaren 1940 lid van de Gentse kunstenaarsgroepering La Relève.

Vijf jaar geleden verscheen het boek Camille D’havé & La Relève van Willem Elias D’havé.
Dit boek toont een zestigtal werken van zijn hand en confronteert die ook met schilderijen van de La Relève-kunstenaars, onder wie Roger Raveel en Jan Burssens.
‘Een verbeeldingsrijke realist’, noemt auteur Willem Elias D’havé – doelend op de vreemde creaturen en fantasietaferelen die zijn werken kenmerken, maar ook op de boodschap over mens en wereld die hij ermee poneerde.


Want dat is het grote thema van de kunstenaar: de mens als een tot falen gedoemd wezen.
Naast de bijdragen van Elias vindt u ook teksten van Pjeroo Roobjee, Roger Marijnissen en Hugo Claus, aangevuld met een aantal interviews, met o.a. Flor Bex.


Camille D’Havé is 54 jaar geworden en ligt begraven op het kerkhof van Sint-Amandsberg.

Vandaag 40 jaar geleden, is de Gentse kunstschilder Maurice de Clercq te komen overlijden.

Aan de academie in Gent studeerde hij samen met Roger Raveel, Pierre Vlerick, Antoon de Clercq en Camille D’havé.

Hij kreeg er les van Jos Verdegem.

Het allereenvoudigste voorwerp wordt uit de banaliteit geheven en tot kunstwerk gepromoveerd.

Het spreekt vanzelf dat alleen een echte kunstenaar daarin slaagt.

En Maurice de Clercq behoorde daar ongetwijfeld toe, ook al heeft hij in zijn geboortestad Gent steeds weinig erkenning gekregen.

Zoals voor vele anderen moest die erkenning ook weer uit het buitenland komen.

De voorwerpen die Maurice de Clercq schilderde, zijn op zijn minst op de werkelijke grootte weergegeven.

Soms vergrootte hij ze zelfs om het banale indrukwekkender te maken.

Hij wilde er een blikvanger van maken.

Meteen viel ook het perspectief weg, want alles kwam immers op de voorgrond te staan.

Er bestond gewoon geen achtergrond meer.

Toch wilde Maurice de Clercq de al te nuchtere werkelijkheid vermijden.

Hij heeft het realisme dan ook steeds een vleugje lyriek geschonken.

Net zoals destijds de Vlaamse expressionisten een heel eigen schilderkunst hebben gevonden, die geënt was op het Duitse expressionisme, heeft ook Maurice de Clercq een Vlaams hyperrealisme gevonden, dat geënt was op het Amerikaanse.

Zo bleef deze Vlaamse hyperrealist in zijn werk steeds nauw betrokken bij de mens, zelfs al werd de mens er niet in uitgebeeld.

Want aan de schijnbaar objectieve uitbeelding van een paar strandstoelen of een gordijn voor een raam gaat steeds een subjectieve keuze van een detail uit een hoeveelheid waargenomen objecten vooraf.

Dit detail is nooit willekeurig gekozen, maar beantwoordt aan de persoonlijke gevoelswereld van de kunstenaar.

Het typisch Vlaamse karakter van Maurice de Clercqs hyperrealisme verklaart ongetwijfeld zijn succes in het buitenland.

De werkelijkheid was voor hem spannender geworden dan de rijkste fantasie.

Een boeiend avontuur werd door de dood plotseling afgebroken.(Diverse bronnen, Willem M. Roggeman en foto’s De Post 6 juli 1980)

Vandaag 40 jaar geleden, is de Gentse kunstschilder Maurice de Clercq te komen overlijden.
Vandaag 40 jaar geleden, is de Gentse kunstschilder Maurice de Clercq te komen overlijden.
Vandaag 40 jaar geleden, is de Gentse kunstschilder Maurice de Clercq te komen overlijden.
Vandaag 40 jaar geleden, is de Gentse kunstschilder Maurice de Clercq te komen overlijden.
Vandaag 40 jaar geleden, is de Gentse kunstschilder Maurice de Clercq te komen overlijden.
Vandaag 40 jaar geleden, is de Gentse kunstschilder Maurice de Clercq te komen overlijden.
Vandaag 40 jaar geleden, is de Gentse kunstschilder Maurice de Clercq te komen overlijden.

Vandaag is het ook al 40 jaar geleden dat de Gentse kunstschilder Maurice de Clercq is overleden.

Aan de academie in Gent studeerde hij samen met Roger Raveel, Pierre Vlerick, Antoon de Clercq en Camille D’havé.

Hij kreeg er les van Jos Verdegem.

Het allereenvoudigste voorwerp wordt uit de banaliteit geheven en tot kunstwerk gepromoveerd.

Het spreekt vanzelf dat alleen een echte kunstenaar daarin slaagt.

En Maurice de Clercq behoorde daar ongetwijfeld toe, ook al heeft hij in zijn geboortestad Gent steeds weinig erkenning gekregen.

Zoals voor vele anderen moest die erkenning ook weer uit het buitenland komen.

De voorwerpen die Maurice de Clercq schilderde, zijn op zijn minst op de werkelijke grootte weergegeven.

Soms vergrootte hij ze zelfs om het banale indrukwekkender te maken.

Hij wilde er een blikvanger van maken. Meteen viel ook het perspectief weg, want alles kwam immers op de voorgrond te staan.

Er bestond gewoon geen achtergrond meer. Toch wilde Maurice de Clercq de al te nuchtere werkelijkheid vermijden.

Hij heeft het realisme dan ook steeds een vleugje lyriek geschonken.

Net zoals destijds de Vlaamse expressionisten een heel eigen schilderkunst hebben gevonden, die geënt was op het Duitse expressionisme, heeft ook Maurice de Clercq een Vlaams hyperrealisme gevonden, dat geënt was op het Amerikaanse.

Zo bleef deze Vlaamse hyperrealist in zijn werk steeds nauw betrokken bij de mens, zelfs al werd de mens er niet in uitgebeeld.

Want aan de schijnbaar objectieve uitbeelding van een paar strandstoelen of een gordijn voor een raam gaat steeds een subjectieve keuze van een detail uit een hoeveelheid waargenomen objecten vooraf.

Dit detail is nooit willekeurig gekozen, maar beantwoordt aan de persoonlijke gevoelswereld van de kunstenaar.

Het typisch Vlaamse karakter van Maurice de Clercqs hyperrealisme verklaart ongetwijfeld zijn succes in het buitenland.

De werkelijkheid was voor hem spannender geworden dan de rijkste fantasie.

Een boeiend avontuur werd door de dood plotseling afgebroken.(Diverse bronnen, Willem M. Roggeman en foto’s De Post 6 juli 1980)

Maurice de Clercq