Marcia Barrett: van de klassieker Belfast tot de nieuwe single Don’t Forsake Me, Baby

Het levensverhaal van Marcia Barrett leest als een meeslepend avontuur.

Ze werd geboren op 14 oktober 1948 in Jamaica.

Op dertienjarige leeftijd liet haar moeder, die twee jaar eerder naar Europa was verhuisd op zoek naar een betere toekomst, Marcia en haar jongere zus overvliegen.

Na een tussenstop in Groot-Brittannië belandde Barrett uiteindelijk in Duitsland, waar ze aan de kost kwam als danseres.

Toen ze hoorde dat muziekproducer Frank Farian halverwege de jaren zeventig op zoek was naar vrouwelijke artiesten, besloot ze haar kans te wagen.

Barrett wist destijds niet goed wat hij precies zocht, want over zang- of dansvaardigheden was vooraf niets gezegd.

Tijdens de auditie zong ze een paar liedjes voor hem, totdat hij zei dat het voldoende was en dat ze binnenkort een telefoontje mocht verwachten.

Het nummer, dat Farian zelf had geproduceerd en ingezongen, groeide onverwacht uit tot een hit in Nederland en Vlaanderen door het succes van ‘Baby, do you wanna bump?’.

Toen een televisiezender hem vervolgens uitnodigde voor een optreden, moest hij hals over kop een groep bij elkaar zoeken.

Vanaf dat moment maakte ze deel uit van Boney M.

Samen met Liz Mitchell, die net als Barrett echt kon zingen, blikten ze hun eerste echte single ‘Daddy Cool’ in.

Daarna volgden de hitsingles elkaar in snel tempo op.

Het succes was volgens Barrett te danken aan toegankelijke popmuziek met eenvoudige, soms bijna kinderlijke melodieën die iedereen meteen kon meezingen.

Die nummers werden gebracht door vier exotische figuren in de meest extravagante kostuums, waardoor de groep werkte als een goed geoliede machine.

Toch mocht Barrett de dragende stem worden van het nummer Belfast, dat eind 1977 een grote Europese hit werd.

Dit was opmerkelijk, omdat velen er een protestlied in zagen, wat sterk afweek van de gebruikelijke feestnummers van Boney M.

Tijdens optredens merkte Farian dat dit nummer het erg goed deed in discotheken.

Barrett zong het lied toen al live, omdat de groep in de beginperiode nog weinig eigen materiaal had.

Farian maakte er vervolgens een volwaardige Boney M.-versie van, waarschijnlijk zonder te beseffen dat het een politieke lading had.

Barrett was blij dat ze een paar keer de belangrijkste stem in een liedje mocht zijn, wat inhield dat Farian haar stem tijdens de opnames iets meer liet doorklinken.

Voor haar was Belfast altijd haar nummer; het was al voor haar geschreven voordat ze bij de groep kwam en Farian paste het enkel aan de stijl van Boney M. aan.

Ze voelde zich verbonden met het nummer, omdat ze als artieste graag betrokken was bij wat er in de wereld gebeurde.

Belfast was een protestlied dat verwees naar de spanningen tussen katholieken en protestanten in de Noord-Ierse stad.

Het was bijzonder, omdat het niet werd gebracht door een Ierse of Britse band én omdat het tegelijk een danshit was in Europese discotheken.

Vanwege de politieke context werd de single niet uitgebracht in de Verenigde Staten en Canada, om de grote Ierse gemeenschap daar niet voor het hoofd te stoten.

De tekst werd door velen als erg vaag omschreven, waardoor het als protestlied nauwelijks indruk maakte.

Een regel als ‘Cause the children are leaving’ duidde er echter wel op dat Belfast geen veilige plek was om op te groeien.

In maart 2018 vroeg de nieuwswebsite Belfast Life in een overzicht van gedenkwaardige nummers over de stad zich af waar het lied in godsnaam over ging.

In de tweede helft van de jaren tachtig stopte Boney M., vooral omdat Frank Farian zich meer en meer van de groep distantiëerde.

Financieel had hij zich goed ingedekt en hij ging er met het meeste geld dan ook vandoor.

Barrett besloot haar energie niet te verspillen aan jarenlange juridische gevechten, maar koos er bewust voor om haar krachten positief in te zetten voor optredens.

Ze stelde dat Farian weliswaar rijk was geworden, maar in zijn hart een arm individu bleef.

Na Boney M. bleef Barrett actief in de muziek, zowel solo als met aangepaste bezettingen van de band.

Ze kreeg echter te maken met ernstige gezondheidsproblemen.

In 1994 werd eierstokkanker bij haar vastgesteld, het begin van een lange strijd tegen diverse kwaadaardige tumoren, waaronder recent nog slokdarmkanker.

Toch bleef ze strijdvaardig en overtuigd dat ze ook daar weer doorheen zou komen.

Inmiddels woont Marcia Barrett al meer dan zestig jaar in Duitsland, samen met haar echtgenoot en gitarist Marcus James.

Na in haar leven herhaaldelijk en succesvol tegen kanker te hebben gevochten, doet ze het nu rustiger aan met liveoptredens.

Haar muzikale activiteiten spelen zich voornamelijk af in de studio.

Zo bracht ze recent een nieuwe single uit onder de titel ‘Don’t Forsake Me, Baby’, een nummer dat ook te horen is op haar nieuwe album ‘Don’t Forsake Me, Baby’. Een album dat in totaal vijf nummers telt.

Met haar herkenbare stemgeluid, dat onder meer leidde tot de eerste plaats in de Vlaamse hitparade in november 1977 met Belfast, blijft ze een onvergetelijke figuur in de popgeschiedenis.

De single ‘Love’s Unkind’ van Donna Summer werd in de meeste Europese landen een bescheiden hit, met een top 30-notering in de Ultratop en Mega Chart en een top 20-positie in Duitsland en Oostenrijk.

In de Nederlandse Top 40 bleef de plaat steken op nummer 32, terwijl deze in de Vlaamse Ultratop 50 de 25e positie behaalde.

In de UK was het echter in maart 1978 een top 3-hit, na ‘I Feel Love’ haar grootste Britse singlesucces, en in Ierland bereikte de single zelfs een tweede plaats.

Hoewel de single in de Verenigde Staten nooit los is uitgebracht, bereikte deze daar wel de eerste plaats in de Billboard Dance Chart, omdat destijds het volledige album als één hitnotering telde.

Afhankelijk van het land waar de 7-inch single werd geperst, stond op de B-kant het nummer ‘Autumn Changes’ of ‘Black Lady’.

Ook bij deze opname zaten Giorgio Moroder en Pete Bellotte achter de knoppen.

Het vaste succesteam componeerde en produceerde de muziek, terwijl Donna Summer zelf de tekst schreef.

Het nummer is de tweede track op haar succesvolle conceptalbum ‘I Remember Yesterday’, waarop Love’s Unkind specifiek teruggreep naar de vrolijke girlgroup-sound en de sfeer van de jaren vijftig, maar dan verpakt in een strak discojasje.

De lp verscheen in de lente van 1977, amper 7 maanden na haar vorige album.

Voor het album ‘I Remember Yesterday’ valt er achter de schermen heel wat te ontdekken over de innovatieve werkwijze van Donna Summer en haar producers.

Het bijbehorende album is een van de meest invloedrijke platen uit het videotijdperk van de disco geworden.

Op een discobeat mijmert ze vooral over haar verleden, waarbij het overkoepelende muzikale concept letterlijk door de tijd reist. Donna Summer combineerde hierop moderne discobeats met muzikale stijlen uit eerdere decennia.

Het retroconcept van het album leverde opvallende momenten op.

Om de sfeer van de vroege decennia perfect te vangen, beperkte het team zich niet tot de instrumenten alleen.

Donna Summer paste haar zangtechniek per nummer aan en imiteerde bewust de zangstijlen en microfoontechnieken uit die specifieke tijdperken.

De nummers op de A-kant en het begin van de B-kant weerspiegelen verschillende decennia uit de muziekgeschiedenis en hebben telkens betrekking op een bepaalde periode.

De titelsong ‘I Remember Yesterday’ eert de jarenveertig-bigband-stijl, waarvoor ze zong met de theatrale dictie van een bigband-zangeres.

Vervolgens kijkt ‘Love’s Unkind’ naar de jaren vijftig.

Voor dit nummer liet ze haar stem veel lichter en jeugdiger klinken om de typische sound te evenaren.

De tekst is een herinnering aan de onschuldige perikelen van een schoolcrush, haar eerste verliefdheid op een klasgenootje en een liefdesdriehoek in de klas.

Het daaropvolgende nummer ‘Back in Love Again’ vertegenwoordigt daarna de jaren zestig met een herkenbare Motown-stijl.

Aan het einde van het album maakt Donna Summer de sprong naar de toekomst met de grensverleggende afsluiter ‘I Feel Love’, die destijds volledig met synthesizers werd gemaakt en de blauwdruk werd voor de moderne dancemuziek.

Dit futuristische slotnummer veranderde de popmuziek voorgoed, maar de opname ervan was een technisch hoogstandje.

Giorgio Moroder wilde een nummer maken dat volledig elektronisch was om de toekomst te symboliseren.

In 1977 was dat een enorme uitdaging, omdat synthesizers destijds snel ontstemden door de warmte in de studio.

De apparatuur moest elk uur opnieuw worden afgesteld om de typerende, strakke baslijn zuiver te houden.

De enige niet-elektronische bijdrage aan de hele track is de kickdrum, die live werd ingespeeld door drummer Keith Forsey, omdat een drumcomputer destijds nog niet krachtig genoeg klonk.

Toen David Bowie het nummer voor het eerst hoorde in een studio in Berlijn, rende hij naar Brian Eno en riep dat dit het geluid van de toekomst was dat de clubmuziek de komende twintig jaar zou gaan beheersen.

Wereldwijd werd het album een commercieel groot succes.

Het bereikte de top 10 in diverse Europese landen, waaronder Nederland, Oostenrijk, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk, terwijl de plaat in Italië en Spanje zelfs de eerste plaats wist te veroveren.

Er zijn miljoenen exemplaren van het album over de toonbank gegaan.

Alleen al in de Verenigde Staten was de verkoop goed voor meer dan een miljoen exemplaren, en ook in het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk werden honderdduizenden platen verkocht.

Vandaag is het precies honderd jaar geleden dat de beroemde operazangeres Maria Callas werd geboren.

Haar echte naam was Maria Anna Sofia Cecilia Kalogeropoulos en ze kwam ter wereld in New York, als dochter van arme Griekse immigranten.

Haar ouders scheidden toen ze jong was en ze had een moeizame relatie met haar moeder, die haar streng en ambitieus opvoedde.

In 1937 verhuisde ze met haar moeder terug naar Griekenland, waar ze haar eerste zangopleiding kreeg in Athene.

Ze maakte haar debuut in 1941 en bouwde al snel een internationale carrière op, met optredens in de belangrijkste operahuizen van Europa en Amerika.

Haar stem, die zowel dramatisch als lyrisch was, stelde haar in staat om een breed repertoire te zingen, van belcanto tot verismo.

Ze stond ook bekend om haar acteertalent en haar interpretatie van complexe personages.

Ze trouwde in 1949 met de rijke industrieel Giovanni Battista Meneghini, die haar manager werd, maar scheidde van hem in 1959 na een affaire met de Griekse scheepsmagnaat Aristoteles Onassis.

Deze relatie duurde tot 1968, toen Onassis haar verliet voor Jacqueline Kennedy, de weduwe van de Amerikaanse president.

Callas had geen kinderen, hoewel er geruchten waren dat ze een miskraam had gehad of een kind had afgestaan.

Ze stierf op 16 september 1977 in Parijs, op 53-jarige leeftijd, aan een hartaanval.

Op haar begrafenis waren tienduizenden mensen naar Parijs gekomen

De dienst werd gehouden in de Grieks-orthodoxe kerk aan de Rue Georges Bizet in Parijs.

Daarna werd haar lichaam gecremeerd en werd haar as in het columbarium geplaatst op de Parijse begraafplaats Père Lachaise.

Daar werd op dezelfde dag haar as gestolen en gelukkig twee dagen later teruggevonden.

In 1979, conform haar eigen wens, werd de as uitgestrooid voor het eiland Skorpios in de Ionische Zee.

Los Alegres met hun leuke single Yes I Do Like Your Bermuda uit 1977

Het nummer is geschreven door W. Stips en Reyckjavick.Trio Los Alegres was een Nederlands latintrio afkomstig uit Den Haag. De groep debuteert in 1968 met de single “Maria Christina” en bestaat dan uit zangeres Sylvia van der Molen en gitaristen Doy Salsbach en Hans Wierenga. Beginjaren zeventig horen we weinig van de groep, maar in 1975 zijn ze terug. De single “Coconut woman” wordt in samenwerking met Sweet Okay Supersister gemaakt. Zangeres Sylvia van der Molen is vervangen door de uit Rhenen afkomstige Jeanette Berlauwt.De single Yes I Do Like Your Bermuda kwam bij ons niet verder dan de Tipparade. In Nederland bereikte het nummer de éénentwintigste plaats in de Top 40. Na 15 jaar, besloot de groep om er mee te stoppen in 1983(Diverse bronnen en Wikpedia)