Vandaag nieuwe single voor Blondie: Spectral Eyes als voorbode van album High Noon

Het nummer geldt als het allereerste voorproefje van High Noon, het langverwachte twaalfde studioalbum van Blondie.

De release van het album staat gepland voor 26 februari 2027 en wordt hun eerste nieuwe langspeler sinds Pollinator uit 2017.

De opnamesessies gingen al van start in 2022 in New York City. Zowel de nieuwe single als het volledige album dragen een bijzonder emotionele lading.

Ze bevatten immers de allerlaatste studio-opnames van medeoprichter en topdrummer Clem Burke, die in 2025 op 70-jarige leeftijd overleed aan de gevolgen van kanker.

Zijn herkenbare, stuwende en dynamische drumstijl drukt dan ook nog een laatste keer een onmiskenbaar stempel op het groepsgeluid.

‘Spectral Eyes’ fungeert meteen als opener van het album.

Het nummer werd geschreven door voormalig The Smiths-gitarist Johnny Marr, die zelf ook de gitaarpartijen inspeelde.

Onder leiding van topproducer John Congleton brengt de track die typische, sprankelende gitaarsound samen met een eigentijdse newwave-energie, afgewerkt met de herkenbare en doorleefde stem van Debbie Harry.

Het verwachte album telt in totaal dertien nieuwe nummers.

Naast Johnny Marr doken nog heel wat andere vertrouwde namen en muzikale gasten de studio in, zoals Sex Pistols-bassist Glen Matlock, Zach Condon van Beirut en het Amerikaanse zangduo Jess Wolfe en Holly Laessig van Lucius.

Volgens Harry en Stein vloeien alle muzikale invloeden en tijdperken van de groep samen op de plaat: een geluid dat stevig verankerd ligt in het heden, maar tegelijk als een prachtig eerbetoon aan hun rijke muziekgeschiedenis en aan Clem Burke aanvoelt.

Naast de single vinden we op de tracklijst titels terug zoals Heartbreak Kid, Tambo Tambo, Little Metal Drummer, Sleepwalking en de afsluiter Ah, Sunflower, Weary of Time.

Wat vinden jullie van deze nieuwe van Blondie?

Kan Spectral Eyes jullie al bekoren, en kijken jullie ook al uit naar de nieuwe plaat High Noon volgend jaar? Laat maar horen wat jullie ervan vinden.

Van kantoorbaan tot tijdloze soulicoon: het muzikale verhaal van Jaki Graham

Jaki Graham werd op 15 september 1956 geboren in Birmingham en groeide uit tot een van de meest herkenbare en succesvolle Britse soul- en r&b-zangeressen van de jaren tachtig.

Ze is sinds 1976 getrouwd met haar jeugdliefde Tony Ormsby, en samen kregen ze een dochter en een zoon.

Hoewel ze op school elk jaar meedeed aan de zangwedstrijd, groeide ze niet op met muziek en had ze er nooit bij stilgestaan dat ze er ooit haar beroep van zou kunnen maken.

Ze had dan ook geen formele zangopleiding gehad en dat vond ze toen jammer.

Toch begon haar muzikale reis al als tiener bij gospelkoren en lokale bands, waaronder de funkformatie Ferrari, waar haar krachtige en warme stemgeluid al snel opviel.

Toen ze de schoolbanken verliet, sloot ze zich aan bij een bandje.

Niet veel later tekende ze een contract bij een platenlabel, al was dat in eerste instantie niet voor solowerk, maar vooral om backing vocals in te zingen voor anderen.

Al dat studiowerk vormde dan ook een waardevolle leerschool.

Ze was op de meest uiteenlopende platen te horen, en ook al bleef ze op de hoes meestal anoniem, achter de schermen bouwde ze gestaag aan haar reputatie.

Via deze weg kwam ze ook in contact met de mannen van UB40. Die jongens kwamen namelijk eveneens uit Birmingham en waren gewoon goede vrienden van haar geworden.

Ze leerde van hen veel over het vak en het maken van muziek.

In het begin, voordat haar dochter Natalie in 1981 werd geboren, kon ze maar niet besluiten om haar vaste kantoorbaan op te geven.

Haar schema was dan ook slopend: overdag werkte ze op kantoor, om vijf uur ’s middags werd ze opgehaald voor een optreden, om vier uur ’s nachts kwam ze thuis en om zeven uur stond ze weer op om naar haar werk te gaan.

Uiteindelijk gaf ze in 1983 haar baan als secretaresse definitief op voor een muzikale carrière, want toen haar dochter er eenmaal was, ging dat loodzware ritme dan ook niet meer samen.

Zingen, een kantoorbaan en een kind bleek te veel van het goede en ze moest dan ook een keuze maken.

Later, in 1993, werd het gezin nog uitgebreid met de geboorte van haar zoon Ryan.

Onder leiding van producer Derek Bramble vond ze in 1983 haar eigen kenmerkende mix van energieke pop, dansbare disco en eigentijdse Britfunk.

Grote successen leverde dat niet meteen op, want haar eerste twee singles, ‘Heaven Knows’ en ‘Once More with Feeling’, flopten.

Leerzaam was het wel, en het zorgde voor een stevig fundament.

Haar echte doorbraak voor het grote publiek kwam pas in mei 1985.

Graham vestigde haar naam eerst met een reeks sterke duetten met de Amerikaanse soulzanger David Grant, waaronder de singles ‘Could It Be I’m Falling in Love’ en ‘Mated’, die beide hoog eindigden in de Britse en Europese hitlijsten.

Ook solo bewees ze haar talent met nummers als ‘Round and Around’ en ‘Set Me Free’, waarmee ze een vaste waarde werd op de radio en in discotheken.

Ondanks al die successen voelde ze zich toen helemaal niet als een ster.

Ze voelde zichzelf helemaal niet beroemd en zag zichzelf vooral als een gewoon meisje dat af en toe leuke jongens ontmoette om mee op te treden.

Ze kon er dan ook maar moeilijk aan wennen dat mensen haar ineens als iemand belangrijks zagen.

Ze genoot met volle teugen van de enthousiaste reacties van haar publiek, al schreef ze dat succes toen vooral toe aan puur geluk.

Ze had nooit bewust naar de schijnwerpers gezocht en bleef gewoon haar nuchtere zelf.

Want in de allereerste plaats bleef ze altijd moeder. Haar dochter Natalie, over wie ze destijds al veel sprak in interviews, ging zo vaak mogelijk mee naar optredens.

Zodra Jaki de deur uitging voor een optreden, vroeg Natalie steevast of ze mee mocht.

Had het meisje vrij van school, dan nam ze haar met veel plezier mee.

Tijdens een van die tripjes had Natalie zich van top tot teen mogen opmaken, waardoor de jonge meid er bij nader inzien meer als een popster uitzag dan haar nuchtere moeder.

Die hechte band is er altijd gebleven; inmiddels werken moeder en dochter nauw samen en treedt Natalie op als haar manager.

In het najaar van 1986 verscheen haar tweede studioalbum, ‘Breaking Away’, dat in het Verenigd Koninkrijk meteen aansloeg en werd bekroond met een zilveren plaat.

De titelsong, opnieuw geproduceerd door Bramble, groeide meteen uit tot een van haar grootste handelsmerken.

Het nummer combineerde een strakke jaren-tachtig-productie met pakkende synthesizers en een opzwepende baslijn, maar het waren vooral Grahams warme soulstem en moeiteloze uithalen die de dansplaat diepgang en oprechtheid gaven.

Met een veertiende plaats in de Britse hitlijst in augustus 1986 vestigde Graham bovendien een bijzonder record in het Guinness Book of Records, als eerste zwarte zangeres uit het Verenigd Koninkrijk die zes opeenvolgende top-twintig hits wist te scoren.

De tekst over het doorbreken van routines en het loskomen uit beperkingen sprak dan ook een breed publiek aan.

Op het Europese vasteland kende de single een wisselend onthaal.

Waar ‘Breaking Away’ in Vlaanderen de hitparade misliep, was het nummer in Nederland goed voor een bescheiden tweeëntwintigste plaats in de Top 40, met een zevenenveertigste positie voor het album in de Album Top 100.

In Aziatische landen werd het nummer daarentegen onverwacht een gigantische megahit.

Ze droomde toen van een lange, duurzame loopbaan en spiegelde zich aan grootheden als Diana Ross en Gladys Knight.

Voor hun stijl, souplesse en vakmanschap had ze diepe bewondering: na al die jaren klonken ze nog altijd vlekkeloos.

Tegelijkertijd realiseerde ze zich dat zo’n stemconditie niet vanzelf kwam en dat een blijvende carrière vroeg om een ijzeren discipline en dagelijkse oefening.

Haar muzikale loopbaan kreeg in de jaren negentig een krachtige impuls toen haar vertolking van Chaka Khans ‘Ain’t Nobody’ naar de top van de Amerikaanse dance-hitlijst schoot.

De single leverde haar in 1994 gouden platen op in de Verenigde Staten, Australië en Japan.

Haar gelijktijdig verschenen album ‘Real Life’ ontketende met name in Japan een ware rage, waar in minder dan een maand tijd ruim 800.000 exemplaren over de toonbank vlogen.

In de jaren daarna bleef ze onvermoeibaar optreden en experimenteren met genres als jazz en hedendaagse soul, terwijl ze op festivals trouw bleef aan haar klassiekers uit de jaren tachtig.

Daarnaast maakte ze indruk in de reizende Motown-musical Dancing in the Streets, deelde ze haar muziekliefde als radiopresentatrice bij de BBC en toerde ze jarenlang als vaste gastzangeres met Michael McDonald, de legendarische stem van The Doobie Brothers, die haar publiekelijk prees als een van de beste vocalisten ter wereld.

In haar eigen regio werd haar invloed eveneens groots gevierd met een eredoctoraat en een bronzen ster op de Walk of Stars in Birmingham.

Met haar aanstekelijke enthousiasme en krachtige stemgeluid heeft Jaki Graham een blijvende en gerespecteerde stempel gedrukt op de Britse soul- en popgeschiedenis.

De inmiddels 70-jarige zangeres is nog altijd actief in de muziekindustrie.

Samen met Clark Datchler, de 62-jarige voorman van Johnny Hates Jazz bekend van klassiekers als ‘Shattered Dreams’, ‘Turn Back the Clock’ en ‘I Don’t Want to Be a Hero’, bracht ze op 21 augustus 2026 de single ‘Soul Believer’ uit.

Bij de groep, waar ook vast bandlid en producer Mike Nocito nog deel van uitmaakt, viel onlangs een grote leegte: toetsenist en medeoprichter Calvin Hayes overleed in juli 2026 op 63-jarige leeftijd.

Voor Datchler heeft Nederland bovendien een heel vertrouwd tintje.

In 1990 trouwde hij met presentatrice Simone Walraven, met wie de vonk ooit oversloeg op de set van Countdown.

Walraven, die deze maand zestig kaarsjes uitblies, koestert nog altijd dierbare herinneringen aan die beginjaren.

Ook na de echtscheiding in 2009 bleef het contact hecht en vriendschappelijk.

Momenteel leidt ze luisteraars door de avondspits op NPO Radio 5: met De Avondstart brengt ze bij Omroep MAX van maandag tot en met donderdag tussen 18:00 en 20:00 uur een rijke collectie pop, soul, funk en country.

Wegens dit aanhoudende succes kondigde de omroep aan dat Simone vanaf januari 2027 een prominente middagshow krijgt, te beluisteren tussen 15:00 en 18:00 uur.

30 jaar geleden, Laura Pausini met haar nieuwe kunstwerkje Le Cose Che Vivi

In september 1996 verbleef Laura Pausini in Milaan om haar nieuwe album Le Cose Che Vivi te promoten.

Terwijl het buiten toen zomers warm was met temperaturen rond de vijfendertig graden, zocht zij verkoeling in een hotelkamer waar de airconditioning op volle toeren draaide om de pers te ontmoeten.

Een tolk stond haar bij, aangezien haar beheersing van het Engels destijds nog beperkt was.

Van haar debuutalbum met de doorbraakhit ‘La Solitudine’ waren wereldwijd zo’n twee miljoen exemplaren verkocht, en de opvolger Laura bereikte zelfs nog meer succes.

Toch bleef Pausini nuchter onder alle aandacht. Ze was dankbaar voor haar muzikale loopbaan, al grapte ze dat ze anders wellicht lerares keramiek was geworden, de kunstvorm waarin ze eerder was opgeleid.

In de voorafgaande twee jaar was het in Vlaanderen en Nederland wat stiller rond haar geweest, maar internationaal had ze een enorme ontwikkeling doorgemaakt.

Ze toerde intensief door Europa en Latijns-Amerika, waardoor ze de muziek steeds meer als een volwaardig beroep ging beschouwen.

Die reizen verbreedden haar blikveld aanzienlijk. Ze maakte kennis met uiteenlopende culturen en levensstijlen, wat haar inspireerde om verder te kijken dan het traditionele beeld van Italië.

Die artistieke groei klonk duidelijk door op Le Cose Che Vivi.

Waar haar eerdere werk vooral draaide om jeugdige onschuld en opgroeien, bracht haar nieuwe plaat een volwassener geluid.

Ze schuwde maatschappelijke thema’s niet langer, getuige een nummer als ‘Il Mondo Che Vorrei’, waarin ze pleitte voor solidariteit.

Om haar internationale publiek te bedienen, nam ze haar werk ook op in het Spaans en Portugees, en dacht ze na over Engelstalige versies.

Ook op muzikaal vlak zette ze in die periode flinke stappen.

Voor de opnames werkte ze samen met gerenommeerde sessiemuzikanten, onder wie bassist Nathan East en drummer Steve Ferrone.

Bovendien leerde Pausini beter met haar stem omgaan. In plaats van haar bereik te forceren, bouwde ze bewust rustdagen in om haar stembanden te sparen.

Haar privéleven en carrière waren in die nazomer van 1996 nauw met elkaar verweven via haar relatie met haar toenmalige manager en producer Alfredo Cerruti.

Hoewel ze toen vol liefde over hem sprak, hield ze de boot af wat betreft een huwelijk, omdat ze daar vanuit haar geloofsovertuiging uiterst weloverwogen mee wilde omgaan.

Voor Pausini markeerde september 1996 zo het moment waarop ze definitief uitgroeide van een jong Italiaans talent tot een zelfbewuste, volwassen wereldster.

Haar relatie met Cerruti eindigde rond 2002.

Sinds 2005 vond ze het geluk bij de Italiaanse gitarist en muziekproducent Paolo Carta.

Samen kregen zij in 2013 een dochter, Paola, en in maart 2023 stapten de twee officieel in het huwelijksbootje.

Met Io Canto 2 op zak: Laura Pausini klaar voor nieuwe wereldtournee

Vandaag is de inmiddels 52-jarige zangeres nog altijd volop actief in de internationale muziekwereld.

Zo bracht ze in februari 2026 een nieuw album uit onder de titel Io Canto 2, een maand later, op 13 maart 2026, gevolgd door de Spaanstalige editie.

Op dit album staat onder meer de klassieker ‘Por qué te vas?’, bekend van zangeres Jeanette uit 1975.

Dit nummer werd geschreven door José Luis Perales voor de film Cría cuervos van regisseur Carlos Saura.

In tegenstelling tot de melancholische pop van het origineel kreeg Pausini’s lezing een moderne productie met een subtiele eigentijdse drumbeat, vergezeld van een opvallende videoclip.

Op beide albums zingt ze daarnaast het duet ’16 Marzo’ samen met Achille Lauro.

Begin september 2026 verschenen bovendien ‘Siamo soli nell’immenso vuoto che c’è’ als single en video, een nummer dat eveneens op beide versies staat.

Dit nummer was oorspronkelijk een hit van de Italiaanse singer-songwriter Raf uit 1991.

Pausini, die al jarenlang bewondering koestert voor zijn werk, bracht deze bewerking uit als eerbetoon vlak voor de aftrap van haar nieuwe Europese tournee.

Op het Italiaanse album nam ze tevens een eigen versie op van Madonna’s ‘La Isla Bonita’.

Daarnaast staat haar diepe, jarenlange band met Brazilië centraal in het kader van haar wereldtournee.

Voor haar album bracht ze dan ook Ana Carolina en Ferrugem, twee sterren van verschillende generaties en genres, samen voor het nummer ‘Quem de nós dois’.

Ferrugem vertegenwoordigt de modernere generatie in het trio. Met zijn kenmerkende, soepele stem brengt hij een warme, typisch Braziliaanse sound in het duet, waardoor de ballad een unieke mix krijgt van Italiaanse dramatiek en Braziliaans gevoel.

Een andere single uit beide albums is het nummer ‘La mia storia tra le dita’, opnieuw een cover en dit keer van Gianluca Grignani uit 1994.

Hij bracht destijds zelf in 1995 een Spaanse versie uit onder de titel ‘Mi historia entre tus dedos’, wat in heel Latijns-Amerika en Spanje een gigantische hit werd.

Dit nummer bracht Pausini tevens uit in het Frans als ‘Mon histoire entre les doigts’ en in het Portugees als ‘Quem de nós dois’.

Het publiek in de Lage Landen krijgt binnenkort volop de gelegenheid om haar weer live aan het werk te zien.

Op zondag 25 oktober 2026 staat Laura Pausini op het podium van Vorst Nationaal in Brussel, en op woensdag 24 november 2027 geeft ze voor het eerst in vijftien jaar weer een concert in Nederland, in de Ziggo Dome in Amsterdam.

Catherine Ringer: de ontembare stem en ziel van Les Rita Mitsouko

De Franse muziekwereld verliest met Catherine Ringer een van haar meest markante, grensverleggende en flamboyante persoonlijkheden.

De zangeres, performer en drijvende kracht achter het legendarische duo Les Rita Mitsouko overleed in de nacht van op 68-jarige leeftijd aan de gevolgen van een agressieve vorm van kanker.

Geboren in 1957 als dochter van de Frans-Poolse kunstenaar Sam Ringer, dompelde ze zich al op jonge leeftijd onder in de avant-gardistische kunstscene.

Haar vader was van Pools-Joodse afkomst en overleefde negen verschillende concentratiekampen tijdens de Tweede Wereldoorlog, waaronder Auschwitz.

Deze zware familiegeschiedenis inspireerde later het opgewekt klinkende nummer ‘Le Petit Train’ uit 1988, dat in werkelijkheid verwijst naar de deportatietreinen.

Voordat ze doorbrak in de popwereld, experimenteerde ze volop met theater, zang en dans.

Tussen 1976 en het begin van de jaren tachtig speelde ze daarnaast, vaak onder pseudoniemen als Lolita da Nova of Betty Davis, in een reeks erotische en pornografische films.

Tot haar bekendere titels uit die periode behoren de cultklassieker Body Love van Lasse Braun uit 1977, met muziek van Klaus Schulze, en films als La Fessée, Corps brûlants, Paradise, Rien ne vaut la première fois en Lingeries intimes.

Ze zag dit destijds als een vorm van lichamelijke vrijheid en een manier om in haar levensonderhoud te voorzien, en heeft deze periode later nooit verloochend.

Toen Serge Gainsbourg haar in 1986 tijdens de live-uitzending van Mon Zénith à moi probeerde te kleineren met opmerkingen over dit vroege acteerwerk, diende ze hem onverschrokken en fel van repliek, wat haar tot een icoon van feministische weerbaarheid maakte.

Eind jaren zeventig ontmoette Catherine haar artistieke en levenspartner Fred Chichin tijdens een theaterproductie.

Op een eenvoudige viersporenrecorder in hun kleine Parijse appartement namen ze hun eerste nummers op, waarna ze optraden in alternatieve clubs en kraakpanden.

Samen vormden ze een formatie die aanvankelijk Rita Mitsouko heette, een samensmelting van de voornaam van onder meer Rita Hayworth en het Japanse woord voor geheim, tevens de naam van een parfum van Guerlain.

Omdat het publiek dacht dat dit haar artiestennaam was, voegden ze er Les aan toe om te benadrukken dat het om een duo ging. Begin jaren tachtig lieten ze een frisse, ontregelende wind door het Franse muzieklandschap waaien.

Hun unieke crossover van new wave, postpunk, funk, rock en traditioneel Frans chanson sloeg in als een bom.

In 1984 brak het duo definitief door met de monsterhit ‘Marcia Baïla’, een bitterzoete ode aan de overleden Argentijnse danseres en choreografe Marcia Moretto, bij wie Catherine dansles had gevolgd en die in 1983 op 32-jarige leeftijd aan borstkanker overleed.

De vernieuwende videoclip, met ontwerpen van Jean Paul Gaultier en Pierre et Gilles, belandde later zelfs in collecties van het Centre Pompidou en het Museum of Modern Art in New York.

Ringers elastische stemgeluid, theatrale voordracht en gedurfde outfits gaven klassiekers als ‘Andy’, ‘C’est comme ça’ en ‘Les histoires d’A’ een volstrekt eigen identiteit.

Het invloedrijke nummer ‘C’est comme ça’, afkomstig van het succesvolle album The No Comprendo uit 1986, draaide inhoudelijk om innerlijke rusteloosheid, twijfel en het onvermijdelijke, grillige verloop van het leven en de liefde, waarbij de titelzin fungeert als een nuchtere berusting in de chaos van emoties waar men geen controle over heeft.

Het duo werkte internationaal samen met onder meer producer Tony Visconti en het Amerikaanse cultduo Sparks, terwijl filmmaker Jean-Luc Godard hun opnamesessies voor The No Comprendo vastlegde in zijn speelfilm Soigne ta droite.

Op het album Système D uit 1993 schitterde ze bovendien in een duet met de Amerikaanse zanger Iggy Pop.

Toen Chichin in het najaar van 2007 plotseling overleed aan kanker, zette Ringer de concertreeks moedig voort als een eerbetoon aan haar partner.

Ook daarna bleef ze onvermoeibaar optreden en muziek maken.

In 2011 bracht ze haar eerste soloalbum Ring n’ Roll uit, gevolgd door platen zoals Chroniques et fantaisies.

Haar solowerk en podiumpresentatie bleven niet onopgemerkt: ze viel meermaals in de prijzen en werd in 2012 bekroond met een Victoire de la Musique voor beste vrouwelijke artiest.

Daarnaast speelde ze het repertoire van Les Rita Mitsouko voor nieuwe generaties en liet ze zich horen in poëtische en literaire theaterprojecten.

Catherine Ringer laat drie kinderen na, bij wie het creatieve talent nadrukkelijk voortleeft.

Dochter Simone en zoon Raoul richtten samen de band Minuit op, en Raoul stond de afgelopen jaren bovendien regelmatig als gitarist naast zijn moeder op het podium.

Dochter Ginger Romàn bouwde intussen een succesvolle loopbaan op als actrice in film en theater.

Ringer zal herinnerd worden als een ontembare pionier die conventies tartte en Franse popmuziek verrijkte met durf, kleur en grenzeloze expressie.

Gisteren nog vandaag

Céline Dion schittert opnieuw: emotionele terugkeer op het podium gisteren in Parijs tijdens eerste liveconcert in meer dan zes jaar

Céline Dion stond op zaterdag 12 september 2026 voor het eerst in meer dan zes jaar weer op het podium voor een volledig liveconcert.

Het optreden vond plaats in de uitverkochte Paris La Défense Arena in Nanterre en markeerde de aftrap van haar grootschalige concertresidentie in Parijs.

De zaal, die tegenwoordig ook bekendstaat als de Plenitude Arena, ontving tienduizenden fans die getuige waren van een bijzonder geladen en feestelijke avond.

Het optreden verliep bijzonder emotioneel.

Céline Dion opende de show met het Franstalige ‘On ne change pas’, een nummer dat door velen werd gezien als een veelzeggende verwijzing naar haar lange afwezigheid.

Al bij de eerste noten schoot ze vol en kwamen er tranen van ontroering.

Ze hield haar microfoon naar het publiek om haar door de brug van het nummer te helpen en liet weten dat het tranen van vreugde waren.

Gedurende de avond sprak ze het publiek voornamelijk in het Frans toe. Ze benadrukte dat ze haar belofte had ingelost om terug te keren op de bühne en sprak haar enorme dankbaarheid uit voor het geduld en de steun tijdens haar herstelproces van het stiff-person-syndroom.

De voorstelling was opgebouwd uit vier delen en een toegift van vier nummers, goed voor een royale setlist van 26 liedjes.

Zowel haar Franstalige als Engelstalige klassiekers kwamen uitgebreid aan bod, waaronder ‘The Power of Love’, ‘Because You Loved Me’, ‘All By Myself’, ‘Pour que tu m’aimes encore’ en vanzelfsprekend ‘My Heart Will Go On’.

Als slotakkoord koos ze voor het ingetogen S’il suffisait d’aimer.

Naast de bekende ballads bevatte de avond een aantal opvallende muzikale verrassingen.

Zo bracht ze live-debuten van nummers zoals ‘The Chase’ en ‘Dansons’, en zong ze een energieke dansmedley met covers van Donna Summers’ ‘I Feel Love’ en ‘Sweet Dreams’ van Eurythmics.

Visueel koos artistiek leider Willo Perron voor een sobere en stijlvolle regie.

Céline Dion verscheen in een reeks elegante zwarte jurken, waardoor de aandacht volledig naar haar stem en podiumprésence ging.

Dit openingsconcert was het startsein voor een residentie van in totaal 26 data.

De eerste reeks van zestien concerten loopt door tot medio oktober, waarna ze in het voorjaar van 2027 terugkeert naar Parijs voor het tweede deel van de reeks.

Het optreden werd door toeschouwers unaniem ervaren als een triomfantelijke en vocaal overtuigende terugkeer van de zangeres.

De keuze voor Parijs heeft zowel een diepe emotionele betekenis als een nuchtere praktische reden.

Frankrijk en het Franstalige publiek hebben altijd een bijzondere plaats ingenomen in haar loopbaan, mede door haar historische samenwerkingen met onder meer Jean-Jacques Goldman.

Daarnaast sloot ze in 2024 de openingsceremonie van de Olympische Spelen af met een indrukwekkend optreden.

Vanop de Eiffeltoren bracht ze toen het nummer L’Hymne à l’amour van Édith Piaf, een moment dat haar het doorslaggevende vertrouwen gaf dat een terugkeer voor een publiek weer haalbaar was.

Minstens zo belangrijk is de praktische kant: zingen in een vaste residentie ontziet haar lichaam enorm.

Ze hoeft niet continu van stad naar stad te reizen, wat met het stiff-person-syndroom en de noodzaak aan rust en medische begeleiding te zwaar zou zijn.

De Plenitude Arena bood bovendien de capaciteit om een enorm aantal toeschouwers onder één dak te ontvangen.

Wie nu nog een plaats zoekt, kan met wat moeite nog wel terecht, al is het reguliere aanbod via de officiële verkoopkanalen grotendeels de deur uit.

De officiële ticketprijzen voor de concerten in de zaal variëren van 89,50 euro tot 298,50 euro, afhankelijk van de categorie en de plaats, waarbij de hele arena is voorzien van zitplaatsen.

Op de tribunes kost categorie 4 89,50 euro, categorie 3 111,50 euro, categorie 2 133,50 euro, categorie 1 199,50 euro en tribune goud 232,50 euro.

Voor het parterreveld starten de prijzen vanaf 133,50 euro voor categorie 2 en lopen ze op via 199,50 euro voor categorie 1 en 232,50 euro voor goud tot 276,50 euro voor parterre diamant en 298,50 euro voor parterre prestige vlak voor het podium.

Via officiële doorverkoopplatforms en erkende ticketbeurzen komen er regelmatig losse plaatsen vrij voor zowel de voorstellingen in september en oktober van dit jaar als voor de voorjaarsreeks in mei 2027, al liggen de vraagprijzen daar vaak aanzienlijk hoger of worden er duurdere vip-arrangementen aangeboden.

Wat verdere reisplannen betreft, is het voorlopig niet de bedoeling dat ze andere landen zal aandoen.

Deze concertreeks is bewust opgezet als een exclusieve residentie.

Door het publiek naar Parijs te laten reizen in plaats van zelf op wereldtournee te gaan, kan ze haar energie optimaal doseren tussen de optredens door.

Een uitbreiding naar zalen in andere Europese landen of elders ter wereld staat op dit moment dan ook niet in de planning.

Ook op muzikaal vlak zit er weer beweging in haar carrière.

Na de release van de single ‘Dansons’ in het voorjaar van 2026 is achter de schermen volop aan nieuw studiowerk gewerkt.

Dit project markeert hoofdzakelijk een terugkeer naar haar Franstalige repertoire, al zijn tweetalige nummers niet uitgesloten.

Een exacte verschijningsdatum is nog niet definitief vastgelegd, maar de komst van het nieuwe album wordt verwacht tegen het einde van 2026 of uiterlijk begin 2027, mooi aansluitend op het tweede luik van haar concertreeks in Parijs.

Net vernomen dat onze vriend Gido Van Gent is overleden.

Ik leerde hem kennen in de jaren negentig, toen hij werkte als taxichauffeur.

Na zijn werk kwam hij naar de Hotsy Totsy en op een avond vroeg hij mij of hij eens mocht optreden bij mij.

Het zou niet bij dit ene optreden blijven. 25 jaar geleden bracht hij zijn eerste album uit en natuurlijk was de Hotsy Totsy een van de horecazaken waar hij met terechte trots zijn album voorstelde aan het publiek.

Tien jaar later bracht hij in eigen beheer zijn tweede album uit met als toepasselijke titel ‘Altijd Onderweg’.

Een paar maanden geleden liet hij weten dat hij aan het werken was aan een nieuw album. Helaas wilde het hart niet mee en moest er een operatie gebeuren. Toch bleef hij positief; het lot besliste er anders over.

Ik dank je dat ik je heb mogen leren kennen. Je was een mooi mens en een Gentenaar waar we met zijn allen trots op mogen zijn.

Gent zal je missen…

Een passend eerbetoon aan een icoon: de muzikale erfenis van Bonnie Tyler

Gisteren is de zangeres Bonnie Tyler op 75-jarige leeftijd overleden. Haar verhaal begon in 1953, toen ze als Gaynor Hopkins ter wereld kwam in het Zuid-Welshe Skewen.

Ze groeide op met de muziek van Tina Turner en Janis Joplin, die ze gedurende haar hele leven als haar twee grote voorbeelden bleef zien.

Haar muzikale talent bleek al vroeg, toen ze op 17-jarige leeftijd deelnam aan een zangwedstrijd.

Dankzij een indrukwekkende vertolking van het nummer Those Were The Days van Mary Hopkin behaalde ze de tweede plaats.

De sensatie van het optreden en de waardering van het publiek gaven haar zoveel voldoening dat ze besloot voluit voor een zangcarrière te gaan.

Na een succesvolle auditie sloot ze zich aan bij Bobby Wayne And The Dixies. Deze formatie verliet ze na twee jaar om haar eigen band, Imagination, op te richten.

Omdat Hopkins vond dat haar geboortenaam te weinig uitstraling had voor een artiest, nam ze de artiestennaam Bonnie Tyler aan.

Later gaf ze overigens toe dat ze spijt had van die keuze. Als Bonnie Tyler trad ze aanvankelijk op in diverse bars en clubs in Zuid-Wales.

Daar werd ze ontdekt door Ronnie Scott en Steve Wolfe.

Deze producers en liedjesschrijvers namen haar direct onder hun hoede en bleven tot 1981 actief als haar managers, schrijvers en producers.

Zij wisten een platencontract voor haar te regelen bij RCA Records, waar haar allereerste single My My Honeycomb verscheen.

Dit typische popnummer deed echter erg denken aan de dertien-in-een-dozijn-popsongs uit de vroege jaren zeventig en wist de hitlijsten dan ook niet te bereiken.

Tyler zelf dacht later liever zo min mogelijk aan deze debuutsingle terug.

In 1976 kreeg de zangeres te maken met fysieke tegenslag en moest ze een keeloperatie ondergaan.

Na de ingreep kreeg ze het dwingende advies om zes weken lang volledig te zwijgen, waardoor ze zich alleen via geschreven briefjes verstaanbaar kon maken.

Omdat ze zich niet aan deze rustperiode hield, hield ze permanent een karakteristieke, schorre stem over aan de operatie.

Kort na deze medische ingreep scoorde ze haar eerste hit met ‘Lost in France’.

Dit nummer was nog voor de operatie opgenomen, waardoor luisteraars haar oude stemgeluid hoorden.

In Nederland behaalde de single een bescheiden 24e positie, in Vlaanderen was de single goed voor een vijftiende plaats in de BRT Top 30 en in haar thuisland Groot-Brittannië reikte het nummer tot de 9e plaats.

Haar grootste succes met deze plaat beleefde ze echter in Duitsland, waar het nummer ruim een half jaar in de Top 10 genoteerd stond.

De opvolger ‘More Than A Lover’ slaagde er vervolgens niet in om dit succes te evenaren.

Dat lukte haar derde single ‘It’s A Heartache’ daarentegen wel. Dit nummer groeide uit tot een internationale hit die in Groot-Brittannië de 4e plaats bereikte, in Nederland doorstootte naar de 3e positie en ook in de Verenigde Staten de Top 5 behaalde.

Toch bleek het lastig om deze populariteit vast te houden, want de zeven daaropvolgende singles flopten stuk voor stuk.

Tyler nam in totaal vier albums op voor RCA Records, waarbij ze door de maatschappij steeds nadrukkelijker in de richting van de countrymuziek werd gestuurd.

Mede door deze muzikale koers en het feit dat ze uitsluitend materiaal van Scott en Wolfe mocht opnemen, besloot ze in 1981 te breken met haar managers, producers en platenlabel.

Ze moest op zoek naar een volledig nieuw team, dat ze vond in CBS Records, manager David Aspden en producer Jim Steinman.

Hun samenwerking leidde tot het album Faster Than The Speed Of Night, waarmee ze resoluut brak met haar muzikale verleden en een compleet nieuwe sound introduceerde.

Op dit album stond de wereldhit ‘Total Eclipse Of The Heart’, die Tyler haar allereerste nummer 1-hit opleverde in zowel Groot-Brittannië als de Verenigde Staten, hoewel het nummer in Nederland vreemd genoeg bleef steken op de 24e plek.

In Vlaanderen was de single goed voor een zestiende plaats in de BRT Top-30.

Ondanks het beperkte succes in Vlaanderen en Nederland, blijft ‘Total Eclipse Of The Heart’ voor de meeste mensen nog altijd het nummer dat zij het meest associëren met Bonnie Tyler

Op Spotify is het nummer inmiddels al meer dan 1 miljard keer gestreamd.

Het album zelf bereikte eveneens de top van de hitlijsten.

Nieuwe hitsingles bleven daarna echter uit en ook het daaropvolgende album Secret Dreams And Forbidden Fire werd geen commercieel succes.

Zelfs de inzet van een andere producer, Desmond Child, kon het tij niet keren; hoewel Secret Dreams goede kritieken ontving, liet de promotie vanuit de platenmaatschappij te wensen over.

Wat veel mensen niet weten, is dat ‘The Best’ van Tina Turner een cover was.

Bonnie Tyler bracht het nummer namelijk al in 1988 uit, een jaar voordat Tina Turner met haar versie kwam.

Het nummer was geschreven door de bekende producer en componist Mike Chapman, in samenwerking met Holly Knight, die geboren werd als Holly Erlanger.

Om haar carrière nieuw leven in te blazen, besloot de zangeres in 1991 tot een radicale koerswijziging en verhuisde ze naar Duitsland, het land waar ze historisch gezien altijd veel succes had gehad.

Deze stap wierp al snel zijn vruchten af, want haar albums Bitterblue en Angelheart werden in diverse Europese landen bekroond met goud of platina.

Opvallend genoeg werden deze platen destijds niet eens uitgebracht in Groot-Brittannië.

In 1995 bracht ze het album Free Spirit uit via East West in Europa en Atlantic Records in de Verenigde Staten.

Ondanks uitstekende recensies vielen de verkoopcijfers van het album erg tegen.

De single ‘Making Love Out Of Nothing At All’ werd daarentegen wel populair.

In Engeland miste het nummer de hitlijsten, omdat er simpelweg te weinig fysieke exemplaren in de winkels lagen, maar in Nederland wist de single wel door te dringen tot een mooie 12e positie in de Top 40.

In Vlaanderen bereikte het nummer niet de hitparade.

Het nummer ‘Making Love (Out Of Nothing At All)’ is geschreven door Steinman en voor het eerst uitgebracht door Air Supply in 1983.

In maart 2013 lanceerde Tyler haar album Rocks And Honey.

Dit project was opgenomen in de Amerikaanse muziekstad Nashville, waarmee de zangeres na vele jaren weer bewust terugkeerde naar haar oude country-roots.

Op haar 62e vertegenwoordigde Tyler in 2013 het Verenigd Koninkrijk tijdens het Eurovisiesongfestival in Malmö met het nummer Believe In Me, waarmee ze uiteindelijk op de 19e plaats eindigde.

Gedurende haar carrière werd Bonnie Tyler in totaal drie keer genomineerd voor een Grammy, de belangrijkste Amerikaanse muziekprijzen.

Daarnaast werd ze opgenomen in de Orde van het Britse Rijk voor haar grote verdiensten voor de muziek.

Tijdens haar indrukwekkende muzikale loopbaan bracht de Welshe zangeres 18 studioalbums en 83 singles uit, waarmee ze wereldwijd meer dan 100 miljoen platen wist te verkopen.

Vandaag bereikte ons het droevige nieuws dat Margriet Hermans op 72-jarige leeftijd is overleden.

e laat een indrukwekkende en veelzijdige erfenis achter in de Vlaamse showbizz, de politiek en ver daarbuiten.

Wat veel mensen misschien niet weten, is dat Margriet haar professionele carrière oorspronkelijk begon voor de klas als leerkracht Frans, geschiedenis en Engels.

In 1985 maakte ze echter de verrassende overstap naar de muziek, en dat bleek een gouden zet.

Als zangeres scoorde ze al snel onvergetelijke hits zoals Een vriend, Alle mooie mannen zijn zo lelijk en Laissez rouler le bon temps, Jacqueline.

Haar muzikale succes opende al snel de deuren naar de televisiewereld.

Tussen 1989 en 1997 groeide ze uit tot een absoluut kijkcijferkanon voor de openbare omroep met haar eigen talkshow Margriet, die in de zomers steevast werd uitgezonden vanuit het Casino in Middelkerke.

Met haar onmiskenbare, bulderende lach en bijzonder spontane stijl werd ze een van de populairste schermgezichten van het land.

Ze was in die tijd een absolute vaste waarde in de huiskamers, niet alleen als presentatrice, maar ook als gewaardeerd panellid in geliefde programma’s zoals De zoete inval op Radio 2 en de legendarische komische quiz Zeg eens euh… op TV1.

Eind jaren negentig besloot Margriet een heel andere weg in te slaan en stapte ze in de politiek voor de partij Open Vld.

Ze diende jarenlang met veel vuur en engagement als Vlaams volksvertegenwoordiger, een ambt dat ze uitoefende tot ze in 2009 afscheid nam van het parlement.

Naast haar drukke publieke leven was ze in de eerste plaats een bijzonder trotse moeder van haar dochter Celien Deloof.

Moeder en dochter deelden een enorme passie voor zingen en stonden in de loop der jaren regelmatig samen op het podium.

Margriet was bovendien altijd heel erg eerlijk over haar persoonlijke leven; zo sprak ze als een van de eersten in Vlaanderen erg openhartig over haar maagverkleining, wat voor veel mensen bijzonder inspirerend en drempelverlagend werkte.

In 2022 maakte ze een fantastische, breed gedragen muzikale comeback dankzij haar deelname aan het VTM-programma Liefde voor muziek.

Haar vrolijke cover ‘Lekker blijven hangen’, een Nederlandstalige bewerking van ‘She’s after my piano’ van 2 Fabiola, werd een gigantisch succes waarmee ze volkomen verdiend de begeerde Radio 2 Zomerhit in de wacht sleepte.

Als ultieme kroon op haar schitterende carrière werd ze in 2023 feestelijk opgenomen in de Eregalerij van Radio 2.

Deze bekroning bevestigde nog maar eens haar status als een ware icoon van de entertainmentwereld.

De zangeres Micha Marah is een achternicht van Hermans.

Vlaanderen neemt vandaag afscheid van een warme, kleurrijke en veelzijdige vrouw die generaties lang zorgde voor een lach en een traan.

Een foto van lang geleden, van Margriet Hermans (foto uit mijn privécollectie)

Gisteren nog vandaag

Margriet Hermans en haar eerste single een vriend.

Het nummer is geschreven door Chris Peeters, Marc Dex en
Margriet Hermans.
Roland Verlooven zorgde voor een indrukwekkende productie.
De single was goed voor een eerste plaats in de Vlaamse Top 10 op 5 september 1987.

Margriet Hermans, dit is mijn paleis (Story 19 mei 1987)

Gisteren nog vandaag

Margriet Hermans medewerking aan Werelddierendag in het teken van onze vrienden de hond en de kat.(4 oktober 1991)

Gisteren nog vandaag

Vanavond is het dan zover: de finale van het Songfestival 2026.

Frankrijk mag van mij het Songfestival winnen met de indrukwekkende Monroe.

Al zal die kans wel heel klein zijn als ik de bookmakers mag geloven. Want volgens hen zal de strijd gaan tussen Australië, Bulgarije en Finland.

Wat ons land betreft, zouden we stranden op de drieëntwintigste plaats.

Monroe Vata Rigby, kortweg Monroe, is een Frans-Amerikaanse zangeres die op zeventienjarige leeftijd de muziekwereld verovert.

Ze werd geboren op 19 november 2008 in Salt Lake City, Utah, in een gezin van mormoonse gelovigen.

Als enig meisje tussen vier broers groeide ze op in een multiculturele omgeving met een Amerikaanse vader en een Franse moeder van Congolese afkomst.

Haar muzikale reis begon al op jonge leeftijd in een mormoons kerkkoor, waar ze haar stem ontdekte terwijl ze tegelijkertijd piano leerde spelen.

Deze vroege ervaringen vormden de basis voor haar verdere ontwikkeling tussen de Verenigde Staten en Frankrijk, waarbij ze uiteindelijk een opleiding volgde als klassiek sopraan.

Haar grote doorbraak volgde in januari 2025, toen ze het Franse televisieprogramma Prodiges won met een indrukwekkende vertolking van de Koningin van de Nacht uit Die Zauberflöte.

In november van datzelfde jaar bracht ze haar debuutalbum uit, simpelweg Monroe getiteld, waarop zowel klassieke operastukken als covers zoals ‘Over the Rainbow’ en ‘L’hymne à l’amour’ te horen zijn.

Ook werkte ze samen met de beroemde Josh Groban voor een bijzondere uitvoering van dit laatste nummer.

Haar inzending voor het Eurovisiesongfestival 2026 in Wenen, getiteld Regarde, markeert een nieuwe stap in haar carrière.

Het nummer werd op 6 maart 2026 uitgebracht onder de labels Parlophone en Warner Music France.

Het nummer is een verfijnd voorbeeld van operatic-pop, waarbij de werelden van moderne pop en klassieke opera samenkomen.

De totstandkoming van Regarde is het werk van een specifiek team aan schrijvers en producenten. Fredie Marche was verantwoordelijk voor de tekst, compositie, productie en de achtergrondzang.

Hij werkte hierbij nauw samen met Fred Savio, een bekende naam in de Franse popscene die eerder successen boekte met artiesten als Amir.

Daarnaast droegen Maxime Morise en Christopher Cohen bij aan de compositie en productie. Samen vormen zij het duo Violin Phonix en wat de prominente aanwezigheid van de strijkersarrangementen en vioolpartijen in het nummer verklaart.

Voor haar optreden en presentatie haalt Monroe inspiratie uit de Franse Romantiek, wat zich vertaalt in een kledingstijl die moderne elementen combineert met klassieke elementen zoals petticoats.

De officiële videoclip van Regarde werd geregisseerd door Joseph Di Marco, die de cinematografische sfeer van het nummer visueel kracht bijzet.

Het zou me trouwens niet verbazen als André Rieu dit nummer in de toekomst herbewerkt.

Hij deed dat eerder al met het nummer ‘Voila’ van Barbara Pravi, die in 2021 meedeed aan het festival, uiteraard weer met een glansrol voor de Nederlandse zangeres Emma Kok.

Tori Amos met haar nieuwe single “Shush”.

De Amerikaanse zangeres Tori Amos is een klassiek geschoolde pianiste die al op jonge leeftijd haar eigen muzikale koers koos.

Als dochter van een methodistendominee met een Ierse en Cherokee-achtergrond speelde religie van kinds af aan een grote rol in haar leven.

Al op driejarige leeftijd begon ze met het componeren van eigen liedjes, wat haar als vijfjarige een plek opleverde als jongste student ooit aan het Peabody Conservatorium.

Hoewel een toekomst als concertpianiste voor haar was uitgestippeld, verliet ze op haar elfde de opleiding vanwege haar opstandige aard en haar weerstand tegen het strikt lezen van bladmuziek.

In plaats daarvan gaf ze de voorkeur aan eigen interpretaties van klassieke meesters en begon ze al op dertienjarige leeftijd op te treden in bars en lounges in Washington.

Eind jaren tachtig verhuisde ze naar Los Angeles en nam ze de naam Tori aan.

Met haar band Y Kant Tori Read bracht ze in 1988 een album uit dat commercieel flopte en haar presenteerde in een stijl waar ze zich later van zou distantiëren.

Ondanks deze moeizame start vond ze haar weg terug naar de piano en schreef ze de nummers voor haar eigenlijke solodebuut Little Earthquakes.

Haar platenmaatschappij zag meer kansen op de Europese markt, waarna ze naar Londen vertrok om in een klein appartement haar werk te voltooien.

Dit album werd een groot succes door de ongekende openhartigheid over thema’s als religie, schuld en haar persoonlijke ervaring met seksueel geweld in nummers als ‘Me and a Gun’ en ‘Crucify’.

Haar debuut vestigde direct haar reputatie als een melodieus en tekstueel gelaagd talent.

In het voorjaar van 2026 laat ze opnieuw van zich horen met de singles ‘Stronger Together’ en ‘Shush’, die respectievelijk in februari en maart zijn verschenen.

Deze nummers kondigen de komst aan van haar achttiende studioalbum In Times of Dragons, dat op 1 mei 2026 verschijnt.

Ter ondersteuning van dit nieuwe werk reist de 62-jarige Tori in april door Europa met haar grootste tournee in tien jaar tijd.

Tijdens deze reeks concerten staat ze op 24 en 25 april in Carré in Amsterdam, om vervolgens op maandag 27 april 2026 naar België te komen voor een optreden in het Koninklijk Circus in Brussel.

In memoriam Philip Vanoutrive: het heengaan van een begenadigd Gents fotograaf en verteller.

Philip Vanoutrive was een veelzijdige Gentse creatieveling die bekendstaat om zijn vermogen om verhalen te vertellen via zowel de lens als het geschreven woord.

Hij combineerde zijn passie voor fotografie vaak met een scherp oog voor detail en een diepgaande interesse in menselijke verhalen en landschappen.

Hij had een talent voor het vinden van schoonheid in de eenvoud en de rust van het alledaagse leven.

Zijn vakmanschap werd jarenlang gewaardeerd door een breed publiek, mede door zijn werk als fotograaf bij Het Volk en later bij De Gentenaar, waar hij talloze gebeurtenissen en menselijke verhalen visueel vertaalde voor de lezers.

Tijdens zijn eerste jeugdjaren woonde het gezin op de Coupure Links in Gent, tot het gezin enkele jaren later naar De Pinte verhuisde.

Het was daar dat de jarenlange band met mijn familie ontstond; mijn plusmama Magda was destijds zijn leidster toen hij als welp bij de plaatselijke jeugdbeweging zat.

Zelf leerde ik Philip kennen dankzij het NTG, maar daarna steunde hij mij toen ik de patron was van de Hotsy Totsy.

Jarenlang was hij daar een trouwe klant en toen hij samenwerkte met Manu, was de Hotsy Totsy de vaste plek om de werkweek op vrijdag af te sluiten.

Nog maar een paar maanden geleden hadden we een gesprek op sociale media om binnenkort nog eens af te spreken, samen met Magda.

Het is pijnlijk dat deze ontmoeting er niet meer zal komen.

Wat veel mensen echter niet weten, is dat hij ook een zeer goede tekenaar was en prachtige metaal- en houtsculpturen maakte.

In deze kunstwerken kon hij zijn creativiteit en ambacht op een andere manier tot uiting brengen.

Een bijzonder hoogtepunt in zijn carrière was dat hij als eerste Belgische fotograaf een eerste prijs won in de wereldwijd gerenommeerde wedstrijd World Press Photo, specifiek in de categorie Nature in 1989.

Deze prestigieuze erkenning onderstreepte zijn vakmanschap en zijn vermogen om de natuur op een unieke en impactvolle manier vast te leggen.

Naast zijn natuurfotografie legde Vanoutrive ook belangrijke historische tradities en menselijke getuigenissen vast in verschillende boekpublicaties.

Zijn sociaal-historische betrokkenheid bleek al vroeg uit het boek ‘De allerlaatste getuigen van WOI’, uitgebracht in september 2011, waarin veertig oorlogskinderen van 1914-1918 een stem kregen.

In dit werk vertellen hoogbejaarde, maar kranige mannen en vrouwen op levendige wijze over hun ervaringen. De prachtige portretfoto’s van Vanoutrive vormden een respectvol eerbetoon aan deze getuigen.

In 2014 bracht hij het rijk geïllustreerde boek ‘The Last Post’ uit.

Hiervoor bracht hij een jaar lang de unieke ceremonie onder de Menenpoort in Ieper in beeld, waarbij Ian Connerty de geschiedenis van de ceremonie en haar helden beschreef en unieke archieffoto’s de beelden van Vanoutrive aanvulden.

Enkele jaren later, in 2017, volgde het boek Meneer de champetter.

Hierin bracht hij een hommage aan de veldwachter die dag en nacht bereikbaar was om het welzijn van plattelanders te beschermen.

Het boek beschrijft de laatste vijftig jaar van de landelijke politie tot aan de hervorming in 2001 en brengt straffe verhalen en anekdotes samen die door meer dan dertig oud-veldwachters zijn opgegraven.

Zijn werk verscheen geregeld in diverse media en publicaties, waar hij gewaardeerd werd om zijn vermogen om sfeer en emotie over te brengen op een authentieke manier, of het nu ging om reizen, cultuur of diepmenselijke geschiedenissen.

Volkomen onverwacht is onze vriend Philip Vanoutrive gisteren, op 9 februari 2026, overleden ten gevolge van hartfalen in het AZ Sint-Lucas te Gent.