55 jaar geleden, te gast op het Knokkefestival 1971

In juli 1971 streek het muzikale circus weer neer in het casino voor de Europabeker voor Zangvoordracht, in de volksmond beter bekend als de Knokke Cup of de Knokke-Beker.

Negen landen zongen er destijds hun ziel uit het lijf voor die ene felbegeerde Europese beker.

De Belgische ploeg stond dat jaar onder de bezielende leiding van Jo Leemans, die als kranige ploegleidster meteen haar stempel drukte op het festival.

Toen een Brusselse confrater in de krant durfde te schrijven dat de Belgische ploeg te zwak was, pikte Jo dat absoluut niet.

Ze verhief dan ook prompt haar muzikale stem tegen de journalist en gebruikte daarbij zowat alle noten van de toonladder, tot de bemols toe, om het tegendeel te bewijzen.

Het repertoire dat de twee Belgische meisjes, Micha Marah en Mireille May en Joe Harris, brachten, klonk dan ook geweldig.

Achter de schermen heerste destijds de nodige spanning.

Zo dreigde L. J. Van Rijmenant ermee om de jonge zangeres Micha Marah voortijdig uit de Knokke-Beker terug te trekken.

Hij had namelijk toen een flinke lak aan ploegleidster Jo Leemans. Louis Julien van Rijmenant, zoals zijn volledige naam luidde, stond in het toenmalige artikel gekscherend bekend als de eerlijkste gangster uit België.

Hij was een invloedrijke Belgische songwriter, producer, muziekuitgever en platenbaas die onder verschillende pseudoniemen werkte, zoals Terry Rendall.

Als oprichter van Intervox en president van de Eurovox Music Group drukte hij een grote stempel op de muziekindustrie.

Later zou hij zelfs internationale bekendheid en enorm succes verwerven als de rechtenhouder en promotor van ‘De vogeltjesdans’ van De Electronica’s, die hij wereldwijd op de kaart zette.

Ondertussen liep ook Anton Peters rond in de badstad, die als regisseur en producer al jarenlang de grote man en drijvende kracht achter de Belgische ploeg was.

Samen met zijn echtgenote zocht hij na de muzikale strijd de gezelligheid op in de bar Pimm’s.

Om alle achterklap en corruptie van de baan te vegen, hanteerde de organisatie dat jaar een strikt stemsysteem waarbij de hoogste en de laagste jurywaarderingen wegvielen.

Ondanks die integere opzet zorgden de resultaten voor de nodige discussie.

Roemenië, vertegenwoordigd door Aurelian Andreescu, Mihaela Mihai en Aura Urziceanu, kwam die week glansrijk en ijzersterk uit de strijd en zou uiteindelijk zelfs de overwinning wegslepen.

Hoewel hun beheersing van het nummer Alfie knap was, vroegen critici zich af hoe een zinnige jury hen honderdvijftig punten kon toekennen als hun hele repertoire op diezelfde stijl was gebaseerd.

Spanje, dat het jaar ervoor nog won met onder andere Julio Iglesias, presteerde dit keer juist bijzonder zwak, terwijl de sterke Nederlandse ploeg, gevormd door Lenada ten Haaf, Marco Maas en Ellen Wills, onterecht met heel weinig punten werd bedeeld.

Buiten het officiële wedstrijdprogramma viel er in Knokke gelukkig ook genoeg te beleven.

De harten van het publiek werden gestolen in de 21 Club, waar de JJ-Band en de Hearts of Soul elke avond de ziel uit hun lijf bliezen en zongen.

Op louter objectieve gronden verdienden zij absoluut een extra beker.

Daarnaast stroomde de kuststad vol met bekende radio-dj’s en presentatoren van de BRT. Omdat deze verbale spraakwatervallen moesten verdwijnen bij de zender BRT 1, hadden ze plotseling alle tijd van de wereld om massaal naar Knokke af te zakken en de sfeer op te snuiven.

60 jaar geleden, te gast op de filmset van de Vlaamse Tv-reeks Tijl Uilenspiegel (De Post 8 oktober 1961)

Elke aflevering vertelde een apart verhaal en had een eigen spanningsboog.

In elke aflevering namen Tijl Uilenspiegel en de zijnen het op tegen booswichten van allerlei slag: ordinaire bandieten, maar ook corrupte machthebbers of brutale soldaten.

Rolverdeling:

Tijl Uilenspiegel: Senne Rouffaer

Lamme Goedzak: Anton Peters

Nele: Elvire Deprez

Soetkin: Dora van der Groen

Gielen: Vic Moeremans

Sander: Fons Derre

De meeste buitenopnamen gebeurden in het Provinciaal Domein Bokrijk.

De handeling werd van de Spaanse Tijd verplaatst naar de tijd van de Franse Revolutie.

Naar het schijnt, gebeurde dat omdat Koningin Fabiola van Spaanse afkomst is en men Spanje niet in een slecht daglicht wou zetten.

Er waren 20 afleveringen die vanaf 27 september 1961 telkens op woensdagnamiddag werden uitgezonden.

Auteurs waren Lo Vermeulen en Karel Jeuninckx.

Regie was in handen van Bert Struys.(Diverse bronnen, De Post 8 oktober 1961 en Wikipedia)

60 jaar geleden, te gast op de filmset van de Vlaamse Tv-reeks Tijl Uilenspiegel (De Post 8 oktober 1961)
60 jaar geleden, te gast op de filmset van de Vlaamse Tv-reeks Tijl Uilenspiegel (De Post 8 oktober 1961)

Anton Peters in de Story van 23 juli 1985.

Ben je een beetje ziek, dan horen ze meteen de doodsklok luiden…

Geen bier meer, geen cognac, geen whisky, alleen nog af en toe een glaasje wijn. Anton Peters had wat problemen met het hart en moest van de dokter vermageren. Hij is nu 14 kilogram kwijt. Verder is er niks aan de hand, zegt hij. Het leven is te mooi om je zorgen te maken…

Op onze redactie kwamen allerlei alarmerende berichten over Anton Peters binnenwaaien. Dat het zo slecht met hem ging. Het hart. En ook over de gezondheid van Marc, zijn enige zoon, deden wilde verhalen de ronde. Kortom, in de familie Peters was zich een drama aan het voltrekken…

“Pure nonsens,” grijnst Anton. “Onvoorstelbaar wat ze allemaal verteld hebben. Zo zijn de mensen, hè. Ze roddelen graag en dan liefst in de overtreffende trap. Als ze horen dat je ziek bent, fluisteren ze bij de bakker en de slager dat ze de corbillard hebben zien rijden! Echt waar, madam! Dorpsroddels in een stad als Antwerpen. Zo gaat dat.”

“Juist, ik heb in het Academisch Ziekenhuis gelegen. Een dag of tien. Méér niet. Hartinfarct? Laat mij niet lachen. Een kleine hartinsufficiëntie, da’s al. Een verwittiging dus. Moeten ze daar zoveel theater over maken? Luister, ik heb me grondig laten onderzoeken. Een volledige check-up. Een groot nazicht, laat ons zeggen. De dokters verzekerden me dat er geen enkele reden tot paniek was. Dat is goed nieuws. Slecht nieuws interesseert me niet, daar leef ik veel te graag voor.”

“De dokter zei: Je móet vermageren. Goed, ik heb dat gearrangeerd. Geen bier meer, geen cognacje, geen whisky. Voor mij is dat een hele opgave, want de geneugten van het leven hebben aan mij hun beste klant. Verder: geen vet, weinig brood. Ik ben 14 kilogram kwijt en ik moet toegeven dat het een prima gevoel is.”

“De enige zonde die ik nu nog bedrijf: af en toe een glaasje witte wijn. Daar stap ik niet van af. Alleen jammer dat ze in de cafés slechte wijn hebben, uitzonderingen daargelaten. Ze willen allemaal veel verdienen, vlug rijk zijn. Van mij mogen ze wat meer vragen, maar dan moet de waar ook goed zijn. Er zijn herbergen waar ze mij niet meer zien, omdat je met hun wijn alleen maar mayonaise kunt maken…”

“Om nog eens op die paniekverhalen terug te komen. Weet je dat ze rondgestrooid hebben dat onze Marc, mijn zoon, gek was geworden? Allez, allez, waar gaan we naartoe, waar halen ze het? Die jongen mankeert niks. Nee, schrijf gerust op dat de hele familie Peters zich uitstekend voelt, mijn mama incluis. Ze is 88 jaar, dat wil toch al wat zeggen, nietwaar.”

“Weet je, die perikelen met mijn hart, da’s heel normaal voor een acteur. Een toneelspeler – een échte – heeft een groot hart, letterlijk dan. Het hart van een acteur is een accordeon waarvan de registers voortdurend worden opengetrokken. Op het podium geef je álles, je bemint en je haat in superlatieven. Hevige emoties die doorzinderen in het hele lichaam. Een acteur die alleen met zijn verstand acteert, is een slechte acteur.”

Peters is 62. Hij heeft intussen al een carrière van 44 jaar achter de rug, maar hij is nog lang niet van plan er de brui aan te geven. Momenteel is hij aan de kust te zien in een dolkomisch soloprogramma getiteld Hoogachtend, Anton Peters. Met dat programma staat hij vanaf 20 september ook in het Merksems Kamertheater, waar hij kortgeleden een contract ondertekende. Aan de Antwerpse KNS zegt hij vaarwel.

“Ik heb drie jaar in de KNS gewerkt en dat is genoeg. Luister, theater is voor mij een lief. En ik verander al eens graag van lief, begrijp je…”

Hij zegt het allemaal in zijn eigen, onnavolgbare stijl, humorvol, spits. De volmaakte showman die barst van zelfvertrouwen.

“Hola, wat zeg je daar? Zelfvertrouwen? Ik? Ik zal eerlijk zijn. Niemand zal het geloven, want ik straal inderdaad zelfvertrouwen uit, maar in feite is dat pose: doen alsof. Ik ben een heel timide, schuchtere, bijna mensenschuwe man, zoals de meeste toneelspelers. Ze komen binnen met een air van hier ben ik, superieur en pretentieus, the big star, terwijl ze verteerd worden door de grootste twijfels. Acteurs zijn kwetsbaar als niemand anders. Het is een raar vak met rare mensen.”

“Op feestjes ben ik een zwijger. Ik zeg niet veel, ik heb liever dat de anderen praten. Ik kom binnen als de geaccrediteerde grapjas en dat wordt voor de aanwezigen dan één grote desillusie, want ik ben de stilste van het hele gezelschap.”

“Ik benader de mensen schuchter. Het duurt bij mij ontzettend lang vóór ik de brug sla, vóór ik iets van mezelf prijsgeef. Ik haat de telefoon, omdat ik niet in de ogen van de man aan de andere kant van de lijn kan kijken: ik kan de reacties niet peilen en dat vind ik een verschrikking.”

“Liefst van al ben ik alleen met Jeannine, mijn vrouw. Bij Jeannine is Anton Peters zoals hij werkelijk is: heel gewoon, niks bijzonders, helemaal op zijn gemak…”

Bij de rechterfoto staat: MKT-directeur Walter Merhottein (rechts) en acteur Frans Vandevelde zijn blij dat ze Anton erbij hebben!

Gisteren nog vandaag