Het leven van Sheldon Allan Silverstein, de componist van het nummer The Ballad Of Lucy Jordan.

Sheldon Allan Silverstein, beter bekend als Shel Silverstein, werd geboren op 25 september 1930 in Chicago, Illinois.

Hij groeide op in de wijk Logan Square en ontwikkelde al op jonge leeftijd een passie voor tekenen en schrijven.

In tegenstelling tot wat veel mensen denken, was hij niet alleen de componist van het nummer “The Ballad of Lucy Jordan,” maar een buitengewoon veelzijdig artiest: dichter, songwriter, muzikant, componist, illustrator, scenarist en schrijver van kinderboeken.

Silverstein begon zijn carrière in de jaren 50 tijdens zijn militaire dienst in Japan en Korea.

Daar tekende hij cartoons voor het militaire dagblad Stars and Stripes. Deze periode legde de basis voor zijn latere succes als illustrator.

Na zijn diensttijd keerde Silverstein terug naar Chicago en begon hij te werken voor verschillende tijdschriften.

Zijn doorbraak kwam in 1956 toen Hugh Hefner, de oprichter van Playboy, hem inhuurde als vaste cartoonist.

Zijn cartoons, bekend om hun scherpe humor en unieke stijl, werden een vast onderdeel van het magazine en droegen bij aan zijn groeiende bekendheid.

Hij zou meer dan 25 jaar voor Playboy werken.

In de jaren zestig verbreedde Silverstein zijn artistieke horizon en begon hij met het schrijven van kinderboeken.

Deze boeken, zoals The Giving Tree (1964), Where the Sidewalk Ends (1974) en A Light in the Attic (1981), werden wereldberoemd.

The Giving Tree was aanvankelijk afgewezen door veel uitgevers die het te verdrietig vonden voor kinderen.

Het werd uiteindelijk een van de meest geliefde en besproken kinderboeken aller tijden.

Zijn verhalen, vaak vergezeld van zijn eigen kenmerkende illustraties, waren geliefd om hun fantasierijke verhalen, humor en diepere boodschappen.

Zijn boeken zijn vertaald in meer dan 47 talen en er zijn wereldwijd meer dan 20 miljoen exemplaren van verkocht.

Naast zijn werk als illustrator en kinderboekenschrijver was Silverstein een begenadigd songwriter.

In 1969 schreef hij het nummer “A Boy Named Sue” voor Johnny Cash dat een wereldwijde een hit werd.

Dit humoristische lied, verteld vanuit het perspectief van een man die door zijn vader met een meisjesnaam is opgezadeld, won een Grammy Award voor Best Country Song.

Silverstein schreef later inderdaad een vervolg hierop, “The Father of a Boy Named Sue,” vanuit het perspectief van de vader.

Hij schreef ook het nummer “25 Minutes to Go” voor Johnny Cash, dat gaat over een ter dood veroordeelde die aftelt tot zijn executie

Silverstein schreef liedjes voor vele andere artiesten, waaronder The Irish Rovers (“The Unicorn”), Brothers Four, en Loretta Lynn.

Zijn succesvolste samenwerking was echter met de band Dr. Hook & The Medicine Show (later ingekort tot Dr. Hook).

Silverstein schreef alle nummers voor hun debuutalbum, Dr. Hook (1971), en een groot deel van hun opvolgende albums.

De single “Sylvia’s Mother”, een tragikomisch verhaal over een man die probeert zijn ex-vriendin telefonisch te bereiken, werd een internationale hit en bereikte in 1972 de vijfde plaats in de Amerikaanse Billboard Hot 100.

Voor Dr. Hook schreef Silverstein ook “The Ballad of Lucy Jordan” in 1974.

Hoewel het nummer oorspronkelijk door Dr. Hook werd opgenomen, bereikte het pas echt wereldfaam toen Marianne Faithfull het in 1979 coverde voor haar album Broken English.

Haar indringende vertolking van het melancholische verhaal over een huisvrouw die haar dromen ziet vervagen, werd een klassieker.

Faithfull’s versie werd later ook gebruikt in de films Thelma & Louise en Montenegro.

Eerder werd het nummer ook al gecoverd door Johnny Darrell (1975) en Lee Hazlewood (1976).

Hij kreeg 2 Grammy Awards en was genomineerd voor een Oscar en een Golden Globe.

Shel Silverstein overleed onverwacht aan een hartaanval op 10 mei 1999 in Key West, Florida, op 68-jarige leeftijd.

Silverstein werd in 2002 postuum opgenomen in de Nashville Songwriters Hall of Fame.

45 jaar geleden, Dr. Hook met hun cover Sharing The Night Together

Het nummer is geschreven door Ava Aldridge en Eddie Struzick en voor het eerst uitgebracht door Arthur Alexander (twee maanden voor Lenny LeBlanc)

Hoewel Arthur Alexander in Europa nauwelijks bekend is, en in Amerika maar 4 hitjes in de Billboard top 100 zijn gekomen, is veel van zijn materiaal door andere artiesten opgenomen.

Zo heeft Elvis Presley een hit met Burning Love en is A Shot Of Rhythm And Blues een hit voor Johnny Kidd & the Pirates.

Zijn nummers You Better Move On en Anna, uit 1962, worden later door respectievelijk Doris Day, The Rolling Stones, The Hollies en The Beatles opgenomen.

Ava Aldridge, helaas overleden in 2003, schreef meer dan 150 nummers en meestal voor andere artiesten.

Daarnaast was ze voornamelijk bekend als achtergrondzangeres.

Al probeerde ze het wel solo in 1975 met de singles Mama’s Got Something Cookin’ en I Want Some.

Allebei afkomstig van haar album Frustrated Housewife. Helaas zonder veel succes.

Ava Aldridge was onder meer te horen op platen van Hank Williams, Jr., Crystal Gayle, Mac Davis, T. Graham Brown, Wilson Pickett, Joan Baez, Narvel Felts, Billy Vera, Percy Sledge, Roy Clark, Lenny LeBlanc, Steve Forbert, Mary Chapin Carpenter, Billy Ray Cyrus, Ronnie Milsap, Delbert McClinton en Patti Austin.

Gisteren nog vandaag, Dr Hook (Poster Joepie december 1979)