Vandaag is het ook al 21 jaar geleden dat de Vlaamse journalist en hoofdredacteur Jef Anthierens is overleden.

Anthierens was de oudste broer van Johan en Karel Anthierens.

Hij studeerde Germaanse filologie aan de Katholieke Universiteit Leuven.

Begin jaren vijftig werd Anthierens hoofdredacteur voor Humoradio, de Vlaamse versie van het populaire weekblad Le Moustique.

Het blad bevatte toen een gedetailleerd overzicht van de radioprogramma’s, feuilletons, moppen en cartoons getekend door Morris, de tekenaar van Lucky Luke.

Toen Anthierens voor het blad begon, had Paul Dupuis de macht over de drukkerij, terwijl zijn broer Charles de redactie verzorgde en de Nederlandse vertaling door zijn zwager, de ingetrouwde Nederlander René Matthews.

Anthierens werkte er nog maar net toen het bedrijf van Marcinelle naar de Centrumgalerij in Brussel verhuisde, waar de sfeer veel bruisender was.

De Nederlander Jan Kuypers zorgde toen voor de Nederlandse vertaling van hun weekbladen.

Anthierens werd spoedig een van de meest actieve journalisten voor het blad.

Hij reisde de wereld rond, wat voor Vlaamse journalisten in die jaren nog uitzonderlijk was, en maakte naam met een reeks over vliegende schotels.

Deze reeks zorgde dat hij gevraagd werd voor talloze lezingen en ook professor John Van Waterschoots aandacht trok.

Van Waterschoot vond deze artikels zo interessant dat hij ufoloog werd.

Vanwege zijn succes werd Anthierens tot hoofdredacteur van Humoradio benoemd.

In deze functie introduceerde hij rubrieken die vandaag nog steeds in Humo staan: de brievenrubriek Open Venster en de televisiekritiek Dwarskijker, die toen nog door Willy Courteaux werd verzorgd.

Ook het grote interview van de week, Humo sprak met… werd door Anthierens bedacht en maakte meteen een grote start via de interviews met minister Renaat Van Elslande en auteur Hugo Claus.

Anthierens zorgde ervoor dat Humo uitgroeide tot een volwaardig blad dat niet zuiver een flauw doorslagje van Le Moustique was.

Ook kortte hij in 1958 de naam van het blad in tot Humo.

Hij legde zelfs de basis van de rock-‘n-roll-reputatie van het blad door artikels rond dit muziekgenre toe te staan en achteraan in het blad hitteksten af te drukken.

Onder het pseudoniem Bert Brem schreef hij een biografie over Elvis Presley.

Voor die tijd gevoelige thema’s als homoseksualiteit werden bespreekbaar gemaakt en de wijze waarop het Standaardnederlands werd gehanteerd werd spoedig ook door andere bladen overgenomen.

Dupuis was zo tevreden over zijn werk dat Anthierens tot algemeen hoofdredacteur werd benoemd, waardoor hij ook baas werd van de Franstalige publicaties.

Eind 1968 besloot hij echter hoofdredacteur te worden van Panorama en later van De Post, Spectator, Sportmagazine. In de jaren tachtig richtte hij het tijdschrift Eos op, waarvan hij eveneens hoofdredacteur werd.

Anthierens verloor echter veel van zijn werkvreugde en dreef op politiek vlak steeds meer af naar extreemrechts.

Zo begon hij in 1976 voor het blad ’t Pallieterke te werken en de pro-apartheidsvereniging Protea, waarvan hij tevens stichtend lid was.

Hij vond ten slotte enkel nog plezier in de publicatie van diverse handboeken, zoals een Nederlands synoniemenwoordenboek.

Hij heeft ook tien jaar voor de Vlaamse televisie gewerkt.

Anthierens overleed op 74-jarige leeftijd in het Brusselse AZ-ziekenhuis aan een hersenbloeding, die hij twee weken eerder in Spanje had gekregen. (Diverse bronnen, Wikipedia en foto’s De Post 25 oktober 1990)

Vandaag 40 jaar geleden, overlijdt de Gentse schilder Camille D’Havé.

Camille D’Havé is geboren in Gent op de eerste mei in 1926.
Hij was een klasgenoot van Raveel en Hugo Claus linkte hem aan Goya en Picasso.

Camille D’havé was in de jaren 1940 lid van de Gentse kunstenaarsgroepering La Relève.

Vijf jaar geleden verscheen het boek Camille D’havé & La Relève van Willem Elias D’havé.
Dit boek toont een zestigtal werken van zijn hand en confronteert die ook met schilderijen van de La Relève-kunstenaars, onder wie Roger Raveel en Jan Burssens.
‘Een verbeeldingsrijke realist’, noemt auteur Willem Elias D’havé – doelend op de vreemde creaturen en fantasietaferelen die zijn werken kenmerken, maar ook op de boodschap over mens en wereld die hij ermee poneerde.


Want dat is het grote thema van de kunstenaar: de mens als een tot falen gedoemd wezen.
Naast de bijdragen van Elias vindt u ook teksten van Pjeroo Roobjee, Roger Marijnissen en Hugo Claus, aangevuld met een aantal interviews, met o.a. Flor Bex.


Camille D’Havé is 54 jaar geworden en ligt begraven op het kerkhof van Sint-Amandsberg.

Tentoonstelling, van de Grande Dame Motte van de Hotsy Totsy in galerie Pim De Rudder Assenede en dit nog tot 25 oktober 2020 elke zondag van 15 u tot 18 uur)

Het verhaal van de befaamde ‘Hotsy Totsy Club’ start in 1973, het jaar waarin zijn jongste broer Johan Claus (1938-2009) het pand – gelegen op de hoek van de Hoogstraat met de Oude Houtlei – inricht en decoreert met voor ogen de gelijknamige ‘Hotsy Totsy Club’ van Al Capone uit het Chicago van de jaren dertig.

In datzelfde jaar nog laat hij de exploitatie over aan broer Guido die er zijn levenswerk van maakt.

Het unieke interieur, de gezelligheid en de persoonlijkheden van Guido en levensgezellin Motte geven het artiestencafé een renommé tot ver buiten de grenzen.

Ook broer Hugo Claus, Jan Hoet, en vele anderen, zijn er een graag geziene gasten, die regelmatig een kaartje legt met zijn broer en zijn literaire vrienden.

Van Hugo Claus hangt buiten aan de zijmuur van de Oude Houtlei trouwens een lofgedicht op Guido Claus en op de ‘Hotsy Totsy’, genaamd ‘Achter deze gevel hier’.

De ‘Hotsy Totsy’ is als authentiek Gentse artiestencafé ruim 45 jaar een begrip in Gent en is nog steeds een pleisterplaats voor iedereen die geïnteresseerd is in kunst en cultuur.

Op 17 maart 1983, stelde Hugo Claus in de club zijn lang verbeide magnum opus Het verdriet van België voor aan pers en publiek.

De publicatie zorgde in de Belgische pers voor een nooit geziene hype.

Van 1986 tot 1991 vormde Guido Claus met Jan Albert De Bruyne (alias ‘Prof. Arnoldus Goedbier’) het muzikaal straattheater-duo ‘Twee Wezen’, speelde hij in de toneelbewerking van Lijmen & Het been (naar Willem Elsschot) in het NTG (september 1986), en vertolkte tevens een tiental rolletjes in films, onder meer in: ‘De Loteling’ (1973), ‘Vrijdag’ (1981) en ‘Hector’ (1987).

In november 1991 overlijdt Guido Claus plots en koopt de Groep Druwel de zaak en het nabijgelegen pand.

Na de restauratie van het gebouw, verkoopt de Groep Druwel de zaak aan Patrick De Graeve, die de zaak een nieuwe boost gaf en waar Motte Claus deel uitmaakt van zijn team.

Al enkele jaren is de uitbating van de Hotsy Totsy in goede handen van Lara.

Vernissage Motte Claus in galerie Pim De Rudder Assenede. Van 4 tot 25 oktober 2020 elke zondag van 15 u tot 18 uur. Stichting Pim De Ridder Hoogstraat 4-6 Assenede.

Vandaag 45 jaar geleden, première van de Nederlandse film “Het jaar van de kreeft”

Met in de hoofdrollen Willeke van Ammelrooy en Rutger Hauer.

De regie was in handen van Herbert Curiel.

De Vlaamse schrijver Hugo Claus verhuisde in maart 1970 naar Amsterdam.

Hier ontmoette hij actrice Kitty Courbois met wie hij tot 1971 een stormachtige verhouding had.

Courbois verliet de schrijver en na de breuk verwerkte Claus zijn ervaringen in de roman Het jaar van de kreeft.

Anders dan in de film sterft Toni in het boek aan kanker (‘cancer’ en ‘krebs’, respectievelijk het Engelse en Duitse woord voor kreeft, betekent in die talen ook kanker).

In de film ligt de nadruk op de eigenschappen van het sterrenbeeld van Toni, Kreeft.

Aanvankelijk was het de bedoeling dat Rijk de Gooyer de rol van Pierre zou spelen.

Hij had daarvoor in ieder geval de juiste leeftijd.

Maar De Gooyer weigerde de hoofdrol.

Hij was een liefhebber van de meeste boeken van Claus, maar vond Het jaar van de Kreeft op het niveau van een keukenmeidenroman, daarbij zag hij ook weinig in de samenwerking met de hem onbekende regisseur Herbert Curiel.

Rutger Hauer nam de rol over, al was hij eigenlijk te jong.

‘Sex, dood, tranen staan ruim gedoseerd in dit verhaal van psychische verwarring.

Het jaar van de kreeft is het liefdesverhaal tussen een geslaagde man van de wereld, Pierre, en Toni, een kapster in het revue-wezen, of wat daarvoor door gaat.

Zij is geen schoonheid, maar haar onvolkomenheden ontroeren Pierre juist.

Zij wekte verdriet in hem, tederheid, en tegelijkertijd was zij een vreemdelinge waarvan de eigengereide geslotenheid hem ergerde en verwarde.

Al gauw blijkt dat Toni in seksueel opzicht frigide is.

Ze herinnert zich slechts één keer klaargekomen te zijn, toen haar echtgenoot, Karel, haar ontmaagdde.

Maar goed, het is dus niet alleen seks geblazen, maar ook Allesverslindende Liefde.’ – Gerrit Komrij in Vrij Nederland

Vandaag 45 jaar geleden, première van de Nederlandse film Het jaar van de kreeft
Vandaag 45 jaar geleden, première van de Nederlandse film “Het jaar van de kreeft”

50 jaar geleden, Hugo Claus in de Post van 1 maart 1970

50 jaar geleden, Hugo Claus in de Post van 1 maart 1970
50 jaar geleden, Hugo Claus in de Post van 1 maart 1970
50 jaar geleden, Hugo Claus in de Post van 1 maart 1970
50 jaar geleden, Hugo Claus in de Post van 1 maart 1970
50 jaar geleden, Hugo Claus in de Post van 1 maart 1970
50 jaar geleden, Hugo Claus in de Post van 1 maart 1970
50 jaar geleden, Hugo Claus in de Post van 1 maart 1970

Sylvia Kristel (Joepie 26 november 1979)

Sylvia Kristel in Amerika (Story 3 oktober 1979)
Sylvia Kristel (APRIL 1989)
Sylvia Kristel in Japan als jury lid (Augustus 1979)
30 jaar geleden, te gast bij Sylvia Kristel 1
30 jaar geleden, te gast bij Sylvia Kristel 2
30 jaar geleden, te gast bij Sylvia Kristel
30 jaar geleden, te gast bij Sylvia Kristel 2
40 jaar geleden, Sylvia Kristel en haar relatie met Ian Mc Shane
Sylvia Kristel en haar rol in Airport 79 (Joepie 7 januari 1978)