Vandaag, 100 jaar geleden, première van het toneelstuk de Paradijsvogels van Gaston Martens in Antwerpen.

Gaston groeide op in een welgesteld brouwersgezin in Zulte. Hij was geen briljante student, maar blonk wel uit in sport.

Zijn specialiteit was verspringen.

Hij werd viermaal Belgisch kampioen en hield van 1905 tot 1919 het Belgisch record in handen.

Hij behaalde ook twee medailles op de Belgische kampioenschappen atletiek in het kogelstoten.

Martens schreef vooral volkse toneelstukken met humoristische en sentimentele elementen.

Enkele van zijn werken zijn:

“De Heirweg” (1924, “Het Dorp der Mirakelen” (1932), “En waar de ster bleef stille staan” (1933), “De Mannen van Goed Gewil” (1936) en “Paradijsvogels” (1934, zijn succesvolste stuk)

Het verhaalt de lotgevallen van de bewoners van Leydonck-Waterland, een fictief dorpje aan de Leie in de tweede helft van de jaren twintig van de twintigste eeuw.

Het werd vertaald in verschillende talen en opgevoerd in binnen- en buitenland.

In 1946 werd het verfilmd in Frankrijk als “Les Gueux au Paradis” met Raimu en Fernandel in de hoofdrollen.

Martens won voor “Paradijsvogels” de Staatsprijs voor Toneelliteratuur.

In 1911 trouwde Gaston Martens met Germaine De Buck. Ze kregen samen één dochter, Godelieve.

In 1937 verhuisde Martens naar Frankrijk, waar hij een perzikplantage begon.

Tijdens zijn verblijf in Frankrijk vertaalde hij zijn stukken in het Frans.

Na de Tweede Wereldoorlog keerde Martens terug naar België. Hij bleef schrijven, maar zijn latere werk was minder succesvol dan zijn vroegere stukken.

Gaston Martens overleed in 1967 in Deinze en is begraven in Deurle.

Deze week 60 jaar geleden, het toneelstuk The Miracle Worker (Nederlandse titel De wonderdoenster) van William Gibson te zien in het KNS in Antwerpen

Deze week 60 jaar geleden, het toneelstuk The Miracle Worker (Nederlandse titel De wonderdoenster) van William Gibson te zien in het KNS in Antwerpen
Deze week 60 jaar geleden, het toneelstuk The Miracle Worker (Nederlandse titel De wonderdoenster) van William Gibson te zien in het KNS in Antwerpen
Deze week 60 jaar geleden, het toneelstuk The Miracle Worker (Nederlandse titel De wonderdoenster) van William Gibson te zien in het KNS in Antwerpen
Deze week 60 jaar geleden, het toneelstuk The Miracle Worker (Nederlandse titel De wonderdoenster) van William Gibson te zien in het KNS in Antwerpen

60 jaar geleden, actrice Jeanne De Coen neemt afscheid van het theaterpubliek.

Tijdens de Eerste Wereldoorlog trad zij in Engeland op voor soldaten.

In 1918 speelde zij met het theatergezelschap Vlaamsch Fronttoneel in het bezette gebied, daarna 40 jaar aan de Koninklijke Nederlandse Schouwburg in Antwerpen.

60 jaar geleden, actrice Jeanne De Coen neemt afscheid van het theaterpubliek
60 jaar geleden, actrice Jeanne De Coen neemt afscheid van het theaterpubliek
60 jaar geleden, actrice Jeanne De Coen neemt afscheid van het theaterpubliek
60 jaar geleden, actrice Jeanne De Coen neemt afscheid van het theaterpubliek

Anton Peters in de Story van 23 juli 1985.

Ben je een beetje ziek, dan horen ze meteen de doodsklok luiden…

Geen bier meer, geen cognac, geen whisky, alleen nog af en toe een glaasje wijn. Anton Peters had wat problemen met het hart en moest van de dokter vermageren. Hij is nu 14 kilogram kwijt. Verder is er niks aan de hand, zegt hij. Het leven is te mooi om je zorgen te maken…

Op onze redactie kwamen allerlei alarmerende berichten over Anton Peters binnenwaaien. Dat het zo slecht met hem ging. Het hart. En ook over de gezondheid van Marc, zijn enige zoon, deden wilde verhalen de ronde. Kortom, in de familie Peters was zich een drama aan het voltrekken…

“Pure nonsens,” grijnst Anton. “Onvoorstelbaar wat ze allemaal verteld hebben. Zo zijn de mensen, hè. Ze roddelen graag en dan liefst in de overtreffende trap. Als ze horen dat je ziek bent, fluisteren ze bij de bakker en de slager dat ze de corbillard hebben zien rijden! Echt waar, madam! Dorpsroddels in een stad als Antwerpen. Zo gaat dat.”

“Juist, ik heb in het Academisch Ziekenhuis gelegen. Een dag of tien. Méér niet. Hartinfarct? Laat mij niet lachen. Een kleine hartinsufficiëntie, da’s al. Een verwittiging dus. Moeten ze daar zoveel theater over maken? Luister, ik heb me grondig laten onderzoeken. Een volledige check-up. Een groot nazicht, laat ons zeggen. De dokters verzekerden me dat er geen enkele reden tot paniek was. Dat is goed nieuws. Slecht nieuws interesseert me niet, daar leef ik veel te graag voor.”

“De dokter zei: Je móet vermageren. Goed, ik heb dat gearrangeerd. Geen bier meer, geen cognacje, geen whisky. Voor mij is dat een hele opgave, want de geneugten van het leven hebben aan mij hun beste klant. Verder: geen vet, weinig brood. Ik ben 14 kilogram kwijt en ik moet toegeven dat het een prima gevoel is.”

“De enige zonde die ik nu nog bedrijf: af en toe een glaasje witte wijn. Daar stap ik niet van af. Alleen jammer dat ze in de cafés slechte wijn hebben, uitzonderingen daargelaten. Ze willen allemaal veel verdienen, vlug rijk zijn. Van mij mogen ze wat meer vragen, maar dan moet de waar ook goed zijn. Er zijn herbergen waar ze mij niet meer zien, omdat je met hun wijn alleen maar mayonaise kunt maken…”

“Om nog eens op die paniekverhalen terug te komen. Weet je dat ze rondgestrooid hebben dat onze Marc, mijn zoon, gek was geworden? Allez, allez, waar gaan we naartoe, waar halen ze het? Die jongen mankeert niks. Nee, schrijf gerust op dat de hele familie Peters zich uitstekend voelt, mijn mama incluis. Ze is 88 jaar, dat wil toch al wat zeggen, nietwaar.”

“Weet je, die perikelen met mijn hart, da’s heel normaal voor een acteur. Een toneelspeler – een échte – heeft een groot hart, letterlijk dan. Het hart van een acteur is een accordeon waarvan de registers voortdurend worden opengetrokken. Op het podium geef je álles, je bemint en je haat in superlatieven. Hevige emoties die doorzinderen in het hele lichaam. Een acteur die alleen met zijn verstand acteert, is een slechte acteur.”

Peters is 62. Hij heeft intussen al een carrière van 44 jaar achter de rug, maar hij is nog lang niet van plan er de brui aan te geven. Momenteel is hij aan de kust te zien in een dolkomisch soloprogramma getiteld Hoogachtend, Anton Peters. Met dat programma staat hij vanaf 20 september ook in het Merksems Kamertheater, waar hij kortgeleden een contract ondertekende. Aan de Antwerpse KNS zegt hij vaarwel.

“Ik heb drie jaar in de KNS gewerkt en dat is genoeg. Luister, theater is voor mij een lief. En ik verander al eens graag van lief, begrijp je…”

Hij zegt het allemaal in zijn eigen, onnavolgbare stijl, humorvol, spits. De volmaakte showman die barst van zelfvertrouwen.

“Hola, wat zeg je daar? Zelfvertrouwen? Ik? Ik zal eerlijk zijn. Niemand zal het geloven, want ik straal inderdaad zelfvertrouwen uit, maar in feite is dat pose: doen alsof. Ik ben een heel timide, schuchtere, bijna mensenschuwe man, zoals de meeste toneelspelers. Ze komen binnen met een air van hier ben ik, superieur en pretentieus, the big star, terwijl ze verteerd worden door de grootste twijfels. Acteurs zijn kwetsbaar als niemand anders. Het is een raar vak met rare mensen.”

“Op feestjes ben ik een zwijger. Ik zeg niet veel, ik heb liever dat de anderen praten. Ik kom binnen als de geaccrediteerde grapjas en dat wordt voor de aanwezigen dan één grote desillusie, want ik ben de stilste van het hele gezelschap.”

“Ik benader de mensen schuchter. Het duurt bij mij ontzettend lang vóór ik de brug sla, vóór ik iets van mezelf prijsgeef. Ik haat de telefoon, omdat ik niet in de ogen van de man aan de andere kant van de lijn kan kijken: ik kan de reacties niet peilen en dat vind ik een verschrikking.”

“Liefst van al ben ik alleen met Jeannine, mijn vrouw. Bij Jeannine is Anton Peters zoals hij werkelijk is: heel gewoon, niks bijzonders, helemaal op zijn gemak…”

Bij de rechterfoto staat: MKT-directeur Walter Merhottein (rechts) en acteur Frans Vandevelde zijn blij dat ze Anton erbij hebben!

Gisteren nog vandaag