Foto's, en reportages en voor 95 % niet terug te vinden op Google uit ons ver verleden, over Gent, Vlaanderen, film, muziek, sport, politiek en zoveel meer uit tijdschriften en kranten en jaarboeken. Vanaf de jaren 1900 tot en met gisteren. Meer foto's en artikelen terug te vinden op onze Fb groep Gisteren nog vandaag en de Fb groep Weetjes over popmuziek
De aanzienlijke schade trof niet alleen het bouwwerk zelf, maar vernietigde ook waardevolle schilderijen en een enorme hoeveelheid historische documenten, waaronder de burgerlijke stand die terugging tot het jaar 1500.
Het gebouw was oorspronkelijk tot stand gekomen na een voorstel van het Gentse gemeenteraadslid Massez in 1835.
Hij was de politieke drijfveer achter het project, omdat de rechtspraak in die tijd nood had aan een centrale en waardige locatie in de stad.
De Gentse stadsarchitect Louis Roelandt ontwierp het paleis op basis van dit initiatief en raamde de kosten op ruim achthonderdduizend frank.
De bouw begon in 1836 op de plek waar voorheen het klooster van de Recoletten had gestaan.
Na een constructieperiode van tien jaar vond de plechtige inhuldiging plaats in het najaar van 1846, hoewel de grote wandelzaal al twee jaar eerder in gebruik was genomen.
Tijdens de Eerste Wereldoorlog hadden Duitse troepen het pand opgeëist en als kazerne gebruikt, waarbij het interieur zwaar werd verwaarloosd.
Na de brand van 1926 heerste er toen onzekerheid over de herbouw, waardoor de autoriteiten besloten de gerechtelijke diensten tijdelijk onder te brengen in het oude seminarie bij de Sint-Baafskerk.
Dit gebouw bood voldoende ruimte voor de rechtbank van koophandel, het hof van beroep en het assisenhof. Terwijl de brandweer nog probeerde te redden wat er te redden viel aan dossiers, bleef de exacte oorzaak van de ramp onduidelijk; er werd gespeculeerd over kortsluiting, kwaad opzet of een defect aan de verwarmingsinstallatie.
Hoewel ze door haar huwelijk een Belgische prinses werd, was ze van Franse oorsprong.
Prinses Élisabeth werd geboren in Bordeaux, Frankrijk, op 20 maart 1926 als Martha Marie Élisabeth Antoine Manset.
Ze groeide op in de wijnhandel van haar familie, maar haar jeugd werd getekend door een tragedie: ze was slechts 13 jaar oud toen haar ouders in 1939 omkwamen bij een auto-ongeluk.
Op 18-jarige leeftijd verhuisde ze naar Parijs.
In 1947 trouwde Élisabeth Manset met Élie de Riquet, de 20e Prins van Caraman en Chimay (1924-1980).
Door dit huwelijk werd ze Prinses van Chimay en verhuisde ze naar het voorouderlijk kasteel van de familie in Henegouwen.
Vanaf haar huwelijk in 1947 tot aan haar dood op 2 augustus 2023 woonde de prinses op het Kasteel van Chimay.
Prinses Élisabeth wijdde haar leven aan het erfgoed van de familie De Riquet de Caraman en het behoud van de uitgebreide archieven van het kasteel.
Ze stond er ook om bekend het kasteel open te stellen voor cultuur en organiseerde van 1957 tot 1980 een gerenommeerd festival voor barokmuziek.
Daarnaast was ze een goede vriendin en hofdame van koningin Fabiola van België.
Als verdienstelijk schrijfster en biografe publiceerde ze twee belangrijke werken:
La Princesse des Chimères (1993): Een biografie van Thérésa Tallien, een invloedrijke figuur tijdens de Franse Revolutie die eveneens prinses van Chimay werd.
La Fin d’un siècle, souvenirs (2000): Haar autobiografie, waarin ze terugblikt op haar Franse jeugd en haar ervaringen als prinses.
Het echtpaar kreeg drie kinderen:
Philippe (1948)
Marie-Gilone (1950)
Alexandra (1952)
Haar zoon Philippe (nu de 21e Prins van Chimay) volgt zijn vader op als hoofd van de adellijke familie.
Philippe huwde met een erfgename van InBev, het grootste bierconcern van de wereld.
Bij dat huwelijk was de Belgische prins Laurent aanwezig als getuige.
Op een strategische rots boven de vallei van de Eau Blanche in Henegouwen staat het Kasteel van Chimay.
Al meer dan duizend jaar is dit de residentie van prinselijke families.
Wie ‘Chimay’ hoort, denkt misschien aan het bekende bier, maar het kasteel en de familie die er woont, dragen een veel diepere geschiedenis met zich mee, die zich zelfs uitstrekt tot in het Nederlandse Weert.
De oorsprong van het kasteel gaat terug tot de 11e eeuw. Het is de thuisbasis geweest van vier grote adellijke families, waaronder Croÿ en Hénin-Liétard, en sinds 1804 de familie De Riquet de Caraman.
Het gebouw heeft veel te lijden gehad onder oorlogen, maar de meest recente ramp was een verwoestende brand in 1935, die een groot deel in de as legde.
Het kasteel werd zorgvuldig gereconstrueerd in een renaissance Hendrik IV-stijl, hoewel de middeleeuwse kerkers en de donjon de vroege geschiedenis blijven verraden.
Binnenin tonen de Grote Hal en de Wapenzaal harnassen, terwijl de Portrettenzaal de lange familielijn illustreert.
Het absolute pronkstuk is echter het intieme theater. Dit juweel, een verkleinde kopie van het rococotheater van het Kasteel van Fontainebleau, werd in 1863 gebouwd en is vandaag geklasseerd als Uitzonderlijk Erfgoed van Wallonië.
Het kasteel wordt omgeven door een 25 hectare groot Prinselijk Park, aangelegd als een formele Franse tuin.
De huidige eigenaars, prins Philippe en prinses Françoise de Chimay, hebben net als hun voorgangers hun hart verloren aan Chimay en blazen het kasteel nieuw leven in door er culturele activiteiten met internationale uitstraling te organiseren.
Het theater van het Kasteel van Chimay biedt een divers podium voor concerten (zowel klassieke muziek als jazz), theater, conferenties en speciale voorstellingen voor kinderen.