75 jaar geleden, te gast in het droomkasteel ‘Le Palais Idéal’ van de postbode Cheval.

In het plaatsje Hauterives in de Drôme staat een exotisch bouwsel dat iets weg heeft van de tempels van Angkor.

Geen hoek van Le Palais Idéal is recht en de muren zijn versierd met de vreemdste stenen, schelpen, exotische dieren en wezens.

Dit is het aandoenlijke levenswerk van Facteur Cheval, een postbode die in 1879 zijn voet stootte tegen een gek uitziende steen.

Gisteren nog vandaag

Hij voelde een roeping en besloot het paleis van zijn dromen te bouwen, speciaal voor zijn jonge dochter.

In 30 jaar (en totaal 90.000 manuren) verrees een heus paleis met verwijzingen naar bouwstijlen uit alle continenten. Want postbode Cheval vond zijn inspiratie op de ansichtkaarten die hij bezorgde. In zwart-foto’s van hindoe-tempels, moskeeën en Egyptische grafkamers.

Gisteren nog vandaag

Verleden jaar kwam de Franse film L’Incroyable destin du Facteur Cheval uit.

In de film zien we hoe Facteur Cheval die een hoop te verduren krijgt in zijn leven. Zo verliest hij de ene na de andere geliefd. Maar zijn paleis blijkt een soort reddingsboei, een reden om door te gaan, ook al begrijpt alleen zijn dochter waar hij mee bezig is.

Een mooi moment in de film is als zijn vrouw (Laetitia Casta) naar hem lacht, als hij een eerste lintje krijgt van de burgemeester. Jarenlang vond ze zijn project net zo vreemd als de andere dorpsbewoners.

Maar nu realiseert ze zich trots dat mensen van verre komen om zijn paleis te bewonderen.

Gisteren nog vandaag

Facteur Cheval is ineens geen lokale gek meer, maar de held van een eenvoudig dorpje in de Drôme.

Bijna een eeuw na zijn dood blijft dat een hele mooie reden om zijn Palais Idéal eens te bezoeken.

Le Palais Idéal en het museum over Facteur Cheval in Hauterives is dagelijks open en de inkom is is 8 euro (volw.) en 5 euro (kinderen). Meer informatie: http://www.facteurcheval.com. (Diverse bronnen, Sabine Dekker, Wikipedia en Foto’s afkomstig uit het Tijdschrift Ons Volk november 1949)

Gisteren nog vandaag

Gisteren nog vandaag

90 jaar geleden, reclame voor Kruschen Salts in het tijdschrift Ons Volk van februari 1934.

Kruschen Salts was een product dat beweerde rheuma te bestrijden door het bloed te zuiveren en de nieren te stimuleren.

Het bestond uit een mengsel van zes verschillende zouten, waaronder natriumbicarbonaat, magnesiumsulfaat en kaliumchloride.

De reclame beloofde dat een dagelijkse dosis van een theelepel Kruschen Salts in een glas heet water de pijn en de stijfheid van rheuma zou verminderen of zelfs genezen.

Kruschen Salts werd voor het eerst geproduceerd in 1906 in Duitsland door de firma Krusch & Co.

Het product werd al snel populair in Europa en Amerika als een algemeen tonicum voor allerlei kwalen, waaronder rheuma, constipatie, obesitas, huidproblemen en verkoudheid.

Kruschen Salts werd ook gebruikt als een schoonmaakmiddel voor het huis en als een tandpasta.

De reclame voor Kruschen Salts was vaak overdreven en misleidend.

Zo werd er beweerd dat Kruschen Salts het leven kon verlengen, kanker kon voorkomen en zelfs kon helpen bij het afvallen.

Er was echter geen wetenschappelijk bewijs voor deze claims. In feite was Kruschen Salts niets meer dan een laxeermiddel dat tijdelijk een gevoel van welzijn kon geven door het verwijderen van afvalstoffen uit het lichaam.

Kruschen Salts wordt vandaag de dag nog steeds verkocht in sommige landen, zoals Australië, Nieuw-Zeeland en Zuid-Afrika.

Het product heeft echter veel concurrentie gekregen van andere laxeermiddelen en voedingssupplementen die beter gereguleerd zijn.

Bovendien zijn er nu veel effectievere behandelingen voor reumatoïde artritis beschikbaar, zoals ontstekingsremmers, immunosuppressiva en biologische geneesmiddelen.

Het gebruik van Kruschen Salts wordt dan ook niet meer aanbevolen voor reumapatiënten.

Kan een afbeelding zijn van 1 persoon en tekst

90 jaar geleden, sfeerfoto’s van het verdronken land van Saaftinge (Ons Volk 28 januari 1934)

Het verdronken land van Saaftinge had een rijke geschiedenis.

Het gebied werd al bewoond sinds de prehistorie, toen het nog een veenlandschap was. In de 13e eeuw liet de graaf van Vlaanderen er een kasteel bouwen en werd het gebied ingepolderd door monniken.

Er lagen vier dorpen en enkele gehuchten, waar mensen leefden van landbouw en turfsteken.

Het gebied was een aparte heerlijkheid, die soms betrokken raakte bij conflicten tussen Vlaanderen en Holland.

In 1570 werd het gebied getroffen door de Allerheiligenvloed, die grote delen onder water zette.

Vier jaar later, tijdens de Tachtigjarige Oorlog, staken Nederlandse soldaten de laatste intacte dijken door om de Spanjaarden te hinderen.

Zo verdween het land van Saaftinge voorgoed onder water.

Alleen enkele restanten van huizen, kerken en forten bleven soms zichtbaar bij laagwater.

Vandaag de dag is het verdronken land van Saaftinge een natuurgebied, dat wordt beheerd door stichting Het Zeeuwse Landschap.

Het gebied is een belangrijk leefgebied voor vogels, vissen en planten.

Het is ook een beschermd gebied onder de Conventie van Ramsar en een Important Bird Area.

Het gebied is alleen toegankelijk onder begeleiding van een gids, die meer kan vertellen over de geschiedenis en de natuur van deze bijzondere streek.

Het verdronken land van Saaftinge was een gebied op de grens van België en Nederland, dat in de middeleeuwen werd bedijkt en bewoond.

Het bestond uit vier dorpen, een slot en verschillende gehuchten.

Door overstromingen, oorlogen en dijkdoorbraken raakte het gebied steeds meer onder water.

De laatste resten verdwenen in 1584, toen de Nederlandse soldaten de dijken doorknipten om de Spanjaarden tegen te houden.

Nu is het verdronken land van Saaftinge een groot schorrengebied dat beschermd wordt als natuurgebied en belangrijk is voor vogels en planten.

Vandaag 90 jaar geleden, de Nederlandse arbeider en communist Marinus van der Lubbe onthoofd in Duitsland (10 januari 1934)

Van der Lubbe werd geboren in 1909 in Leiden, als zoon van een metselaar.

Hij verloor zijn vader op jonge leeftijd en moest al vroeg gaan werken om zijn moeder en broers te ondersteunen.

Hij raakte betrokken bij de socialistische beweging en werd lid van de Communistische Partij van Nederland.

Hij nam deel aan stakingen en demonstraties en raakte gewond bij een confrontatie met de politie.

Hij verloor ook zijn linkeroog bij een ongeluk op het werk.

In 1931 reisde hij naar Duitsland, waar hij getuige was van de opkomst van het nazisme en de vervolging van de communisten en andere tegenstanders.

Hij sloot zich aan bij verschillende antifascistische groepen en nam deel aan illegale acties.

Hij werd meerdere keren gearresteerd en mishandeld door de nazi’s.

Hij raakte gefrustreerd door het gebrek aan effectieve weerstand tegen Hitler en besloot om een individuele daad van protest te plegen.

Op 27 februari 1933 sloop hij het Rijksdaggebouw binnen en stak verschillende gordijnen in brand.

Hij werd snel overmeesterd door de bewakers en bekende zijn daad.

Hij beweerde dat hij alleen had gehandeld, uit haat tegen het nazisme.

De nazi’s grepen echter de kans om een groot complot te fabriceren en beschuldigden de communisten, de sociaaldemocraten en andere tegenstanders van betrokkenheid bij de brand.

Ze gebruikten de brand als voorwendsel om een noodtoestand af te kondigen en duizenden mensen te arresteren, te martelen en te doden.

Van der Lubbe werd berecht voor hoogverraad, samen met vier andere verdachten: Ernst Torgler, een Duitse communistische leider, en drie Bulgaarse communisten: Georgi Dimitrov, Vasil Tanev en Blagoi Popov.

Het proces was een schijnvertoning, waarbij de nazi’s probeerden om Van der Lubbe als een marionet van de communisten af te schilderen, terwijl de andere verdachten hun onschuld volhielden en zich fel verdedigden.

Dimitrov maakte vooral indruk met zijn moedige weerwoord tegen Hitler, die persoonlijk het proces bijwoonde.

De rechtbank sprak uiteindelijk alle verdachten vrij, behalve Van der Lubbe, die schuldig werd bevonden en ter dood werd veroordeeld.

Hij werd onthoofd op 10 januari 1934, ondanks internationale protesten en verzoeken om gratie.

De doodstraf voor Marinus van der Lubbe leidde tot een opmerkelijke actie van de VARA op die dag.

De omroep liet drie minuten lang niets horen op de radio, als een stil protest tegen het vonnis.

De regering was woedend en nam wraak door de VARA een dag lang van de ether te halen.

Zijn lichaam werd gecremeerd en zijn as werd verstrooid boven de Noordzee.

Na zijn dood bleef Van der Lubbe een controversiële figuur.

Sommigen beschouwden hem als een martelaar voor de antifascistische zaak, anderen als een dwaas of een verrader die de nazi’s hielp om aan de macht te komen.

In 1967 werd hij postuum gerehabiliteerd door een West-Duitse rechtbank, die oordeelde dat zijn executie onrechtmatig was geweest.

In 2008 werd hij ook officieel vrijgesproken van alle beschuldigingen door een Duitse federale rechtbank, op grond van een wet die alle nazioorlogsmisdaden nietig verklaarde.

100 jaar geleden, was de jaarlijkse petroleum opbrengst in de wereld goed voor 383.7 miljoen vaten. (Ons Volk 14 maart 1920)

Zoals u kunt zien op de tabel was Roemenië toen de vierde belangrijkste olieproducent.

In de omgeving van de stad Ploiești in Roemenië, opende in 1857 een van de eerste aardolieraffinaderij van Europa.

Nu verbruiken we 85 miljoen vaten per dag en op jaarbasis is dat 31 miljard vaten.

Dat is bijna 5 vaten olie per jaar per bewoner op aarde, ca. 2 liter per persoon per dag.

Maar in de geïndustrialiseerde wereld natuurlijk veel meer en in de onderontwikkelde landen veel minder.

De wereldvoorraad aardolie neemt elke dag af met 85 miljoen vaten.

Dat zijn 1000 vaten per seconde. De vraag is wanneer het moment komt dat wereldwijd de maximale olieproductie bereikt is (de zogenaamde Hubbert Peak, ook wel Peak Oil genoemd) waarna die olieproductie afneemt.

Volgens sommigen is de piek zelfs al geweest.

Volgens anderen (oliemaatschappijen, OPEC) zal de piek plaatsvinden in de periode 2020 – 2030.(Diverse bronnen, Wikipedia en foto Ons Volk 14 maart 1920)

100 jaar geleden, was de jaarlijkse petroleum opbrengst in de wereld goed voor 383.7 miljoen vaten. (Ons Volk 14 maart 1920)