Vandaag, 95 jaar geleden, te gast op de Boetprocessie van Veurne

De Boetprocessie van Veurne is een van de meest authentieke en ingetogen religieuze tradities in Vlaanderen.

Al sinds de zeventiende eeuw trekt deze historische omgang elke laatste zondag van juli door de straten van de West-Vlaamse boetestad, gedragen door een diepgeworteld gevoel van boetedoening en volksdevotie.

De oorsprong van de traditie ligt in het jaar 1637, toen de regio geteisterd werd door oorlogsgeweld en de pest.

In die donkere periode richtte Jacobijn Jacob Clou de Sodaliteit van de Gekruiste Zaligmaker op.

Deze broederschap stelde zich tot doel het lijden van Christus te herdenken en openlijk boete te doen om onheil af te wenden.

Sinds 1646 is de processie een vast gegeven in Veurne.

Wat de Boetprocessie zo indrukwekkend maakt, is het sobere en anonieme karakter.

De honderden boetelingen die deelnemen, lopen onherkenbaar mee, gehuld in sobere, bruine pijpen met een kap over het hoofd.

Velen van hen lopen blootsvoets en dragen zware, houten kruisen op de schouders als teken van persoonlijk offer en inkeer.

Hun identiteit blijft geheim, wat de focus volledig verlegt naar de innerlijke beleving en de boodschap van de processie.

De rijke geschiedenis van het evenement kent vele gedenkwaardige edities, zoals die van zondag 26 juli 1931.

Hoewel de processie die dag onder minder gunstige weersomstandigheden plaatsvond, lieten de deelnemers zich niet afschrikken.

Niettegenstaande de doorregende straten gingen vele kruisdragers op sandalen of blootsvoets in de optocht mee.

Tussen de groepen viel destijds de oude Pontius Pilatus op, die elk jaar trouw op zijn post was om zijn rol te vervullen.

Een ander aangrijpend moment was de val van Christus onder het kruis, een tafereel dat een diepe indruk van volkskunst achterliet bij het aanwezige publiek.

Die specifieke editie trok bovendien koninklijke belangstelling, zij het in alle discretie.

Ongemerkt voor de vele toeschouwers volgden aartshertog Otto van Oostenrijk en diens moeder keizerin Zita de rondgang van de Boetprocessie, leunend vanuit het balkon van een plaatselijk klooster.

Zita van Bourbon-Parma was de laatste keizerin van Oostenrijk en koningin van Hongarije.

Sinds de afzetting van haar echtgenoot keizer Karel I in 1918 en diens vroege overlijden in 1922 leefde zij met haar gezin in ballingschap.

Vanaf het overlijden van haar man droeg zij uit rouw uitsluitend nog zwarte kleding.

In 1929 kreeg de keizerlijke familie toestemming om zich in België te vestigen, waar zij warm werden onthaald door de Belgische koninklijke familie.

Ze vonden een veilig onderkomen in het kasteel De Ham in Steenokkerzeel, waar ze gedurende de jaren dertig woonden en van waaruit ze tijdens de zomermaanden regelmatig de Belgische kust bezochten voor hun vakanties.

Toen nazi-Duitsland in mei 1940 België binnenviel, liep de uitgesproken anti-nazistische familie echter opnieuw groot gevaar.

Ze moesten halsoverkop vluchten via Frankrijk en Spanje naar Portugal, om uiteindelijk de oversteek te maken naar het Amerikaanse continent.

Na de Tweede Wereldoorlog keerde keizerin Zita terug naar Europa, waar ze haar laatste levensjaren doorbracht in het Johannes-Stift in het Zwitserse Zizers.

Ze overleed daar op 14 maart 1989 op 96-jarige leeftijd, waarna haar lichaam werd overgebracht naar Wenen om te worden bijgezet in de Keizerlijke Crypte.

De oudste zoon, aartshertog Otto van Habsburg, was de voormalige kroonprins.

In juli 1931 was hij een jonge achttienjarige die in België studeerde aan de Katholieke Universiteit Leuven, waar hij in 1935 zijn doctoraat in de sociale en politieke wetenschappen zou behalen.

Voor het keizerlijke gezin, dat diep religieus was en sterke banden had met katholieke tradities, vormde de ingetogen en historische Boetprocessie in het nabijgelegen Veurne een passend moment van bezinning tijdens hun verblijf in Vlaanderen.

Otto van Habsburg zou later uitgroeien tot een van de meest invloedrijke Europese figuren van zijn tijd.

Tijdens de jaren 30 verzette hij zich fel tegen de Anschluss van Oostenrijk bij nazi-Duitsland.

Adolf Hitler liet hem hierom bij verstek ter dood veroordelen.

Otto vluchtte naar de Verenigde Staten, waar hij president Roosevelt waarschuwde voor het naziregime en hielp bij het redden van talloze Joodse vluchtelingen.

Pas in 1961 deed hij officieel afstand van zijn aanspraken op de Oostenrijkse troon om weer als staatsburger naar zijn vaderland te mogen reizen.

In 2007 droeg hij het hoofdschap van het Huis Habsburg over aan zijn oudste zoon, Karl van Habsburg.

Vanaf 1979 tot 1999 was hij voor de Beierse partij CSU lid van het Europees Parlement. Hij zette zich decennialang in voor de Europese integratie en de uitbreiding van de Europese Unie naar voormalige Oostbloklanden.

Tevens diende hij jarenlang als president van de Internationale Paneuropese Unie, een van de oudste Europese eenwordingsbewegingen.

Na zijn overlijden in 2011 in het Duitse Pöcking werd zijn lichaam met traditionele keizerlijke pracht en praal bijgezet in de Keizerlijke Crypte in Wenen, terwijl zijn hart volgens oud familieritueel werd begraven in de Abdij van Pannonhalma in Hongarije.

Het evenement bestaat in de basis uit twee grote delen. In de voormiddag trekken de groepen in historische klederdracht rond om bijbelse taferelen uit te beelden, met een sterke nadruk op het Oude en Nieuwe Testament en het lijdensverhaal van Jezus.

Na de middag volgt de eigenlijke Boetprocessie, waarin de anonieme kruisdragers de hoofdrol spelen, begeleid door het monotone en indringende geluid van trommels.

Ondanks de modernisering van de samenleving blijft de Boetprocessie van Veurne een levend monument.

Het evenement trekt jaarlijks duizenden bezoekers en staat sinds 2009 officieel erkend als immaterieel cultureel erfgoed in Vlaanderen.

Het is een zeldzaam bewaard gebleven uiting van barokke boetevroomheid die generatie op generatie wordt doorgegeven.

Vandaag, op zondag 26 juli 2026, trekt deze eeuwenoude en diepgaande traditie opnieuw door het historische centrum van de stad.

Exact 95 jaar na de legendarische en doorregende editie waarbij de keizerlijke familie stilletjes toekeek, zullen de anonieme boetelingen en de zware houten kruisen weerom het straatbeeld bepalen om deze unieke uiting van volksgeloof levend te houden.

Sfeerfoto’s van koning Leopold en prinses Liliane en hun kinderen kort na hun bevrijding door de Amerikanen.

Deze foto’s tonen het koninklijke gezin in Strobl, een klein dorpje in Oostenrijk, waar ze naartoe werden gebracht na hun bevrijding uit het kasteel van Hirschstein in Saksen, waar ze sinds juni 1944 gevangen zaten.

Ze verbleven daar van mei tot september 1945, onder de bescherming van de Amerikaanse troepen.

Daarna vertrokken ze naar Zwitserland, waar ze tot 1950 in ballingschap leefden.

Ze keerden pas terug naar België na de troonsafstand van Leopold III, die veel controverse had veroorzaakt door zijn houding tijdens de oorlog (De Post 28 februari 1954)

65 jaar geleden, te gast bij Otto van Habsburg-Lotharingen en zijn gezin.

Otto van Habsburg-Lotharingen was de laatste kroonprins van Oostenrijk-Hongarije en de oudste zoon van keizer Karel I en keizerin Zita.

Hij werd geboren in 1912 in Reichenau an der Rax, een stadje in Neder-Oostenrijk.

Hij groeide op in verschillende landen van het Habsburgse rijk, waaronder Hongarije, Zwitserland, Spanje en Portugal.

Hij studeerde rechten, politieke wetenschappen en economie aan de universiteiten van Leuven, Parijs en Wenen.

Na de Eerste Wereldoorlog werd het Habsburgse rijk ontbonden en werd de republiek Oostenrijk uitgeroepen.

Otto en zijn familie werden verbannen uit Oostenrijk en verloren hun titels en bezittingen.

Otto bleef echter zijn aanspraken op de troon handhaven en probeerde tevergeefs een restauratie van de monarchie te bewerkstelligen.

Hij werd ook actief betrokken bij de Europese politiek en steunde het verzet tegen het nazisme en het communisme.

Hij was een voorstander van de Europese integratie en werd in 1979 lid van het Europees Parlement voor de christendemocratische partij CSU.

Hij bleef lid tot 1999.

Otto was getrouwd met prinses Regina van Saksen-Meiningen, met wie hij zeven kinderen kreeg.

Hij stond bekend als een vrome katholiek en een voorvechter van de mensenrechten en de democratie.

Hij overleed in 2011 op 98-jarige leeftijd in zijn huis in Pöcking, Duitsland.

Hij werd begraven in de Kapuzinergruft in Wenen, naast zijn voorouders.

Zijn hart werd apart begraven in de Abdij van Pannonhalma in Hongarije, als symbool van zijn verbondenheid met het land.

(De Post september 1958)

Gisteren nog vandaag

Gisteren nog vandaag

Gisteren nog vandaag

Gisteren nog vandaag

Vandaag 60 jaar geleden, prinses Beatrix en haar zus prinses Margriet te gast op het Opernball in Wenen (2 maart 1962)

Vandaag 60 jaar geleden, prinses Beatrix en haar zus prinses Margriet te gast op het Opernball in Wenen (2 maart 1962)
Vandaag 60 jaar geleden, prinses Beatrix en haar zus prinses Margriet te gast op het Opernball in Wenen (2 maart 1962)
Vandaag 60 jaar geleden, prinses Beatrix en haar zus prinses Margriet te gast op het Opernball in Wenen (2 maart 1962)
Vandaag 60 jaar geleden, prinses Beatrix en haar zus prinses Margriet te gast op het Opernball in Wenen (2 maart 1962)

Vandaag is het 75 jaar geleden dat de Oostenrijkse schrijver Felix Salten is overleden.

Zijn bekendste werk is Bambi, Eine Lebensgeschichte aus dem Walde, dat hij schreef in 1923.

Het werd vertaald in het Engels in 1928 en werd een boek-van-de-maand-clubhit.

In 1933 verkocht hij de filmrechten voor 1000 dollar aan de Amerikaanse filmregisseur Sidney Franklin, die deze later overdroeg aan The Walt Disney Company.

In 1939 schreef Salten een vervolg: Bambis Kinder: Eine Familie im Walde.

Hoewel Bambi bedoeld was als een waarschuwing voor “terug-naar-de-natuur”-aanhangers die in zijn ogen de natuur te veel idealiseerden, werd het tot Saltens verdriet door de Disney-studio’s “geïnfantiliseerd” tot een kinderverhaal.

Met dit filmscript verscheen in 1942 de succesvolle animatiefilm Bambi.

Salten is hoogstwaarschijnlijk ook de auteur van de satirische, maatschappijkritische, erotische roman Josefine Mutzenbacher, die Geschichte einer Wienerischen Dirne von ihr selbst erzählt, de fictieve autobiografie van een Weense prostituee, die anoniem verscheen in 1906.

Verondersteld werd dat Salten en Arthur Schnitzler het boek samen geschreven hadden, maar Schnitzler ontkende zijn aandeel categorisch.

Salten heeft zijn auteurschap nooit bevestigd of ontkend, maar het half-pornografische verhaal Die Gedenktafel der Prinzessin Anna (ook wel Die Bekentnisse einer Prinzessin), dat in 1902 onder zijn eigen naam verscheen, is te beschouwen als een voorstudie voor Josefine Mutzenbacher.

Ook in andere werken, waaronder de beide Bambi-boeken, nam hij beeldende verwijzingen naar seksuele handelingen op, die Disney’s scenaristen Perce Pearce en Larry Morey niet overnamen voor hun film.

Leven in Oostenrijk in de jaren dertig werd levensgevaarlijk voor een prominente jood.

In 1933 ontbrak hij nog op de “lijst van schadelijke en ongewenst geschriften” van de nazi’s van Adolf Hitler, maar in 1935 werd hij daar wel op geplaatst.

In 1939 ontvluchtte hij zijn land, toen Oostenrijk een deel was geworden van Duitsland.

Salten kreeg een Amerikaans visum aangeboden door de Amerikaanse consul “uit persoonlijk respect voor Bambi”.

Maar Salten wees dit aanbod af en koos voor Zwitserland, waar zijn dochter Anna woonde.

Hij verhuisde naar Zürich waar hij woonde tot zijn dood.

Felix Salten was een enthousiast jager, maar hij zag zichzelf niet als een ‘schieter’.

De plezierjacht van de Oostenrijkse adel was hem een gruwel.

Wel kwam hij er ruiterlijk voor uit dat hij in zijn leven zeker zo’n 200 ‘Bambi’s’ had omgelegd

Hij was getrouwd met de actrice Ottilie Metzl.

Zij hadden een zoon Paul en een dochter Anna-Katherina, die werk van haar vader geïllustreerd heeft.

Van al zijn werk worden in onze tijd alleen nog Bambi en Josefine Mutzenbacher herdrukt.

Felix Salten
Felix Salten

60 jaar geleden, nieuw landhuis voor koning Leopold en Liliaene in de gemeente Hinterriss in Oostenrijk.

De koning kocht dit jachthuis met 14 slaapkamers voor tien miljoen Frank en dit voor zijn vrouw Liliane die toen een grote liefhebster was van de jacht.

Op de foto’s zie je duidelijke een trotse Liliane met haar twee gemsbokken die ze dood schoot tijdens de jacht.

Ook is het leuk dat de leden van koninklijke familie toen geen fruitsap of water dronken. Maar wel een plaatselijke Gentiaan Jenever.

Of het pand nog in eigendom is van de koninklijke familie, kon ik nergens terug vinden. Dus ik vrees dat dit niet meer het geval is. (Diverse bronnen, Foto’s De Post van 12 december 1959)

Ook Maria Gabrielle van Savoye was aanwezig. Ze is het derde kind en de tweede dochter van de voormalige Italiaanse koning Umberto II en Marie José van België

De Oostenrijkse actrice Barbara Valentin (oktober 1960)

De Oostenrijkse actrice Barbara Valentin werd in 1940 geboren in Wenen als Uschi Ledersteger.

Zij was de dochter van de architect Hans Ledersteger en toneelspeelster Irmgard Alberti.

In 1959 debuteerde Barbara Valentin in de speelfil ‘Ein Toter hing im Netz’ van Fritz Böttgers.In de jaren zestig werd Barbara Valentin een bekende actrice en door velen betiteld als ‘das Busenwunder’.

Dit, omdat haar borstomvang haar acteerprestaties nagenoeg in de schaduw stelde.

Valentin speelde in seksfilms als ‘Schulmädchenrapport’, ‘Das Mädchen mit den schmalen Hüfte’ en ‘In Frankfurt sind die Nächte heiss’.

Rainer Werner Fassbinder gunde haar een kans in een aantal karakterrollen.

Onder Fassbinder speelde zij echte rollen in films als ‘Martha’, ‘Lili Marleen’ en ‘Welt am Draht’.

In 2000 was ze te zien in ‘Die Hunde sind schuld’.

Het zou haar laatste speelfilm worden

Fameus was ook haar privéleven. Alle drie haar huwelijken liepen op een mislukking uit.

Barbara woonde enige tijd samen met Queen-zanger Freddy Mercury.

Ook haalde ze de voorpagina’s van de Duitse boulevardpers met haar verslavingen.

Valentin was onder meer verslaafd aan cocaïne.

Barbara Valentin overleed in 2002 op 61-jarige leeftijd in München.

Zij was al geruime tijd ernstig ziek; na een hersenbloeding lag zij lange tijd in coma en was daarna gekluisterd aan een rolstoel.

De Oostenrijkse actrice Barbara Valentin (oktober 1960)