Ray Charles bleek in maart 1961 elke cent van zijn honorarium waard te zijn.

De zanger had destijds met Georgia On My Mind een enorme hit te pakken, een nummer dat decennia eerder door Hoagy Carmichael was geschreven en al successen had gekend in de uitvoeringen van Louis Armstrong en Nat Gonella.

Hoewel veel Europese liefhebbers destijds nog niet de kans hadden gehad om hem live te zien, spraken Amerikaanse critici vol lof over zijn veelzijdige talenten.

De toen bekende jazzcriticus, Francis Newton vergeleek in het tijdschrift New Statesman het luisteren naar zijn platen met het kijken naar een tijger in een dierentuin; je zag de vorm, maar de ware kracht werd pas duidelijk tijdens een optreden.

Zijn concerten werden omschreven als bijna religieuze bijeenkomsten.

De sfeer raakte geladen met elektriciteit zodra hij achter zijn piano plaatsnam en zijn liedjes met een intense, bezielde stem de zaal in stuurde, terwijl het publiek ritmisch meewiegde.

Voor dergelijke optredens ontving hij destijds duizend dollar per voorstelling, een bedrag dat omgerekend naar de huidige waarde in 2026 neerkomt op ongeveer 11.000 dollar.

In 1961 was dit een uitzonderlijk hoog inkomen voor één avond, aangezien een gemiddeld gezin toen nog geen zesduizend dollar per jaar verdiende.

De single Georgia On My Mind was de voorbode van het album The Genius Hits The Road, waarvoor Sid Feller opnieuw als producer optrad.

Feller was een trompettist, orkestleider en arrangeur wiens dertigjarige samenwerking met Ray Charles weelderig gearrangeerde hits voortbracht zoals ‘I Can’t Stop Loving You’.

Als hoofdarrangeur voor Capitol Records en later ABC Records werkte Feller ook samen met grootheden als Peggy Lee, Mel Torme, Paul Anka, Steve Lawrence en Eydie Gormé

De arrangementen voor dit specifieke album werden echter verzorgd door Ralph Burns, een klassiek geschoolde musicus die aan het New England Conservatory of Music had gestudeerd.

Burns was bijna vijftien jaar lang een drijvende kracht achter het orkest van Woody Herman, de Amerikaanse jazzklarinettist en bigbandleider die zijn loopbaan al tijdens zijn middelbare schooltijd in Milwaukee was begonnen.

Na omzwervingen bij orkesten van onder meer Tom Gerun, Harry Sosnik en Isham Jones, richtte Herman in 1936 zijn eigen legendarische formatie op, waar hij tot het einde van zijn leven trouw aan bleef.

Ralph Burns zou later in zijn carrière, in 1972, een Academy Award winnen voor Cabaret en muziek arrangeren voor films als Lenny, New York, New York en All That Jazz.

Op het album The Genius Hits The Road reisden we door Amerika en kwamen we onder meer terecht in Alabamy Bound, Georgia On My Mind, Basin Street Blues, Mississippi Mud, Moonlight In Vermont, New York’s My Home, California, Here I Come, Moon over Miami, Deep In The Heart Of Texas, Carry Me Back To Old Virginny, Blue Hawaii en Chattanooga Choo-Choo.

Alleen in Virginny ontmoette hij op deze reis zijn Raelettes.

Deze groep, in 1958 voortgekomen uit The Cookies, bestond rond die tijd uit Gwen Berry, Margie Hendricks, Pat Lyles en Darlene McCrea.

Vooral de krachtige stem van Margie Hendricks gaf nummers als Hit the Road Jack hun onvergetelijke karakter.

Hoewel er binnen de muziekindustrie destijds veel werd gefluisterd over de persoonlijke verhoudingen tussen Charles en zijn zangeressen, was hun muzikale invloed onomstreden.

De Raelettes traden niet alleen op als ondersteuning; ze brachten later ook eigen werk en albums uit, zoals Yesterday… Today… Tomorrow uit 1972, en bleven in wisselende bezettingen tot aan zijn overlijden in 2004 met hem verbonden.

Ondanks dat het album uit 1961 een verzameling popnummers was, bewees Charles hiermee dat hij zelfs van eenvoudige liedjes zoals Deep In The Heart Of Texas iets muzikaals interessants kon maken.

Dit album is dan ook een aanrader voor mensen die graag luisteren naar bigbandmuziek en lichte jazz en is vandaag de dag nog steeds eenvoudig te beluisteren via diensten als Spotify en YouTube.

65 jaar geleden, De Amerikaanse actrice Sue Lyon is verkozen om de rol van Dolores Haze te spelen in de film Lolita van de Amerikaanse regisseur Stanley Kubrick

De film Lolita uit 1962 is een zwart-witdrama, geregisseerd door Stanley Kubrick, gebaseerd op de gelijknamige en destijds veelbesproken roman van Vladimir Nabokov.

Dit boek werd uitgebracht in 1955 en is een van de meest controversiële en meest gelezen werken van die tijd.

In de editie van Piccolo van 19 maart 1961 werd al vooruitgeblikt op de verfilming met de eerste foto van de jonge actrice Sue Lyon.

Nabokovs beroemdste werk veroorzaakte een groot schandaal; de roman kreeg het predicaat pervers opgeplakt en de auteur werd voor pornograaf uitgemaakt.

Dit leidde ertoe dat het boek van 1956 tot 1958 verboden werd in Frankrijk en ook in de Verenigde Staten pas in 1958 gepubliceerd kon worden.

In het Verenigd Koninkrijk nam de douane zelfs alle exemplaren in beslag die het land binnenkwamen, tot de officiële publicatie daar in 1959.

Inmiddels wordt het boek echter beschouwd als een van de hoogtepunten van de moderne romankunst.

Lyon werd op pas veertienjarige leeftijd gecast voor de rol van Dolores Haze in de verfilming van Kubrick.

Ze speelde een twaalfjarig meisje op wie een oudere man, de Europese professor Humbert Humbert, smoorverliefd wordt.

De film was daardoor, en gecombineerd met het feit dat Lyon zelf minderjarig was, indertijd vrij controversieel.

In diverse landen werd de productie met de destijds gewaagde beelden dan ook gecensureerd.

Zo moesten in de Australische en Britse versies bepaalde scènes worden ingekort of aangepast.

In de Verenigde Staten probeerde de katholieke kerk de film maandenlang tegen te houden, wat Kubrick dwong om extra aanpassingen in de montage te maken.

De casting van Sue Lyon was groot nieuws, aangezien zij uit achthonderd kandidaten werd gekozen voor de felbegeerde rol.

Tijdens de première was de actrice, die overigens ook de nummers Lolita Ya Ya en Turn Off the Moon inzong voor de soundtrack, nog altijd maar vijftien jaar oud.

De rol leverde haar in 1963 een Golden Globe op.

James Mason nam de uitdagende rol van de getroebleerde Humbert Humbert op zich, een personage dat door andere grote acteurs zoals Laurence Olivier en David Niven werd geweigerd vanwege de gevoelige aard van de film.

Naast Mason leverde Peter Sellers een gedenkwaardige prestatie in de bijrol van de mysterieuze Clare Quilty.

Vanwege de strikte filmcensuur in die tijd, de zogenaamde Hays Code, moest Kubrick veel van de expliciete thema’s uit het boek subtieler aanpakken door de nadruk te leggen op zwarte humor en psychologisch drama.

Hoewel het verhaal zich afspeelt in de Verenigde Staten, vonden de opnames onder leiding van Kubrick plaats in de Associated British Studios in Elstree, Engeland.

De film werd uiteindelijk geprezen om de visuele stijl en ontving een Oscarnominatie voor het beste aangepaste scenario, dat door Nabokov zelf was geschreven.