75 jaar geleden vertrok Etienne Gailly naar de Koreaanse Oorlog.

De Belgische atleet Etienne Gailly is de geschiedenis ingegaan met zijn marathondebuut op de Olympische Spelen van Londen.

Op 7 augustus 1948 betrad hij als eerste het Wembley Stadion, op weg naar goud.

In de laatste honderden meters kreeg hij echter een plotselinge inzinking. Hij wankelde over de piste en werd in de laatste meters nog ingehaald door de Argentijn Delfo Cabrera en de Brit Thomas Richards.

Uiteindelijk finishte hij als derde in een tijd van 2:35.34. Gailly kon zich later enkel herinneren dat hij ‘buiten deze wereld’ was en kon nooit een verklaring voor zijn instorting vinden.

Een tweede olympische kans zou hij nooit krijgen, want hij diende als vrijwilliger in de Koreaanse Oorlog, waar in 1952 een mijn een van zijn voeten verminkte, net voor de Spelen in Helsinki.

Op 21 oktober 1971 werd de 48-jarige veteraan in Genval aangereden door een auto en overleed.

Ter ere van Gailly, die luitenant bij de paracommando’s was, organiseert Defensie jaarlijks de ‘Challenge Gailly’ in Eupen, waarvan de recentste editie op 28 mei 2025 plaatsvond.

75 jaar geleden, te gast bij de Vlaamse kunstschilder Samuel De Vriendt.

Samuel De Vriendt, telg van een oud en roemrijk kunstenaarsgeslacht, was de tweede zoon van de grote meester Juliaan De Vriendt en een neef van de bekende kunstschilder Albert De Vriendt.

Zijn grootvader was een vooraanstaande decorateur in Gent, terwijl zijn broer Stefaan als beeldhouwer en decorateur carrière maakte in Amerika.

Zijn moeder, een telg van een Brusselse bankiersfamilie, was diep geïnteresseerd in kunst en letteren.

De aristocratische uitstraling van zijn moeder en de diepe artistieke gevoeligheid van zijn vader kwamen samen in Samuel.

Zijn werken weerspiegelen zijn diepe christelijke overtuiging.

In september 1920 organiseerde hij samen met Frans Daels de eerste IJzerbedevaart naar het graf van zijn vriend Joe English in Steenkerke.

Gisteren nog vandaag

Hij was voorzitter van het Comité voor de Bedevaarten naar de Graven van de IJzer totdat Daels hem opvolgde.

Later werd De Vriendt voorzitter van de Vlaamse Oudstrijders (VOS).

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd hij in 1941 schepen van Schone Kunsten en later burgemeester ad interim van de stad Brugge.

Het is grotendeels aan zijn onderhandelingen met de Duitse bevelvoerende officier in september 1944 te danken dat Brugge zonder verwoestende gevechten werd ontruimd en de kunstschatten van de stad ongeschonden bleven.

Gisteren nog vandaag

Hoewel hij ook mensen hielp onderduiken voor de bezetter, werd hij na de bevrijding veroordeeld tot twee jaar cel wegens collaboratie.

Rond 1950 vestigde De Vriendt zich opnieuw in het ouderlijk huis in Schaarbeek.

Hij legde zich daar vooral toe op gekleurde tekeningen van typische Brusselse straathoekjes en kerkinterieurs.

Gisteren nog vandaag

Daarnaast schreef hij diverse artikelen, voornamelijk over zijn herinneringen aan de oorlog van 1914-1918, voor het tijdschrift ‘De Vlaamsche Oudstrijder’.

Samuel De Vriendt overleed op 26 juli 1974.

75 jaar geleden, leefde nog altijd 300 000 ontheemden in kampen in Duitsland.

Vijf jaar na het einde van de Tweede Wereldoorlog, in 1950, zaten er nog steeds 300.000 mensen vast in Duitse vluchtelingenkampen.

.

Dit waren de laatste van de miljoenen ‘Displaced Persons’ (DP’s), een term van de geallieerden voor burgers die door de oorlog ontheemd waren geraakt.

Direct na de bevrijding in 1945 was een immense repatriëring op gang gekomen. Burgers uit West-Europese landen waren relatief snel weer thuis.

Maar voor de miljoenen ontheemden uit Oost-Europa lag de situatie veel gecompliceerder.

Hun terugkeer werd een politiek schaakspel.

De Sovjet-Unie controleerde de doorgangsroutes en vertraagde het proces.

Tegelijkertijd wilden velen niet terug naar hun vaderland, dat nu achter het IJzeren Gordijn lag.

Ze vreesden de nieuwe communistische regimes.

Voor Sovjet-burgers was die angst existentieel: wie terugkeerde, liep het risico om als collaborateur te worden vervolgd en zelfs geëxecuteerd door het Stalin-regime.

Zo bleef een grote groep ontheemden achter in de kampen, bestempeld als ‘niet-repatrieerbaar’.

Pas in 1951 werd de officiële internationale hulp stopgezet en werd de zorg voor de laatste tienduizenden overgedragen aan Duitsland, als een laatste, stille getuige van de chaos die de oorlog had achtergelaten.

70 jaar geleden, Parijs dicteert de mode (De Post van 24 september 1950)

Modeontwerper foto 1, 2 en 3 : Jean Dessès, 4 Alwynn en foto 5 Edward Molyneux.

Jean Dessès was in de jaren 40, 50 en 60 een toonaangevende modeontwerper.

Zijn ontwerpen weerspiegelden de invloeden van zijn reizen, gespecialiseerd in het maken van gedrapeerde avondjurken in chiffon en mousseline, gebaseerd op vroege Griekse en Egyptische gewaden.

70 jaar geleden, Parijs dicteert de mode (De Post van 24 september 1950)
70 jaar geleden, Parijs dicteert de mode (De Post van 24 september 1950)
70 jaar geleden, Parijs dicteert de mode (De Post van 24 september 1950)
70 jaar geleden, Parijs dicteert de mode (De Post van 24 september 1950)
70 jaar geleden, Parijs dicteert de mode (De Post van 24 september 1950)

70 jaar geleden, Belgische en Nederlandse vrijwilligers voor Korea (De Post 24 september 1950)

70 jaar geleden, Belgische en Nederlandse vrijwilligers voor Korea (De Post 24 september 1950)

Etienne Gailly, een Belgische vrijwilliger voor de Korea oorlog

Etienne Gailly bereikte op 7 augustus 1948 als eerste het Wembley Stadion.

Toen kreeg hij een inzinking. Meermalen raakte hij van de piste, wankelde in de richting van de eindstreep en werd in de laatste meters nog ingehaald door de Argentijn Delfo Cabrera en de Brit Thomas Richards.

Hij finishte uiteindelijk in 2:35.34. Gailly heeft zelf nooit een verklaring voor de plotselinge inzinking kunnen vinden. Hij kon zich alleen nog herinneren dat hij tijdens de laatste meters van de marathon buiten deze wereld was geweest, en in zijn onderbewustzijn de schaduw van zijn tegenstrevers had waargenomen.

Een tweede olympische kans kreeg hij niet.

Een tweede olympische kans kreeg hij niet. In 1952, toen hij in Helsinki had kunnen starten, verminkte een mijn in de Koreaanse Oorlog één van zijn voeten.

Etienne Gailly kwam op 21 oktober 1971 op 48-jarige leeftijd in Genval nabij Brussel om het leven, nadat hij was aangereden door een auto.

Ter herdenking aan Gailly (ooit luitenant bij de paracommando’s) organiseert Defensie jaarlijks de Challenge Gailly te Eupen.

70 jaar geleden, Belgische en Nederlandse vrijwilligers voor Korea (De Post 24 september 1950)