In het weekblad ABC van 12 januari 1936 wordt een bijzonder portret geschetst van de arbeider Emiel Van Heddegem als kunstenaar uit Wetteren.

In een tijd waarin economische crisis en werkloosheid voor velen een dagelijkse realiteit waren, zochten veel arbeiders naar een zinvolle invulling van hun vrije uren.

Terwijl sommigen uit noodzaak knutselden om de morele leegte te vullen, waren er ook vakmensen zoals Emiel Van Heddegem uit Wetteren die hun passie naar een uitzonderlijk artistiek niveau tilden.

Tijdens een bezoek aan zijn woning aan de Oordegemsesteenweg krijgt de lezer een blik in de wereld van deze gedreven houtbewerker.

Van Heddegem begon in 1930 met zijn artistieke arbeid aan de draaibank. Wat begon als een liefhebberij, groeide al snel uit tot werk van een niveau dat nationale erkenning verdiende.

De foto’s bij het artikel tonen een indrukwekkende collectie voorwerpen, variërend van fijnzinnige vazen en gedecoreerde doosjes tot kandelaars.

Vooral het geometrische inlegwerk en de verfijnde details getuigen van een groot technisch vernuft.

Zijn vakmanschap werd bekroond met diverse prestigieuze onderscheidingen.

Zo behaalde hij in 1932 de beker Dees Cnudde.

Deze prijs was vernoemd naar Désiré Cnudde, een invloedrijk Gents politicus en vertrouweling van Edward Anseele, die zich hartstochtelijk inzette voor de sociale en culturele verheffing van de arbeidersklasse.

De beker was een centrale ereprijs op de groots opgezette tentoonstellingen van de vrije tijd, vaak georganiseerd in gebouwen zoals de Vooruit in Gent.

Deze evenementen hadden als doel de arbeider weg te trekken uit de sfeer van passieve ontspanning en te laten zien dat handarbeiders over een enorme dosis creativiteit en geduld beschikten.

Het winnen van deze beker was een bijzondere prestatie, omdat de deelnemers streng werden beoordeeld op zowel technische perfectie als esthetische waarde.

Voor Van Heddegem was dit slechts het begin, want in 1935 werd hij bovendien benoemd tot laureaat van de Arbeid van België in de eerste klasse.

De tekst benadrukt dat deze vorm van vrijetijdsbesteding veel meer was dan louter tijdverdrijf. Het was een vorm van geestelijke emancipatie.

Voor de arbeider-kunstenaar vormde de creatieve arbeid een noodzakelijk tegenwicht voor de dagelijkse sleur van de fabriek of de werkplaats.

De voldoening van het creëren van schoonheid uit ruwe materialen compenseerde de vele uren van inspanning en opoffering.

Het artikel eindigt met een diep respect voor deze stille werker uit Wetteren, die bewees dat kunst en handarbeid onlosmakelijk met elkaar verbonden kunnen zijn

Gisteren nog vandaag

Vanavond 90 jaar geleden, Edward Anseele gehuldigd op de Kouter in Gent.

Afkomstig uit een liberaal gezinde familie van schoenmakers, genoot Edward Anseele een voor zijn afkomst en tijd opmerkelijke opleiding aan het Koninklijk Atheneum.

Na zijn studies oefende hij diverse beroepen uit, zoals telegramdrager, bediende en klerk bij een notaris.

Op achttienjarige leeftijd sloot hij zich in 1874 aan bij de Gentse afdeling van de Eerste Internationale, waar hij al snel tot secretaris werd benoemd.

Na een opleiding tot typograaf ging hij aan de slag als correspondent en verkoper voor het dagblad De Werker.

In 1877 stichtte hij, samen met onder meer Edmond Van Beveren, de Vlaamsche Socialistische Arbeiderspartij.

De partij had duidelijke doelen: ze streed voor algemeen stemrecht om de arbeiders een stem in het parlement te geven en promootte de oprichting van coöperaties om arbeiders in armoede te voorzien van voedsel en sociale bescherming.

Deze partij ging in 1879 op in de Belgische Socialistische Arbeiderspartij, waarbinnen Anseele eveneens de rol van secretaris op zich nam.

Een volwaardige politieke loopbaan werd pas mogelijk na de invoering van het algemeen meervoudig stemrecht in 1893.

Een jaar later, in 1894, schreef hij geschiedenis door als eerste Vlaamse socialist verkozen te worden in de Kamer van volksvertegenwoordigers, aanvankelijk voor het arrondissement Luik.

Tot 1936 zou hij in de Kamer zetelen, vanaf 1900 voor Gent-Eeklo, en uitgroeien tot een van de tenoren van de socialistische beweging, met een sterke focus op sociale thema’s.

Ook op lokaal vlak in Gent was Anseele een sleutelfiguur. Hij zetelde van 1895 tot 1933 in de gemeenteraad en trad in 1909 als schepen toe tot het bestuur.

Tijdens de Eerste Wereldoorlog toonde hij zijn standvastigheid. Toen de Duitse bezetter de liberale burgemeester Emile Braun had weggevoerd, werd Anseele in 1918 waarnemend burgemeester.

Hij weigerde elke medewerking met de Duitsers en bedankte zelfs voor de aangeboden post van ‘president van België’.

Na de oorlog tanende zijn rol als voorman van de Vlaamse socialisten.

Antwerpen nam de positie van Gent als socialistisch centrum over, en Camille Huysmans, met een sterker flamingantisch profiel, werd de nieuwe onbetwiste leider.

Een donkere wolk over het einde van zijn carrière was het faillissement van de Bank van de Arbeid tijdens de crisis van de jaren dertig.

Door een roekeloos investeringsbeleid ging de bank ten onder, waardoor talloze arbeiders en socialistische organisaties hun spaargeld in rook zagen opgaan.

Hoewel Anseele persoonlijk niets ten laste werd gelegd, werd hij wel medeverantwoordelijk gehouden voor het riskante beleid.

Onder lichte druk van zijn partij stelde hij zich bij de verkiezingen van 1936 niet meer kandidaat.

Na zijn parlementaire loopbaan schreef hij nog bijdragen voor de krant Vooruit, waarin hij zijn bezorgdheid uitte over de opkomst van het fascisme in Vlaanderen.

Edward Anseele overleed in februari 1938 op 81-jarige leeftijd.

60 jaar geleden, de Gentse kunstenaar Oscar Bonnevalle met zijn tentoonstelling Ballet op een palet in de galerij Bernheim in Parijs

Oscar Bonnevalle werd geboren op 16 februari 1920 in Gent, hij was de zoon van de fabrieksarbeider Hector Bonnevalle en de huishoudster Eliza Monsart.

Zijn vader sterft als Oscar nog zeer jong is en zijn moeder neemt de zorg voor hem op zich. Ze ontdekt al vroeg zijn talent en stimuleert hem om dit te ontwikkelen, wat niet evident was voor het milieu waarin ze leefde.

Vanaf 1933 volgt hij de lessen aan de Academie in Gent bij Jos Verdegem en Oscar Coddron en aan de school Arts et Métiers in Gent bij Herman Verbaere.

Op zijn zeventien stelt hij voor het eerst tentoon en behaald een eerste prijs schilderkunst en de gouden medailles voor schilderkunst en tekenen naar levend model.

Als de Tweede Wereldoorlog uitbreekt, vlucht hij naar de Auvergne in Frankrijk, maar heimwee doet hem terugkeren en hij debuteert als theaterdecorateur en kostuumontwerper.

Om aan de opeising voor werk in Duitsland te ontsnappen gaat hij in 1942 in dienst bij de Tussengemeentelijke Maatschappij voor Waterbedeling van Vlaanderen in Gent, waar hij uiteindelijk dertig jaar zal blijven werken.

Oscar wordt onder de wapens geroepen in 1945 en vervult zijn dienstplicht in Engeland.

Tijdens zijn diensttijd schildert hij kantines maar ook aquarellen en onder het pseudoniem Bonny publiceert hij karikaturen, wat hij jaren zal blijven doen voor het dagblad Vooruit.

Hij treedt in het huwelijk met Marie-Louise Guyssens in 1949.

In die periode reist hij frequent naar het buitenland om zijn kunst te vervolmaken en in 1953 heeft hij een eerste buitenlandse tentoonstelling in Parijs samen met Frans Masereel

Oscar Bonnevalle was ook zeer actief in het ontwerpen van postzegels.

Hij kwam voor het eerst in contact met de filatelie in 1962 en het bleef vanaf dan een van zijn grote passies.

In 1962 vroeg men hem een postzegel te ontwerpen voor de voor de 350ste verjaardag van de Gentse Schermersgilde Sint Michiels. Zin zegels zijn een groot succes en dat is het begin van een uitzonderlijke carrière op dat domein.

Voor de Belgische post ontwerpt hij meer dan 155 zegels en voor het buitenland een veelvoud daarvan, vooral voor Afrika.

In 1967 ontvangt hij in Lissabon de prijs van de Europese Postunie voor zijn Europazegels.

Op 30 maart 1996 wordt er een postzegel gewijd aan Oscar Bonnevalle uitgegeven ter herinnering aan hem.

De zegel is een ontwerp van P.P.G. De Schutter, met op de achtergrond het schilderij Gelatenheid van Bonnevalle uit 1981.

Het werk toont de vervuilende moderne tijd die ongenadig oprukt naar een vervlogen Bonnevalle landschap.

60 jaar geleden, de Gentse kunstenaar Oscar Bonnevalle met zijn tentoonstelling Ballet op een palet in de galerij Bernheim in Parijs