Foto's, en reportages en voor 95 % niet terug te vinden op Google uit ons ver verleden, over Gent, Vlaanderen, film, muziek, sport, politiek en zoveel meer uit tijdschriften en kranten en jaarboeken. Vanaf de jaren 1900 tot en met gisteren. Meer foto's en artikelen terug te vinden op onze Fb groep Gisteren nog vandaag en de Fb groep Weetjes over popmuziek
In 1976 vocht hij in de bergen een felle strijd uit met Joop Zoetemelk.
Hoewel Zoetemelk de rit op Alpe d’Huez op zijn naam schreef, stelde Van Impe zijn eindzege definitief veilig in de Pyreneeën op de flanken van de Pla d’Adet.
Het was sowieso een memorabele editie voor de Belgische renners, die destijds enorm schitterden.
Freddy Maertens bleek onstuitbaar en verzamelde maar liefst acht ritzeges.
Hij won de proloog in Saint-Jean-de-Monts, de eerste etappe naar Angers en de derde etappe in Le Touquet-Paris-Plage.
Later voegde hij daar nog de zevende etappe naar Mulhouse, beide delen van de achttiende etappe naar Langon en Lacanau-Océan, de eenentwintigste etappe naar Versailles en het eerste deel van de slotrit in Parijs aan toe.
Ook andere landgenoten droegen bij aan het Belgische succes. Willy Teirlinck won de dertiende etappe naar Saint-Gaudens,
Lucien Van Impe pakte zelf de veertiende etappe naar Saint-Lary-Soulan, Michel Pollentier zegevierde in de zestiende etappe naar Fleurance en Ferdinand Bracke won een dag later de rit naar Auch.
Ook Nederland presteerde dat jaar buitengewoon goed.
Hennie Kuiper opende de Nederlandse successen in de vierde etappe met aankomst in Bornem.
Joop Zoetemelk toonde zijn klasse in het hooggebergte en won drie zware ritten: de negende etappe naar L’Alpe d’Huez, de tiende etappe naar Montgenèvre en de twintigste etappe naar de Puy de Dôme.
Tot slot pikte Gerben Karstens zijn ritten mee door het derde deel van de achttiende etappe in Bordeaux te winnen, om vervolgens ook het tweede deel van de slotrit in Parijs op zijn naam te schrijven.
De Nederlandse TI-Raleigh-equipe won de 5e etappe, deel A: de ploegentijdrit van Leuven naar Leuven.
Het verschil tussen Eddy Merckx en Joop Zoetemelk, die tweede eindigde, bedroeg 9 minuten en 51 seconden.
Op de derde plaats eindigde Lucien Van Impe.
In totaal namen er 35 Belgen en 21 Nederlanders deel aan de Tour van 1971.
Belgische etappezeges
Eric Leman won de 1e etappe, deel A van Mulhouse naar Bazel, de 6e etappe, deel A van Roubaix (Robaais) naar Amiens en de 7e etappe van Rungis naar Nevers.
Albert Van Vlierberghe won de 1e etappe, deel C van Freiburg im Breisgau naar Mulhouse.
Eddy Merckx won de 2e etappe van Mulhouse naar Straatsburg, de 13e etappe van Albi naar Albi, de 17e etappe van Mont-de-Marsan naar Bordeaux en de 20e etappe van Versailles naar Parijs.
Walter Godefroot won de 9e etappe van Clermont-Ferrand naar Saint-Étienne.
Herman Van Springel won de 16e etappe, deel B van Gourette/Les Eaux Bonnes naar Pau.
Nederlandse etappezeges
Gerben Karstens won de 1e etappe, deel B van Bazel naar Freiburg im Breisgau.
Rini Wagtmans won de 3e etappe van Straatsburg naar Nancy.
Jan Krekels won de 19e etappe van Blois naar Versailles.
Terwijl wielerjournalist Mark Vanlombeek voor zijn werk de Tourkaravaan door het Franse landschap volgde, verbleven zijn vrouw en kinderen aan de Belgische kust, een menselijk contrast dat het tijdschrift Story destijds mooi optekende in de editie van 8 juli.
Het peloton kleurde dat jaar behoorlijk in de Lage Landen, met een sterke afvaardiging van 32 Belgische en 19 Nederlandse renners aan de startlijn.
Onze landgenoten lieten zich in die 73ste editie bijzonder goed opmerken en wisten de Tour extra glans te geven met vijf indrukwekkende ritzeges.
Pol Verschuere opende het Belgische succesverhaal met winst in de allereerste etappe van Nanterre naar Sceaux. Ludo Peeters triomfeerde in de zevende rit van Cherbourg naar Saint-Hilaire du Harcouët, waarna Eddy Planckaert meteen een dag later het goede voorbeeld volgde en de achtste etappe naar Nantes op zijn naam schreef.
Ook Rudy Dhaenens en Frank Hoste mochten juichen na overwinningen in respectievelijk de elfde rit vanuit Futuroscope naar Bordeaux en de vijftiende etappe van Carcassonne naar Nîmes.
De Nederlandse eer werd succesvol verdedigd door Johan van der Velde, die in de vijfde etappe van Evreux naar Villers-sur-Mer de tegenstand te slim af was en als eerste over de streep kwam.
Naast de successen uit de Lage Landen staat de Tour van 1986 in de internationale wielergeschiedenis vooral gegrift als de ronde van een van de meest beklijvende interne ploegduels ooit.
Binnen het dominante La Vie Claire team vochten de Amerikaan Greg LeMond en de Franse vijfvoudige winnaar Bernard Hinault een psychologische en fysieke slijtageslag uit.
Hoewel Hinault een jaar eerder had beloofd LeMond aan de eindzege te helpen, viel hij zijn jongere ploegmaat meermaals aan onder het mom dat hij hem wilde dwingen de zege echt te verdienen.
Deze zinderende en soms verwarrende tweestrijd leverde iconische televisiebeelden op, met als absoluut hoogtepunt de etappe naar l’Alpe d’Huez waar beide rivalen hand in hand over de finish kwamen. Uiteindelijk trok LeMond aan het langste eind in het algemeen klassement.
Hij kroonde zich zo tot de allereerste Amerikaanse, en bij uitbreiding niet-Europese, winnaar van de Ronde van Frankrijk, een mijlpaal die de wielersport wereldwijd een enorme impuls gaf.
De geschiedenis van Weltruf in de Zinniastraat in Gent is nauw verbonden met de opkomst van de radio en het modernisme in de twintigste eeuw.
In het pand op nummer 1, gelegen in de wijk Brugsepoort-Rooigem, was de firma Etablissements Van Den Weghe gevestigd.
Dit bedrijf combineerde houtbewerking met de assemblage van elektronica.
Omdat Weltruf in de Zinniastraat hoofdzakelijk fungeerde als een assembleur en verdeler, gebruikten zij vaak chassis en onderdelen van grotere fabrikanten uit die tijd, zoals Barco, Siera of Philips.
In het eigen atelier werden houten kasten vervaardigd waarin deze onderdelen werden ingebouwd, om vervolgens als complete radiomeubels en platenspelers onder de eigen merknaam Weltruf te worden verkocht.
Later werd het aanbod uitgebreid met televisietoestellen.
Naast het atelier op nummer 1 diende de locatie op nummer 37 als een bijkomend verkooppunt en toonzaal waar klanten rechtstreeks de geassembleerde toestellen konden aanschaffen.
Ook de nabijgelegen firma Supermoderne aan de Boerderijstraat 85 fungeerde als toonzaal en officieel verkooppunt voor de apparatuur uit het atelier.
De sterke lokale verankering van deze zaken bleek onder meer uit de betrokkenheid bij de wielersport.
Een feitelijk bewijs hiervan is de overwinning van Rik Van Steenbergen en Emile Severeyns in de Gentse Zesdaagse van 1956 in ’t Kuipke.
Deze foto waarop Van Steenbergen een Radio-Pick-up van Weltruf in ontvangst neemt bij Supermoderne in de Boerderijstraat, bevestigt dat deze toestellen als prestigieuze prijzen werden geschonken.
Ook op de Gentse Jaarbeurs in het Floraliënpaleis was het merk aanwezig met eigen presentaties van modellen zoals de Weltruf Super.
Het atelier in de Zinniastraat bood naast de vervaardiging ook technische ondersteuning voor het onderhoud van de apparaten.
De geschiedenis van de firma Van Den Weghe en het merk Weltruf blijft herkenbaar door de bewaarde objecten, zoals radio’s, televisies en luciferetiketten, die rechtstreeks naar deze locaties in Gent verwijzen. (Met dank aan Dirk Peeters voor de reclame)
Freddy Maertens, een naam die synoniem staat voor de wielersport in de jaren 70, kende een carrière met immense pieken en diepe dalen.
Na een uiterst succesvolle periode, waarin hij onder andere twee keer wereldkampioen werd (1973 en 1976) en etappes en de groene trui in de Ronde van Frankrijk won, leek zijn ster te verbleken.
In 1979 en 1980, op amper 28-jarige leeftijd, won hij enkel nog enkele criteriums.
Zijn carrière leek vroegtijdig ten einde te lopen, een lot dat wel meer wielrenners in die tijd trof, toen de carrières doorgaans korter waren dan nu.
Deze sportieve tegenslag werd nog verergerd door financiële problemen.
Door verkeerde investeringen verloor Maertens een aanzienlijk deel van zijn kapitaal.
Hij was toen destijds bekend om zijn dure levensstijl en hij hield van mooie auto’s en kleding, een eigenschap die hem in contrast bracht met de vaak soberder levende wielrenners van die tijd.
De schulden stapelden zich op, hij moest zijn villa in Lombardsijde verkopen en werd achtervolgd door de belastingsadministratie.
Een pijnlijk hoofdstuk voor de man die ooit op het hoogste podium had gestaan.
In de zomer van 1981 leek er echter een wonder te gebeuren, want Maertens kende een opmerkelijke heropleving, een comeback die in de wielergeschiedenis als een van de memorabelste wordt beschouwd.
Zijn oud-ploegleider, de legendarische Briek “Lomme” Driessens, een man die bekend stond om zijn harde, maar rechtvaardige aanpak en een neus voor talent, haalde hem naar de Boule d’Or-ploeg.
Driessens geloofde in Maertens, ook al dachten velen dat zijn beste jaren voorbij waren.
Dat vertrouwen werd beloond, want Maertens reed een ijzersterke Ronde van Frankrijk, pakte maar liefst vijf etappezeges en veroverde opnieuw de groene trui.
Als kers op de taart werd hij dat najaar in Praag voor de tweede keer wereldkampioen, een prestatie die de wielerwereld met verstomming sloeg.
Maertens stond bekend om zijn explosieve sprint, maar ook om zijn vermogen om, als hij echt in vorm was, in ontsnappingen mee te gaan en dit bewees hij in 1981 opnieuw.
Helaas bleek deze comeback van korte duur. In de seizoenen die volgden, kon Maertens geen grote overwinningen meer aan zijn palmares toevoegen.
Na nog een jaar bij Boule d’Or, reed hij voor verschillende kleinere ploegen en privésponsoren, een periode waarin hij meer dan ooit afhankelijk was van zijn wilskracht en doorzettingsvermogen.
Hij hing zijn fiets in 1987 definitief aan de haak.
Na zijn wielercarrière bleef Maertens actief, maar in andere rollen, zo werkte hij een tiental jaren als vertegenwoordiger en van 2000 tot 2007 als arbeider in het Nationaal Wielermuseum (nu KOERS. Museum van de Wielersport) in Roeselare.
Daar werd hij een vertrouwd gezicht voor de bezoekers en kon hij zijn passie voor de koers delen.
Sinds februari 2008 is hij gastheer en pr-medewerker voor het Centrum Ronde van Vlaanderen in Oudenaarde, waar hij zijn kennis en ervaring inzet om de rijke geschiedenis van deze wielerklassieker te promoten.
Ondanks de tegenslagen en de moeilijke periode na zijn carrière, blijft Freddy Maertens een gerespecteerd figuur in de wielerwereld.
Dat bleek nogmaals in 2010, toen hij door de lezers van de Krant van West-Vlaanderen werd uitgeroepen tot de beste West-Vlaamse wielrenner aller tijden.
Hij liet daarbij grote namen als Briek Schotte en Johan Museeuw achter zich, een ultieme erkenning voor een renner die de wielergeschiedenis kleurde met zijn talent, doorzettingsvermogen en onvergetelijke comeback.
Op de foto zien we de wielrenners Jacques Arlet (overleden op 28 februari 2004), Jef Scherens (overleden op 9 augustus 1986) en Frans Huybrechts (overleden 23 februari 1991).
De kerk van Madonna del Ghisallo is een heiligdom dat gewijd is aan de beschermheilige van de wielrenners.
Het ligt op de top van een heuvel in de buurt van het Comomeer, in de Italiaanse regio Lombardije.
De geschiedenis van deze kerk gaat terug tot de 17e eeuw, toen een lokale edelman, graaf Ghisallo, werd aangevallen door struikrovers en zijn toevlucht zocht bij een beeld van de Maagd Maria.
Hij beloofde haar een kapel te bouwen als hij gered werd.
Zijn gebed werd verhoord en hij hield zich aan zijn belofte. In 1949 werd Madonna del Ghisallo officieel uitgeroepen tot de patrones van de wielrenners door paus Pius XII. Sindsdien is de kerk een bedevaartsoord geworden voor fietsliefhebbers van over de hele wereld.
De kerk herbergt een museum met talrijke memorabilia en relikwieën uit de geschiedenis van het wielrennen, zoals fietsen, truien, medailles en foto’s van beroemde kampioenen.
Onder de meest opvallende stukken zijn de fietsen waarmee Fausto Coppi en Gino Bartali de Tour de France wonnen, de fiets waarmee Eddy Merckx het werelduurrecord vestigde, en de fiets waarmee Fabio Casartelli verongelukte tijdens de Ronde van Frankrijk van 1995 (Panorama 10 december 1963).
Van Genechten was prof tussen 1953 en 1961. In 1954 werd hij derde in het bergklassement van de Ronde van Frankrijk, achter de Spanjaard Federico Bahamontes en de Fransman Louison Bobet, die de Tour won in 1953, 1954 en 1955. Twee jaar later won Van Genechten de Waalse Pijl en werd hij tweede in Gent-Wevelgem en Luik-Bastenaken-Luik. In 1958 was hij primus in de Ronde van Catalonië. Hij overleed op zaterdag 13 november 2010 op 80-jarige leeftijd. (Diverse bronnen en Wikipedia)