Lomme Driessens, toen ik Freddy Martens terugzag, had ik kunnen huilen, zo slecht was hij eraan toe (Sport 80 van 9 januari 1985)

Freddy Maertens, een naam die synoniem staat voor de wielersport in de jaren 70, kende een carrière met immense pieken en diepe dalen.

Na een uiterst succesvolle periode, waarin hij onder andere twee keer wereldkampioen werd (1973 en 1976) en etappes en de groene trui in de Ronde van Frankrijk won, leek zijn ster te verbleken.

In 1979 en 1980, op amper 28-jarige leeftijd, won hij enkel nog enkele criteriums.

Zijn carrière leek vroegtijdig ten einde te lopen, een lot dat wel meer wielrenners in die tijd trof, toen de carrières doorgaans korter waren dan nu.

Deze sportieve tegenslag werd nog verergerd door financiële problemen.

Door verkeerde investeringen verloor Maertens een aanzienlijk deel van zijn kapitaal.

Hij was toen destijds bekend om zijn dure levensstijl en hij hield van mooie auto’s en kleding, een eigenschap die hem in contrast bracht met de vaak soberder levende wielrenners van die tijd.

De schulden stapelden zich op, hij moest zijn villa in Lombardsijde verkopen en werd achtervolgd door de belastingsadministratie.

Een pijnlijk hoofdstuk voor de man die ooit op het hoogste podium had gestaan.

In de zomer van 1981 leek er echter een wonder te gebeuren, want Maertens kende een opmerkelijke heropleving, een comeback die in de wielergeschiedenis als een van de memorabelste wordt beschouwd.

Zijn oud-ploegleider, de legendarische Briek “Lomme” Driessens, een man die bekend stond om zijn harde, maar rechtvaardige aanpak en een neus voor talent, haalde hem naar de Boule d’Or-ploeg.

Driessens geloofde in Maertens, ook al dachten velen dat zijn beste jaren voorbij waren.

Dat vertrouwen werd beloond, want Maertens reed een ijzersterke Ronde van Frankrijk, pakte maar liefst vijf etappezeges en veroverde opnieuw de groene trui.

Als kers op de taart werd hij dat najaar in Praag voor de tweede keer wereldkampioen, een prestatie die de wielerwereld met verstomming sloeg.

Maertens stond bekend om zijn explosieve sprint, maar ook om zijn vermogen om, als hij echt in vorm was, in ontsnappingen mee te gaan en dit bewees hij in 1981 opnieuw.

Helaas bleek deze comeback van korte duur. In de seizoenen die volgden, kon Maertens geen grote overwinningen meer aan zijn palmares toevoegen.

Na nog een jaar bij Boule d’Or, reed hij voor verschillende kleinere ploegen en privésponsoren, een periode waarin hij meer dan ooit afhankelijk was van zijn wilskracht en doorzettingsvermogen.

Hij hing zijn fiets in 1987 definitief aan de haak.

Na zijn wielercarrière bleef Maertens actief, maar in andere rollen, zo werkte hij een tiental jaren als vertegenwoordiger en van 2000 tot 2007 als arbeider in het Nationaal Wielermuseum (nu KOERS. Museum van de Wielersport) in Roeselare.

Daar werd hij een vertrouwd gezicht voor de bezoekers en kon hij zijn passie voor de koers delen.

Sinds februari 2008 is hij gastheer en pr-medewerker voor het Centrum Ronde van Vlaanderen in Oudenaarde, waar hij zijn kennis en ervaring inzet om de rijke geschiedenis van deze wielerklassieker te promoten.

Ondanks de tegenslagen en de moeilijke periode na zijn carrière, blijft Freddy Maertens een gerespecteerd figuur in de wielerwereld.

Dat bleek nogmaals in 2010, toen hij door de lezers van de Krant van West-Vlaanderen werd uitgeroepen tot de beste West-Vlaamse wielrenner aller tijden.

Hij liet daarbij grote namen als Briek Schotte en Johan Museeuw achter zich, een ultieme erkenning voor een renner die de wielergeschiedenis kleurde met zijn talent, doorzettingsvermogen en onvergetelijke comeback.

Plaats een reactie