Foto's, en reportages en voor 95 % niet terug te vinden op Google uit ons ver verleden, over Gent, Vlaanderen, film, muziek, sport, politiek en zoveel meer uit tijdschriften en kranten en jaarboeken. Vanaf de jaren 1900 tot en met gisteren. Meer foto's en artikelen terug te vinden op onze Fb groep Gisteren nog vandaag en de Fb groep Weetjes over popmuziek
Peters (Lennie Peters) en Lee (Dianne Lee) werden bekend nadat ze de talentenjacht Opportunity Knocks hadden gewonnen in 1973.
Hun grootste hit was Welcome Home, een nummer dat oorspronkelijk in het Frans was geschreven door Jean Alphonse Dupre en Stanislas Beldone en dit voor de Nederlandse zangeres Lenny Kuhr.
De vertaling naar het Engels gebeurde door de Britse komiek Bryan Blackburn.
Het nummer werd geproduceerd door Johnny Franz en bereikte de eerste plaats in het VK Singles Chart in juli 1973.
Het verkocht meer dan 800.000 exemplaren in het VK.
In Vlaanderen en Nederland bereikte hun single niet de hitparade.
Het nummer verscheen ook op hun debuutalbum We Can Make It, dat in 1973 werd uitgebracht door Philips Records.
In Vlaanderen en Nederland kennen we het duo van hun cover van het nummer The Song From Moulin Rouge.
Een nummer dat ze opnamen in Nederland in 1977 en dit samen met het orkest van Harry van Hoof en de productie was toen in handen van Will Hoebee.
De single bereikte in Vlaanderen niet de hitparade, in Nederland was het nummer goed voor een drieëntwintigste plaats in de Top 40.
Zangeres Kiki van Oostindiën was voor velen destijds al een bekende verschijning, zij het vooral visueel; zij was namelijk het vaste fotomodel dat te zien was op de iconische platenhoezen van de verzamelreeks Alle 13 Goed.
Haar muzikale partner Pearly was niemand minder dan haar toenmalige echtgenoot Herman Schmitz.
Hun grote doorbraak kwam in 1975 met het nummer ‘Patrick, Mon Chéri’.
Dit nummer was een gezamenlijke creatieve inspanning, geschreven door Herman Schmitz alias Pearly, Peter Koelewijn, Will Hoebee en Kiki van Oostindië.
De productie van de plaat lag eveneens in handen van Peter Koelewijn en Will Hoebee.
Hoebee verwierf later grote bekendheid als manager van de meidengroep Luv’ en als echtgenoot van zangeres José; hij overleed op 10 juni 2012 op 64-jarige leeftijd aan darmkanker.
Het succes was aanzienlijk: de single behaalde in zowel Vlaanderen als Nederland exact dezelfde hoge notering en bereikte de zevende plaats in respectievelijk de BRT Top 30 en de Nederlandse Top 40.
De Franse tekstschrijvers Claude Carrère en Jean Schmitt bewerkten het origineel tot een Frans chanson dat perfect paste bij het stemgeluid en imago van de zangeres Sheila.
Deze internationale versie werd een enorme hit en was goed voor een verkoop van meer dan 800.000 singles.
De carrière van Kiki beperkte zich overigens niet tot de samenwerking met haar man.
Ze scoorde ook nog een hit met het nummer ‘Et Si Tu Pars’, een duet met de zanger Art Sullivan.
Deze samenwerking gaf haar discografie een bijzonder tintje door de achtergrond van deze Franstalige Brusselaar.
Geboren als Marc Liénart van Lidth de Jeude was hij via moederskant familie van de huidige koningin Mathilde. Sullivan kende vooral in de jaren zeventig grote successen in landen als Frankrijk, Canada, Duitsland en Portugal, waarbij hij in totaal meer dan tien miljoen platen verkocht.
De bekendste nummers van Art Sullivan waren hits zoals “Ensemble”, “Adieu sois heureuse” en “Donne Donne moi.”
Aan het eind van dat decennium vertrok hij naar de Verenigde Staten om televisieprogramma’s te produceren, maar door de opkomst van de cd kreeg zijn oeuvre een nieuw leven, waarna hij ook weer ging optreden.
Art Sullivan overleed op 27 december 2019 aan de gevolgen van pancreaskanker.
In 1979 deed Kiki nog een poging om het succes te evenaren met een cover van ‘Tous Les Garcons Et Les Filles’, maar dit bleef zonder het gewenste resultaat.
Kiki van Oostindiën beperkte zich echter niet alleen tot de muziek; in 1980 maakte ze een uitstapje naar het witte doek.
Ze speelde toen een rol in de film Dirty Picture van de bekende Surinaams-Nederlandse regisseur Pim de la Parra.
Daarna is zij uit de publieke belangstelling verdwenen.