Putting Out Fire: de donkere magie tussen Bowie en Giorgio Moroder

Na baanbrekende en experimentele periodes, waaronder de geroemde Berlijnse trilogie aan het einde van de jaren zeventig, luidde het begin van de jaren tachtig voor David Bowie een nieuw commercieel hoofdstuk in.

Een cruciaal kruispunt in deze fase was zijn samenwerking met de Italiaanse producer en discopionier Giorgio Moroder.

In 1982 werd Bowie gevraagd om muziek te schrijven voor de erotische horrorklassieker Cat People van regisseur Paul Schrader.

De film was een remake van de gelijknamige klassieker La Féline uit 1942, toen geregisseerd door Jacques Tourneur en met de Franse actrice Simone Simon in de hoofdrol.

Ik had destijds een boontje voor actrice Nastassja Kinski, dus ging ik de film in de bioscoop bekijken, waar deze donkere prent best een diepe indruk op me naliet.

Het muzikale resultaat van Bowies bijdrage was het nummer Cat People, dat al snel de bekende ondertitel Putting Out Fire meekreeg.

Het nummer opent met een donkere, ingehouden spanning waarin Bowies lage baritonstem langzaam aanzwelt tegen een achtergrond van synthesizerpulsen en zware percussie.

De thematiek van innerlijke verscheurdheid en gevaarlijk verlangen mondt vervolgens uit in een explosief refrein, waarin Bowie met rauwe intensiteit zingt over het doven van vuur met benzine.

De combinatie van Moroders stuwende elektronica en Bowies theatrale vocale kracht leverde hem zelfs een Golden Globe-nominatie op.

Vreemd genoeg was het nummer zowel in Vlaanderen als in Nederland niet te bespeuren in de hitlijsten, al groeide het internationaal wel uit tot een grote favoriet.

Het succes van Cat People (Putting Out Fire) vormde bovendien de opmaat naar de grootste commerciële triomf uit zijn carrière.

Een jaar later, in 1983, besloot Bowie het nummer in een stevigere rockjas te steken voor zijn monsterverkoopalbum Let’s Dance, ditmaal geproduceerd door Nile Rodgers en voorzien van het karakteristieke gitaarwerk van Stevie Ray Vaughan.