Een van de bekendste nummers van Gilbert O’Sullivan, de Ierse zanger en liedjesschrijver die vandaag 77 jaar wordt, is Clair.

Hij schreef dit nummer als een ode aan het dochtertje van zijn manager Gordon Mills, die drie jaar oud was toen het nummer uitkwam.

Aan het eind van het nummer hoor je haar vrolijke lach.

Gordon Mills speelde ook mee op de harmonica.

Clair was een groot succes in Vlaanderen en Nederland, waar het respectievelijk de eerste plaats in de Brt Top 30 en de vierde plaats in de Nederlandse Top 40 behaalde.

Gordon Mills was niet alleen de manager van Gilbert O’Sullivan, maar ook van Tom Jones en Engelbert Humperdinck.

Gilbert O’Sullivan is ook de peetvader van Clair.

Gilbert O’Sullivan werd geboren als Raymond Edward O’Sullivan in Ierland.

Hij verhuisde naar Swindon in Engeland toen hij tien jaar was en raakte daar geïnteresseerd in muziek.

Hij speelde in verschillende bandjes, waaronder Rick’s Blues met Rick Davies, die later bekend werd als de oprichter van Supertramp.

In 1967 kreeg hij een platencontract bij CBS en veranderde zijn artiestennaam naar Gilbert O’Sullivan, een verwijzing naar de beroemde operettecomponisten Gilbert & Sullivan.

Maar na twee singles eindigde deze samenwerking.

Gelukkig maakte hij indruk met zijn demo’s op Gordon Mills, die hem onder zijn hoede nam en hem hielp met zijn carrière.

Gilbert O’Sullivan had veel succes in de jaren zeventig, vooral in Ierland, het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten, Vlaanderen en Nederland.

Hij scoorde hits met nummers als Nothing Rhymed, Alone Again (Naturally), Get Down en Matrimony.

Zijn relatie met Gordon Mills verslechterde echter in de loop der jaren en hij raakte verwikkeld in een juridisch conflict met hem en zijn platenmaatschappij over de rechten op zijn nummers.

Hij spande een rechtszaak aan en won die uiteindelijk na een lange strijd.

Hij kreeg daarmee alle rechten op zijn eigen werk terug. Hij is een van de weinige artiesten die zo’n overwinning behaald heeft tegen een platenbedrijf.

50 jaar geleden, Tom Jones heeft last met vrouwen.

Tom Jones, geboren als Thomas John Woodward op 7 juni 1940 in Treforest, een wijk van het mijnstadje Pontypridd in Wales, is een van de succesvolste zangers van zijn generatie.

Hij groeide op in een muzikale omgeving, waar hij al op jonge leeftijd in koren en brassbands zong.

Hij werkte als handschoenmaker en bouwvakker, maar bleef zijn passie voor muziek volgen.

Hij trouwde op zijn zestiende met zijn jeugdliefde Linda, met wie hij tot haar overlijden in 2016 samenbleef, ondanks zijn reputatie als rokkenjager en sekssymbool.

Tom Jones werd ontdekt door Gordon Mills en Les Reed, die hem vroegen om een demo op te nemen van het nummer “It’s Not Unusual”.

Ze wilden eigenlijk dat Sandie Shaw het nummer zou zingen, maar ze was zo onder de indruk van Tom Jones’ stem dat ze hem aanraadde om het zelf uit te brengen.

Het werd zijn tweede single bij Decca Records en zijn eerste nummer één hit in het Verenigd Koninkrijk.

Sindsdien heeft Tom Jones meer dan 100 miljoen albums verkocht, een carrière van meer dan zestig jaar opgebouwd, samengewerkt met Elvis Presley, een ridderorde ontvangen van de Britse koningin en nog steeds een jeugdige uitstraling behouden op zijn drieëntachtigste.

Gisteren nog vandaag

45 jaar geleden, Gilbert O’Sullivan met zijn hit Get Down.

Zoals gewoonlijk schreef de Ierse singer-songwriter Gilbert O’Sullivan het nummer Get Down zelf.

Het nummer werd oorspronkelijk gebruikt door O’Sullivan als een piano-opwarmtune, maar werd uiteindelijk uitgebreid tot een volledig nummer en uitgebracht als een single.

Het nummer Get Down stond twee weken op de eerste plaats van het VK Singles Chart en was ook een nummer één hit in Ierland en een top tien hit in de Verenigde Staten en Canada.

In Vlaanderen bereikte het nummer de eerste plaats in de Brt Top 30 en dit vijf weken lang. In Nederland was de single goed voor een derde plaats in de Top 40.

Het nummer is afkomstig van zijn album I’m a Writer, Not a Fighter, dat geproduceerd werd door Gordon Mills. (Joepie 3 oktober 1973)