45 jaar geleden domineerde Ottawan de hitlijsten met hun klassieker Hands up (Give me your heart), ook bekend als de Franstalige versie Haut les mains.

Het duo bestond uit Jean-Baptiste Patrick en Annette Eltice, twee zangers met Caraïbische roots die werden samengebracht door de producenten Jean Kluger en Daniel Vangarde.

De groepsnaam was een knipoog naar de Canadese hoofdstad Ottawa, een bestemming die de producenten tijdens een promotour had geïnspireerd.

De formatie brak in 1980 al door met de hit “D.I.S.C.O”, die zowel in het Frans als in het Engels de BRT Top 30 veroverde en zelfs de derde plaats in de hitparade bereikte.

In 1981 volgde hun grootste succes met Hands up, goed voor een vierde positie.

Opvallend is dat de Franse variant “Haut les mains (donne moi ton cœur)” al een halfjaar eerder in de lijst verscheen, maar destijds bleef steken op de dertigste plek.

De tekst van deze bekende single werd geschreven door de Vlaamse tekstschrijfster Nelly Byl.

Het nummer kreeg extra bekendheid als het vrolijke uithangbord voor de luxe reisorganisatie Club Med.

Hoewel de groep vooral herinnerd wordt om deze grote successen, scoorde ze ook nog een bescheiden hit met “Qui va garder mon crocodile cet été?”, dat tot de drieëntwintigste plaats in de hitlijsten klom.

45 jaar geleden, Ottawan schenkt klare wijn.

De discogroep Ottawan, bestaande uit de van oorsprong Caraïbische zangers Jean-Baptiste Patrick en Annette Eltice, was het geesteskind van de succesvolle producenten Jean Kluger en Daniel Vangarde.

De naam van de groep was een verrassend souvenir van een promoreis die de producenten naar de Canadese hoofdstad Ottawa bracht.

Hun grote doorbraak in Vlaanderen kwam in 1980 met ‘D.I.S.C.O.’.

Het nummer was zo aanstekelijk dat zowel de Engelse als de Franse versie de BRT Top 30 bestormde en een indrukwekkende derde plaats in de hitparade wist te veroveren.

Een jaar later, in 1981, herhaalden ze dat succes met ‘Hands Up (Give Me Your Heart)’, dat tot nummer vier klom.

Opvallend was dat de Franse versie, ‘Haut les mains’, een half jaar eerder was uitgebracht, maar niet verder kwam dan een bescheiden dertigste plaats.

De Engelse tekst, geschreven door de Vlaamse Nelly Byl, bleek de sleutel tot het grote succes.

Het liedje werd bovendien onsterfelijk als het promotielied voor de luxe reisorganisatie Club Med.

De groep scoorde nog een kleinere hit met het zomerse ‘Qui va garder mon crocodile cet été?’, dat een drieëntwintigste plek bereikte

Will Tura mag vandaag 85 kaarsjes uitblazen.

Een van zijn grootste successen, “Viva el amor,” behaalde destijds de eerste plaats in de Top 30 en hield die positie drie weken lang vast.

Het nummer werd gecomponeerd door Leo Caerts, de orkestleider van Will Tura, terwijl de tekst geschreven werd door Nelly Byl.

De productie was in handen van Jean Kluger. Op de B-kant van de single stond het nummer “Te Mooi Om Te Geloven”.

Beide liedjes zijn afkomstig van zijn album “Will Tura nr 6”.

Will Tura nam van “Viva el amor” ook een Engelse versie op die als single werd uitgebracht, compleet met een leuke promotievideo waarin zijn liefde voor mooie auto’s duidelijk naar voren komt.

Het is ook interessant om zijn eerste artiestenfoto te zien, genomen in 1956 toen hij nog maar 16 jaar oud was.

Bananarama, kan jeugdvriendjes niet vergeten.

Bananarama, een Brits trio met Keren Woodward, Siobhan Fahey en Sara Dallin in de gelederen, debuteert begin september 1981 met de single ‘Aie A Mwana’, een cover van een obscuur nummer uit het Belgische album ‘Le Monde Fabuleux Des Yamasuki’ van Yamasuki’s uit 1971.

Yamasuki en Paul Cook van The Sex Pistols staken een handje toe in de studio!

De song werd geschreven door Daniel Vangarde, de vader van Daft Punks Thomas Bangalter, en zijn Belgische collega Jean Kluger.

Beiden zijn ook verantwoordelijk voor de successen van o.a. Gibson Brothers en Ottawan.

In 1975 werd het in Vlaanderen een hitje voor de groep Black Blood.

De versie van Bananarama, op een onafhankelijk platenlabel, miste de hitlijsten, maar het was wel het begin van een succesverhaal.

Ze trekken de aandacht van platenmaatschappij London Records en krijgen er een contract.

Datzelfde jaar nog worden ze uitgenodigd door Fun Boy Three, de nieuwe groep van voormalig Specials-zanger Terry Hall, om op de debuutsingle ‘It Ain’t What You Do, It’s The Way That You Do It’ mee te zingen.

De rest is geschiedenis. (Denis Michiels en Joepie 23 december 1984)