
Vandaag, 65 jaar geleden, Edith Piaf te gast in Knokke

Foto's, en reportages en voor 95 % niet terug te vinden op Google uit ons ver verleden, over Gent, Vlaanderen, film, muziek, sport, politiek en zoveel meer uit tijdschriften en kranten en jaarboeken. Vanaf de jaren 1900 tot en met gisteren. Meer foto's en artikelen terug te vinden op onze Fb groep Gisteren nog vandaag en de Fb groep Weetjes over popmuziek

Kahnweiler wordt beschouwd als een van de grootste aanhangers van de kubistische kunstbeweging door zijn activiteiten als kunsthandelaar en woordvoerder van kunstenaars.
Hij was een van de eersten die het belang en de schoonheid van Picasso’s Les Demoiselles D’Avignon inzag en wilde het meteen samen met al het werk van Picasso kopen.
Picasso schreef over Kahnweiler: “Wat zou er van ons zijn geworden als Kahnweiler geen zakelijk inzicht had gehad?”
Kahnweilers waardering voor Picasso’s talenten was vooral verheugend voor de kunstenaar, aangezien hij grotendeels onbekend en berooid was in de tijd dat veel van zijn beroemdste werken werden gemaakt.
Kahnweiler ondersteunde in zijn galerie veel grote kunstenaars die weinig erkenning en belangstelling van verzamelaars kregen.
De eerste aankopen waren werken van Kees van Dongen, André Derain, André Masson, Fernand Léger, Georges Braque, Juan Gris, Maurice de Vlaminck en verschillende andere kunstenaars van dezelfde generatie.

Om zijn eigen woord te gebruiken, Kahnweiler wilde grote artiesten “verdedigen”, maar alleen degenen die geen dealers hadden en van wiens talenten hij overtuigd was.
Samen met mannen als Alfred Flechtheim, Paul Cassirer, Daniel Wildenstein, Léonce Rosenberg en Paul Rosenberg was Kahnweiler een van de invloedrijke kunstkenners van de 20e eeuw.
De ondernemerscapaciteiten van Kahnweiler waren zo acuut dat zijn kunstgalerie in de jaren vijftig qua exportcijfers tot de top 100 van Franse bedrijven behoorde.
Hij stierf in 1979 in Parijs, op de leeftijd van 94 jaar.

Gisteren nog vandaag
Foto met Picasso

Gisteren nog vandaag

Gisteren nog vandaag








Edith Piaf leeft de laatste maanden van haar leven teruggetrokken in Grasse, waar ze in de nacht van tien oktober 1963 sterft in het bijzijn van Theo Lamboukas, haar toenmalige man.
Maar omdat ze per se in Parijs wilde sterven, werd haar lichaam in een ambulance naar Parijs gebracht, waar een dokter haar dood op 11 oktober officieel vaststelde.
Deze anekdote is tekenend voor Piafs liefde voor Parijs, de stad die haar als chansonnière onsterfelijk heeft gemaakt.
En die liefde was wederzijds: le tout Paris liep te hoop wanneer de lijkstoet naar de begraafplaats Père-Lachaise trok.

Gisteren nog vandaag: Edith Piaf in de Piccolo
Edith Piaf blijft bekend en bemind om haar chansons die een ode zijn aan het leven en de liefde, ook al ging het haar in haar privéleven allerminst voor de wind.
Als kind trok ze rond met haar vader die straatartiest was, op haar vijftiende moest ze voor zichzelf instaan.
Ze bezingt in ‘L’Hymne à l’amour’ (1950) een onvoorwaardelijk geloof in de liefde, enkele maanden nadat haar grote liefde Marcel Cerdan, de Franse wereldkampioen boksen, omkwam in een vliegtuigongeluk.

Gisteren nog vandaag: Edith Piaf in Knokke (28 juli 1961)
Op haar tweeënveertigste huwt Piaf opnieuw met de twintiger Théo Sarapo.
Met hem zingt ze in 1962 nog het duet ‘A quoi ça sert l’amour’. Of zij niet denkt aan wat rust na zo’n bewogen leven? “Neen, want de dag dat je rust, voel je je al een beetje dood”.
In de sloppen van Belleville, midden in “la grande guerre”, verwekt tijdens een militair verlof van een toevallige vader-straatartiest, met een straalzatte zangeres als moeder.
Niet bevorderlijk voor een schitterende carrière in de wereld van de showbizz.
Wanneer Edith Piaf dan op haar vijftiende voor haar eigen inkomsten ging zorgen, met als enig talent een stem als een scheepsklok, dan moest ze ferm van haar afbijten om het zo ver te schoppen.

Gisteren nog vandaag: Edith Piaf en haar man Théo Sarapo te gast in zaal Ancienne Belgique in Brussel (december 1962)
Dan moest ze een straatmus zijn die kon zingen als een kanarievogel.
Als kleuter had ze die warme moederliefde gemist, waar elk kind recht op heeft.
Haar hele verdere leven was één grote hunker naar de warmte, de hartelijkheid, de tederheid die je als kind niet had gekregen.
Wat zei ze ook weer? “Als het geluk aan de deur klopt dan ga ik opendoen, dan durf ik niet neen zeggen”.
En telkens wanneer ze die liefde vond, was ze ook dankbaar en gul.
Edith Piaf had een onfeilbaar oog voor talent en ze had die gave vaak gebruikt om jonge artiesten beroemd te maken.
Leverkanker velt haar uiteindelijk op haar zevenenveertigste, met onsterfelijke klassiekers als La vie en rose, Milord en Non, je ne regrette rien op haar palmares.(diverse bronnen, ENen Toon Hillewaere)

Gisteren nog vandaag: Édith Piaf (janauri 1961)























