60 jaar geleden, mijn vader (Willy De Graeve) was toen beroepsmilitair en voor een korte periode aanwezig in het kamp Vogelsang in Duitsland.

Deze postkaarten stuurde hij naar zijn ouders, mijn grootouders dus.

Vogelsang was oorspronkelijk een opleidingskamp voor de Duitse nazi-elite.

De bouw begon in 1934 en de meeste paviljoenen waren klaar bij het begin van de Tweede Wereldoorlog.

Het is nauwelijks geweten, maar dit kamp is één van de best bewaarde overblijfselen van de nazi-architectuur.

Vogelsang was gelegen buiten de bebouwde wereld en alles moest aangevoerd worden.

Er was personeel die voor de maaltijden en het onderhoud zorgde. Deze mensen leefden in een gebouw aan de zijkant van het kamp (met toen een heel mooi zicht op de omgeving).

Tijdens de periode van de Belgische Strijdkrachten in Duitsland werd dit gebouw gebruikt door de officieren die zo een beetje afzondering konden hebben.

Nagenoeg alle gebouwen van Vogelsang zijn in hun oorspronkelijke staat bewaard, dus nazi-gebouwen met Franstalige en Nederlandstalige borden.

Het hele gebied is tegenwoordig een natuurgebied met fiets- en voetpaden.

Het terrein voor de bezoekers heeft een oppervlakte van ongeveer 45 ha.

Er is een museum in één van de gebouwen over Vogelsang ten tijde van nazi-Duitsland, maar ook geschiedenis over de Koude Oorlog en de Belgische strijdkrachten in Duitsland.

Ook bevat het museum een tentoonstelling over het Eifelgebergte.

Je kan daar ook eten in een gastronomisch restaurant.

De winter van 1963, toen men het leger moesten inschakelen om kolen te vervoeren naar het Luikse industriebekken.

Over de drie wintermaanden december, 1962 en januari en februari, 1963 was er een gemiddelde temperatuur van -3,1 graden (+2,6 graden is normaal).

Op veel plaatsen vroor het bijna drie maanden achtereen elke dag.

Tijdens de jaarwisseling waren er zware sneeuwstormen en in het hele land raken dorpen geïsoleerd en veel noord-zuid verbindingen worden bedolven onder dikke lagen stuifsneeuw tot duinen van 2 tot 3 meter hoogte.

Januari 1963 was met gemiddeld -5,3 graden uitzonderlijk koud.

Met -3,4 graden was ook februari zeer koud.

Daarna volgden dagen waarop het ’s ochtends 10 tot 20 graden vroor.

De pers schreef toen het volgende over de hulp van het leger:

Misschien is het voor het eerst in de geschiedenis van ons land dat iedereen zonder uitzondering een goed woord heeft gehad voor het leger.

Omdat het een van de zeldzame keren geweest is dat het leger zijn ervaring en kunde ter beschikking van de burgerbevolking stelde.

Radiojeeps van het 62e Artillerie werden ingezet om konvooien met steenkool veilig naar hun bestemming te gidsen.

Bij de eigenlijke verdeling van de steenkool werden tot nu toe geen militaire vrachtwagens gebruikt, omdat de autoriteiten de toestand „nog niet ernstig genoeg” vonden.

We hopen van harte dat die toestand nooit zó erg wordt. We vonden het nu al welletjes! (Diverse bronnen en Panorama 19 februari 1963)

Vandaag 60 jaar geleden, mijn vader op legerkamp in het dorpje Rhoden (am Fallstein) in de Duitse deelstaat Saksen-Anhalt.

Willy De Graeve op legerkamp in het dorpje Rhoden (am Fallstein) in de Duitse deelstaat Saksen-Anhalt.
Willy De Graeve op legerkamp in het dorpje Rhoden (am Fallstein) in de Duitse deelstaat Saksen-Anhalt.
Willy De Graeve op legerkamp in het dorpje Rhoden (am Fallstein) in de Duitse deelstaat Saksen-Anhalt.
Willy De Graeve op legerkamp in het dorpje Rhoden (am Fallstein) in de Duitse deelstaat Saksen-Anhalt.