Vandaag 50 jaar geleden, fanbal van de Vlaamse groep Octopus

Octopus was niet zomaar een lokale band uit Diest; het was een bijzonder Vlaams-Brits experiment.

De groep ontstond uit de assen van The Bats, de formatie van Robert Vlaeyen, Gerard Opdebeeck en Roberts broer René Vlaeyen (de latere bekende tv-producent).

Om de groep internationale allure en een perfecte Engelse uitspraak te geven, werden de Britten Steve Pine en Phil Francis erbij gehaald.

Een van de opvallendste Vlaamse leden was toetsenist en zanger Paul Michiels.

De groep kwam zakelijk onder de vleugels van manager Sylvain Tack.

In 1973 bracht de band hun allereerste single uit: Go down slow. Voor de productie van dit debuut deden ze een beroep op Sylvain Vanholme (bekend van The Wallace Collection).

Hun tweede single uit datzelfde jaar, Hey na na, bevat dan weer een leuk detail voor de trivia-liefhebbers: op die opname zongen de bekende radio- en televisiepresentatoren Zaki en Mike Verdrengh mee in het achtergrondkoortje.

De grote doorbraak in 1974 was eigenlijk een ‘interne’ cover.

Hun hit I’m so in love with you was de Engelse vertaling van Ik ben verliefd op jou van Paul Severs, die eveneens door Tack werd gemanaged.

In 1975 volgde het debuutalbum From Octopus With Love, waarvoor de groep samenwerkte met producer Eddy Govert.

Ondanks deze successen verkocht Tack het contract van de groep aan het Nederlandse Telstar van Johnny Hoes.

Onder het bewind van ‘smartlappenkoning’ Hoes veranderde het karakter van de band drastisch. Octopus werd steeds meer in de richting van close harmony geduwd.

Hoewel dit commercieel een gouden greep bleek – het album Oldies but goldies met covers van Amerikaanse crooners zorgde voor een doorbraak in Nederland en hits als Cry en South of the border – zorgde het intern voor wrijving.

Met name Paul Michiels voelde zich steeds minder thuis in de rol van artiest die enkel covers zong.

In 1980 probeerde de groep het tij te keren en terug te gaan naar hun eigen sound.

Dit leverde met All alone nog een bescheiden hitje op in België, maar de chemie was uitgewerkt.

Na het uiteenvallen van de groep kon Paul Michiels eindelijk zijn eigen artistieke weg gaan.

Eerst solo als P.P. Michiels, en later met enorm succes aan de zijde van Jan Leyers in Soulsister.

50 jaar geleden, waarom zanger Peter West ook voor andere artiesten een goede promotor kan zijn.

De muzikale reis van Paul Nijs, bij het grote publiek beter bekend als zanger Peter West, begon al op jonge leeftijd met een opleiding klassieke gitaar aan de plaatselijke muziekschool.

Als zestienjarige zette hij onder de naam Paul Robbins zijn eerste stappen in de showbizz met een eigen plaat.

Al snel sloot hij zich aan bij de groep “Les Jeunes”, waar hij samenspeelde met een jonge Paul Michiels.

Daarna werd hij lid van “The Hit Boys”, een in de streek zeer bekend orkest waar hij het podium deelde met artiesten als Bobby Prins en Luc Derdin.

Een cruciale wending kwam er tijdens zijn legerdienst in 1968.

In Turnhout ontmoette hij commandant Karel Van Herck, die op dat moment de manager was van gevestigde waarden als Marc Dex, Juul Kabas en Micha Marah.

Onder de vleugels van Van Herck en met topproducer Roland Kluger lanceerde hij in 1969 zijn eerste single als Peter West: “Santo Domingo”.

Vanaf dat moment kwam zijn carrière in een stroomversnelling.

Hits als “Met jou wil ik leven”, “Lieveling”, “Zoon van mijn vader”, “Zeg aan Carina” en “Zonder vrees” volgden elkaar in hoog tempo op. “Zeg aan Carina” was een compositie van Leo Caerts, de man achter “Eviva Espana”, en met “Zonder vrees” stond Peter West drie weken lang op nummer één in de Tele top tien.

In deze topperiode verzorgde een toen nog onbekende Ann Christy zijn voorprogramma, nog voor ze zelf doorbrak via Canzonissima.

In 1974 besloot Paul Nijs een andere weg in te slaan en werd hij producer bij Monopole Records. In die rol toonde hij zijn talent om andere artiesten te lanceren.

Hij zorgde ervoor dat Claire haar superhit “Vreemde Vogels” kon opnemen, waarmee ze zes weken op nummer één stond in Nederland.

Ook de eerste opnames van Judy Mc Queen (Sonia Pelgrims) waren producties van zijn hand; haar single “Moving Along” werd in 1975 een hit die tien weken in de BRT Top 30 stond.

Dankzij uitstekende contacten in de Duitse muziekwereld verhuisde Peter in 1976 definitief naar Düsseldorf.

Dit betekende het einde van zijn loopbaan als zanger.

Toch was zijn invloed nog niet voorbij.

Zijn voormalige begeleidingsband, “The Classic Illustration”, scoorde in 1977 met een productie van Peter West een nummer die de Top 5 bereikte in verschillende landen met het nummer “Darling I Love You”.

Paul Nijs, de man achter de artiest Peter West, overleed in mei 2023.