Van beatgroep tot Soundmixshow: het muzikale levensverhaal van Frank Ashton

Frank Ashton, die eigenlijk Frans Biezen heet, begon zijn muzikale loopbaan bij de Jumping Tigers voordat hij in 1965 landelijke bekendheid kreeg als medeoprichter van Les Cruches.

Deze formatie gold als de bekendste Tilburgse beatgroep en ontleende haar naam aan Kruikensijkers, de bekende bijnaam van de Tilburgers.

Biezen deelde het podium in die tijd met niet de minsten: ook Henny Vrienten (later Doe Maar), John van der Ven (de latere producer van onder meer André Hazes) en Jos van den Dries (VOF de Kunst) maakten deel uit van de band.

Les Cruches was regelmatig te zien en te horen op tv en radio.

In 1968 besloot hij de groep te verlaten en een heel andere muzikale koers te varen.

Zo sloot hij zich een tijdje aan bij de Rekels, de band die bekend werd door de samenwerking met Hanny (Hennie Doeland-Lonis).

In 1974 vormde hij het duo Frans & Monique, waarmee hij een grote hit scoorde met het nummer ‘Hé Monique’.

Na die periode kreeg Frank de nodige tegenslagen te verwerken.

Zo kreeg hij destijds toestemming om samen met producer Cees Vermeulen een klassieker op te nemen.

Hun oog viel op ‘You’ll Never Walk Alone’, maar de platenmaatschappij zag er geen brood in.

Slechts drie maanden later, in 1976, scoorde Lee Towers er een enorme hit mee.

Vanaf dat moment wist Frank dat hij muzikaal op de juiste weg zat, al duurde het daarna nog enkele jaren voordat hij met Cees Vermeulen aan zijn zijde opnieuw de studio in kon duiken.

Een nieuwe fase brak dan ook aan in 1981, toen hij onder de naam Frank Evans het podium betrad.

Hij bracht toen als eerste single ‘Forget Him’ uit.

Dat nummer was in 1963 geschreven door de Britse componist en producer Tony Hatch en was oorspronkelijk een hit voor Bobby Rydell.

Met zijn versie van deze oude hit van Bobby Rydell haalde hij in Vlaanderen met ‘Forget Him’ in juni 1981 de tiende plaats in de BRT Top 30.

Toch keek hij toen vol vertrouwen vooruit en voorspelde hij dat hij met zijn nieuwe single ‘Lonely Town’ helemaal naar de top zou gaan.

Het was een opvallend optimistische uitspraak van een man die de afgelopen jaren de nodige tegenslagen te verwerken had gekregen.

Doc Pomus (Jerome Solon Felder) en Mort Shuman schreven dit nummer ooit voor Elvis Presley. Elvis weigerde toen echter dit nummer op te nemen, waardoor Gene McDaniels het in 1963 als eerste opnam.

Dit legendarische schrijversduo tekende trouwens al eerder voor wereldhits van Elvis Presley, zoals ‘Surrender’, ‘Viva Las Vegas’ en ‘Kiss Me Quick’, en ook de klassieker ‘Save the Last Dance for Me’ voor The Drifters.

Hoewel het nummer geschreven was in 1963, leek het Frank in augustus 1981 op het lijf geschreven.

Hij had toen net een mislukt huwelijk achter de rug en woonde weer alleen. Frank legde uit dat de stad voor hem veranderd was, omdat hij overal geconfronteerd werd met mooie maar ook pijnlijke herinneringen, waar hij op sombere dagen liever met een boog omheen liep.

Toch accepteerde hij deze tegenslagen in de liefde als een onvermijdelijk onderdeel van zijn keuze voor een zangcarrière.

Veel tijd om bij de pakken neer te zitten had hij trouwens niet, want zijn agenda zat toen overvol.

Met de cover van Lonely Town behaalde hij op 15 augustus 1981 eveneens de tiende plaats in de BRT Top 30.

Hoewel deze twee singles in Vlaanderen succesvol waren, bereikten beide singles in zijn thuisland niet de hitparade.

In 1986 veranderde hij zijn artiestennaam opnieuw en deed hij als Frank Ashton mee aan de Soundmixshow.

Hij won deze talentenjacht met het nummer ‘Reno Town’ (Don’t go down to Reno), een cover van Tony Christie die werd geproduceerd door zijn vriend Jack de Nijs.

Opvallend genoeg had hij dit nummer een jaar eerder al op single uitgebracht onder zijn vorige schuilnaam Frank Evans.

De overwinning in de Soundmixshow zorgde voor zijn definitieve doorbraak.

Met de single ‘Remember The Good Times’ bereikte hij de eenentwintigste plaats in de Top 40, al kwam het nummer in Vlaanderen niet verder dan de tipparade.

Ook dit was een cover, gebaseerd op het Italiaanse nummer ‘Non voglio mica la luna’ uit 1986, dat werd geschreven door Zucchero, Luigi Albertelli en Enzo Malepasso en in Italië een hit werd voor zangeres Marina Fiordaliso.

De daaropvolgende single, getiteld ‘The Roses Ain’t Growing Anymore’ en geschreven door Hans Bouwens, bleef steken in de Tipparade.

Dit nummer werd geschreven door Hans Bouwens, de bekende voorman van de George Baker Selection.

Een nare val van een podium in 1997 leek een abrupt einde te maken aan zijn zangcarrière.

Na een jarenlange revalidatie maakte hij in 2004 echter een knappe comeback met het album Latin Lover.

Veertien jaar later, in 2019, liet hij opnieuw van zich horen door mee te doen aan het programma The Voice Senior, waar hij koos voor het team van coach Frans Bauer.

Hij wist toen uiteindelijk door te dringen tot de tweede ronde, maar de winst van dat seizoen ging naar de countryzanger Ruud Hermans.

De inmiddels 79-jarige zanger treedt tot op de dag van vandaag nog incidenteel op en is nog altijd te boeken.

Oldies-rage bezorgt Frank Evans tweede start

Gisteren nog vandaag

De muzikale reis van Hans Vermeulen: van Sandy Coast tot Thailand

Hans Vermeulen, geboren op 18 september 1947, verzamelde muzikanten om zich heen om een band op te richten.

De groep opereerde achtereenvolgens onder de namen Sandy Coast Skiffle Group, Sandy Coast Five en Sandy Coast Rockers, om de naam uiteindelijk in te korten tot Sandy Coast.

De bezetting bestond uit de twee broers Vermeulen, Onno Bevoort en Jos de Jager toen de band dankzij een door het blad Hitwezen georganiseerde talentenjacht een platencontract bij Negram won.

Niet veel later verscheen ‘Being In Love/I Want You For My Own’, de allereerste single van Sandy Coast.

De eerste single die de Top 40 wist te behalen was ‘We’ll Meet Again’, die in augustus 1966 op de 39e plaats binnenkwam.

In 1967 bracht de groep haar debuutalbum uit onder de titel And Their Name Is…. Sandy Coast.

De band scoorde in maart 1971 haar grootste hit met ‘True Love That’s A Wonder’, afkomstig van de elpee Sandy Coast.

Vanaf 1972 versterkte zangeres Marian Noble de band voor een jaar.

Deze zangeres uit Zwijndrecht heette feitelijk Marian Meyer en bracht in de jaren zeventig diverse solosingles uit.

Bij haar debuutsingle My Mother in 1967 gebruikte ze aanvankelijk de naam Marian Nobel.

Willem Duys was de ontdekker van deze zangeres en dankzij hem kreeg ze dan ook een platencontract.

Toen hij haar vervolgens introduceerde in zijn immens populaire talkshow Voor de vuist weg, kondigde hij

haar, geheel op eigen initiatief, aan als Marianne Noble.

Omdat de platenhoezen bij Delta destijds al gedrukt waren als Marian Nobel, ontstond er die bekende verwarring.

Hoewel ze daar zelf in eerste instantie wat verbolgen over was, is ze die naam altijd blijven gebruiken.

Ook na haar latere overstap naar Polydor nam ze de naam die Duys had bedacht definitief over.

Later verwierf zij onder meer bekendheid met haar eigen projecten en haar deelname aan The Voice Senior in 2018.

Marianne Noble is overleden op 2 maart 2025.

De blueszangeres uit Dordrecht is 78 jaar oud geworden.

Kort voor haar overlijden kreeg ze te horen dat ze een kwaadaardige tumor bij haar longen had.

Eerder in 2023 was ze ook al eens in het ziekenhuis opgenomen na een hartinfarct.

Toen de groep in 1974 uit elkaar viel, richtten de gebroeders Vermeulen hun pijlen op een nieuwe formatie genaamd Rainbow Train.

Kort daarna ontdekte Vermeulen zangeres Anita Meyer en lijfde haar direct in.

Vermeulen componeerde ook de nummer 1-hit ‘The Alternative Way’, waarmee Anita Meyer een droomdebuut beleefde.

Tussendoor hield Hans Vermeulen zich bezig met de productie van platen van onder meer Lucifer.

Rainbow Train bestond in 1975 uit naast Hans Vermeulen, die zang, gitaar, orgel en piano speelde, en Anita Meyer, Debbie Wokaty (zangeres), Jan Vermeulen (bas), Shel Schellekens (drums), Eric Tagg (zang, orgel en piano) en ex-Limousine-lid Okkie Huysdens (ook zang, orgel en piano). geboren als Johannes Josephus Huijsdens en helaas op 6 september 2014 overleden.

Later traden ook pianist Jan Rietman, afkomstig van ondermeer de groepen Unit Gloria, Long Tall Ernie And The Shakers, en zangeres Dianne Marchal toe.

Dianne Marchal, wier eigenlijke naam Hilde Vermeulen was, was de echtgenote van Hans.

Hans bracht in 1976 via Mercury zijn soloalbum I Only Know My Name uit, waarop muziek te horen was met invloeden van Stevie Wonder.

Daarnaast verschenen er singles onder de naam Hans Vermeulen & Rainbow Train.

Rainbow Train bracht in 1978 haar eerste en enige lp ‘Accompanied By’ uit, en de bijbehorende single ‘Heaven On Earth’ werd een bescheiden hit in Nederland en Vlaanderen.

In 1980 kwam Sandy Coast weer bij elkaar en trad op 13 juni op tijdens de Haagse Beatnach.

Drie nummers van dat optreden belandden op het verzamelalbum van het evenement.

De heroprichting leidde tot de elpee Terreno, waarvan de single ‘The Eyes Of Jenny’ een grote hit werd in binnen- en buitenland.

Toch koos Hans Vermeulen opnieuw voor de solotoer.

‘Ik dacht het wel’ werd de titel van zijn nieuwe album, dat duidelijke invloeden van Doe Maar liet horen.

Vermeulen ontpopte zich echter meer en meer als producer en werkte in die rol samen met artiesten als Nadieh, Ruth Jacott en Hans de Booij.

Verder schreef hij muziek voor televisiecommercials en had hij de muzikale leiding over de musical De Zoon Van Louis Davids.

In de tweede helft van de jaren tachtig profiteerde Sandy Coast van een heropleving in de belangstelling voor muziek uit de jaren zestig.

In 1988 bracht de band het album Rendez-Vous uit, een elpee en cd met opnieuw opgenomen versies van hun oude successen.

Ondertussen eisten privéproblemen steeds meer hun tol.

Diverse projecten waar hij aan begon, werden niet afgemaakt, en ook zijn huwelijk met Hilde liep op de klippen.

Hans Vermeulen kampte met een gigantische financiële schuld in de jaren tachtig en het begin van de jaren negentig.

Vermeulen had zich financieel verbonden aan de bekende G.T.B.-geluidsstudio in Den Haag.

De deal mislukte volledig en liet hem met enorme schulden achter.

Hij lette naar eigen zeggen altijd meer op de muziek dan op de centen, waardoor hij een miljoenenclaim opbouwde bij de Belastingdienst.

Ondanks zijn vele successen had Vermeulen te maken met een schuld van 680.670 euro.

Eind jaren tachtig en begin jaren negentig zat hij dan ook volledig aan de grond.

Hij leefde in een sober souterrain in Scheveningen en verdiende wat geld met optredens in Haagse kroegen.

Dankzij zijn manager Peer Evers en een regeling met het maatschappelijk werk en het Sociaal Fonds van de Buma-Stemra werd er uiteindelijk orde op zaken gesteld om de schuld af te betalen.

Deze afspraak hield in dat Vermeulens auteursrechten voor het grootste gedeelte werden ingehouden om de schulden af te lossen.

Hans Vermeulen leefde dan ook enige jaren van een minimaal inkomen.

Eerder dan verwacht had Vermeulen zijn schuld afgelost.

Vrijwel platzak vertrok hij rond 1994 definitief naar Thailand om daar opnieuw te beginnen.

Om zijn muzikale grenzen te verleggen, verruilde Vermeulen Nederland vervolgens voor het Thaise eiland Koh Samui.

Een prettige bijkomstigheid was dat hij in het goedkope Thailand in principe van de royalty’s van zijn hits kon leven.

Toch bleef hij ook in Azië actief met componeren en produceren.

Zo maakte hij onder de naam The Rest in 1994 een nieuw album ‘Domestic Affairs’ uit en dit met oude bekenden uit de Haagse muziekscene, te weten Polle Eduard op zang en gitaar, Len Bouman op bas, Beau Wassenbergh op drums en Okkie Huijsdens voor de productie.

Tevens raakte hij betrokken bij de Thaise band Carabao.

Op 1 juli 1995 trad Hans Vermeulen in Bussum in het huwelijk met de jonge Thaise Jariya Chatsuwan, ook wel bekend als Aom.

Samen met producer Eddy Ouwens nam hij in 1997 een cd op met internationale hits van bekende artiesten.

Ouwens had hem daar al eerder tevergeefs voor gevraagd, maar uiteindelijk ging Vermeulen overstag.

De nummers op het album ‘Vogelvrij’ werden voorzien van Nederlandse teksten geschreven door onder anderen Robert Long, Paula Patricio, Joost Nuissl, Henk Temming en Coot van Doesburg.

De single ‘De Mooiste Droom Is Vogelvrij’, een cover van het gekende nummer ‘Up Where We Belong’ dat hij samen met Sandra Reemer inzong, werd een bescheiden radiohit.

In 1998 verscheen er een dubbel-cd met een overzicht van zijn gehele loopbaan, met de hits van zijn groepen Sandy Coast, Rainbow Train en The Rest en met vocale bijdragen van onder meer Rob de Nijs, Ruth Jacott en Anita Meyer.

Met de single ‘Een Kus En Een Knuffel’ uit het album, een cover van Butterfly Kisses van Bob Carlisle en Randy Thomas, scoorde hij een bescheiden radiohit.

In Thailand behaalde zijn vrouw Aom een top 10-hit met haar versie van ‘The Eyes Of Jenny’, terwijl Vermeulen optredens verzorgde met het Bangkok Symphonic Orchestra.

Op 19 april 2002 werd hij tijdens een speciaal optreden begeleid door het Metropole Orkest.

Dit concert werd later op televisie uitgezonden door de KRO en verscheen zowel op cd als dvd, onder de naam ‘Met Mij Gaat Het Goed’ in 2004.

Tijdens zijn rijkgevulde carrière ontving Hans Vermeulen onder meer een Gouden Harp en een Edison.

Hij overleed plotseling op 9 november 2017 op 70-jarige leeftijd.

Lea Couzin, wat had ik graag kinderen gehad (Story july 1987)

In de jaren 1980 werd ze bij het toenmalige jongere publiek vooral bekend omwille van haar rol in de detectivejeugdserie Merlina waar ze Meester Marie-Ann Meerschaut (aka ‘Tante Merlina’) speelde.

Verder speelde ze gastrollen in De Collega’s (Marianne), Langs de Kade (Lisa Hendrickx, een barvrouw), Windkracht 10 (Mevrouw Vandevoorde), Verschoten & Zoon (Gepensioneerde secretaresse), Zone Stad (Eenzame vrouw), Wittekerke (Godelieve), Aspe (overbuurvrouw Henriëtte Dubois) en Code 37 (mevrouw Jooris).

In 2009 speelde ze een hoofdrol in de film Meisjes (Magda), naast Marilou Mermans en Lucas Van den Eynde.

Een andere rol die ze speelde, was deze van Ma Vertongen in F.C. De Kampioenen.

Marie-Paule Vertongen is de moeder van Marc Vertongen, de slungel in de serie.

Ook in de film Kampioen zijn blijft plezant keert ze terug.

Verder vertolkte ze de rol van “Bomma Biets” in de serie Callboys.

Naast haar naamsbekendheid als jeugdidool Merlina heeft ze carrière gemaakt als zangeres.

Reeds in de jaren 1970 was ze actief in het kleinkunst- en cabaretcircuit, waar ze wordt geïntroduceerd door Miel Cools.

Sommigen vergelijken haar zelfs met Jasperina de Jong.

Op vraag van VTM deed ze in 2018 mee aan The Voice Senior, maar ze raakte niet door de blind auditions.