60 jaar geleden, Dusty Springfield met haar cover ‘You Don’t Have To Say You Love Me’.

Dit nummer vindt zijn oorsprong in het Italiaanse lied ‘Io che non vivo (senza te)’, wat zich vertaalt als ‘Ik, die niet zonder jou kan leven’.

Het werd geschreven door Pino Donaggio en Vito Pallavicini, waarbij Donaggio het in 1965 samen met Jody Miller voor het eerst zong tijdens het Festival van Sanremo.

In Italië groeide het direct uit tot een groot succes dat drie weken lang de hitlijsten aanvoerde.

Dusty Springfield was tijdens datzelfde festival aanwezig en raakte, ondanks de taalbarrière, diep ontroerd door de uitvoering.

Een jaar later namen haar vriendin Vicki Wickham en manager Simon Napier-Bell het initiatief voor een Engelse bewerking.

Springfield was uiterst perfectionistisch en had naar verluidt 47 takes nodig voordat ze tevreden was met de opname.

Haar inzet werd beloond met een wereldwijd succes: het nummer bereikte de eerste plaats in Groot-Brittannië en de vierde positie in de Amerikaanse Billboard Hot 100.

In Nederland maakte de plaat op 14 mei 1966 zijn debuut in de Top 40, waar hij tien weken genoteerd stond met de zevenentwintigste plek als hoogste resultaat.

Sindsdien is het nummer door talloze artiesten gecoverd. De versie van Elvis Presley uit 1970 is waarschijnlijk de meest bekende, maar ook namen als Brenda Lee, Cher en de Britse groep Guys ‘n’ Dolls hebben het lied uitgebracht.

Zelfs André Hazes nam het nummer in 1985 op onder de Nederlandstalige titel ‘Geloof mij’, een versie die in 2012 ook door zijn zoon André Hazes Jr. werd gezongen.

In Vlaanderen bracht Sandra Kim in 1993 een eigen vertolking uit met als titel ‘Wil je eeuwig van me houden’.

Reclame voor muziekcassettes van het merk Philips (oktober 1977)

Deze week 50 jaar geleden, komt Gérard Lenorman met zijn single ‘Voici les clés’ binnen in de Brt Top 30.

Hoewel het nummer uitgroeide tot een Franse klassieker, is het oorspronkelijk een cover van Nel Cuore Nei Sensi van de Italiaanse formatie Albatros.

Het lied werd gecomponeerd door Toto Cutugno en Vito Pallavicini, waarna Pierre Delanoë tekende voor de Franse vertaling.

In de tekst bezingt Lenorman zijn zoon Mathieu, die in het lied Nicolas wordt genoemd, en reflecteert hij op een mogelijke scheiding van zijn vrouw Caroline.

Hij benadrukt dat zij altijd welkom blijft en overhandigt haar symbolisch de sleutels van haar geluk.

Hoewel het echtpaar op het moment van de opname nog gelukkig samen was, bleek het nummer een onbedoelde voorspelling van de toekomst; in 1989 ging het stel definitief uit elkaar.

De single werd een groot succes in de Lage Landen en bereikte zowel in de Vlaamse hitlijsten als in de Nederlandse Top 40 de tweede plaats.