Foto's, en reportages en voor 95 % niet terug te vinden op Google uit ons ver verleden, over Gent, Vlaanderen, film, muziek, sport, politiek en zoveel meer uit tijdschriften en kranten en jaarboeken. Vanaf de jaren 1900 tot en met gisteren. Meer foto's en artikelen terug te vinden op onze Fb groep Gisteren nog vandaag en de Fb groep Weetjes over popmuziek
Tim, De zotte morgen, Arme Joe, Amsterdam, De eerste sneeuw, Mia, Ploegsteert en ga zo maar door.
Liedjes die tot het allerbeste van onze gezongen taal behoren en in Vlaanderen al jaren de allertijden-lijsten domineren, maar in Nederland niet of nauwelijks bekend zijn.
In Het Groot Vlaams Liedboek behandelt Peter Voskuil 101 Vlaamstalige hoogtepunten uit de rijke belpop-cultuur, van de woelige sixties tot nu.
Het is de weerslag van een diepgravende muzikale zoektocht door het Vlaamse land.
Hij interviewde tientallen artiesten, muzikanten en producers uit Vlaanderen en las alles wat los en vast zat.
Geschreven door een Nederlandse muziekjournalist, staat dit standaardwerk barstensvol feiten die ook voor Vlaamse muziekliefhebbers nieuw zullen zijn.
Hoe ontstonden nummers? Wat gebeurde er in de studio? En waarom klinkt elk liedje zoals het klinkt?
Hoor het Vlaamse lied als nooit tevoren en leer de opnames tot in het kleinste detail kennen: dit zijn de 101 mooiste Nederlandstalige liedjes uit Vlaanderen die je gehoord móet hebben voor je sterft.
Peter Voskuil geldt sinds de verschijning van zijn vijf kilo zware standaardwerk over de Nederlandse platenindustrie als een pophistorische autoriteit.
Ook schreef hij het officiële Boudewijn de Groot-oeuvreboek.
Gisteravond rond 20.00 uur werd het boek feestelijk gepresenteerd in De Casino in Sint-Niklaas.
Onder meer Raymond van het Groenewoud, Bart Peeters, Eva De Roovere, Hannelore Bedert, Guido Belcanto, Bart Herman, Yevgueni en Jonas Winterland waren er live bij.
Het noodlot sloeg toe in de namiddag van 25 december 1980, toen Louis samen met zijn vrouw Liliane en hun 15-jarige zoon Günther terugkeerde naar Mechelen na een familiebezoek in zijn geboortedorp Vorselaar.
In Lier werd hun wagen zwaar aangereden. De gevolgen waren niet te overzien: Louis was op slag dood en ook Liliane overleed onderweg naar het ziekenhuis.
Ze waren beiden amper 43 jaar oud.
Hun zoon Günther overleefde de klap, maar belandde met een zware schedelbreuk in coma en lijdt sindsdien aan geheugenverlies over het ongeval.
De oudste zoon, Ludwig, ontsnapte aan het drama omdat hij op dat moment op skivakantie was in Frankrijk.
Voor die fatale dag had de in 1937 in Gierle geboren Neefs al een opmerkelijk levenspad bewandeld.
Zijn kindertijd bracht hij door in de lagere school van zijn geboortedorp, waar hij zelfs les kreeg van zijn eigen vader, gevolgd door een zwerftocht langs diverse middelbare scholen, van de jezuïeten in Turnhout tot het Vrij Technisch Instituut in Borgerhout.
Hoewel hij oorspronkelijk technisch tekenaar en bruggenbouwer wilde worden, nam de muziek de bovenhand toen hij tijdens zijn technische studies gitaar leerde spelen.
Wat begon met optredens voor familie onder het pseudoniem Ludwig Künner en als zanger bij de Sun Spots, groeide uit tot een grote carrière toen talentscout Ke Riema hem introduceerde bij de platenmaatschappijen.
Dit resulteerde in 1960 in zijn doorbraak met het nummer Ein kleines Kompliment.
In de jaren die volgden, bouwde Neefs een indrukwekkend repertoire op, vaak met dank aan tekstschrijver Phil van Cauwenbergh die Amerikaanse songs vertaalde naar tijdloze parels als Mijn vriend Benjamin, Aan het strand van Oostende en Zondagmiddag Lilian.
Zijn succes reikte tot in Nederland, waar hij met Margrietje de top 10 haalde, en ver daarbuiten.
Neefs was een echt competitiebeest en perfectionist: hij vertegenwoordigde België tweemaal op het Eurovisiesongfestival, won in 1968 de Olympiade van het lichte lied in Athene en kaapte prijzen weg van Spanje tot Zuid-Amerika.
Toch was Neefs meer dan een entertainer; hij was een strijdbare man met principes.
Hij was niet alleen politiek actief als gemeenteraadslid in Mechelen, maar vocht ook verbeten voor de rechten van Vlaamse artiesten.
Hij eiste meer zendtijd voor Nederlandstalige muziek en betere sociale statuten, wat hem regelmatig in conflict bracht met de BRT-top.
Zijn maatschappelijke betrokkenheid bleek ook uit zijn ecologische vooruitziendheid in het nummer Laat ons een bloem.
Ook zijn zoon Günther zou later in de voetsporen van zijn vader treden, al lag dat niet meteen voor de hand.
Na het ongeval en zijn revalidatie werkte Günther jarenlang als autoverkoper, een job die hij nog vijf jaar combineerde met zijn prille zangcarrière.
Hij wilde immers geen kopie van zijn vader zijn, maar zocht en vond zijn eigen weg in de wereld van de swing en bigbandmuziek.
Toch zijn er opvallende parallellen tussen vader en zoon die verder gaan dan hun stemgeluid.
Zo werd Louis’ stem onsterfelijk als de straatkat Thomas O’Malley in de originele Nederlandse versie van de Disney-film De Aristokatten.
Jaren later, bij de vernieuwde uitgave in 2008, nam uitgerekend zoon Günther diezelfde rol voor zijn rekening, waardoor hun stemmen over de generaties heen samensmolten in hetzelfde personage.
Muzikaal kwamen ze in 2000 nog één keer samen: via moderne technieken zong Günther toen een ‘virtueel’ duet met zijn overleden vader van het nummer Laat ons een bloem.
Nu, 45 jaar na zijn dood, blijkt de erfenis van Louis Neefs springlevend.
De heropleving startte echt rond de eeuwwisseling met een groots eerbetoon in het Sportpaleis, georganiseerd door Günther en zijn tante Connie.
Zijn nummers blijven relevant: Laat ons een bloem werd door Yevgueni nieuw leven ingeblazen en diende zelfs als protestlied bij de Oosterweel-saga.
Zijn geboortedorp Gierle en zijn thuisstad Mechelen eren hem met straatnamen en standbeelden, waarvan het recentste in 2024 werd onthuld aan de voet van de Sint-Romboutskathedraal.