De duivenmelkers voelden zich geviseerd door de regering, die hen wilde belasten voor hun hobby.
De regering had al eerder een poging gedaan om een taks van 10 procent te heffen op de inleggelden voor duivenwedstrijden en een belasting van één frank per verkochte pootring.
Dit stuitte op hevig verzet van de duivenliefhebbers, die ook een belangrijke kiesgroep vormden.
In 1921 werd het voorstel dan ook verworpen in het parlement.

Maar in 1923 kwam de regering met een nieuw voorstel dat gekoppeld werd aan de bescherming van de militaire duiven.
Wie duiven wilde houden, moest voortaan de toestemming hebben van de burgemeester en aangesloten zijn bij een erkende duivenmaatschappij.
Bovendien moesten de duiven geregistreerd worden bij de Koninklijke Belgische Duivenbond (KDBD).
De duivenliefhebbers lieten dit niet zomaar gebeuren en organiseerden een massale betoging in Brugge, waar meer dan 15000 mensen op afkwamen.
Ze eisten de afschaffing van de belastingen en de vrijheid om duiven te houden zonder inmenging van de overheid.

De duif heeft een lange en rijke geschiedenis.
Al in de Bijbel zien we de duif als symbool van vrede en hoop.
Later werd de duif gebruikt als een snelle en betrouwbare manier om berichten te versturen.
Veel oude beschavingen maakten gebruik van deze dienst.
Ook in oorlogstijd bewezen de duiven hun nut en moed.
Maar na de Tweede Wereldoorlog raakte de postduif in onbruik.
Sindsdien heeft het Belgische leger geen duiven meer in dienst.

