Van Hitchcock tot Dallas: het bewogen leven van Barbara Bel Geddes

Barbara Bel Geddes, dochter van de invloedrijke industrieel ontwerper Norman Bel Geddes, was al een gevierde naam in de theaterwereld lang voordat ze bij miljoenen kijkers bekend werd als Miss Ellie in Dallas.

Als tiener debuteerde ze op Broadway in de komedie Out of the Frying Pan en vanaf dat moment zat ze vrijwel nooit meer zonder werk.

Ze schitterde in producties van grootheden als Elia Kazan, Graham Greene, Tennessee Williams en John Steinbeck, waarbij ze naar eigen zeggen het vak leerde door zich op te trekken aan haar ervaren tegenspelers.

Het absolute artistieke hoogtepunt op de planken was haar vertolking van Maggie the Cat in de originele Broadway-productie van ‘Cat on a Hot Tin Roof’.

Ook de stap naar Hollywood leek een droomstart te worden.

In 1946 tekende ze een bijzonder filmcontract bij RKO: op haar eigen voorwaarde mocht ze hooguit een film per jaar maken om tijd over te houden voor het theater.

Haar talent leverde haar voor haar rol in ‘I Remember Mama’ uit 1948 meteen een Oscarnominatie op voor Beste actrice in een bijrol.

Toch werd ze datzelfde jaar door de nieuwe en excentrieke RKO-eigenaar Howard Hughes plotseling aan de kant gezet, simpelweg omdat hij haar niet verleidelijk genoeg vond voor het grote doek.

De jaren vijftig brachten een moeilijke periode met zich mee.

Naast gezondheidsproblemen zorgde een onderzoek naar vermeende on-Amerikaanse activiteiten ervoor dat ze tijdelijk op een zwarte lijst belandde en het witte doek moest mijden.

Ze vocht zich echter met succes terug.

Ze speelde onder regie van Elia Kazan in ‘Panic in the Streets’, was te zien naast Danny Kaye in ‘The Five Pennies’ en maakte blijvende indruk als de nuchtere vriendin Midge naast James Stewart in Alfred Hitchcocks meesterwerk ‘Vertigo’.

Hitchcock was zo onder de indruk van haar subtiele mimiek dat hij haar persoonlijk vroeg voor zijn televisieserie Alfred Hitchcock Presents, waarin ze in vier afleveringen meespeelde.

Haar rol in ‘Lamb to the Slaughter’ werd legendarisch: daarin bracht ze haar echtgenoot om het leven met een bevroren lamsbout, om het moordwapen vervolgens te braden en voor te zetten aan de rechercheurs die het bewijsmateriaal zochten.

Toen Bel Geddes in 1978 werd gevraagd voor de rol van Eleanor “Miss Ellie” Southworth Ewing Farlow in de soapserie Dallas, waarschuwden sommige collega’s haar dat een soap een stap terug was.

Zelf dacht ze toen daar nuchter over. Ze had op dat moment geen artistieke verplichtingen en greep de kans met beide handen aan om een heel nieuw publiek te bereiken.

Niemand kon voorzien dat de serie zou uitgroeien tot een wereldwijd kijkcijferfenomeen.

Zonder haar had Larry Hagman de iconische rol van J.R. overigens nooit gespeeld; zijn moeder, musicalvedette Mary Martin, was een van haar dierbaarste vriendinnen met wie ze vroeger samen op het podium had gestaan.

Haar fijnzinnige spel als de standvastige spil van de familie leverde haar een felbegeerde Emmy Award op.

Achter de schermen liep het echter niet altijd van een leien dakje.

In het voorjaar van 1984 onderging ze een zware viervoudige bypassoperatie na een hartaanval, waardoor ze de eerste elf afleveringen van het nieuwe seizoen moest overslaan.

Toen ze het seizoen erop botste met de producenten over haar werkdruk en gage, werd haar rol overgenomen door filmster Donna Reed, die een contract voor drie jaar tekende.

Gisteren nog vandaag

De trouwe kijkers accepteerden de vervanging allerminst en bombardeerden de studio met brieven.

Toen de kijkcijfers kelderden en aartsrivaal Dynasty de koppositie overnam, haalden de producenten Bel Geddes in 1985 tegen forse betaling terug.

Donna Reed stapte woedend naar de rechter, kreeg een schikking van een miljoen dollar, maar overleed tragisch genoeg enkele maanden later aan alvleesklierkanker.

In haar persoonlijke leven koos Barbara Bel Geddes bewust voor warmte en eenvoud, ver weg van de glitter en roddels van Beverly Hills.

Ze was twee keer getrouwd: eerst met theatermanager Carl Schreuer, met wie ze dochter Alice kreeg, en daarna met regisseur Windsor Lewis.

Met hem kreeg ze dochter Betsy.

Haar huwelijk met Windsor was zeer hecht; toen hij ernstig ziek werd, zette ze haar acteercarrière jarenlang stil om hem thuis tot aan zijn overlijden in 1972 liefdevol te verzorgen.

Ze was bovendien een begenadigd kunstenares.

Naast haar filmwerk schreef en illustreerde ze twee charmante kinderboeken, ‘I Like to Be Me’ en ‘So Do I’, en ontwierp ze decennialang haar eigen reeks succesvolle wenskaarten.

Na haar definitieve vertrek bij Dallas in 1990 trok ze zich terug in haar rustige houten huis in Northeast Harbor aan de kust van Maine, waar ze schilderde en tuinierde.

Op 8 augustus 2005 overleed ze daar op 82-jarige leeftijd aan de gevolgen van longkanker.

Gisteren nog vandaag

Plaats een reactie