Wie keek er toen ook naar Ti-Ta Tovenaar en de onvergetelijke Ton Lensink?

Ton Lensink werd op 22 oktober 1922 geboren in Batavia in het toenmalige Nederlands-Indië en groeide uit tot een van de meest veelzijdige en markante theater- en televisiefiguren van de Lage Landen.

Na een klassieke opleiding aan de Toneelschool van Amsterdam bouwde hij tientallen jaren aan een rijk parcours bij gereputeerde gezelschappen, vertolkte hij tal van rollen in televisiefilms en reeksen, en ontpopte hij zich als een begaafd regisseur en scenarist.

Toch blijft hij voor hele generaties kijkers vooral onlosmakelijk verbonden met één onvergetelijke creatie: zijn rol als de verstrooide tovenaar in de legendarische jeugdreeks Ti-Ta Tovenaar.

De reeks, die tussen oktober 1972 en juni 1974 door de NOS werd uitgezonden in korte afleveringen van amper enkele minuten net voor het slapengaan, kende een overdonderend succes.

Lensink gaf gestalte aan een sympathieke, ietwat wereldvreemde tovenaar die samen met zijn opgroeiende dochter Tika, het aandoenlijke wezentje Kwark en de kruidenierster Grobelia de wonderlijkste avonturen beleefde.

Met zijn typerende puntmuts, lange tovenaarskleed en rustige uitstraling werd hij het vaste gezicht van een feuilleton dat talloze kinderen aan het scherm gekluisterd hield.

Onvergetelijk was het moment waarop Tika in haar vingers knipte om de tijd stil te zetten telkens wanneer de toverkunsten van haar vader weer eens verkeerd uitdraaiden, waarna Ti-Ta Tovenaar met een bezorgde blik de brokken overschouwde.

Wat velen toen niet wisten, was dat Lensink achter de schermen minstens even bepalend was voor het welslagen van het programma.

Naast het spelen van de titelrol nam hij immers ook een groot deel van de regie voor zijn rekening.

Hij bewaakte met veel gevoel voor humor en kinderlijke verwondering de sprookjesachtige sfeer en het tempo van het verhaal, waardoor het sobere decor van het zwevende luchtkasteel levensecht overkwam op het jonge publiek.

Na het afronden van Ti-Ta Tovenaar bleef Lensink onverminderd bedrijvig in de theater- en televisiewereld, zowel op de planken als achter de schermen, tot hij in februari 1997 op 74-jarige leeftijd overleed.

Voor miljoenen Vlamingen en Nederlanders die in de vroege jaren zeventig opgroeiden, blijft hij voor altijd de man die met een zucht liet horen dat toveren een lastige stiel was, en daarmee een dierbaar stukje jeugdherinnering naliet.

Keken jullie destijds ook stee

vast naar die reeks op tv, en welke herinneringen roept deze bijzondere tovenaar bij jullie op?

Van Hitchcock tot Dallas: het bewogen leven van Barbara Bel Geddes

Barbara Bel Geddes, dochter van de invloedrijke industrieel ontwerper Norman Bel Geddes, was al een gevierde naam in de theaterwereld lang voordat ze bij miljoenen kijkers bekend werd als Miss Ellie in Dallas.

Als tiener debuteerde ze op Broadway in de komedie Out of the Frying Pan en vanaf dat moment zat ze vrijwel nooit meer zonder werk.

Ze schitterde in producties van grootheden als Elia Kazan, Graham Greene, Tennessee Williams en John Steinbeck, waarbij ze naar eigen zeggen het vak leerde door zich op te trekken aan haar ervaren tegenspelers.

Het absolute artistieke hoogtepunt op de planken was haar vertolking van Maggie the Cat in de originele Broadway-productie van ‘Cat on a Hot Tin Roof’.

Ook de stap naar Hollywood leek een droomstart te worden.

In 1946 tekende ze een bijzonder filmcontract bij RKO: op haar eigen voorwaarde mocht ze hooguit een film per jaar maken om tijd over te houden voor het theater.

Haar talent leverde haar voor haar rol in ‘I Remember Mama’ uit 1948 meteen een Oscarnominatie op voor Beste actrice in een bijrol.

Toch werd ze datzelfde jaar door de nieuwe en excentrieke RKO-eigenaar Howard Hughes plotseling aan de kant gezet, simpelweg omdat hij haar niet verleidelijk genoeg vond voor het grote doek.

De jaren vijftig brachten een moeilijke periode met zich mee.

Naast gezondheidsproblemen zorgde een onderzoek naar vermeende on-Amerikaanse activiteiten ervoor dat ze tijdelijk op een zwarte lijst belandde en het witte doek moest mijden.

Ze vocht zich echter met succes terug.

Ze speelde onder regie van Elia Kazan in ‘Panic in the Streets’, was te zien naast Danny Kaye in ‘The Five Pennies’ en maakte blijvende indruk als de nuchtere vriendin Midge naast James Stewart in Alfred Hitchcocks meesterwerk ‘Vertigo’.

Hitchcock was zo onder de indruk van haar subtiele mimiek dat hij haar persoonlijk vroeg voor zijn televisieserie Alfred Hitchcock Presents, waarin ze in vier afleveringen meespeelde.

Haar rol in ‘Lamb to the Slaughter’ werd legendarisch: daarin bracht ze haar echtgenoot om het leven met een bevroren lamsbout, om het moordwapen vervolgens te braden en voor te zetten aan de rechercheurs die het bewijsmateriaal zochten.

Toen Bel Geddes in 1978 werd gevraagd voor de rol van Eleanor “Miss Ellie” Southworth Ewing Farlow in de soapserie Dallas, waarschuwden sommige collega’s haar dat een soap een stap terug was.

Zelf dacht ze toen daar nuchter over. Ze had op dat moment geen artistieke verplichtingen en greep de kans met beide handen aan om een heel nieuw publiek te bereiken.

Niemand kon voorzien dat de serie zou uitgroeien tot een wereldwijd kijkcijferfenomeen.

Zonder haar had Larry Hagman de iconische rol van J.R. overigens nooit gespeeld; zijn moeder, musicalvedette Mary Martin, was een van haar dierbaarste vriendinnen met wie ze vroeger samen op het podium had gestaan.

Haar fijnzinnige spel als de standvastige spil van de familie leverde haar een felbegeerde Emmy Award op.

Achter de schermen liep het echter niet altijd van een leien dakje.

In het voorjaar van 1984 onderging ze een zware viervoudige bypassoperatie na een hartaanval, waardoor ze de eerste elf afleveringen van het nieuwe seizoen moest overslaan.

Toen ze het seizoen erop botste met de producenten over haar werkdruk en gage, werd haar rol overgenomen door filmster Donna Reed, die een contract voor drie jaar tekende.

Gisteren nog vandaag

De trouwe kijkers accepteerden de vervanging allerminst en bombardeerden de studio met brieven.

Toen de kijkcijfers kelderden en aartsrivaal Dynasty de koppositie overnam, haalden de producenten Bel Geddes in 1985 tegen forse betaling terug.

Donna Reed stapte woedend naar de rechter, kreeg een schikking van een miljoen dollar, maar overleed tragisch genoeg enkele maanden later aan alvleesklierkanker.

In haar persoonlijke leven koos Barbara Bel Geddes bewust voor warmte en eenvoud, ver weg van de glitter en roddels van Beverly Hills.

Ze was twee keer getrouwd: eerst met theatermanager Carl Schreuer, met wie ze dochter Alice kreeg, en daarna met regisseur Windsor Lewis.

Met hem kreeg ze dochter Betsy.

Haar huwelijk met Windsor was zeer hecht; toen hij ernstig ziek werd, zette ze haar acteercarrière jarenlang stil om hem thuis tot aan zijn overlijden in 1972 liefdevol te verzorgen.

Ze was bovendien een begenadigd kunstenares.

Naast haar filmwerk schreef en illustreerde ze twee charmante kinderboeken, ‘I Like to Be Me’ en ‘So Do I’, en ontwierp ze decennialang haar eigen reeks succesvolle wenskaarten.

Na haar definitieve vertrek bij Dallas in 1990 trok ze zich terug in haar rustige houten huis in Northeast Harbor aan de kust van Maine, waar ze schilderde en tuinierde.

Op 8 augustus 2005 overleed ze daar op 82-jarige leeftijd aan de gevolgen van longkanker.

Gisteren nog vandaag

Programma van Circus Demuynck van 85 jaar geleden met hoofdact Lena Miry in de Gentse Minardschouwburg.

Lena Miry, de artiestennaam van Rachel Demuynck, was een virtuoze amazone die een unieke plek innam in de wereld van de klassieke rijkunst en het circus.

Geboren in Gent op 8 januari 1922 als telg uit de gerespecteerde circusfamilie Demuynck, groeide zij op in de wereld van Gustaaf Demuynck en Louise Muyllaert.

Hoewel zij haar basis vond in het familiecircus, koos zij rond haar eenentwintigste voor een eigen pad om zich volledig te wijden aan de verfijning van de paardendressuur.

In haar praktijk als hogeschoolrijdster legde zij zich toe op de meest complexe vormen van de academische rijkunst, die teruggaan naar de tradities uit de zestiende en zeventiende eeuw.

Zij stond bekend om haar vermogen om paarden naar de hoogste graad van verzameling te begeleiden.

Deze technische term verzameling is cruciaal binnen de dressuur en beschrijft de toestand waarin een paard zijn zwaartepunt naar achteren verplaatst door de gewrichten van de achterhand meer te buigen.

Hierdoor wordt de voorzijde lichter en kan het paard met meer kracht, souplesse en kortere passen bewegen.

Dankzij deze beheersing konden technische figuren zoals de piaffe, passage en pirouettes worden uitgevoerd met een opmerkelijke lichtheid en onzichtbare hulpen.

Haar repertoire omvatte eveneens de sprongen boven de grond, zoals de levade en de croupade, waarbij de nadruk altijd lag op de natuurlijke balans en de trotse zelfhouding van het paard.

Zonder deze specifieke verzameling en verhoogde draagkracht zouden de kunststukken die zij uitvoerde fysiek onmogelijk zijn geweest voor het paard.

Zij werd geprezen om haar vermogen om de spectaculaire elementen van de circuswereld te verenigen met de strikte discipline van de klassieke rijscholen. In een tijd van toenemende verzakelijking in de paardensport bleef zij een belangrijke vertegenwoordiger van de artistieke en esthetische kant van het rijden.

Naast haar eigen uitvoeringen deelde zij haar expertise als instructrice, waarbij zij de nadruk legde op de biomechanica en de psychologie van het paard, altijd vertrekkend vanuit geduld en wederzijds respect.

Rachel Demuynck overleed in Gent op 25 november 2015 op 93-jarige leeftijd.

Haar nalatenschap blijft van waarde voor de Belgische circushistorie en de klassieke rijkunst, waarin zij herinnerd wordt als een voorbeeld van hoe technische perfectie en artistieke flair hand in hand kunnen gaan.

Haar werk heeft een blijvende indruk achtergelaten in de hippische wereld, een term die de brede gemeenschap van paardensport, fokkerij en paardenliefhebbers omvat.